top of page

Chip-ETF van VanEck klinkt breed maar leunt op tien aandelen

1 uur geleden
4 minuten om te lezen

In het kort

De VanEck Semiconductor UCITS ETF met ISIN IE00BMC38736 volgt 25 grote en liquide halfgeleideraandelen. Hier gaat het om de eurogenoteerde lijn SMH op Euronext Paris. Het fonds is accumulerend, heeft de Amerikaanse dollar als basisvaluta en rekent 0,35% lopende kosten. De slotkoers voor deze lijn was €89,94 op 16 oktober. VanEck rapporteerde die dag een intrinsieke waarde van $99,25 en een fondsvermogen van $8,4 miljard.


De ETF klinkt breed omdat hij chipontwerpers, producenten en leveranciers van machines bevat. De feitelijke gewichten vertellen een minder comfortabel verhaal. Volgens het officiële factsheet van 30 september vormden de tien grootste posities 82,57% van het fonds. AMD woog 10,99%, TSMC 9,98%, Micron 9,88%, NVIDIA 9,73% en Broadcom 9,18%. De grens rond 10% voorkomt dus niet dat een klein aantal bedrijven bijna de volledige uitkomst bepaalt.


Dat is niet automatisch slecht. Juist de grootste ondernemingen kunnen beschikken over schaal, technologie en klantrelaties die kleinere concurrenten missen. De belegger moet alleen weten welk risico hij koopt. SMH biedt spreiding over namen en delen van de chipketen, maar veel minder spreiding over de economische cyclus dan het aantal posities suggereert.



De limiet werkt op een meetmoment

Een weeglimiet is geen permanente muur. De index wordt halfjaarlijks opnieuw samengesteld en gewogen. Op dat moment worden te grote posities teruggebracht. Daarna bewegen de gewichten mee met de koersen. Stijgt AMD sterker dan de rest, dan kan het gewicht voor de volgende herweging opnieuw boven de startgrens uitkomen.


Dat verklaart waarom AMD eind september op 10,99% stond. Het betekent niet dat de indexmethode de eigen regels heeft genegeerd. Het betekent dat een herweging een foto is en geen dagelijkse rem. Dagelijks verkopen zou de concentratie beter begrenzen, maar ook meer transactiekosten, belastingfrictie en mogelijke verkoop van winnaars veroorzaken.



De grootste tien bestaan bovendien niet uit tien identieke bedrijven. TSMC produceert chips voor anderen. ASML verkoopt cruciale lithografiemachines. NVIDIA en AMD ontwerpen rekencapaciteit. Micron en SK Hynix verdienen veel aan geheugen. Die verschillen helpen. Toch raken rente, investeringsbudgetten voor datacenters, voorraden en exportbeperkingen meerdere onderdelen tegelijk.


In onze eerdere analyse stond waarom de ETF spreidt over makers, maar niet volledig over verdienmodellen. Een apart stuk legde uit dat een eurokoers de dollarblootstelling niet uit SMH haalt. De concentratie aan de top komt daar nu bij. Een belegger kan dus tegelijk namenrisico, cyclisch risico en valutarisico dragen.


De top tien bepaalt de winstgroei

Stel als rekenvoorbeeld dat de grootste tien hun winst met 18% verhogen en de overige vijftien met 10%. Bij een gewicht van 82,57% komt de gewogen winstgroei uit rond 16,6%. Als de top tien in plaats daarvan 10% winst verliest, kan sterke groei bij de rest die daling nauwelijks compenseren.



Die gevoeligheid werkt ook positief. Wanneer de grote AI-winnaars hun prijzen en marges vasthouden, profiteert het fonds sterker dan een gelijkgewogen mandje. TSMC kan meer geavanceerde chips produceren, ASML kan profiteren van extra fabrieksinvesteringen en geheugenproducenten kunnen hogere prijzen ontvangen. Het gunstige scenario is geloofwaardig omdat rekenkracht voor AI nog steeds schaars kan zijn.


De tegenwerping verdient echter hetzelfde gewicht. Capaciteit reageert met vertraging. Hoge prijzen lokken investeringen uit, waarna aanbod later tegelijk op de markt komt. Vooral geheugen laat zien hoe snel schaarste kan omslaan in overaanbod. Voorraadcorrecties bij klanten raken eerst bestellingen en daarna fabrieksbezetting en marge. Een fonds met veel verschillende tickers ontsnapt niet aan die gemeenschappelijke cyclus.


De officiële portefeuillewaardering bedroeg eind september 30,62 keer winst en 12,14 keer boekwaarde. Dat zijn hoge getallen voor een sector met kapitaalintensieve fabrieken en cyclische winsten. Boekwaarde is bij ontwerpers minder informatief omdat hun belangrijkste activa uit kennis en software bestaan. De P/E is bruikbaarder, maar ook die kan misleiden wanneer de winst op een cyclische piek staat.


Wat moet €89,94 waarmaken?

De reverse valuation gebruikt de gerapporteerde P/E van 30,62 als startpunt. Bij 10% gewenst koersrendement, 0,35% kosten en een eindwaardering van 25 keer winst in 2029 is ongeveer 17,4% jaarlijkse winstgroei nodig. Dat is stevig, maar niet onmogelijk voor een sector waarin AI-investeringen hard groeien.



De uitkomst verandert snel met de eindmultiple. Blijft de waardering op 30 keer winst, dan hoeft de winst minder hard te groeien. Daalt zij naar 20 keer, dan moet operationele groei een veel groter deel van het rendement leveren. Dit is de centrale afweging bij SMH: een kwalitatief sterke portefeuille kan alsnog een matig aandeelhoudersrendement opleveren wanneer de betaalde waardering al veel succes bevat.


Het fonds is accumulerend. Ontvangen dividenden worden binnen de ETF herbelegd en verschijnen niet als losse uitkering op de rekening. Daardoor zijn de koersscenario's dichter bij het totaalrendement dan bij een uitkerende shareclass, al blijven bronbelasting, kosten en valuta hun invloed houden. De handelsvaluta euro verwijdert de dollar niet; veel onderliggende winsten en waarderingen worden in dollars gevormd.


Drie mogelijke koerspaden

Het bearscenario rekent met een omslag in geheugen, tragere datacenterinvesteringen en multiplekrimp. De mogelijke koersen zijn €72 in 2027, €64 in 2028 en €70 in 2029. Het herstel in het derde jaar veronderstelt dat de sector na een voorraaddaling weer groeit.


In het middenpad compenseert AI-vraag de normalisatie in andere chipmarkten. De winsten groeien, maar de P/E daalt geleidelijk. Dat leidt tot €100 in 2027, €112 in 2028 en €126 in 2029. Het gunstige scenario vraagt brede vraag naar versnellers, geheugen en productiemachines: €114, €142 en €178.



Deze paden maken ook zichtbaar waarom concentratie niet alleen een risico is. Een sterke uitkomst bij de grootste vijf kan het hele fonds optillen. De prijs daarvoor is dat een tegenvaller bij dezelfde namen nauwelijks door de overige twintig wordt opgevangen.


De conclusie is dat SMH een efficiënte manier blijft om een verzameling sterke halfgeleiderbedrijven te bezitten. Het is alleen geen gelijkmatig gespreide sectorportefeuille. De top tien van 82,57% en een P/E boven 30 leggen de lat hoog. Het bewijs dat een hogere koers rechtvaardigt, is brede winstgroei bij zowel ontwerpers, producenten als machinebouwers. Wanneer alleen enkele koplopers groeien en de rest van de cyclus verzwakt, zal de halfjaarlijkse 10%-rem dat economische risico niet oplossen.


De actuele fondsgegevens staan op de officiële VanEck-pagina. De gewichten, waardering, beurslijnen en accumulerende shareclass komen uit het factsheet van 30 september 2026.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

bottom of page