53% korting bij Europese defensie-aandelen: welke zijn nu nog ondergewaardeerd?
- Arne Verheedt

- 2 uur geleden
- 4 minuten om te lezen
In het kort:
Europese defensie-aandelen zijn na de extreme koerssprong van 2025 gevoeliger geworden voor teleurstelling, maar de structurele vraag blijft sterk.
Beleggers kijken nu minder naar politieke beloftes en vooral naar orders, productie, omzet en kasstroom.
Verschillende Europese defensie-aandelen zijn nog ondergewaardeerd, met de grootste korting bij de zwaarste industriele spelers.
De Europese defensierally is niet zomaar verdwenen. Wel is de markt een nieuwe fase ingegaan. Vorig jaar was bijna elke nieuwe toezegging over hogere militaire uitgaven genoeg om koersen hoger te zetten. Nu willen beleggers bewijs zien dat die miljarden ook echt landen in fabrieken, orderboeken en winstmarges.
Dat maakt de sector meteen interessanter en lastiger. Interessanter, omdat waarderingen na de eerste euforie weer scherper worden bekeken. Lastiger, omdat een volle orderportefeuille op zichzelf niet meer genoeg is. Het draait nu om de vraag welke bedrijven hun kans echt kunnen verzilveren.
De ontwikkeling van Europese defensieaandelen in 2025:

Enorme defensie-uitgaven zijn al deels ingeprijsd
De markt heeft de grote geopolitieke draai van de afgelopen jaren al stevig verwerkt. Sinds 2022 zijn veel Europese defensie-aandelen meerdere keren over de kop gegaan. Daar kwam nog bij dat NAVO-landen afgelopen zomer afspraken maakten om de defensie-uitgaven richting 2035 op te voeren tot 5% van het bbp, waarvan 3,5% voor kernuitgaven. Duitsland wil dat niveau al uiterlijk in 2029 halen.
Juist daardoor ligt de lat nu hoger. Wie vandaag in deze sector belegt, koopt niet meer alleen een geopolitiek thema, maar vooral een uitvoeringsthema. Dat zie je terug in de koersreacties op kwartaalcijfers: degelijk is niet meer genoeg. De markt wil versnelling zien.
Dat verklaart ook waarom de sector sinds de escalatie rond Iran op 27 februari 2026 zwakker presteerde dan de brede Europese markt. De waarderingen zijn wel teruggelopen, maar blijven historisch hoog. Beleggers wegen daarom scherper af welke bedrijven echt kunnen leveren en welke vooral meedrijven op verwachtingen.
Performance Europese defensie aandelen sinds de start van 2026:

Waarom Europese defensie-aandelen nog ondergewaardeerd kunnen zijn
Toch is het te vroeg om te concluderen dat de rek eruit is. Binnen de sector zijn nog altijd namen die onder hun geschatte reele waarde noteren. Vooral het verschil tussen bedrijven met sterke elektronica- en sensorsystemen en bedrijven uit de zware defensie-industrie valt op.
Bij de grote Europese namen springt Rheinmetall eruit. Het aandeel sloot maandag op 1.172 euro, terwijl de geschatte reele waarde rond 2.380 euro ligt. Dat impliceert een korting van ongeveer 53%. De markt straft hier vooral de twijfel af over de snelheid waarmee extra orders in omzet kunnen veranderen, niet zozeer het langetermijnverhaal.
Ook Hensoldt valt op met een waarderingskorting van ongeveer 29%. Dat bedrijf zit in segmenten zoals radar, sensoren en elektronische oorlogsvoering, juist de niches waar de vraag snel oploopt. Daarnaast blijven ook Thales, Renk en Saab interessant voor beleggers die zoeken naar defensie-aandelen met nog niet volledig ingeprijsd opwaarts potentieel.
BAE Systems staat iets minder scherp geprijsd, maar blijft relevant omdat bijna 45% van de omzet uit de Verenigde Staten komt. Als ook daar de defensie-uitgaven verder oplopen, heeft dat aandeel een extra motor naast de Europese vraag.
Europese defensieaandelen lijken over het algemeen ondergewaardeerd:

Waar beleggers nu vooral op moeten letten
Het belangrijkste signaal voor de rest van 2026 is niet hoeveel regeringen willen uitgeven, maar hoe snel bedrijven die vraag kunnen verwerken. De markt kijkt daarbij vooral naar drie zaken: productiecapaciteit, leveringsritme en vrije kasstroom.
Dat is logisch. Een orderboek kan indrukwekkend ogen, maar beleggers verdienen uiteindelijk aan winst en kasstroom, niet aan persberichten. Voor een naam als Rheinmetall is de kernvraag bijvoorbeeld of de verwachte omzetgroei van 15% tot 20% de komende periode zichtbaar wordt zonder dat de uitvoering vastloopt.
Tegelijk blijft het bredere plaatje gunstig. Europa wil defensie, technologie en industriele capaciteit veel minder afhankelijk maken van externe partijen. Zelfs als er tijdelijk ontspanning komt in Oekraine of het Midden-Oosten, verdwijnt die strategische agenda niet ineens. Sterker nog: juist een rustiger tussenfase kan regeringen gebruiken om voorraden en productiecapaciteit sneller op te bouwen.
Wie deze sector actief volgt, heeft daarom meer aan scherpe waarderingsanalyse dan aan alleen de grote krantenkoppen. Juist in een markt die kritischer wordt, ontstaan de beste kansen vaak onder de oppervlakte.
Voor beleggers die naast het nieuws ook diepgaande analyses, portefeuille updates, transacties, veel meer en een hechte community willen, ligt daar een logische volgende stap. Met kortingscode WINST krijg je bovendien 50% korting bij De Belegger.
Wat beleggers moeten weten:
Is de defensierally voorbij?
Nee. De sector beweegt nog altijd op stevige structurele vraag, maar de markt beloont niet langer elk defensienieuwtje automatisch. De volgende fase draait om uitvoering en winstgevendheid.
Welke bedrijven lijken het meest achter te lopen op hun waarde?
Bij de grote Europese spelers valt vooral Rheinmetall op door de forse kloof tussen koers en geschatte reele waarde. Ook Hensoldt, Thales, Renk en Saab blijven interessant voor beleggers die op relatieve onderwaardering letten.
Wat is nu het grootste risico voor beleggers?
Dat hogere defensiebudgetten minder snel in omzet en kasstroom zichtbaar worden dan gehoopt. De sector heeft veel optimisme ingeprijsd, waardoor tegenvallende uitvoering tijdelijk hard kan worden afgestraft.
Advertorial
Wie spreiding zoekt buiten de volatiliteit van beursgevoelige sectoren, kijkt steeds vaker naar vastgoed met stabiele huurinkomsten en voorspelbare kasstromen. Vooral vastgoed met langlopende huurcontracten en solide huurders kan binnen een portefeuille zorgen voor meer stabiliteit en maandelijkse inkomsten.
Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed met focus op supermarkten en zorgcentra, gespreid over sterke huurders. Het fonds realiseerde een gemiddeld rendement van 8,2% per jaar, waarvan 6,3% maandelijks wordt uitgekeerd. Bij instap in april met een minimale deelname van € 10.000 ontvangen beleggers bovendien één maand extra uitkering bovenop het reguliere rendement.
Vraag vrijblijvend de gratis brochure aan voor meer informatie over het fonds en de beleggingsstrategie.






































































































































