Rocket Lab verloor bijna helft van zijn waarde: waarom analisten nu bullish worden
In het kort:
Rocket Lab sloot vrijdag op $62,95, ruim 45% onder de koers van drie maanden geleden.
Raymond James start met een Outperform-advies en een koersdoel van $80, goed voor circa 27% potentieel.
De recordbacklog van $2,36 miljard biedt zicht op groei, maar de hoge waardering en uitvoering van Neutron blijven stevige risico’s.
Rocket Lab kreeg vrijdag 11 september twee opsteken tegelijk. Het ruimtevaartbedrijf voltooide zijn zestiende Electron-lancering van 2026, terwijl Raymond James het aandeel begon te volgen met een Outperform-advies en een koersdoel van $80.
De timing valt op. Rocket Lab sloot vrijdag op $62,95, tegenover $114,78 precies drie maanden eerder. Daarmee is ruim 45% van de beurswaarde per aandeel verdwenen. Vanaf de huidige koers biedt het koersdoel van Raymond James ongeveer 27% opwaarts potentieel.
Dat klinkt aantrekkelijk, maar plaatst de eerdere koersval ook in perspectief. Zelfs op $80 zou Rocket Lab nog circa 30% onder de koers van 11 juni staan. Voor een volledig herstel naar $114,78 is vanaf het huidige niveau een stijging van ruim 82% nodig.
Koers Rocket Lab dit jaar:

Rocket Lab voert het lanceertempo verder op
De missie van vrijdag bracht een aardobservatiesatelliet van een niet bekendgemaakte klant naar een cirkelvormige baan op 500 kilometer hoogte. Het ging om de zestiende Electron-lancering van dit jaar en de 95e lancering van Rocket Lab in totaal. Voor het einde van september staat alweer een volgende commerciële missie gepland.
Dat tempo is meer dan een publicitair succes. Een lanceerbedrijf verdient pas structureel geld wanneer raketten betrouwbaar en met hoge regelmaat vertrekken. Meer vluchten zorgen ervoor dat personeel, lanceerlocaties en productiecapaciteit beter worden benut. Tegelijkertijd groeit het operationele trackrecord, een doorslaggevend voordeel bij nieuwe commerciële en defensiecontracten.
Electron is daarmee een bewezen fundament geworden. De grootste waardesprong waarop beleggers rekenen, moet echter uit andere onderdelen van Rocket Lab komen.
De backlog vertegenwoordigt ruim tien kwartalen omzet
Rocket Lab boekte in het tweede kwartaal een recordomzet van $234 miljoen. Dat was 62% meer dan een jaar eerder. De backlog groeide met 137% naar een record van $2,36 miljard.
Die verhouding maakt de groei tastbaar. De orderportefeuille is iets meer dan tien keer zo groot als de meest recente kwartaalomzet. Wanneer de omzet van $234 miljoen simpelweg naar vier kwartalen wordt doorgetrokken, ontstaat een jaarritme van ongeveer $936 miljoen. De backlog vertegenwoordigt daarmee circa 2,5 jaar omzet op het huidige tempo.
Dat betekent niet dat Rocket Lab dit volledige bedrag binnen 2,5 jaar omzet in winstgevende verkopen. Contracten hebben verschillende looptijden, mijlpalen en marges. Sommige opdrachten worden pas over meerdere jaren uitgevoerd. Wel geeft de backlog het bedrijf aanzienlijk meer omzetzichtbaarheid dan enkele jaren geleden.
De orderportefeuille bevat inmiddels meer dan negentig geplande lanceringen voor Electron, de defensievariant HASTE en de nog te ontwikkelen Neutron. Daarmee wordt Rocket Lab minder afhankelijk van afzonderlijke missies.
Neutron is de belangrijkste test voor het aandeel
Neutron moet Rocket Lab toegang geven tot een veel grotere markt. Terwijl Electron vooral kleine satellieten lanceert, is Neutron ontworpen voor grotere constellaties, defensiemissies en andere middelzware ladingen.
De eerste trap bevindt zich in de eindassemblage. Rocket Lab verwacht die hardware in het vierde kwartaal van 2026 bij het lanceerplatform af te leveren. Dat is een concreet voortgangssignaal, maar nog geen succesvolle eerste vlucht.
Juist daar zit het verschil tussen de huidige omzet en de waardering die beleggers aan Rocket Lab toekennen. Het bedrijf wordt niet alleen gewaardeerd als exploitant van Electron. De koers veronderstelt dat Neutron daadwerkelijk operationeel wordt, klanten aantrekt en uiteindelijk voldoende missies uitvoert om de hoge ontwikkelingskosten terug te verdienen.
Raymond James ziet een pad naar positieve aangepaste bedrijfsresultaten en vrije kasstroom in 2027 en 2028. Die verwachting rust voor een belangrijk deel op succesvolle commercialisering van Neutron en op de verdere uitbreiding van Rocket Labs geïntegreerde ruimtevaartplatform.

Defensie maakt het verdienmodel breder
De groei komt ondertussen niet alleen uit commerciële lanceringen. Rocket Lab ontving in augustus een contract met een maximale waarde van $397 miljoen van de Amerikaanse Space Force. Het bedrijf moet meerdere satellieten ontwikkelen, met Neutron lanceren en daarna exploiteren. In de totale contractwaarde is ook een optie voor extra satellieten opgenomen.
Een afzonderlijk contract van $266 miljoen omvat twaalf suborbitale missies voor de Space Force, met mogelijkheden voor nog eens zes lanceringen. Deze vluchten worden uitgevoerd met HASTE en zijn gericht op toepassingen rond raketverdediging en hypersonische systemen.
Daarmee verschuift Rocket Lab geleidelijk van een raketbouwer naar een bredere defensie- en ruimtevaartleverancier. Het bedrijf kan aan één opdracht verdienen via satellietcomponenten, complete ruimtevaartuigen, lanceringen en operationele dienstverlening. Die verticale integratie is het belangrijkste mechanisme achter de optimistische beleggingsthese.
De Iridium-deal vergroot zowel de kans als het risico
De voorgenomen overname van satellietcommunicatiebedrijf Iridium moet daar een nieuwe laag aan toevoegen. De transactie heeft een ondernemingswaarde van ongeveer $8 miljard en wordt naar verwachting medio 2027 afgerond, mits aandeelhouders en toezichthouders instemmen.
Na voltooiing zou Rocket Lab niet alleen raketten en satellieten bouwen, maar ook een bestaand communicatienetwerk exploiteren. Iridium realiseerde in 2025 een omzet van $871,7 miljoen en beschikt over terugkerende inkomsten uit miljoenen aansluitingen.
De strategische logica is duidelijk, maar de overname brengt financierings-, integratie- en verwateringsrisico’s mee. Rocket Lab moet straks tegelijk Neutron voltooien, recent overgenomen activiteiten inpassen en een veel grotere onderneming integreren. Dat maakt de uitvoering complexer op het moment dat beleggers al veel toekomstige groei in de koers verwerken.
Een koersval maakt Rocket Lab nog niet goedkoop
Op basis van de slotkoers van vrijdag en de laatst officieel gemelde 598,35 miljoen uitstaande aandelen komt de beurswaarde uit op ongeveer $37,7 miljard. Tegenover het geannualiseerde omzettempo van $936 miljoen betalen beleggers daarmee ruim 40 keer de huidige omzet.
Die berekening is nadrukkelijk geen waardering van de toekomstige combinatie met Iridium. Ze laat wel zien hoe ambitieus de markt Rocket Labs bestaande activiteiten waardeert. Het aandeel kan daardoor sterk reageren op vertragingen, hogere ontwikkelingskosten of tegenvallende marges.
De oorspronkelijke stijging naar meer dan $100 liep veel sneller dan de omzet en kasstroom konden volgen. Een deel van de recente daling lijkt daarom geen afwijzing van het bedrijfsmodel, maar een correctie op verwachtingen die erg ver vooruit waren gelopen.
Wat beleggers nu moeten volgen
De recordbacklog, het hogere lanceertempo en de defensiecontracten maken Rocket Lab operationeel sterker dan tijdens eerdere jaren. De daling van 45% heeft bovendien een deel van de extreme verwachtingen uit de koers gehaald.
Toch is $62,95 geen klassieke bodemwaardering. De bullcase vraagt dat meerdere ontwikkelingen tegelijk goed uitpakken: Electron moet betrouwbaar blijven groeien, Neutron moet zonder grote nieuwe vertragingen vliegen en de overname van Iridium moet waarde toevoegen zonder de balans en aandeelhouders te zwaar te belasten.
Het koersdoel van $80 is daarom vooral een bevestiging dat Raymond James ruimte ziet voor herstel, niet dat de risico’s verdwenen zijn. De grootste kans ligt in Rocket Labs ontwikkeling tot een geïntegreerd ruimtevaart- en defensiebedrijf. Het grootste risico is dat de waardering nauwelijks ruimte laat voor uitvoeringsproblemen. De voortgang van Neutron blijft het beslissende signaal.







































































































































Opmerkingen