top of page

S&P 500 op weg naar slechtste maand sinds 2022: wat beleggers nu moeten weten

In het kort:

  • De markt daalt door een combinatie van hoge olieprijzen, oplopende inflatie en onzekerheid over rente.

  • De daling is breed: veel aandelen verliezen tegelijk, niet alleen tech.

  • Beleggers verschuiven richting bedrijven met stabiele kasstromen zoals energie en industrie.


De Amerikaanse aandelenmarkt lijkt het eerste kwartaal van 2026 af te sluiten met een duidelijke verschuiving in toon. De S&P 500 noteert eind maart ongeveer 7,7% lager op maandbasis en staat daarmee op het laagste niveau in meer dan zeven maanden. Daarmee beweegt de index richting de zwakste maandprestatie sinds september 2022, een periode die destijds werd gekenmerkt door agressieve renteverhogingen en geopolitieke onzekerheid.


Koers S&P 500

Bron: Google Finance
Bron: Google Finance

Wat deze terugval onderscheidt, is de combinatie van factoren die tegelijk spelen. Energieprijzen stijgen snel, inflatieverwachtingen lopen op en geopolitieke spanningen blijven aanwezig. Mohamed El-Erian omschreef de situatie als een verschuiving “van een prijsschok naar een combinatie van prijs- en vraagschok”, waarbij hogere kosten direct doorwerken in consumptie en bedrijfsactiviteiten. Dat geeft de recente daling een macro-economische context die verder gaat dan een gebruikelijke correctie.


Rendement dit jaar voor de S&P 500

  • >0%

  • <0%


De breedte van de daling onderstreept dat beeld. Bijna 300 bedrijven binnen de S&P 500 staan in 2026 lager, terwijl meerdere groeiaandelen forse verliezen laten zien. Namen als AppLovin, Robinhood en The Trade Desk zijn dit jaar meer dan 40% gedaald. Ook bedrijven die lange tijd als structurele winnaars werden gezien, zoals Intuit en Workday, zijn stevig teruggevallen. Dit wijst op een bredere herwaardering van risico en waardering binnen de markt, in plaats van een geïsoleerde sectorrotatie.


Bron: Google Finance
Bron: Google Finance

Tegelijkertijd speelt energie een centrale rol in het huidige marktbeeld. De oorlog in Iran heeft geleid tot verstoringen in de mondiale olievoorziening, met prijzen boven de 100 dollar per vat en fysieke markten in sommige regio’s zelfs richting 140 tot 150 dollar. De sluiting van de Straat van Hormuz, waar een aanzienlijk deel van de wereldwijde olie- en gasstromen doorheen gaat, heeft deze druk versterkt.


Olieprijs per vat

Bron: Google Finance
Bron: Google Finance

Het IMF spreekt van een “globale, maar asymmetrische schok” die verschillende economieën op uiteenlopende manieren raakt.


Deze stijgende energieprijzen werken door in inflatieverwachtingen. De Amerikaanse benzineprijs is recent boven de 4 dollar per gallon gestegen, een niveau dat voor het laatst werd gezien in 2022. Hogere energieprijzen beïnvloeden transport, productie en uiteindelijk consumentenprijzen. Daardoor verschuiven verwachtingen rondom monetair beleid. Waar eerder werd gerekend op verdere renteverlagingen, ontstaat nu een complexer beeld waarin centrale banken minder ruimte hebben om te stimuleren.


Dat heeft directe implicaties voor waarderingen. De afgelopen jaren werd de S&P 500 sterk gedragen door multiple-expansie, vooral in technologie. In een omgeving waarin inflatie hoger blijft en kapitaal duurder wordt, verschuift de focus naar kasstromen en winstkwaliteit.


De huidige marktdynamiek laat ook zien hoe geconcentreerd de index is geworden. Een groot deel van het rendement van de afgelopen jaren kwam van een relatief kleine groep grote technologiebedrijven. Die concentratie verhoogt de gevoeligheid voor veranderingen in sentiment rond die specifieke namen. Wanneer beleggers hun verwachtingen bijstellen, werkt dat direct door op indexniveau.


Tegelijkertijd ontstaat er onder de oppervlakte een ander beeld. In eerdere periodes van verhoogde inflatie en geopolitieke onzekerheid verschoven kapitaalstromen richting sectoren met tastbare activa en stabiele kasstromen. Industrie, energie en grondstoffenbedrijven profiteren vaak van hogere nominale groei en prijszettingskracht. Deze verschuiving lijkt zich opnieuw te ontwikkelen, mede gedreven door structurele factoren zoals deglobalisatie en investeringen in infrastructuur en defensie.


De recente daling plaatst ook de langetermijncontext in perspectief. De S&P 500 heeft sinds 2009 een uitzonderlijk sterke periode doorgemaakt, met slechts korte onderbrekingen in 2020 en 2022. Historisch gezien worden zulke periodes soms gevolgd door langere fases waarin reële rendementen gematigder zijn. Tussen de jaren zestig en negentig, en opnieuw in de periode 2000 tot 2014, kende de markt langdurige fases waarin inflatie een groot deel van de nominale groei absorbeerde.



Advertorial

In een omgeving waarin waarderingen onder druk staan en kasstromen opnieuw centraal komen te staan, zoeken beleggers vaker naar activa met voorspelbare inkomsten. Vastgoed met stabiele huurders en lange contracten kan daarbij fungeren als een rationele aanvulling binnen een gespreide portefeuille.


Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed zoals supermarkten en zorgcentra, met brede spreiding en een gemiddeld rendement van 8,2% per jaar, waarvan 6,3% maandelijks wordt uitgekeerd. Bij instap in maart met een minimale deelname van € 10.000 ontvangen beleggers één maand extra uitkering bovenop het reguliere rendement.

Vraag vrijblijvend de gratis brochure aan voor meer informatie over het fonds en de beleggingsstrategie.



 
 

Net binnen..

Meld je aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief!

Bedankt voor het abonneren!

Copyright © 2026 •

Alle rechten voorbehouden - Amsterdam - 0619930051

Disclaimer
Let op: Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kan (een deel van) je inleg verliezen. Niets hier mag worden beschouwd als financieel advies.. Voor advies over je persoonlijke situatie kun je het beste een adviseur inschakelen.

  • Instagram
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
bottom of page