Europese AI-chipmakers dagen Nvidia uit: deze start-ups halen nu miljoenen op
- J. van den Poll
- 8 uur geleden
- 6 minuten om te lezen
In het kort:
Europese AI-chipstart-ups zoals Euclyd, Optalysys en Fractile halen grote investeringen op om alternatieven te bouwen voor Nvidia, vooral voor AI-inferentie.
De focus verschuift van het trainen van AI-modellen naar het energiezuinig en efficiënt draaien ervan, waar Europese bedrijven kansen zien met nieuwe chiparchitecturen en fotonica.
Ondanks groeiende interesse blijft Europa achter op de VS door minder kapitaal, zwakkere productiecapaciteit en onvoldoende overheidssteun voor lokale technologie.
Europese chipbedrijven proberen een plaats te veroveren in de snelgroeiende markt voor artificiële intelligentie. Verschillende start-ups werken aan alternatieven voor de grafische processors van Nvidia en hopen daar nu grote investeringsrondes voor op te halen. De aandacht verschuift daarbij steeds meer naar chips die niet alleen krachtig zijn, maar vooral ook zuinig en efficiënt werken bij het gebruik van AI-modellen in de praktijk.
Een van de opvallendste namen is het Nederlandse Euclyd. Het bedrijf voert gesprekken met investeerders over een kapitaalronde van minstens 100 miljoen euro, omgerekend ongeveer 118 miljoen dollar. Dat vertelde oprichter Bernardo Kastrup aan CNBC. Euclyd werd in 2024 opgericht door Kastrup, die vroeger directeur was bij ASML. Voormalig ASML-topman Peter Wennink is betrokken als adviseur en investeerder.
Ook elders in Europa bereiden jonge chipbedrijven grote financieringsrondes voor. Het Britse Optalysys wil later dit jaar meer dan 100 miljoen dollar ophalen. Het Britse Fractile en het Franse Arago zouden eveneens werken aan rondes van negen cijfers. Fractile wilde daar tegenover CNBC geen commentaar op geven en Arago reageerde niet op een verzoek om commentaar. Eerder in 2026 stroomde al meer dan 200 miljoen dollar naar het Nederlandse Axelera en het Britse Olix.
De oprichter van Euclyd Bernardo Kastrup:

De markt verschuift van training naar inferentie
Nvidia is de voorbije jaren uitgegroeid tot het belangrijkste chipbedrijf in AI. De grafische processors van de Amerikaanse groep, die oorspronkelijk voor gaming werden ontwikkeld, worden vandaag op grote schaal gebruikt om AI-modellen te trainen. Daardoor werd Nvidia een van de waardevolste bedrijven ter wereld.
Toch verandert de markt. De aandacht verschuift steeds meer van het trainen van modellen naar het efficiënt gebruiken van die modellen. Dat gebruik wordt AI-inferentie genoemd. Daarbij gaat het om het toepassen van een getraind model in echte producten en diensten. Precies op dat terrein denken verschillende Europese start-ups een technologische voorsprong te kunnen opbouwen.
Patrick Schneider-Sikorsky van het Nato Innovation Fund, dat investeerde in Fractile, zei tegen CNBC dat inferentie vandaag dominant is geworden. Volgens hem is de bestaande GPU-architectuur niet ontworpen voor wat op grote schaal het belangrijkst is. Hij wees ook op geopolitieke factoren die Europese chipontwikkelaars in de kaart spelen. Amerikaanse exportbeperkingen, de afhankelijkheid van chipfabrikant TSMC en de wens om in Europa meer technologische onafhankelijkheid op te bouwen, zorgen volgens hem voor extra interesse in lokaal ontwikkelde chips.
Euclyd belooft veel hogere energie-efficiëntie
Euclyd zegt te werken aan AI-chips die binnen een eigen systeem tot 100 keer energie-efficiënter zouden zijn voor inferentie dan Nvidia’s nieuwste generatie Vera Rubin-chips. Nvidia gaf geen reactie op dat punt aan CNBC. Die claim is dus niet onafhankelijk bevestigd, maar ze toont wel hoe scherp de concurrentie in deze markt wordt.
Volgens Kastrup ontwikkelt Euclyd geen gewone variant op de GPU, maar een andere architectuur. Waar klassieke GPU’s veel tijd en energie verliezen met het verplaatsen van data door de geheugenstructuur, wil Euclyd data op meerdere plaatsen tegelijk verwerken. Dat moet de efficiëntie verhogen, vooral bij inferentie. Het bedrijf zegt dat zijn systemen voor grote AI-modellen de energiebehoefte, de kost en de fysieke ruimte van datacenterinfrastructuur kunnen verlagen.
Daar staat tegenover dat de technologie van Euclyd nog niet op grote commerciële schaal is bewezen. Het bedrijf heeft inmiddels wel een chip voor AI-inferentie ontwikkeld en werkt nu aan een multi-chiplet-systeem dat sneller moet werken dan de huidige versie. Euclyd wil dat systeem tegen 2028 produceren. Volgens Kastrup is het bedrijf in gesprek met vier potentiële klanten. Twee daarvan zouden vanaf volgend jaar beleverd kunnen worden en twee andere een jaar later.
De Euclyd-inferentiearchitectuur belooft het laagste stroomverbruik en de laagste kosten per token voor de volgende golf van agentic AI:

Ook fotonica krijgt meer aandacht
Niet alleen klassieke halfgeleiders trekken investeerders aan. Het Britse Olix werkt aan processoren op basis van fotonica en mikt eveneens op eerste klanten vanaf volgend jaar. Dat zei Taavet Hinrikus, partner bij investeerder Plural, aan CNBC. Olix reageerde zelf niet op een verzoek om commentaar.
Fotonische processoren gebruiken licht om data te verplaatsen en soms ook om berekeningen uit te voeren. Volgens Hinrikus kunnen zulke systemen interessant zijn voor klanten die inferentiecapaciteit nodig hebben, zoals hyperscalers en overheden. Hij stelt dat de huidige elektronische chiparchitectuur stilaan tegen haar grenzen aanloopt. Chipmakers willen componenten steeds kleiner maken om meer onderdelen op een wafer te krijgen en de economische rendabiliteit te verbeteren. Maar tegelijk wordt de hitte die deze chips produceren een steeds groter probleem. Volgens Hinrikus zouden fotonische platformen daarom een volgende technologische stap kunnen worden.
Nvidia investeert zelf ook massaal
De opkomst van Europese uitdagers betekent niet dat Nvidia stilzit. Integendeel. Het Amerikaanse concern investeerde in zijn meest recente volledige boekjaar, dat eindigde in januari 2026, meer dan 18 miljard dollar in onderzoek en ontwikkeling. In december nam Nvidia bovendien activa over van AI-inferentiestart-up Groq voor 20 miljard dollar. In maart kondigde het daarnaast een investering van 4 miljard dollar aan in twee bedrijven die werken aan fotonicatechnologie.
Dat onderstreept dat Nvidia goed begrijpt waar de markt naartoe gaat. De strijd in AI zal de komende jaren niet alleen gaan over het trainen van modellen, maar ook over wie die modellen het efficiëntst en goedkoopst kan laten draaien.
Europa heeft nog altijd duidelijke nadelen
Toch blijft het voor Europese start-ups moeilijk om echt door te breken. Schneider-Sikorsky van het Nato Innovation Fund wijst erop dat chipontwikkeling veel tijd vraagt en dat de weg van tape-out naar productie op grote schaal bijzonder zwaar is. Bovendien is het Europese foundry-ecosysteem nog niet sterk genoeg uitgebouwd.
Ook Fabrizio Del Maffeo, topman van Axelera, ziet structurele problemen. Volgens hem zijn Europese overheden nog te voorzichtig als het gaat om investeren in producten van jonge technologiebedrijven. Europa beschikt volgens hem ook niet over een equivalent van DARPA, de Amerikaanse onderzoeksorganisatie van het ministerie van Defensie die technologische projecten en start-ups ondersteunt.
Daarnaast ontbreken er in Europa nog altijd voldoende mechanismen om het gebruik van lokaal ontwikkelde technologie te stimuleren. Del Maffeo wijst ook op de versnippering van arbeidswetgeving tussen Europese landen, wat het moeilijker maakt om talent over de grenzen heen aan te trekken.
De financieringskloof met de VS blijft groot
Hoewel de belangstelling voor Europese AI-chipbedrijven duidelijk toeneemt, blijft het verschil met de Verenigde Staten aanzienlijk. Volgens Dealroom haalden Europese AI-chipstart-ups in 2026 tot nu toe samen ongeveer 800 miljoen dollar op. Hun Amerikaanse tegenhangers kwamen in dezelfde periode uit op 4,7 miljard dollar.
In de VS haalde Cerebras Systems in februari alleen al 1 miljard dollar op. Daarnaast waren er dit jaar ook financieringsrondes van 500 miljoen dollar voor MatX, Ayar Labs en Etched. Dat toont hoe groot de kapitaalkracht van het Amerikaanse ecosysteem nog altijd is.
Toch merken investeerders dat AI-chipbedrijven in Europa niet langer als een nicheverhaal worden gezien. Carlos Espinal van Seedcamp, dat investeerde in Vaire Computing, zei tegen CNBC dat dit duidelijk blijkt uit de dealflow en uit de gesprekken met oprichters. Volgens hem wordt gespecialiseerde AI-infrastructuur stilaan een vast onderdeel van hoe investeerders naar de toekomst van artificiële intelligentie kijken.
Advertorial
De opmars van Europese AI-chipbedrijven toont hoe kapitaal zich razendsnel verplaatst naar sectoren waar innovatie, schaal en timing het verschil maken. In zo’n klimaat wordt ook de vraag relevanter hoe bedrijven en particulieren tijdelijk beschikbare middelen efficiënt kunnen parkeren, zonder de flexibiliteit volledig op te geven. Zeker wanneer investeringsrondes, technologische doorbraken en marktschommelingen elkaar snel opvolgen, blijft liquiditeit een belangrijke factor.
Raisin RenteBoost is een tijdelijke actie waarbij je op een vrij opneembare Duitse spaarrekening de eerste 3 maanden lang een gegarandeerde rente van 2,85% p.j. krijgt, beschermd onder het Europese garantiestelsel. Je spaargeld blijft dagelijks opvraagbaar en je kunt vrij storten en opnemen. Na deze periode kun je via één Raisin-account verder sparen bij meer dan 50 Europese banken, met actuele variabele rentes tot 1,92% p.j., of kiezen voor spaardeposito’s met looptijden van één maand tot tien jaar en rentes tot 3,25% p.j.






































































































































