top of page

Marvell wil AI goedkoper maken met ongebruikt geheugen

1 uur geleden
6 minuten om te lezen

In het kort

Marvell presenteerde op 12 oktober nieuwe Structera X-chips die extra geheugen bereikbaar moeten maken voor AI-systemen. De kans zit in een lager bedrag per bruikbare eenheid rekenwerk, niet alleen in meer chips verkopen. Proefleveringen van de nieuwe generatie zijn pas voor het eerste kwartaal van 2027 voorzien; concrete omzet en marges zijn nog niet bekendgemaakt. Bij een Nasdaq-slotkoers van $265,86 moet het totale bedrijf aanzienlijk doorgroeien om de waardering te dragen.


Een dure AI-processor die op data moet wachten, levert minder op dan zijn eigenaar had gehoopt. Meer rekenkracht kopen is dan niet altijd de beste oplossing. Soms zit het probleem bij het geheugen: er is onvoldoende bruikbare capaciteit op de juiste plek, of beschikbare capaciteit kan niet efficiënt tussen systemen worden verdeeld.


Marvell richt zich met de nieuwe generatie Structera X op dat soort knelpunten. Dat is een andere invalshoek dan de verkoop van de krachtigste accelerator. Het bedrijf wil ervoor zorgen dat bestaande infrastructuur beter wordt benut. Voor beleggers is dat aantrekkelijk als het probleem groot genoeg is én Marvell een betekenisvol deel van de besparing naar zich toe kan trekken.



De introductie gaat over geheugentoegang en nog niet over massaproductie

In de aankondiging van 12 oktober 2026 presenteerde Marvell de Structera X 3406 en 3506. De zeskanalige chips ondersteunen CXL 3.2 en PCIe 6.0. De genoemde configuraties gaan tot 9 terabyte DDR4 of 6 terabyte DDR5, met ondersteuning voor maximaal vier hosts. Proefleveringen zijn gepland voor het eerste kwartaal van 2027.


CXL is een verbindingstechnologie waarmee onder meer extra geheugen door processors kan worden aangesproken. Een host is in deze context het systeem dat dat geheugen gebruikt. Het doel is meer capaciteit beschikbaar maken zonder dat iedere server alle benodigde geheugencapaciteit uitsluitend rechtstreeks naast zijn eigen processor hoeft te hebben.


Marvell noemt een effectieve capaciteitsvergroting van twee tot drie keer door compressie en een kortere wachttijd tot het eerste antwoord van een AI-model. Dat zijn bedrijfsclaims voor bepaalde werkbelastingen, geen universele prestatiewinst. Compressie werkt niet op elk soort data even goed. En meer beschikbaar geheugen betekent niet dat elke toepassing evenredig sneller wordt.



De economische logica is wel begrijpelijk. Als een klant met dezelfde fysieke capaciteit meer werk kan uitvoeren, daalt de benodigde investering per bruikbare taak. Dat kan aantrekkelijker zijn dan het kopen van extra complete servers. Maar de besparing moet groot genoeg zijn om de kosten van de nieuwe chips, integratie en eventuele extra vertraging te compenseren.


De klant koopt een lagere rekening per taak

Bij AI wordt vaak gesproken over trainen en inferentie. Inferentie is het gebruiken van een getraind model om bijvoorbeeld een antwoord of voorspelling te produceren. Die dagelijkse toepassing kan andere knelpunten hebben dan de oorspronkelijke training. De hoeveelheid gegevens die beschikbaar moet blijven, de snelheid waarmee ze worden opgehaald en het aantal gelijktijdige gebruikers spelen allemaal mee.


Een geheugentoepassing kan daarom economisch nuttig zijn zonder de rekensnelheid van de processor zelf te verhogen. Vergelijk het met een keuken waar de koks snel genoeg werken, maar ingrediënten telkens uit een ver magazijn moeten worden gehaald. Een betere voorraadindeling kan helpen. De vergelijking houdt op waar toegangstijd en technische compatibiliteit de theoretische besparing beperken.


Voor Marvell ontstaat pas een sterk verdienmodel als klanten de oplossing herhaaldelijk inbouwen. Een eenmalige demonstratie kan belangstelling wekken; een goedgekeurd ontwerp dat in veel systemen terugkomt kan jaren verkopen opleveren. Tussen die twee liggen tests, kwalificaties, ontwerpkeuzes en de productieplanning van de klant.


De betrokkenheid of een positieve uitspraak van een grote technologieonderneming mag niet automatisch als afnamecontract worden gelezen. In een technische introductie kunnen partners hun belangstelling voor de technologie uitspreken zonder aantallen of minimale bestedingen vast te leggen. Juist bij een nieuwe productcategorie maakt dat onderscheid veel uit voor een omzetraming.


Rabi’s NVIDIA-analyse van september laat zien waarom de prestaties van het hele systeem belangrijk worden. Voor Marvell betekent dit dat een verbinding of geheugencontroller waarde kan toevoegen rond een accelerator van een andere leverancier. Het bedrijf hoeft de grootste chip niet zelf te verkopen om een rol in de infrastructuur te hebben.


Een goed product kan voorlopig klein blijven voor de onderneming

Marvell heeft voor deze introductie geen productprijs, verkoopvolume of afzonderlijke winstverwachting gegeven. Een rekenvoorbeeld helpt om de orde van grootte niet uit het oog te verliezen. Bij honderdduizend systemen en vijfhonderd dollar chipomzet per systeem ontstaat vijftig miljoen dollar omzet. Dat kan een zinvol nieuw product zijn, maar verandert niet meteen de waardering van een onderneming met miljarden kwartaalomzet.



Het voorbeeld maakt de beleggingsvraag scherper. Hoeveel systemen kunnen de technologie gebruiken? Hoeveel omzet krijgt Marvell per systeem? En groeit dat bedrag mee als de klant meer geheugen toevoegt, of blijft het grotendeels een vaste controllerprijs? Zonder antwoorden daarop is een groot bedrag aan klantbesparing nog geen even groot verdienpotentieel voor Marvell.


De sterkste positieve tegenwerping is dat een controller die eenmaal is ingebouwd een langdurige positie kan krijgen. De klant vervangt zo’n onderdeel niet bij elke bestelling, zeker niet als de integratie complex is. Nieuwe generaties kunnen vervolgens voortbouwen op bestaande relaties. Het risico is dat standaardisering ook alternatieve aanbieders gemakkelijker toegang geeft en de prijs onder druk zet.


Daarnaast kan de klant een andere oplossing kiezen. Meer rechtstreeks aangesloten geheugen, aangepaste software, een ander model of een andere serverarchitectuur kan hetzelfde economische probleem deels oplossen. De relevante concurrentie is dus breder dan een andere chip met dezelfde productnaam.


De bestaande datacenteractiviteiten dragen voorlopig het resultaat

De Q2-cijfers van 27 augustus over boekjaar 2027, geëindigd op 1 augustus, lieten $2,7393 miljard omzet zien. Datacenteractiviteiten leverden $2,1715 miljard, ongeveer 79% van het totaal. De GAAP-operationele winst bedroeg $459,7 miljoen en de nettowinst $308 miljoen. De verwaterde winst per aandeel was $0,33.


Die cijfers geven een veel concretere basis voor de huidige winstkracht dan een nieuwe productpresentatie. Het verwaterde gemiddelde aantal aandelen bedroeg 921,2 miljoen. Bij Marvell verdient die basis aandacht omdat de berekening ook de voorwaarden rond converteerbare aanspraken en de toegepaste winstverdeling weerspiegelt. Een eenvoudig aantal gewone aandelen uit een koersapp hoeft daarom niet dezelfde noemer te zijn als de gerapporteerde winst per aandeel.


Nettomarge is de nettowinst gedeeld door de omzet. Zij omvat meer kosten dan de brutomarge, waaronder ontwikkeling, financiering en belasting. Voor de toekomstige waardering is dus niet genoeg dat datacenteromzet hard groeit. Er moet ook voldoende van die omzet bij de aandeelhouder terechtkomen nadat de kosten van uitbreiding en financiering zijn verwerkt.



De overeenkomst met andere delen van de chipketen is de tijd tussen technische belofte en financiële uitkomst. Ontwerpkeuzes kunnen vroeg zichtbaar worden, terwijl omzet en winst pas later volgen. Wie die tijd overslaat, kan een terecht positief technologieoordeel verbinden aan een te snelle winstverwachting.


De koers vraagt dat de hele onderneming veel groter wordt

Het gewone Marvell-aandeel noteert op Nasdaq in dollars. De slotkoers van 12 oktober, bij de reguliere sluiting om 16.00 uur New York, was $265,86. Voor 10% jaarlijks koersrendement is over drie jaar circa $353,86 nodig. Bij dertigmaal de winst komt dat neer op ongeveer $11,80 winst per aandeel.


Met 1,04 miljard verwaterde aandelen en een nettomarge van 28% vraagt die uitkomst ongeveer $43,8 miljard jaaromzet. Beide inputs zijn eigen scenario-aannames. Viermaal de recente kwartaalomzet is $10,9572 miljard en dient alleen als schaalvergelijking, niet als jaarverwachting. De afstand tussen die twee bedragen laat zien dat één nieuwe geheugencontroller niet het hele waarderingsverhaal kan dragen.



De koersscenario’s voor oktober 2027, 2028 en 2029 gebruiken de winst over de boekjaren die ongeveer drie maanden daarna eindigen: boekjaar 2028, 2029 en 2030. Die keuze voorkomt verwarring tussen kalenderjaar en Marvells gebroken boekjaar. Het middenscenario veronderstelt omzet van $20 miljard, $30 miljard en $40 miljard, met nettomarges van 20%, 25% en 28%.


Daarbij horen mogelijke koersen van circa $163,27, $259,90 en $323,08. Het bear-scenario combineert minder omzet met lagere marges en multiples. Het gunstige scenario vraagt in het derde jaar $55 miljard omzet en 35% nettomarge. De module toont elk jaar afzonderlijk en vermeldt de aandelenbasis. Er wordt geen aparte waarde voor Structera bovenop deze groepswaardering gezet.



Structera X pakt een concreet probleem aan: dure infrastructuur kan te weinig opleveren als geheugencapaciteit verkeerd wordt benut. Dat geeft Marvell een geloofwaardige commerciële kans. De belegger moet die kans voorlopig wel onderscheiden van gerealiseerde omzet. De interessantste volgende stap is niet nog een technische belofte, maar bewijs dat klanten de oplossing in productie nemen en dat Marvell daar op schaal aan verdient.


Even tussendoor: als je dit interessant vindt, dit is precies wat we dagelijks doen om jou en andere beleggers te helpen. Word nu lid en krijg 50 procent korting met de code GRAAG.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

bottom of page