Chipaandelen dalen door TSMC-cijfers en koelere inflatie
- Arne Verheedt

- 1 dag geleden
- 4 minuten om te lezen
In het kort:
TSMC en inflatie zijn nu de kern: sterke winstcijfers zijn niet genoeg als verwachtingen extreem hoog liggen.
TSMC boekte 77% meer kwartaalwinst, maar Samsung, SK Hynix en de KOSPI gingen hard onderuit.
Koelere Amerikaanse inflatie gaf obligaties steun, terwijl olie door spanningen in het Midden-Oosten een risico blijft.
Aziatische beurzen kregen donderdag een duidelijke waarschuwing: zelfs uitstekende cijfers zijn niet altijd genoeg wanneer de markt al op perfectie rekent. TSMC, de belangrijkste chipproducent ter wereld en een cruciale leverancier voor AI-chips, rapporteerde een recordwinst die 77% hoger lag dan een jaar eerder. Toch zakten veel Aziatische chipaandelen hard weg. Tegelijkertijd vonden obligaties juist steun in opnieuw zachte Amerikaanse inflatiecijfers. Voor beleggers draait deze beursdag daarom niet om één slecht cijfer, maar om een verschuiving in verwachtingen: tech moet blijven verrassen, terwijl rentegevoelige beleggingen juist ademruimte krijgen.
Waarom chipaandelen TSMC inflatie nu zo belangrijk maken
De cijfers van TSMC waren op zichzelf sterk. Het bedrijf profiteert direct van de vraag naar geavanceerde AI-chips en liet zien dat de winstgevendheid nog altijd indrukwekkend is. Normaal gesproken zou zo'n rapport de sector steun moeten geven. Dat gebeurde nu nauwelijks. Het aandeel TSMC steeg voorafgaand aan de cijfers nog 1,2%, maar elders in Azië overheerste verkoopdruk.
De KOSPI in Zuid-Korea kelderde 6,2%, met forse verliezen voor Samsung en SK Hynix. Samsung verloor 6,6% en SK Hynix zelfs 9%. Ook de Nikkei in Japan zakte 3%. Dat zijn geen kleine rimpels, maar bewegingen die laten zien hoe kwetsbaar de chiphandel is geworden na een lange periode van hoge verwachtingen rond AI, geheugen en hardware.
KOSPI daalde gisteren met meer dan 6%:

De kern is dat de lat voor halfgeleiders extreem hoog ligt. Een analist van JPMorgan vatte het scherp samen: er was geen duidelijke negatieve kop die de verkoopgolf verklaarde, maar de markt eist inmiddels bijna foutloze vooruitzichten. Dat maakt chipaandelen gevoelig voor winstnemingen, zelfs wanneer de onderliggende cijfers sterk blijven.
ASML laat zien dat goede vooruitzichten niet genoeg zijn
Ook ASML paste in dat beeld. De Nederlandse chipmachinebouwer verhoogde zijn verkoopverwachting voor 2026 en sprak over extra capaciteit. Toch eindigde het aandeel in de Verenigde Staten licht lager. Voor beleggers is dat veelzeggend. De markt straft ASML niet omdat het bedrijf zwak presteert, maar omdat beleggers na de AI-rally al veel goed nieuws in de koers hebben verwerkt.
Daar ligt meteen het belangrijkste risico voor de sector. Als omzetgroei, orderboeken of marges ook maar iets minder hard verbeteren dan gehoopt, kan de waardering snel onder druk komen. Vooral aandelen die sterk zijn gestegen op AI-verwachtingen kunnen dan kwetsbaar worden. Dat betekent niet dat het AI-verhaal voorbij is. Het betekent wel dat selectiviteit belangrijker wordt.
ASML steeg eerst maar leverde nadien alles opnieuw in:

Obligaties krijgen steun van koelere inflatie
Naast de verkoopgolf in chips was er een tweede marktbeweging die beleggers niet moeten negeren. Amerikaanse producentenprijzen over juni vielen zachter uit dan verwacht, nadat een dag eerder ook de consumenteninflatie meeviel. Daardoor prijsden markten het risico op een snelle renteverhoging door de Federal Reserve duidelijk lager in. De kans op een renteverhoging deze maand zakte volgens de markt van 43% eerder in juli naar ongeveer 10%.
Dat verklaart waarom obligaties opluchting lieten zien. De tweejaarsrente stond rond 4,15% en de tienjaarsrente rond 4,56%, na dalingen in de voorgaande dagen. Voor aandelen is dit dubbel. Lagere rentevrees helpt groeiaandelen in theorie, maar de chipsector liet zien dat waardering en verwachtingen nu zwaarder kunnen wegen dan alleen de rentebeweging.
De dollar verloor terrein na de inflatiecijfers, behalve tegenover de zwakke yen. Goud zakte juist 0,8% naar 4.027 dollar per ounce. Dat onderstreept dat de markt niet simpelweg in paniek schoot, maar vooral posities herschikte.
Olie blijft het tegengewicht voor het optimisme
Het positieve inflatiesignaal heeft wel een duidelijke tegenkracht: olie. Brent stond rond 84,50 dollar per vat en was deze week al 11% gestegen door oplopende spanningen in het Midden-Oosten. Als hogere energieprijzen langer aanhouden, kan dat de daling van inflatie tijdelijk maken. Dat is precies het signaal waarop obligatiebeleggers de komende weken moeten letten.
Olie stijgt door oplopende spanningen in het Midden-Oosten:

Voor aandelenbeleggers is de conclusie genuanceerd. De brede AI-cyclus is niet gebroken door één verkoopdag, maar de markt laat wel zien dat sterke cijfers niet meer automatisch genoeg zijn. Wie naar chips kijkt, moet vooral letten op de volgende outlooks, orderontwikkelingen en marges. Voor mij zit de kern in de verwachtingslat: hoe hoger die ligt, hoe harder zelfs kleine teleurstellingen kunnen aankomen.
Wil je slimmer beleggen en direct vooroplopen? Als lid van De Belegger krijg je toegang tot deepdives, aandelentips, trainingen, premium content en live portfolio-inzicht, samen met een actieve community van beleggers. Pak je kans! klik op de button, start direct en pak tijdelijk 50% korting met de code WINST.
Wat beleggers moeten weten:
Waarom daalden chipaandelen ondanks sterke TSMC-cijfers?
Omdat de markt al rekende op zeer sterke AI-groei. Bij zulke hoge verwachtingen kan zelfs goed nieuws leiden tot winstnemingen.
Waarom reageerden obligaties positief?
Zachtere Amerikaanse inflatie verkleinde de kans op een snelle renteverhoging, waardoor obligaties aantrekkelijker werden.
Wat is nu het belangrijkste risico?
Een nieuwe stijging van olieprijzen kan inflatie opnieuw aanwakkeren en zo de rente-opluchting ondermijnen.







































































































































