Google ziet quantum waar AI 5 jaar geleden stond: is IonQ de volgende Nvidia?
- J. van den Poll
- 13 minuten geleden
- 6 minuten om te lezen
In het kort:
Google-topman Sundar Pichai denkt dat quantum computing ongeveer staat waar kunstmatige intelligentie vijf jaar vóór de grote doorbraak stond.
IonQ laat inmiddels serieuze commerciële groei zien met een omzetstijging van 287%, terwijl D-Wave en Rigetti nog veel kleinere omzetten boeken.
Voor beleggers zit de spanning vooral tussen het enorme technologische potentieel en beurswaarderingen die al een flinke quantumdoorbraak lijken in te prijzen.
Google-topman ziet quantum waar AI 5 jaar geleden stond: IonQ groeit 287%, maar beleggers betalen al miljarden
Toen Google-topman Sundar Pichai eind 2025 zei dat quantum computing ongeveer stond waar AI vijf jaar eerder stond, klonk dat vooral als een futuristische voorspelling. Acht maanden later krijgt die uitspraak meer gewicht. Google heeft nieuwe technische mijlpalen laten zien en beursgenoteerde quantumspelers als IonQ, D-Wave Quantum en Rigetti beginnen meer omzet te boeken.
Voor beleggers is vooral de timing interessant. IonQ meldde afgelopen week een omzet van $80,1 miljoen over het tweede kwartaal van 2026, een stijging van 287% tegenover een jaar eerder. Tegelijkertijd zijn de waarderingen van quantum computing-aandelen zo hoog dat succes voor een belangrijk deel al in de beurskoersen lijkt te zitten.

Waarom Google denkt dat quantum de volgende grote stap kan worden
De vergelijking van Pichai met AI gaat niet zozeer over de huidige omvang van beide markten. Kunstmatige intelligentie genereert inmiddels tientallen miljarden dollars aan investeringen in chips, datacenters, cloudcapaciteit en software. Quantum computing bevindt zich nog veel vroeger in zijn commerciële ontwikkeling.
De vergelijking draait vooral om de technologische fase. Rond 2020 waren belangrijke bouwstenen van de huidige AI-golf al aanwezig, maar toepassingen als ChatGPT hadden het grote publiek nog niet bereikt. Pichai verwacht dat quantum computing een vergelijkbaar traject kan volgen: jaren van onderzoek en technische vooruitgang, gevolgd door een periode waarin bruikbare toepassingen plotseling veel sneller verschijnen.
Google zelf heeft daar inmiddels verschillende stappen in gezet. Met de Willow-chip liet het bedrijf zien dat fouten in quantumberekeningen kunnen afnemen wanneer een systeem wordt opgeschaald. Foutcorrectie is cruciaal, omdat qubits extreem gevoelig zijn voor verstoringen. Zonder betrouwbare foutcorrectie kunnen grotere quantumcomputers nauwelijks complexe berekeningen uitvoeren.
In oktober 2025 volgde Quantum Echoes. Google meldde dat dit algoritme op Willow bij een specifieke berekening ongeveer 13.000 keer sneller werkte dan het beste vergelijkbare klassieke algoritme op een van de snelste supercomputers. Dat betekent nog niet dat quantumcomputers ineens traditionele computers kunnen vervangen, maar het bracht de technologie opnieuw een stap richting toepassingen in bijvoorbeeld materiaalonderzoek en moleculaire simulaties.

IonQ laat zien waarom beleggers nu wakker worden
De opvallendste beursgenoteerde naam in de sector is momenteel IonQ. Het bedrijf rapporteerde over het tweede kwartaal $80,1 miljoen omzet, 287% meer dan een jaar eerder. De onderneming verhoogde bovendien de omzetverwachting voor heel 2026 naar $280 miljoen tot $290 miljoen.
Dat is belangrijk omdat het quantumverhaal jarenlang vrijwel volledig draaide om technische roadmaps en toekomstige mogelijkheden. IonQ begint in ieder geval omzet op een schaal te genereren die laat zien dat overheden en bedrijven daadwerkelijk geld uitgeven aan quantumtechnologie.
Toch blijft het verschil tussen omzet en beurswaarde enorm. Op 7 augustus noteerde IonQ rond $43,67 en bedroeg de beurswaarde ongeveer $16,2 miljard. Zelfs wanneer het bedrijf dit jaar de bovenkant van zijn omzetverwachting van $290 miljoen haalt, betalen beleggers dus tientallen keren de jaaromzet.
Dat hoeft bij een technologie in een zeer vroege groeifase niet automatisch verkeerd te zijn. Maar het betekent wel dat IonQ niet alleen moet groeien. Het bedrijf moet uiteindelijk aantonen dat quantum computing een grote commerciële markt wordt én dat IonQ daarin een dominante positie kan innemen.

Bij Rigetti en D-Wave wordt het waarderingsrisico nog duidelijker
De cijfers bij kleinere concurrenten laten zien hoe vroeg deze markt nog is.
Rigetti rapporteerde over het tweede kwartaal een omzet van ongeveer $5,14 miljoen, tegenover $1,8 miljoen een jaar eerder. De operationele verliezen liepen tegelijkertijd verder op. Het bedrijf was op 7 augustus op de beurs toch bijna $3 miljard waard.
D-Wave Quantum boekte in het tweede kwartaal ongeveer $3,08 miljoen omzet. De boekingen over de eerste helft van het jaar stegen wel spectaculair tot $35,5 miljoen, maar een groot gedeelte daarvan kwam uit één omvangrijke verkoop. De beurswaarde van D-Wave lag op 7 augustus rond $7,5 miljard.
Juist die verhouding maakt quantum computing-aandelen bijzonder interessant én bijzonder riskant. De aandelen worden niet gewaardeerd op basis van de winst die vandaag binnenkomt, maar op basis van een mogelijke markt die over vijf of tien jaar vele malen groter kan zijn.
Dat lijkt sterk op de manier waarop sommige vroege AI-aandelen ooit werden gewaardeerd. Het grote verschil is dat niemand nu al weet welke quantumarchitectuur uiteindelijk de standaard wordt.
De echte race gaat niet alleen over het aantal qubits
Een veelgemaakte fout bij quantum computing is uitsluitend kijken naar het aantal qubits. Meer qubits betekenen weinig wanneer die qubits te veel fouten produceren of niet betrouwbaar met elkaar kunnen samenwerken.
Google werkt met supergeleidende qubits. IonQ gebruikt trapped-ion-technologie. Rigetti kiest eveneens voor supergeleidende systemen, terwijl D-Wave historisch vooral bekendstaat om quantum annealing en daarnaast zijn positie in gate-model quantum computing probeert uit te breiden.
Dat maakt beleggen in quantum wezenlijk anders dan simpelweg voorspellen dat de sector groeit. Een belegger moet eigenlijk twee voorspellingen correct hebben. Quantum computing moet commercieel doorbreken én het gekozen bedrijf moet met de juiste technologie aan de winnende kant terechtkomen.
Pichai kan dus volledig gelijk krijgen over de sector, terwijl verschillende populaire quantum computing-aandelen uiteindelijk toch slechte beleggingen blijken te zijn.
Alphabet biedt een totaal andere manier om op quantum computing in te spelen
Alphabet is vanuit risico-rendement een interessant contrast. Google behoort technologisch tot de koplopers in quantum computing, maar Alphabet is niet afhankelijk van een snelle commerciële quantumdoorbraak.
De onderneming verdient momenteel vooral geld met advertenties, cloudactiviteiten, abonnementen en het bredere AI-ecosysteem. Met een beurswaarde van ruim $4,3 biljoen is quantum computing voorlopig slechts een klein onderdeel van het totale Alphabet-verhaal.
Dat heeft een voordeel en een nadeel. Mocht Google een doorslaggevende quantumdoorbraak realiseren, dan bezit Alphabet de technologie zonder dat beleggers vandaag een pure quantumwaardering hoeven te betalen. Tegelijkertijd zal een succesvolle quantumchip op korte termijn waarschijnlijk veel minder invloed hebben op de totale waarde van Alphabet dan op een onderneming als IonQ.
Daarmee ontstaat feitelijk een keuze tussen hoge gevoeligheid en hogere zekerheid. Pure plays zoals IonQ, Rigetti en D-Wave kunnen veel sterker reageren wanneer quantum computing sneller commercieel doorbreekt dan verwacht. Alphabet biedt veel minder directe hefboom, maar beschikt wel over bestaande winstgevende activiteiten die niet afhankelijk zijn van dat ene scenario.
De AI-vergelijking is vooral een waarschuwing voor timing
De interessantste boodschap uit de uitspraak van Pichai is niet dat beleggers nu automatisch quantum computing-aandelen moeten kopen. Het is dat technologie soms jarenlang nauwelijks commerciële betekenis lijkt te hebben en daarna onverwacht snel kan versnellen.
Dat gebeurde bij generatieve AI. De fundamentele ontwikkelingen waren al jaren bezig voordat ChatGPT eind 2022 het onderwerp in één klap bij honderden miljoenen gebruikers bekend maakte.
Quantum computing zou een soortgelijk omslagpunt kunnen krijgen. Een overtuigende commerciële toepassing in bijvoorbeeld geneesmiddelenonderzoek, nieuwe materialen, cryptografie of industriële optimalisatie kan de vraag plotseling versnellen.
Maar juist doordat beleggers dat scenario inmiddels kennen, wordt het gevaar groter dat zij de AI-golf proberen te kopiëren voordat de economische werkelijkheid zover is.
IonQ is daarvan het beste voorbeeld. Een omzetgroei van 287% is indrukwekkend en de verhoogde verwachtingen laten zien dat de commerciële activiteit toeneemt. Een beurswaarde van ruim $16 miljard tegenover maximaal ongeveer $290 miljoen verwachte omzet voor 2026 laat echter ook zien hoeveel toekomstige groei al wordt verondersteld.
De echte kans voor beleggers ontstaat daarom waarschijnlijk niet door simpelweg ieder aandeel met het woord quantum te kopen. Interessanter wordt het om te volgen welke bedrijven aantoonbaar vooruitgang boeken op drie gebieden tegelijk: technische betrouwbaarheid, echte klantvraag en een geloofwaardig pad naar schaalbare omzet.
Als Pichai gelijk krijgt, kan quantum computing richting 2030 uitgroeien tot een van de belangrijkste technologiethema's op de beurs. De recente cijfers van IonQ suggereren dat de commerciële fase voorzichtig begonnen is. Maar de waarderingen van veel pure quantumspelers maken eveneens duidelijk dat Wall Street niet meer doet alsof niemand die mogelijke toekomst heeft gezien.
Voor beleggers ligt de belangrijkste vraag daarom niet alleen bij de potentie van quantum computing. De moeilijkere vraag is hoeveel van die toekomstige doorbraak vandaag al in de koers zit.






































































































































