top of page

Is Shells concurrentievoordeel aan het afbrokkelen?

In het kort:

  • Shells voorsprong komt niet uit één “magisch” voordeel, maar uit een combinatie van schaal en geïntegreerde assets, sterke trading en logistiek, en een wereldwijd merk met distributie richting klanten.

  • Die positie is niet onaantastbaar, omdat de energietransitie, strengere regels en klimaatrisico’s delen van het verdienmodel kunnen verzwakken en investeringen minder zeker maken.

  • Concurrentie komt zowel van supermajors en nationale oliemaatschappijen als van wendbare traders en nieuwe laadnetwerken, waarbij Shell wint op complexiteit en netwerk, maar kan verliezen als uitvoering en klantervaring achterblijven.


Shell heeft geen enkel “magisch” concurrentievoordeel dat alles verklaart. De voorsprong zit eerder in een combinatie van schaal, logistiek, trading, merk en ervaring met regulering. Samen vormen die een pakket dat lastig is na te bouwen, zeker omdat het wereldwijd en over meerdere schakels van de energieketen werkt.


Tegelijk is dit geen onaantastbare vesting. De energietransitie, strengere regels en nieuwe spelers in laadinfra zetten druk op onderdelen van Shells positie. Wie Shell goed wil begrijpen, kijkt daarom niet alleen naar waar het sterk is, maar ook naar waar die sterktes kunnen kantelen.


Shell steeg circa 115% de afgelopen 5 jaar.


1. Schaal en een geïntegreerde waardeketen

Shell is actief in veel delen van de keten, van productie en LNG tot raffinage, chemie en verkoop aan eindklanten. Die breedte maakt het bedrijf minder afhankelijk van één enkele winstbron, omdat zwakte in één deel soms wordt opgevangen door kracht in een ander deel. Het helpt ook in de praktijk, omdat volumes en stromen kunnen worden verlegd naar markten waar de opbrengst het hoogst is.


De keerzijde is dat zo’n grote assetbasis zwaar en traag kan zijn. Raffinaderijen en grote LNG installaties vragen veel kapitaal en zijn gevoelig voor cycli, CO₂ kosten en politieke schokken. Als vraag sneller verschuift dan capaciteit kan worden afgebouwd, kan dat de winstgevendheid onder druk zetten en het risico vergroten dat assets minder waard worden dan gehoopt.


Een luchtfoto van een Shell raffinaderij.

Bron: Shell
Bron: Shell

2. Trading en optimalisatie als structurele kracht

In energie draait het niet alleen om wat je produceert, maar ook om hoe je het beweegt en verkoopt. Shell verdient een deel van zijn positie met trading, logistiek en het slim koppelen van vraag en aanbod over regio’s. Dat werkt vooral goed wanneer het bedrijf kan combineren: eigen assets, toegang tot opslag en transport, en klantrelaties die stabiele volumes geven.


Deze kracht is wel afhankelijk van marktomstandigheden. Tradinginkomsten kunnen sterk schommelen, omdat ze samenhangen met spreads, volatiliteit en soms ook met strengere eisen rond transparantie en sancties. Bovendien zijn er pure tradinghuizen die sneller kunnen bewegen en minder last hebben van de reputatierisico’s die bij een bekend consumentenmerk horen.


3. Merk en distributie in mobility

Shell heeft een grote positie in de “laatste kilometer” richting de consument. Het bedrijf rapporteert eind 2024 meer dan 44.000 Shell branded locaties in meer dan 80 markten en spreekt over ongeveer 33 miljoen retailklanten per dag. Dat is een belangrijk voordeel, omdat het gaat om zichtbaarheid, vertrouwen en vooral om plekken op strategische locaties waar verkeer langs komt.


Toch is merk alleen niet genoeg, zeker niet in nieuwe vormen van mobiliteit. Bij elektrisch laden winnen vaak partijen die de beste betrouwbaarheid en gebruikservaring leveren. Alliantie en roamingafspraken kunnen bovendien maken dat klanten makkelijk tussen netwerken wisselen, waardoor het merk minder beschermt dan bij klassieke brandstoffen.


4. Overstapkosten bij grote zakelijke klanten

Bij grote industriële klanten draait het om leveringszekerheid, kwaliteitsnormen, logistiek, krediet en vaak ook om risicoafdekking. Als een leverancier dit allemaal kan bundelen, ontstaat er in de praktijk een drempel om over te stappen. Het is niet alleen een kwestie van prijs, maar ook van betrouwbaarheid en van processen die bij de klant zijn ingebed.


Deze overstapkosten kunnen wel afnemen. Als standaarden en certificering verder uniform worden, wordt vergelijken makkelijker en wordt switching eenvoudiger. En als klanten door strengere klimaat en keteneisen sneller willen vergroenen, kan een bestaande fossiele relatie juist een reden worden om een alternatief te zoeken.


5. Regulering, vergunningen en projectuitvoering

Energie is een sector waar regels en vergunningen zwaar wegen. Grote projecten vragen ervaring met veiligheid, stakeholdermanagement, contracten en lange doorlooptijden. Shell kan hier voordeel uit halen, omdat het veel van dit soort trajecten al decennia uitvoert en omdat het kan samenwerken met partners in projecten zoals CO₂ opslag.


Maar regulering beschermt niet alleen, het kan ook tegenwerken. Beleid kan snel kantelen door klimaatdoelen, publieke druk of geopolitiek. Daarnaast blijft klimaatlitigatie een risico, waaronder de Nederlandse zaak die volgens Reuters nog doorloopt richting een uitspraak in 2026.


Shell kwam er relatief slecht uit: raffinaderij-uitstoot ruim boven EU-maatstaf.

Bron: NU
Bron: NU

Wie zijn de echte concurrenten en waarom winnen of verliezen ze

De meest zichtbare concurrenten zijn andere supermajors zoals ExxonMobil, Chevron, TotalEnergies, BP en Equinor. Zij hebben vergelijkbare financiële slagkracht en projectervaring, en sommige hebben sterke posities in LNG en power. Shells voordeel in deze groep zit vooral in de combinatie van LNG, trading en wereldwijde klantkanalen, waarmee het niet alleen produceert maar ook volumes kan sturen naar de beste markten.


Een tweede groep zijn nationale oliemaatschappijen zoals Aramco, QatarEnergy en ADNOC. Zij winnen vaak op toegang tot grote, goedkope reserves en op steun vanuit de staat. Shell kan daar tegenover staan met markttoegang, technologie, projectuitvoering en tradingcapaciteit, maar het betekent ook dat Shell in zulke relaties vaker een partner is dan de eigenaar van de goedkoopste grondstof.


Een derde groep bestaat uit grote commodity traders zoals Vitol en Trafigura. Deze partijen zijn wendbaar en kunnen agressief profiteren van prijsschommelingen, zonder de last van een groot consumentenmerk. Shell blijft hier concurrerend doordat het trading kan koppelen aan eigen assets en aan lange klantrelaties, waardoor het niet alleen handelt maar ook structureel kan leveren en optimaliseren.


Ten slotte is er de nieuwe competitie in mobiliteit en laden. Denk aan spelers die sterk zijn in laadinfra en gebruikerservaring, zoals Tesla en gespecialiseerde snellaadnetwerken. Shells voordeel is dat het al veel locaties en klantstromen heeft, en dat het laden kan combineren met retail op die plekken. Het risico is dat klanten vooral kiezen op betrouwbaarheid en gemak, en dat samenwerking tussen laadnetwerken het onderscheid kleiner maakt.


Shells moat is het sterkst waar complexiteit hoog is en waar schaal en logistiek echt tellen, zoals bij LNG, trading en wereldwijde levering aan zakelijke klanten. Daar werkt de combinatie van assets, contracten, logistiek en ervaring als een moeilijk te kopiëren geheel.

De kwetsbaarheid zit vooral in onderdelen waar de energietransitie het speelveld snel verandert. Regulering en reputatie kunnen sneller bewegen dan investeringen kunnen worden terugverdiend, en in elektrisch laden zijn merk en schaal pas een voordeel als de operationele kwaliteit constant hoog is. Dat maakt Shell niet zwak, maar het dwingt het bedrijf wel om zijn traditionele sterktes steeds opnieuw te vertalen naar een markt die anders werkt dan de oliemarkt van vroeger.


Ook voor particuliere beleggers geldt dat rendement niet alleen wordt bepaald door de juiste aandelenkeuze, maar ook door kosten, uitvoering en toegang tot markten. Wie inspeelt op thema’s als schaal, internationale spreiding en kapitaalefficiëntie, ziet dat transactiekosten en valutakosten op de lange termijn een merkbaar verschil maken. Juist bij actief beleggen of wereldwijde allocatie telt die onderliggende infrastructuur mee.


In dat licht werd MEXEM door Brokerskiezen.nl uitgeroepen tot beste allround broker van 2025. Beleggers handelen er tegen valutakosten van 0,005%, waar dit bij DEGIRO en SAXO Bank circa 0,25% bedraagt, een verschil dat voor de gemiddelde portefeuille kan oplopen tot honderden of zelfs duizenden euro’s per jaar. Daarmee geldt MEXEM voor veel beleggers als de meest complete keuze voor wie lage kosten en internationale spreiding belangrijk vindt.


 
 
 

Opmerkingen


Net binnen..

Meld je aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief!

Bedankt voor het abonneren!

Copyright © 2026 •

Alle rechten voorbehouden - Amsterdam - 0619930051

Disclaimer
Let op: Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kan (een deel van) je inleg verliezen. Niets hier mag worden beschouwd als financieel advies.. Voor advies over je persoonlijke situatie kun je het beste een adviseur inschakelen.

  • Instagram
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
bottom of page