Dit is wat coureurs écht verdienen tijdens de 24 uur van de Nürburgring en dat bedrag verrast iedereen
- Jan Kuijpers

- 3 uur geleden
- 4 minuten om te lezen
In het kort
De 24 uur van de Nürburgring biedt weinig officieel prijzengeld, maar enorme prestige voor teams en fabrikanten.
Autofabrikanten investeren miljoenen vanwege de marketingwaarde en reputatie van een overwinning op de Nordschleife.
Een zege van Max Verstappen zou hem historisch maken als een van de weinige F1-wereldkampioenen met winst in de race.
De 24 uur van de Nürburgring behoort tot de meest legendarische races ter wereld. Toch wacht de winnaar opvallend genoeg geen gigantische geldprijs, zoals in de Formule 1 of andere grote autosportkampioenschappen. Sterker nog: de officiële prijzengelden van de race zijn relatief klein en worden door organisator ADAC bewust geheim gehouden.

Toch investeren fabrikanten als BMW, Porsche, Mercedes-AMG, Audi en Ferrari miljoenen in één raceweekend op de Nordschleife. Waarom? Omdat de echte waarde van een overwinning op de Nürburgring niet op een cheque past. En dat geldt zeker als Max Verstappen dit weekend geschiedenis zou schrijven.
De officiële prijzengelden stellen weinig voor
De ADAC publiceert al jaren geen exacte bedragen voor de winnaars van de 24 uur van de Nürburgring. Volgens verschillende teammanagers en insiders gaat het om symbolische bedragen die nauwelijks opwegen tegen de enorme kosten van deelname.
Een volledig GT3-programma met fabrieksondersteuning kost al snel miljoenen euro’s. Teams moeten meerdere coureurs betalen, tientallen monteurs meenemen en enorme hoeveelheden reserveonderdelen beschikbaar houden. Daarbovenop komen logistieke kosten, engineering en banden.
Zelfs de winnaar van het algemeen klassement verdient via de organisatie slechts een fractie van die investering terug. Voor veel teams draait het evenement daarom nauwelijks om direct prijzengeld.
Waarom fabrikanten tóch miljoenen investeren
Voor autofabrikanten heeft de Nürburgring een gigantische marketingwaarde. Een overwinning op de beroemde Nordschleife geldt wereldwijd als bewijs dat een merk snelle, betrouwbare en technisch hoogwaardige auto’s bouwt. Dat imago vertaalt zich uiteindelijk direct naar autoverkoop.
BMW gebruikt zijn recente overwinning bijvoorbeeld actief in wereldwijde campagnes voor de M-modellen. Audi bouwde jarenlang zijn GT3-reputatie rond successen op de Nürburgring, terwijl Porsche en Mercedes-AMG de race inzetten om hun sportieve geloofwaardigheid te versterken.
Juist daarom betalen fabrikanten vaak flinke bonussen aan klantenteams die winnen met hun auto’s. Die bedragen liggen regelmatig veel hoger dan het officiële prijzengeld van de organisatie zelf.
Ook bandenfabrikanten betalen grote bonussen
Niet alleen autofabrikanten strijden om prestige op de Nürburgring. Ook bandenleveranciers gebruiken de race als gigantisch marketingplatform. Merken zoals Michelin, Pirelli, Falken, Goodyear en Yokohama vechten ieder jaar een intense strijd uit om hun banden als de beste van de Nordschleife te positioneren.

Sommige leveranciers koppelen daarom extra bonussen aan podiumplaatsen of overwinningen. Falken gaat zelfs nog verder en runt al jarenlang zijn eigen raceteam in de hoop eindelijk de absolute overwinning te behalen.
Voor teams vormen deze sponsor- en bandenbonussen vaak een cruciale inkomstenbron. Zonder die extra betalingen zouden veel GT3-programma’s financieel nauwelijks haalbaar zijn.
Voor coureurs draait het om prestige
Ook voor de coureurs werkt het financiële model anders dan in de Formule 1. Fabrieksrijders van merken zoals BMW, Porsche of Mercedes-AMG ontvangen meestal een vast salaris of seizoenscontract. Hun inkomsten hangen dus niet direct af van prijzengeld.
Amateurcoureurs in Pro-Am-klassen brengen juist vaak geld mee om samen met professionele rijders te kunnen racen. De Nürburgring draait daarom minder om persoonlijke winstpremies en meer om reputatie, ervaring en historische waarde.
Dat geldt zeker voor Max Verstappen. De viervoudig wereldkampioen rijdt dit weekend niet voor het geld, maar voor de uitdaging van de Nordschleife zelf. Juist dat maakt deze race zo uniek.
Een overwinning zou Verstappen historisch maken
De Nürburgring heeft binnen de autosport bijna mythische status. De race bestaat sinds 1970 en geldt als een van de zwaarste endurance-evenementen ter wereld. De combinatie van snelheid, gevaar, regen, verkeer en duisternis maakt de Nordschleife berucht onder coureurs.
Slechts één Formule 1-wereldkampioen wist ooit de 24 uur van de Nürburgring te winnen: Niki Lauda in 1973 met Alpina BMW. Die overwinning groeide later uit tot een iconisch onderdeel van zijn nalatenschap.
Als Verstappen dit weekend met Winward Mercedes-AMG weet te winnen, sluit hij zich aan bij dat exclusieve rijtje. Dat zou commercieel én historisch enorm waardevol zijn voor zowel Verstappen als Mercedes-AMG.
De echte waarde zit in het imago
Een overwinning op de Nürburgring levert merken iets op wat nauwelijks meetbaar is: geloofwaardigheid. Autofabrikanten gebruiken successen op de Nordschleife jarenlang in reclamecampagnes, brochures en marketingvideo’s.
Voor teams helpt een overwinning om nieuwe klanten en sponsoren aan te trekken. Voor coureurs betekent het een plek in de geschiedenisboeken van de autosport. Juist daarom blijven fabrikanten miljoenen investeren in een race waar het officiële prijzengeld eigenlijk bijzaak is.
Daarom blijft de Nürburgring uniek
De 24 uur van de Nürburgring draait uiteindelijk niet om geld, maar om prestige, techniek en pure autosportpassie. De race heeft een reputatie opgebouwd die veel groter is dan welke cheque dan ook.
Dat verklaart waarom dit weekend opnieuw 161 auto’s aan de start verschijnen op de beroemde “Groene Hel”. Niet om rijk te worden, maar om deel uit te maken van een van de meest legendarische races ter wereld.
Advertorial
Voor beleggers die naast volatiele sectoren zoals autosport en technologie ook zoeken naar meer voorspelbare inkomsten, kan vastgoed zorgen voor extra stabiliteit binnen de portefeuille. Vastgoed met langdurige huurcontracten en stabiele huurders biedt vaak een rationele tegenhanger van markten die sterk afhankelijk zijn van sentiment, prestige en economische cycli.
Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed met focus op supermarkten en zorgcentra, verspreid over een brede portefeuille van solide huurders. Het fonds realiseerde historisch een gemiddeld rendement van 8,2% per jaar, waarvan 6,3% maandelijks wordt uitgekeerd. Bij deelname in april met een minimale inleg van € 10.000 ontvangen beleggers bovendien één maand extra uitkering bovenop het reguliere rendement. Vraag vrijblijvend de gratis brochure aan voor meer informatie over het fonds en de beleggingsstrategie.






































































































































