Grote zorgen rond ASML na nieuwe Amerikaanse wet
- Michiel V

- 3 uur geleden
- 4 minuten om te lezen
In het kort:
Het kabinet heeft officieel bezwaar gemaakt tegen de Amerikaanse MATCH Act, die ASML mogelijk kan verbieden om machines in China nog te onderhouden.
Volgens Den Haag tast de wet niet alleen de omzet van ASML aan, maar ook de Nederlandse controle over het eigen exportbeleid.
De discussie draait vooral om de groeiende geopolitieke strijd tussen de VS en China rondom chips, AI en technologische macht.
Het Nederlandse kabinet heeft formeel bezwaar aangetekend tegen een Amerikaans wetsvoorstel dat chipmachinefabrikant ASML kan dwingen te stoppen met het onderhouden van zijn machines in China. Minister Sjoerd Sjoerdsma van Buitenlandse Handel bevestigde dat deze week in een brief aan de Tweede Kamer.
De inzet is hoog. Het gaat om een van de meest waardevolle bedrijven van Nederland, en om de vraag of Amerika het exportbeleid van een bevriend land mag dicteren.
Het voorstel heet de MATCH Act, en het heeft steun van zowel Democraten als Republikeinen in het Amerikaanse Congres. Het doel is China's opmars in de chipindustrie en kunstmatige intelligentie een halt toe te roepen. Maar de manier waarop dat moet gebeuren, stuit in Den Haag op forse weerstand.
Wat de MATCH Act precies betekent voor ASML
ASML is de onbetwiste wereldmarktleider in lithografiemachines, de apparaten waarmee chips worden gemaakt. Zonder ASML geen moderne chips, en zonder moderne chips geen smartphones, datacenters of AI. Dat maakt het bedrijf uit Veldhoven strategisch van onschatbare waarde, en tegelijk een speelbal in de geopolitieke strijd tussen de VS en China.
De MATCH Act zou ASML verbieden om machines die al eerder aan Chinese klanten zijn verkocht, nog langer te onderhouden. Dat klinkt als een technische maatregel, maar de financiële gevolgen zijn substantieel. Onderhoud is voor fabrikanten van complexe industriële apparatuur een grote en structurele inkomstenbron.
Sjoerdsma schrijft in zijn brief over een "potentieel significante invloed op de omzet" voor de Nederlandse chipsector. Een voorzichtige formulering voor wat in de praktijk een miljardenstrop kan zijn.

Het diepere conflict: wie bepaalt het Nederlandse exportbeleid?
Wat het kabinet minstens zo dwars zit als de economische schade, is de principiële kant van de zaak. De MATCH Act bevat een bepaling die bekendstaat als de foreign direct product rule. Die regel geeft de Verenigde Staten het recht om te beslissen wat er met een product mag gebeuren, zodra dat product ook maar een fractie Amerikaanse technologie bevat.
Omdat moderne technologie bijna altijd zulke elementen bevat, is de reikwijdte van deze regel enorm. Denk aan een chip, een stukje software of een component ergens in de productieketen.
"Het kabinet is tegen de extraterritoriale werking die uitgaat van het Amerikaanse voorstel", schrijft Sjoerdsma. "Elk land is verantwoordelijk voor zijn eigen exportcontrolewetgeving." Nederland wil elk exportgeval afzonderlijk beoordelen op basis van nationale veiligheidszorgen. De MATCH Act eist het tegenovergestelde: aanvragen worden in principe geweigerd, tenzij er sterke redenen zijn om toch toestemming te geven.
Koningspaar en premier naar Washington
De ernst waarmee Den Haag de situatie opvat, bleek vorige maand tijdens het staatsbezoek van koning Willem-Alexander en koningin Máxima aan het Witte Huis. Premier Jetten en minister Sjoerdsma reisden mee naar Washington en brachten de kwestie expliciet ter sprake bij president Trump.
Het is uitzonderlijk dat een handelsconflict over één bedrijf op dit niveau op de agenda staat. Maar ASML is dan ook geen gewoon bedrijf. Sjoerdsma schrijft dat het kabinet zijn bezwaren "op alle niveaus" blijft aankaarten, ook bij individuele leden van het Congres die momenteel over de wet debatteren.
Trump vaart zijn eigen koers
De situatie is extra complex omdat president Trump zelf een wisselende koers vaart tegenover China. Terwijl een deel van het Congres de exportregels wil aanscherpen, besloot Trump na zijn bezoek aan China juist om de export van geavanceerde AI-chips van Nvidia en AMD weer toe te staan aan tien grote Chinese techbedrijven, waaronder Alibaba, Tencent en ByteDance.
Die tegenstrijdigheid frustreert de zogenoemde China-haviken in Washington, die vinden dat Trump de gaten in het exportbeleid laat bestaan. Met de MATCH Act willen zij die gaten zelf dichten, buiten de president om als het moet.
Wie er achter de wet zit
Achter de MATCH Act staan niet alleen politici. Invloedrijke Amerikaanse techbedrijven lobbyen actief voor het voorstel, omdat zij er commercieel belang bij hebben dat Chinese concurrenten worden afgeremd. Micron, de grote Amerikaanse geheugenchipfabrikant, wil via de wet Chinese chipproducenten de pas afsnijden. AI-bedrijf Anthropic schaart zich eveneens achter strengere exportbeperkingen.
Die lobby is meetbaar. Volgens onderzoeksgroep OpenSecrets gaf Micron vorig jaar vier miljoen dollar uit aan lobbyen in Washington. Anthropic spendeerde ruim drie miljoen, Nvidia en AMD elk bijna vijf miljoen. ASML gaf anderhalf miljoen dollar uit aan lobbyactiviteiten in de VS. Dat verschil in lobbybudget weerspiegelt een ongelijke strijd.

Wat er nu op het spel staat
Het is nog onduidelijk of en wanneer de MATCH Act in stemming wordt gebracht. Zolang dat niet gebeurt, heeft Nederland de tijd om te blijven onderhandelen. Maar de druk vanuit Washington neemt toe.
ASML is niet alleen goed voor tienduizenden banen in Nederland. Het bedrijf is ook een van de weinige Europese spelers die echt meetelt op het wereldtoneel van de technologie. Als de wet er in de huidige vorm doorkomt, staat Nederland voor een ongemakkelijke keuze: meegaan met Washington en economische schade accepteren, of vasthouden aan de eigen exportsystematiek en het risico lopen dat Amerikaanse technologieregels alsnog worden opgelegd.
Het kabinet trekt voorlopig een duidelijke lijn. Hoe lang die lijn houdbaar is, hangt af van wat er de komende maanden in het Congres gebeurt.
Voor beleggers laat de discussie rond ASML opnieuw zien hoe gevoelig technologieaandelen zijn geworden voor geopolitieke spanningen en overheidsbeleid. Juist daarom zoeken veel beleggers naast groeiaandelen ook naar beleggingen met stabielere inkomstenstromen en minder afhankelijkheid van internationale handelsconflicten.
Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed, met een sterke focus op supermarkten en zorgcentra, segmenten die ook in economisch wisselvallige tijden veerkrachtig blijven. Het fonds realiseerde de afgelopen jaren een gemiddeld rendement van 8,6% per jaar, waarvan 6% maandelijks wordt uitgekeerd.
Vraag nu de gratis brochure aan en ontdek vrijblijvend of dit vastgoedfonds past bij jouw beleggingsdoelen.






































































































































