Een rechte lijn omhoog: waarom dit aandeel al jaren stijgt
- Jelger Sparreboom

- 2 uur geleden
- 5 minuten om te lezen
In het kort:
Safran verdient het meeste geld ná de verkoop van motoren via onderhoud en onderdelen, wat zorgt voor stabiele en groeiende kasstromen.
De groei komt door meer vliegtuigen wereldwijd en een steeds grotere installed base van motoren die onderhoud nodig hebben.
Het model wordt sterker over tijd, maar blijft gevoelig voor de luchtvaartcyclus en productieproblemen bij vliegtuigbouwers.
Een aandeel dat over langere tijd steeds maar weer oploopt. Dat vraagt om een verklaring. Bij Safran ligt dat in de structuur van het bedrijf. In 2025 behaalde Safran een omzet van €31,3 miljard en een operationele marge van 16,6%, terwijl de vrije kasstroom opliep tot bijna €4 miljard. Deze cijfers zijn geen toeval, maar het resultaat van een model dat over jaren steeds sterker wordt.
Koers Safran

Safran bevindt zich in het hart van de luchtvaartindustrie. Het bedrijf ontwerpt en produceert vliegtuigmotoren en levert daarnaast systemen en onderhoudsdiensten. De belangrijkste positie ligt in de joint venture met GE Aerospace, genaamd CFM International. Deze samenwerking levert motoren voor het meest gebruikte type vliegtuig wereldwijd, namelijk narrowbody-toestellen zoals de Airbus A320 en Boeing 737. Dit segment vormt de ruggengraat van het wereldwijde vliegverkeer en groeit structureel mee met de vraag naar mobiliteit.
De kracht van deze positie zit in schaal en herhaling. De LEAP-motor, de opvolger van de bekende CFM56, wordt in steeds grotere aantallen geproduceerd. In 2025 leverde Safran meer dan 1.800 LEAP-motoren, een stijging van 28% ten opzichte van het jaar ervoor. Nieuwe orders blijven binnenkomen, onder andere via leasingmaatschappijen zoals AerCap. Dit betekent dat de basis voor toekomstige omzet al grotendeels vastligt, omdat elke geleverde motor tientallen jaren in gebruik blijft.
Omzet

De economische motor achter de motoren
De echte waarde van Safran ontstaat pas na de verkoop van een motor. In de luchtvaartindustrie wordt vaak gesproken over aftermarket-inkomsten. Dit zijn inkomsten uit onderhoud, reparaties en onderdelen nadat een motor in gebruik is genomen. Deze inkomsten zijn cruciaal, omdat ze doorgaans hogere marges hebben dan de initiële verkoop.
In 2025 groeiden de inkomsten uit spare parts met ongeveer 18% en de service-inkomsten zelfs met circa 30%. Spare parts verwijst naar vervangende onderdelen die nodig zijn tijdens het gebruik van een motor. Services omvatten activiteiten zoals onderhoud en revisies, ook wel Maintenance, Repair & Overhaul genoemd. Deze activiteiten vinden plaats tijdens zogenaamde shop visits, momenten waarop een motor uit het vliegtuig wordt gehaald voor inspectie en onderhoud.
Een belangrijk onderdeel van het verdienmodel is de overgang naar zogeheten rate-per-flight-hour contracten. Hierbij betalen luchtvaartmaatschappijen een vast bedrag per vlieguur voor onderhoud en beschikbaarheid. Dit model zorgt voor stabielere en beter voorspelbare kasstromen. Voor Safran betekent dit dat inkomsten meebewegen met het daadwerkelijke gebruik van de motor, terwijl onverwachte pieken in kosten worden verminderd.
De CFO gaf aan dat een groot deel van de winst uit deze contracten pas na 2030 zichtbaar zal worden. Op dit moment is slechts een klein deel van de totale contractwaarde gerealiseerd. Dat betekent dat er een aanzienlijke hoeveelheid toekomstige winst al in de portefeuille zit, zonder dat deze volledig in de huidige cijfers terug te zien is.
De installed base, oftewel het aantal motoren dat wereldwijd in gebruik is, speelt hierbij een centrale rol. De oudere CFM56-motor blijft een belangrijke bron van inkomsten. Het aantal onderhoudsbeurten voor deze motor wordt tot 2028 stabiel verwacht, mede doordat vliegtuigen langer in gebruik blijven. Tegelijkertijd begint de nieuwere LEAP-vloot de fase te bereiken waarin onderhoud nodig wordt. Hierdoor ontstaat een overlap waarbij zowel oude als nieuwe motoren bijdragen aan de groei van de aftermarket.
Groei, waardering en de dynamiek van de toekomst
Naast de civiele luchtvaart ontwikkelt Safran ook een sterke positie in defensie. In 2025 behaalde de defensiedivisie een recordinstroom van orders, met een book-to-bill ratio van 1,6. Dit betekent dat de waarde van nieuwe orders aanzienlijk hoger ligt dan de gerealiseerde omzet, wat wijst op verdere groei in de toekomst. Productiecapaciteit voor onder andere geleide wapens en navigatiesystemen wordt opgeschaald, wat de diversificatie van het bedrijf versterkt.
Op operationeel niveau investeert Safran fors in capaciteit en technologie. In 2025 werd ongeveer €1,4 miljard geïnvesteerd in productie en bijna €1,8 miljard in onderzoek en ontwikkeling. Een deel van deze investeringen is gericht op het verminderen van afhankelijkheden in de supply chain. Het bedrijf bouwt bijvoorbeeld eigen capaciteit op in kritieke productieprocessen zoals forging en casting. Dit vergroot de controle over de productieketen en kan bijdragen aan stabiliteit en marges.
R&D en CapEx

Technologische verbeteringen spelen eveneens een rol in de economische kracht van het model. Nieuwe componenten verlengen de levensduur van motoronderdelen en verminderen de frequentie van onderhoud. Dit verlaagt de kosten voor klanten en verbetert tegelijkertijd de winstgevendheid van onderhoudscontracten. Volgens het management verschuift hierdoor de mix van onderhoud richting grotere en complexere revisies, wat positief is voor zowel de operationele winst als de kasstroom.
De groeiverwachtingen zijn concreet en gebaseerd op deze onderliggende trends. Voor 2026 verwacht Safran een omzetgroei in de lage tot midden tien procent en een operationeel resultaat van ruim €6 miljard. Richting 2028 wordt uitgegaan van een jaarlijkse omzetgroei van ongeveer 10% en een cumulatieve vrije kasstroom van circa €21 miljard. Deze groei wordt gedragen door een combinatie van toenemende motorleveringen en een verder groeiende aftermarket.
De waardering van het aandeel ligt historisch gezien op een premie ten opzichte van traditionele industriële bedrijven. Dit hangt samen met de kwaliteit van de kasstromen en de sterke marktpositie. Tegelijkertijd blijft de waardering afhankelijk van het vermogen om deze groei vast te houden. Factoren zoals cyclische schommelingen in de luchtvaart, vertragingen bij vliegtuigbouwers en valutabewegingen kunnen invloed hebben op de korte termijn.
EV/EBIT

Een belangrijk aandachtspunt is de balans tussen OEM-verkopen en aftermarket-inkomsten. OEM staat voor Original Equipment Manufacturer en verwijst naar de verkoop van nieuwe motoren. Deze verkopen hebben lagere marges, waardoor een toename in productie tijdelijk druk kan zetten op de winstgevendheid. Op langere termijn wordt dit effect doorgaans gecompenseerd door groei in onderhoud en services.
Het onderscheidende van Safran ligt in de combinatie van zichtbaarheid en timing. Nieuwe motorleveringen vormen de basis voor toekomstige inkomsten die zich pas over jaren volledig manifesteren. Tegelijkertijd blijven bestaande motoren doorlopend bijdragen aan de kasstroom. Dit creëert een gelaagd groeimodel waarin elke nieuwe generatie motoren de volgende fase van inkomsten voorbereidt.
De koersontwikkeling van het aandeel volgt daarmee een onderliggende economische logica. Naarmate de installed base groeit, nemen ook de data, onderhoudsactiviteiten en klantrelaties toe. Deze elementen versterken elkaar en maken het model robuuster naarmate het groter wordt. De resultaten van 2025 en de vooruitzichten richting 2028 geven een indicatie van de schaal waarop dit proces zich inmiddels afspeelt.
Advertorial
De voorspelbaarheid van kasstromen en het lange termijnkarakter van onderhoudscontracten onderstrepen hoe waardevol stabiele inkomstenbronnen zijn binnen een portefeuille. Vastgoed met solide huurders en gespreide objecten kan in dat opzicht een rationele aanvulling vormen, juist door de combinatie van continuïteit en periodieke uitkeringen.
Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed met een focus op supermarkten en zorgcentra, met brede spreiding over huurders en een gemiddeld rendement van 8,2% per jaar, waarvan 6,3% maandelijks wordt uitgekeerd. In maart geldt een actie waarbij beleggers bij een minimale deelname van € 10.000 één maand extra uitkering ontvangen bovenop het reguliere rendement.
Vraag vrijblijvend de gratis brochure aan voor meer informatie over het fonds en de beleggingsstrategie.


































































































































