Dit moeten beleggers weten over software na een comeback van 40%
- Mika Beumer

- 8 uur geleden
- 4 minuten om te lezen
Een paar maanden geleden leek kunstmatige intelligentie nog de grote vijand van softwarebedrijven. Beleggers vreesden dat krachtige AI modellen traditionele software konden vervangen, waardoor de IGV software ETF vanaf zijn eerdere top bijna 40% verloor. Inmiddels is vrijwel die volledige schade hersteld. Dezelfde ETF staat bijna 40% boven zijn dieptepunt van april en een andere belangrijke software ETF, XSW, bereikte eind augustus zelfs een nieuw record.
Die ommekeer vertelt meer dan alleen dat beleggers weer risico durven nemen. De markt begint onderscheid te maken tussen software die door AI kan worden vervangen en software die juist noodzakelijker wordt naarmate bedrijven meer AI gebruiken. Vooral dataplatforms en cybersecurity lijken voorlopig aan de goede kant van die scheidslijn te staan. Voor beleggers is daarom niet de vraag of software terug is, maar welk gedeelte van de sector daadwerkelijk sterker uit de AI revolutie komt.
De comeback van de software ETF's IGV en XSW

Waarom de gevreesde SaaSpocalypse voorlopig uitblijft
De oorspronkelijke angst rond software was begrijpelijk. Wanneer bedrijven met generatieve AI zelf applicaties kunnen bouwen, analyses kunnen uitvoeren en werkzaamheden kunnen automatiseren, waarom zouden ze dan jarenlang dure abonnementen voor tientallen verschillende softwarepakketten blijven betalen? Vooral applicaties die relatief eenvoudige taken uitvoeren kwamen daardoor onder druk.
De praktijk blijkt ingewikkelder. Grote AI ontwikkelaars hoeven namelijk niet iedere laag van de technologie zelf te bouwen. Jefferies verwacht juist dat toonaangevende AI bedrijven vaker samenwerken met bestaande softwareleveranciers dan dat ze complete systemen vanaf nul vervangen. Bestaande softwarebedrijven beschikken over iets wat zelfs het krachtigste AI model niet zomaar kan reproduceren: jaren aan bedrijfsdata, integraties en werkprocessen.
Dat laatste is belangrijker dan het klinkt. Een groot bedrijf kan bijvoorbeeld al zijn klantgegevens, beveiligingsregels en interne processen in één softwaresysteem hebben verwerkt. Een beter AI model maakt die infrastructuur niet automatisch waardeloos. Het kan de waarde juist verhogen wanneer AI die bestaande data sneller kan analyseren of bestaande werkzaamheden efficiënter kan uitvoeren.
Even tussendoor: als je dit interessant vindt, dit is precies wat we dagelijks doen om jou en andere beleggers te helpen. Als lid krijg je toegang tot aandelentips, trainingen en live inzicht in de transacties van de portefeuille van De Belegger. Profiteer nu van 50% korting met de kortingscode ''INSIDER''
Daarmee verschuift de discussie van vervanging naar integratie. Salesforce benadrukt bijvoorbeeld dat zijn activiteiten naast die van Anthropic kunnen bestaan, terwijl andere gevestigde softwarebedrijven AI rechtstreeks in bestaande producten verwerken. De markt begint dus te beseffen dat AI niet noodzakelijk alle traditionele software vernietigt. De technologie kan juist een nieuwe gebruikslaag bovenop bestaande systemen worden.
Snowflake en Palo Alto laten zien waar AI al geld oplevert
De aantrekkelijkste delen van software zijn volgens Jefferies momenteel data en cybersecurity. Dat heeft een logische reden: vrijwel iedere serieuze AI toepassing heeft betrouwbare bedrijfsdata nodig en creëert tegelijkertijd nieuwe beveiligingsrisico's. De bank noemt onder meer Snowflake, Dynatrace, Palo Alto Networks en Okta als interessante bedrijven binnen deze ontwikkeling.
Snowflake geeft misschien het duidelijkste voorbeeld. Het cloudplatform helpt bedrijven grote hoeveelheden data op te slaan, analyseren en gebruiken voor AI toepassingen. Het bedrijf rapporteerde onlangs een kwartaalomzet van 1,55 miljard dollar, terwijl Wall Street ongeveer 1,48 miljard verwachtte. De aangepaste winst kwam uit op 0,62 dollar per aandeel tegenover een verwachting van 0,45 dollar.
Sterke cijfers van Snowflake bevestigd de comeback van software

Belangrijker is dat Snowflake zijn verwachting voor de productomzet over het volledige jaar verhoogde. Het aandeel sprong na de cijfers ongeveer 22%. Dat suggereert dat AI niet alleen voor mooie presentaties zorgt, maar daadwerkelijk meer gebruik van het platform stimuleert. Wanneer bedrijven meer AI toepassingen bouwen, moeten immers grotere hoeveelheden data worden opgeslagen en verwerkt.
Bij Palo Alto Networks zien we iets vergelijkbaars vanuit cybersecurity. Het bedrijf rapporteerde een aangepaste winst van 1,02 dollar per aandeel tegenover 0,98 dollar verwacht. De omzet van 3,41 miljard dollar lag eveneens boven de consensus van 3,35 miljard. AI vergroot het aantal digitale toepassingen binnen bedrijven, maar daarmee groeit tegelijkertijd het oppervlak dat cybercriminelen kunnen aanvallen.
Voor mij zit hier de belangrijkste les uit het softwareherstel. AI blijkt voorlopig vooral gunstig voor bedrijven die essentiële infrastructuur bezitten waarop andere AI toepassingen moeten draaien. Data moet ergens worden opgeslagen en beveiligd, ongeacht welk AI model uiteindelijk de gebruiker bedient. Die positie is aanzienlijk sterker dan die van een eenvoudige applicatie waarvan AI de belangrijkste functionaliteit mogelijk zelf kan uitvoeren.
Palo Alto wordt steeds geliefder onder analisten

Niet ieder software aandeel wordt een AI winnaar
Bij applicaties blijft het beeld daarom veel onzekerder. Jefferies ziet de monetisatie van AI bij consumentgerichte toepassingen als trager en minder voorspelbaar dan dieper in de technologiestapel. Dat betekent niet dat applicaties geen winnaars kunnen opleveren, maar de verschillen tussen bedrijven kunnen hier veel groter worden.
Doximity laat zien hoe spectaculair zo'n winnaar eruit kan zien. Het Amerikaanse platform voor medische professionals zag zijn aandeel eerder meer dan verdubbelen nadat het bedrijf sterke uitspraken deed over het rendement van zijn AI zoekfunctie. Volgens het management genereert iedere zoekopdracht meer dan tien keer zoveel omzet als deze kost. Dat is precies het soort bewijs waar beleggers naar zoeken: AI moet niet alleen gebruikers aantrekken, maar aantoonbaar economische waarde creëren.
Daar zit tegelijkertijd het gevaar na het herstel van bijna 40%. Softwareaandelen zijn niet meer geprijsd alsof AI hun bedrijfsmodellen massaal gaat vernietigen. Een aanzienlijk gedeelte van het pessimisme is inmiddels verdwenen, waardoor sterke koersprestaties vanaf hier meer afhankelijk worden van daadwerkelijke winstgroei.
Beleggers moeten daarom waarschijnlijk selectiever worden dan tijdens het eerste herstel. Bij Snowflake is productconsumptie belangrijk, bij Palo Alto gaat het om terugkerende beveiligingsomzet en bij applicatiebedrijven moet duidelijk worden hoeveel klanten daadwerkelijk extra willen betalen voor AI functionaliteit. Een chatbot toevoegen aan bestaande software is geen verdienmodel op zichzelf.
De SaaSpocalypse heeft daarmee plaatsgemaakt voor een veel interessantere fase. De markt behandelt software niet langer als één sector die collectief door AI wordt bedreigd, maar begint winnaars en verliezers te scheiden. Data en cybersecurity hebben voorlopig de duidelijkste economische rol binnen die nieuwe infrastructuur, terwijl applicaties harder moeten bewijzen dat AI hun omzet verhoogt in plaats van hun bestaande producten goedkoper en gemakkelijker vervangbaar te maken.







































































































































Opmerkingen