AI wordt stilletjes onmisbaar: deze cijfers laten zien waar de echte adoptiegolf begint
- Jan Kuijpers

- 5 uur geleden
- 5 minuten om te lezen
In het kort
Dagelijks AI-gebruik groeit snel: inmiddels gebruikt ruim een kwart van de Amerikaanse consumenten en werknemers AI iedere dag.
Vooral op kantoor wordt AI steeds normaler voor schrijven, samenvatten, onderzoek en data-analyse.
Voor beleggers is vooral belangrijk dat AI van experiment naar vaste gewoonte verschuift, wat de commerciële waarde van de technologie kan vergroten.
De grootste AI-revolutie van dit moment vindt misschien helemaal niet plaats in spectaculaire robots, zelfrijdende auto’s of volledig autonome bedrijven. Kunstmatige intelligentie sluipt vooral het dagelijks leven binnen via veel simpelere toepassingen: zoeken, schrijven, samenvatten, onderzoek doen en werken met spreadsheets. Nieuwe cijfers van Morgan Stanley laten zien dat juist die alledaagse toepassingen ervoor zorgen dat AI steeds meer een gewoonte wordt.
Dat is belangrijk voor beleggers, omdat duurzame technologie vaak niet wint doordat mensen er één keer enthousiast mee experimenteren. De echte waarde ontstaat wanneer een product meerdere keren per week wordt gebruikt en onderdeel wordt van een vaste workflow. Precies dat lijkt nu steeds vaker met AI te gebeuren.
Dagelijks AI-gebruik groeit opvallend snel
In augustus gebruikte 26 procent van de Amerikaanse consumenten dagelijks AI voor persoonlijke doeleinden. In januari lag dat percentage nog op 19 procent. In slechts enkele maanden tijd is het dagelijkse gebruik daarmee duidelijk toegenomen.

Ook op de werkvloer is dezelfde ontwikkeling zichtbaar. Van de werkende volwassenen gebruikte 27 procent AI dagelijks voor professionele taken, tegenover 20 procent in januari. Dat betekent dat inmiddels meer dan één op de vier werknemers AI op een gemiddelde werkdag gebruikt.
De bredere adoptie ligt zelfs nog veel hoger. Ongeveer 79 procent van de consumenten gaf aan AI ten minste af en toe privé te gebruiken, terwijl 77 procent hetzelfde zei over professioneel gebruik. AI is daarmee niet langer een nicheproduct voor technologie-enthousiastelingen, maar begint een mainstream hulpmiddel te worden.
Wil je slimmer beleggen en direct vooroplopen? Als lid van De Belegger krijg je toegang tot deepdives, aandelentips, trainingen, premium content én live portfolio-inzicht, samen met een actieve community van beleggers.
Pak je kans! klik op de button, start direct en pak tijdelijk 50% korting met de code 'PREMIUM50'.
De echte doorbraak gebeurt op kantoor
Vooral bij kantoorbanen gaat de adoptie snel. Van de white-collarwerknemers gebruikt 43 procent AI voor werkgerelateerde taken, tegenover 28 procent van de blue-collarwerknemers. Het verschil wordt nog duidelijker wanneer gekeken wordt naar regelmatig gebruik.

Ongeveer 65 procent van de white-collarwerknemers gebruikt AI ten minste wekelijks. Bij blue-collarwerknemers ligt dat aandeel op 47 procent. Dat verschil is logisch, omdat veel huidige AI-toepassingen direct aansluiten bij digitale kantoorwerkzaamheden zoals teksten schrijven, informatie analyseren, data verwerken en documenten samenvatten.
Juist daar kan de productiviteitsimpact uiteindelijk groot worden. Een werknemer hoeft zijn volledige functie niet door AI te laten vervangen om economische waarde te creëren. Wanneer AI iedere dag tientallen minuten bespaart op kleine taken, kan dat op grote schaal al enorme productiviteitswinsten opleveren.
AI wordt vooral gebruikt voor de meest saaie taken
Misschien wel het interessantste onderdeel van het onderzoek is waarvoor mensen AI daadwerkelijk gebruiken. Het populairste consumentengebruik is simpelweg informatie zoeken en nieuwe onderwerpen leren. In augustus gebruikte 48 procent van de respondenten AI daarvoor, tegenover 38 procent in januari.
Onder consumenten tussen 16 en 34 jaar ligt dat percentage zelfs op 55 procent. Ook alledaagse toepassingen zoals het zoeken naar recepten worden populairder, waarbij 31 procent van de consumenten aangaf AI hiervoor te gebruiken. Dat klinkt weinig revolutionair, maar juist daarin kan de kracht van de technologie zitten.
Nieuwe technologie wordt meestal pas echt groot wanneer gebruikers stoppen met nadenken over de technologie zelf. Niemand denkt tijdens iedere zoekopdracht na over cloudcomputing of datacenters. AI kan dezelfde kant op gaan wanneer het simpelweg een standaardlaag wordt boven zoeken, schrijven en andere dagelijkse digitale handelingen.
Op kantoor draait het om schrijven en onderzoek
Ook bij professioneel gebruik zijn de toepassingen opvallend praktisch. Werknemers gebruiken AI veel voor het schrijven, bewerken en samenvatten van tekst. Daarnaast behoort onderzoek en het verzamelen van informatie tot de belangrijkste toepassingen.
AI wordt eveneens ingezet voor data-analyse, creatieve werkzaamheden, ontwerp en technische ondersteuning. Daarmee verspreidt de technologie zich langzaam over verschillende onderdelen van een normale werkdag. Het gaat dus steeds minder om één aparte AI-tool en steeds meer om AI-functies die overal in bestaande software verschijnen.
Dat kan uiteindelijk belangrijker zijn dan het aantal mensen dat rechtstreeks een chatbot opent. Wanneer AI wordt ingebouwd in zoekmachines, spreadsheets, tekstverwerkers en bedrijfssoftware, kan iemand meerdere keren per dag AI gebruiken zonder daar bewust bij stil te staan. Voor technologiebedrijven maakt dat de potentiële markt veel groter.
Geen explosie, maar misschien iets belangrijkers
Opvallend is dat Morgan Stanley zelf niet spreekt over een plotselinge explosie in adoptie. Het gebruik nam gedurende het jaar geleidelijk toe en versnelde pas weer duidelijk richting augustus. Dat klinkt op het eerste gezicht misschien minder spectaculair dan de enorme verwachtingen die momenteel rond AI bestaan.
Voor beleggers hoeft dat echter geen slecht teken te zijn. Een hype kan ervoor zorgen dat miljoenen mensen een product eenmalig proberen, terwijl een langzame stijging van dagelijks gebruik juist kan betekenen dat de technologie daadwerkelijk in gewoontes wordt ingebouwd. Het verschil tussen experimenteren met AI en iedere werkdag AI gebruiken is economisch enorm.
De cijfers laten precies die overgang zien. Het percentage mensen dat AI überhaupt probeert groeit slechts beperkt, maar het aandeel dagelijkse gebruikers stijgt veel sterker. Dat suggereert dat bestaande gebruikers de technologie steeds intensiever beginnen te gebruiken.
Jongeren kunnen laten zien waar de rest naartoe gaat
Zoals bij vrijwel iedere nieuwe digitale technologie lopen jongeren duidelijk voorop. Consumenten tussen 16 en 34 jaar gebruiken AI veel vaker voor onderzoek en andere dagelijkse taken dan oudere leeftijdsgroepen. Vooral ten opzichte van consumenten van 55 jaar en ouder blijft het verschil groot.
Dat kan belangrijk zijn voor de ontwikkeling van de markt op langere termijn. Jongere werknemers die nu gewend raken aan AI zullen die manier van werken waarschijnlijk meenemen naar steeds meer bedrijven en functies. Wat vandaag nog als een aparte AI-tool wordt gezien, kan daardoor binnen enkele jaren simpelweg onderdeel zijn van normaal digitaal werken.
Daarmee lijkt AI een vergelijkbare ontwikkeling door te maken als smartphones, cloudsoftware en online zoeken. De eerste fase draait om enthousiaste early adopters, maar de echte commerciële waarde ontstaat pas wanneer mensen de technologie gebruiken zonder er nog speciaal over na te denken. Die tweede fase lijkt langzaam dichterbij te komen.
Dit is uiteindelijk waar beleggers op hebben gewacht
De enorme investeringen in AI worden vaak verdedigd met verwachtingen over toekomstige productiviteit en nieuwe inkomstenstromen. Tot nu toe was een belangrijke kritiek dat technologiebedrijven honderden miljarden investeren terwijl het nog onduidelijk is hoe vaak gewone consumenten en werknemers AI daadwerkelijk nodig hebben. De cijfers van Morgan Stanley bieden daar voorzichtig een antwoord op.
Dagelijks professioneel gebruik is sinds januari gestegen van 20 naar 27 procent en dagelijks persoonlijk gebruik van 19 naar 26 procent. Tegelijkertijd gebruikt bijna twee derde van de white-collarwerknemers AI inmiddels minstens wekelijks. Als die trend doorzet, ontstaat een enorme groep gebruikers waarvoor AI geen experiment meer is, maar een vast onderdeel van de werkdag.
De grootste AI-doorbraak hoeft daarom helemaal niet te komen van één spectaculaire nieuwe uitvinding. Misschien gebeurt die al, iedere keer dat iemand een zoekvraag stelt, een tekst laat samenvatten of een spreadsheet sneller analyseert. Juist wanneer AI saai en vanzelfsprekend begint te worden, kan de technologie voor beleggers pas echt interessant worden.







































































































































Opmerkingen