Vergeet de robotbouwer: de echte miljardenkans zit in de onderdelen
- J. van den Poll
- 2 uur geleden
- 4 minuten om te lezen
In het kort:
Humanoid robots kunnen een grote groeimarkt worden, maar volgens McKinsey zit de grootste uitdaging niet alleen in AI. De echte rem kan juist liggen in de toeleveringsketen.
Actuatoren vormen 40 tot 60 procent van de materiaalkosten en sensoren nog eens 10 tot 20 procent. Samen met chips, batterijen en structurele onderdelen bepalen deze domeinen 85 tot 90 procent van de totale kostprijs.
Voor beleggers kan de interessantste kans daarom niet bij de robotbouwers liggen, maar bij de toeleveranciers van onderdelen zoals actuatoren, sensoren, chips, batterijen en precisiecomponenten.
Humanoid robots spreken tot de verbeelding. Beleggers kijken al snel naar bedrijven die complete robots bouwen, zoals Tesla met Optimus of jonge robotbedrijven die indrukwekkende demonstraties laten zien. Toch kan de interessantste beleggingskans ergens anders liggen.
De echte kans zit misschien niet bij de robotbouwer zelf, maar bij de bedrijven die de cruciale onderdelen leveren. Volgens een recente analyse van McKinsey zit een van de grootste uitdagingen voor humanoid robots namelijk niet alleen in kunstmatige intelligentie, maar juist in de toeleveringsketen. De markt kan pas echt opschalen als belangrijke onderdelen goedkoper, betrouwbaarder en in grote aantallen beschikbaar worden.

De supply chain bepaalt het tempo
Een humanoid robot bestaat uit veel dure en complexe hardware. Vooral actuatoren zijn belangrijk. Dat zijn de onderdelen die beweging mogelijk maken. Zij kunnen goed zijn voor 40 tot 60 procent van de totale materiaalkosten van een humanoid robot.
Ook sensoren en perceptiesystemen spelen een grote rol. Die zijn goed voor nog eens 10 tot 20 procent van de kosten. Samen met chips, batterijen en structurele onderdelen vormen deze domeinen ongeveer 85 tot 90 procent van de totale kostprijs.
Daar zit meteen de kern van het beleggingsverhaal. Zolang deze onderdelen duur, schaars en moeilijk schaalbaar blijven, kan de robotmarkt niet echt doorbreken. Niet alleen de software bepaalt dus het tempo, maar vooral ook de vraag of de hardwareketen snel genoeg kan meegroeien.
Hardware kan de bottleneck worden
Veel aandacht gaat naar AI. Dat is logisch, want zonder slimme software kan een humanoid robot weinig. Maar volgens McKinsey kan de echte rem op groei juist in de hardware zitten. Robots moeten niet alleen slim zijn, ze moeten ook betaalbaar, betrouwbaar en op grote schaal te bouwen zijn.
De huidige materiaalkosten van humanoid robots liggen nog rond de $30.000 tot $150.000 per stuk. Voor massale adoptie wordt vaak een kostprijs onder de $20.000 genoemd. Dat betekent dat de kosten flink omlaag moeten voordat humanoid robots op grote schaal commercieel interessant worden.
Vooral onderdelen zoals harmonic drives, roller screws, force sensors en tactile sensors kunnen knelpunten worden. Deze onderdelen zijn moeilijk te maken, vragen om hoge precisie en worden nog niet op grote schaal geproduceerd. Als de vraag naar humanoid robots stijgt, kunnen juist deze onderdelen schaars en strategisch belangrijk worden.
De picks and shovels van robotica
Voor beleggers is dit een interessante les. Tijdens een goudkoorts verdienen niet alleen de goudzoekers geld, maar vaak ook de bedrijven die de schoppen, machines en infrastructuur leveren.
Bij humanoid robots kan hetzelfde gebeuren. Het is nog onzeker welke robotbouwer uiteindelijk wint. Maar elke robotbouwer heeft actuatoren, sensoren, chips, batterijen en productietechnologie nodig. Zonder deze onderdelen kan geen enkele robot bewegen, voelen, rekenen of op grote schaal worden geproduceerd.
Daarom kunnen toeleveranciers een aantrekkelijke manier zijn om in te spelen op de robotrevolutie. Zij leveren de bouwstenen die nodig zijn, ongeacht welk robotmerk straks de markt verovert.

Waar beleggers op kunnen letten
Interessante bedrijven zitten vooral achter de schermen. Denk aan producenten van precisiecomponenten, halfgeleiders, motorbesturing, batterijen, sensoren en industriële automatisering.
Ook bedrijven met ervaring in elektrische auto’s, chipproductie en geavanceerde maakindustrie kunnen profiteren. Veel technologie uit die sectoren overlapt namelijk met humanoid robots. Daardoor kunnen bestaande toeleveranciers uit de auto-industrie, chipsector en industriële automatisering een belangrijke rol krijgen in deze nieuwe markt.
De grote vraag voor beleggers is dus niet alleen wie de beste robot bouwt. Minstens zo belangrijk is wie de onderdelen levert die elke robotbouwer nodig heeft om te kunnen opschalen.
Conclusie
Humanoid robots kunnen de komende jaren uitgroeien tot een grote groeimarkt. Maar de winnaars zijn misschien niet de bedrijven met de spectaculairste robotvideo’s.
De echte miljardenkans kan liggen bij de stille krachten achter de schermen. Dat zijn de toeleveranciers die de robotrevolutie mogelijk maken.
Advertorial
De mogelijke opkomst van humanoid robots laat zien hoe snel kapitaal kan verschuiven naar nieuwe groeimarkten en de bedrijven daarachter. Voor beleggers en spaarders blijft het daardoor relevant om te kijken welk deel van hun vermogen zij willen inzetten voor kansen op lange termijn, en welk deel zij liever tijdelijk liquide en rentedragend parkeren.
Raisin RenteBoost is een tijdelijke actie waarbij je op een vrij opneembare Duitse spaarrekening de eerste 3 maanden lang een gegarandeerde rente van 2,85% p.j. krijgt, beschermd onder het Europese garantiestelsel. Je spaargeld blijft dagelijks opvraagbaar en je kunt vrij storten en opnemen. Na deze periode kun je via één Raisin-account verder sparen bij meer dan 50 Europese banken, met actuele variabele rentes tot 1,96% p.j., of kiezen voor spaardeposito’s met looptijden van één maand tot tien jaar en rentes tot 3,42% p.j.






































































































































