De geschiedenis waarschuwt voor een mogelijke beurscrash in 2026
- Michiel V

- 15 uur geleden
- 5 minuten om te lezen
In het kort:
Na drie uitzonderlijk sterke beursjaren is de S&P 500 historisch duur gewaardeerd, wat de kans op hogere volatiliteit in 2026 vergroot.
De geschiedenis laat zien dat na zulke reeksen geen vast patroon volgt, maar dat het vierde jaar zelden rustig verloopt.
Voor beleggers blijven spreiding, discipline en een lange termijn focus belangrijker dan het timen van een mogelijke correctie.
De aandelenmarkt is 2026 ingegaan met een indrukwekkende staat van dienst. De S&P 500 sloot 2025 af met een winst van ruim 16 procent en zette daarmee voor het derde jaar op rij een dubbelcijferig rendement neer. In 2023 steeg de index al met 24 procent en in 2024 kwam daar nog eens 23 procent bij. Zo’n reeks komt zelden voor en roept automatisch vragen op over wat hierna volgt.
Na zo’n sterke periode is het logisch dat beleggers zich afvragen of de markt niet te ver is doorgeschoten. De angst voor een forse correctie of zelfs een crash in 2026 leeft breed, zeker nu waarderingen historisch hoog liggen. Om die vraag te beantwoorden is het nuttig om niet naar voorspellingen te kijken, maar naar wat de geschiedenis ons leert.
Wat gebeurde er na eerdere sterke beursreeksen
Sinds 1926 zijn er slechts acht periodes geweest waarin de S&P 500 drie jaar op rij met meer dan tien procent steeg. De jaren daarna laten een wisselend beeld zien. Soms zette de rally door, soms volgde een correctie en soms bleef de markt vrijwel vlak.
In sommige gevallen bleef het feest doorgaan. Na de sterke periode begin jaren veertig steeg de markt in 1945 met 36 procent. Ook in 1952 en 1998 volgden opnieuw stevige winsten. Daar tegenover staan jaren als 1929, 1966 en 2022, waarin de markt juist duidelijk terrein verloor. In 2015 bleef de schade beperkt en bewoog de beurs nauwelijks.

De belangrijkste conclusie is dat er geen vast patroon bestaat. Wat wel opvalt, is dat het vierde jaar na zo’n reeks zelden rustig verloopt. De markt blijft óf doorstijgen óf koelt duidelijk af. Een kalm tussenjaar is eerder uitzondering dan regel.
De S&P 500 is historisch duur gewaardeerd
Naast het koersverloop kijken beleggers ook nadrukkelijk naar waarderingen. Daarbij wordt vaak de zogeheten Shiller koers winstverhouding gebruikt, ook wel de CAPE ratio genoemd. Deze maatstaf kijkt naar de gemiddelde winst van de afgelopen tien jaar, gecorrigeerd voor inflatie, en geeft daarmee een breder beeld dan de gewone koers winstverhouding.
Begin 2026 staat deze Shiller ratio net boven de 40. Dat is extreem hoog in historisch perspectief. Slechts één keer lag deze hoger, namelijk tijdens de piek van de internetzeepbel rond het jaar 2000. De afloop daarvan staat veel beleggers nog scherp bij. In de jaren daarna verloor de S&P 500 bijna de helft van zijn waarde.
Een hoge waardering betekent niet automatisch dat er een crash komt, maar het verkleint wel de foutmarge. Teleurstellingen in winstgroei of economische tegenwind kunnen dan sneller leiden tot stevige koersdalingen.

Waarom de markt de afgelopen jaren zo hard steeg
Om de huidige situatie goed te begrijpen, is het belangrijk om terug te kijken naar 2022. Dat jaar verloor de S&P 500 bijna 18 procent en veel grote technologieaandelen halveerden in waarde. Inflatie liep hard op, rente werd agressief verhoogd en een recessie leek onvermijdelijk.
Wat bijna niemand toen zag aankomen, was de doorbraak van generatieve kunstmatige intelligentie. Met de lancering van ChatGPT eind 2022 kantelde het sentiment. Bedrijven begonnen massaal te investeren in AI, productiviteit nam toe en winstverwachtingen werden opnieuw opgeschroefd. Aandelen als Nvidia en Amazon schoten sindsdien explosief omhoog.
Tegelijkertijd bleef de economie wel heel erg veerkrachtig. De inflatie daalde immers zonder dat er een diepe recessie volgde en inmiddels zijn de rentes ook weer voorzichtig aan het dalen. Die combinatie vormt een vruchtbare bodem voor aandelenkoersen in de toekomst.
Zitten we in een nieuwe bubbel?
Toch zijn de zorgen niet uit de lucht gegrepen. De markt is sterk geconcentreerd geraakt in een kleine groep grote technologiebedrijven. Een fors deel van de totale beurswaarde van de S&P 500 zit in enkele AI gedreven namen. Dat maakt de index kwetsbaar als het sentiment rond deze bedrijven draait.
Daarnaast is de Shiller ratio de afgelopen drie jaar met ongeveer 40 procent opgelopen. Een dergelijk niveau zagen we eerder alleen rond het jaar 2000. Ook toen was er sprake van baanbrekende technologie en hoge verwachtingen, gevolgd door meerdere jaren van tegenvallende rendementen.
Aan de andere kant is de situatie niet één op één vergelijkbaar. De huidige AI leiders zijn winstgevend, beschikken over enorme kasposities en genereren echte cashflows. Dat maakt het verhaal minder speculatief dan tijdens de dotcomperiode.

Wat zegt de lange beursgeschiedenis
Kijkt men verder terug, dan blijkt dat de markt sinds 1930 vijf keer een periode van minstens vier opeenvolgende positieve jaren heeft gekend. Dat is zeldzaam, maar het laat zien dat sterke reeksen langer kunnen duren dan veel beleggers verwachten.
Daar staat tegenover dat na extreem sterke periodes de rendementen vaak lager worden of zelfs tijdelijk negatief. De markt beweegt in cycli en waardering speelt daarbij een belangrijke rol. Hoe hoger de startwaardering, hoe lager doorgaans het toekomstige rendement.
De kernvraag is niet of er een crash komt, maar hoe je als belegger omgaat met onzekerheid. Niemand weet hoe 2026 precies zal verlopen. Het kan een voortzetting van de rally worden, maar een stevige correctie is net zo goed mogelijk.
Wat wel vaststaat, is dat spreiding belangrijker is dan ooit. De S&P 500 is sterk leunend op technologie en AI. Beleggers doen er goed aan om niet te afhankelijk te zijn van een handvol aandelen of één sector. Een bredere mix kan schokken beter opvangen.
Daarnaast kan gespreid instappen via vaste momenten helpen om emotionele beslissingen te vermijden. Door regelmatig te beleggen, verklein je de kans dat je precies op een piek instapt. Het aanhouden van een beperkte cashpositie kan bovendien kansen bieden als de markt onverwacht daalt.
De lange termijn blijft leidend
Hoewel 2026 spannend belooft te worden, leert de geschiedenis vooral één les. Op de lange termijn heeft de aandelenmarkt altijd waarde gecreëerd voor beleggers die geduld hadden. Crashes, correcties en moeilijke jaren horen daarbij, maar veranderen niets aan die onderliggende trend.
Wie zich niet laat leiden door korte termijn angst, maar blijft focussen op spreiding en discipline, vergroot de kans op succes aanzienlijk. Of de markt in 2026 stijgt of daalt, zal pas achteraf duidelijk zijn. Dat de markt op lange termijn blijft groeien, is historisch gezien een veel betrouwbaarder uitgangspunt.
Raisin RenteBoost is een tijdelijke actie waarbij je op een vrij opneembare spaarrekening de eerste 3 maanden lang een gegarandeerde rente van 2,85% p.j. krijgt. Je spaargeld blijft dagelijks opvraagbaar en je kunt vrij storten en opnemen. Na deze periode kun je via één Raisin-account verder sparen bij meer dan 50 Europese banken, met actuele variabele rentes tot 1,91% p.J. of kiezen voor spaardeposito's met looptijden van één maand tot tien jaar en rentes tot 3,15% p.j.







































































































































Opmerkingen