top of page

Deze chip-ETF is zó hard gestegen dat er geen enkele foutmarge meer over is

2 uur geleden
7 minuten om te lezen

In het kort

De VanEck Semiconductor UCITS ETF geeft Europese beleggers in één transactie toegang tot 25 chipbedrijven, maar de spreiding is veel kleiner dan het aantal posities doet vermoeden. De tien grootste belangen vormden op 31 augustus 2026 samen 83,27% van het fonds. Nvidia, Micron, AMD, TSMC, Broadcom en ASML waren ieder ongeveer 10% tot 11% zwaar. Bij een officiële intrinsieke waarde van $114,88 op 22 september en een portefeuillewaardering van 39,11 keer winst koopt de belegger dus geen goedkope doorsnede van de chipsector, maar een geconcentreerde claim op een lange AI-investeringscyclus.


De gekozen shareclass is de in Ierland gevestigde VanEck Semiconductor UCITS ETF met ISIN IE00BMC38736. Het fonds is fysiek volledig replicerend, herbelegt ontvangen dividenden en rekent 0,35% per jaar. De handelslijn in dit artikel is SMH op Euronext Paris in euro. Hetzelfde fonds noteert onder VVSM op Xetra, SMH in dollars in Londen en SMGB in ponden in Londen. Dit is nadrukkelijk niet de veel grotere Amerikaanse VanEck Semiconductor ETF met eveneens ticker SMH. De officiële NAV en de onderliggende waarderingscijfers luiden in dollars; de eurokoers beweegt daarnaast met EUR/USD.


De recente prestatie is uitzonderlijk. VanEck rapporteerde op 22 september een rendement van 86,15% sinds de jaarwisseling. Over de twaalf maanden tot eind augustus was het NAV-rendement zelfs 114,4%. Zo'n stijging is geen bewijs dat chips te duur zijn, maar verandert wel de rekensom: toekomstige winstgroei moet nu zowel de hoge startwaardering dragen als de normale cyclische terugslag opvangen.



Dit fonds bezit een keten, geen brede markt

De index selecteert ondernemingen die minstens de helft van hun omzet uit halfgeleiders of gerelateerde activiteiten halen. Dat maakt het fonds zuiverder dan een algemene technologie-ETF. Ontwerpers als Nvidia, AMD en Broadcom verdienen aan architectuur en intellectueel eigendom. TSMC produceert geavanceerde chips. ASML, Lam Research en Applied Materials verkopen de machines die productie mogelijk maken. Micron en Texas Instruments brengen respectievelijk geheugen en analoge chips. Samen vormen ze een economische keten.


Die keten is een sterkte. Een belegger hoeft niet exact te voorspellen of de volgende dollar AI-capex bij een GPU-ontwerper, een foundry of een lithografieleverancier terechtkomt. Wanneer de totale chipvraag groeit, kunnen meerdere schakels tegelijk profiteren. Het fonds vermijdt bovendien conglomeraten waarvan chips slechts een klein onderdeel zijn.


Maar ketenspreiding is niet hetzelfde als onafhankelijke spreiding. Nvidia, Micron en AMD kunnen om verschillende redenen winnen, toch reageren ze allemaal op AI-budgetten, geheugenprijzen, rente en exportbeperkingen. TSMC en ASML zijn geografisch anders, maar afhankelijk van dezelfde investeringsbeslissingen van grote klanten. Een schok in datacentercapex kan dus bijna de hele portefeuille tegelijk raken.



Het tegenargument is overtuigend: de zes grootste belangen vertegenwoordigen bedrijven met zeer verschillende marges en marktmachten. ASML heeft een unieke EUV-positie, TSMC heeft productieschaal, Nvidia bezit een software-ecosysteem en Micron beweegt sterker met geheugencycli. Een sectorfonds kan daarom rationeel zijn voor wie bewust een satellietpositie naast een brede wereld-ETF wil. Het probleem ontstaat wanneer de belegger het product als volledige portefeuille behandelt.



De indexregel voorkomt geen waarderingsrisico

De benchmark begrenst een onderneming bij de periodieke herweging grofweg op 10%. Dat voorkomt dat één winnaar onbeperkt doorgroeit tot de helft van het fonds. Toch laten de augustusgewichten zien dat meerdere namen tegelijkertijd rond die grens kunnen staan. Zes ondernemingen waren samen ruim 63%. De limiet verdeelt het risico dus over een handvol megacaps, niet over tientallen gelijkwaardige posities.


Ook het moment van herwegen telt. Wanneer een aandeel sterk stijgt, loopt het gewicht tussen twee halfjaarlijkse herwegingen op. Bij de volgende aanpassing verkoopt de index relatief iets van de winnaar en koopt hij achterblijvers. Dat is een automatische waarderingsdiscipline, maar kan ook kapitaal terugsturen naar bedrijven waarvan de winstcyclus verslechtert. Regels kijken niet naar een nieuw exportverbod, een mislukte productintroductie of een klant die zijn bestellingen uitstelt.


Het fonds heeft 78,39% blootstelling aan Amerikaanse ondernemingen, 10,60% aan Nederland en 10,43% aan Taiwan. Die landverdeling beschrijft de beursnotering, niet de economische omzet. Veel Amerikaanse chipbedrijven verkopen wereldwijd en TSMC produceert op een geopolitiek kwetsbare locatie. De grootste niet-financiële risico's zijn daardoor exportcontrole, Taiwan, energietoevoer, watergebruik en de beschikbaarheid van geavanceerde verpakkingscapaciteit.


De winstmultiple veronderstelt dat de cyclus anders blijft

VanEck rapporteerde per 31 augustus een portefeuille-P/E van 39,11 en een koers/boekwaarde van 11,55. Dat zijn geen perfecte maatstaven. Geheugenwinsten kunnen op een cyclische piek staan, terwijl investeringen in nieuwe fabrieken de huidige vrije kasstroom drukken. Bij ontwerpers met hoge marges zegt boekwaarde weinig. Toch is 39 keer winst een duidelijke waarschuwing: de markt rekent op groei, niet op stilstand.


Bij een gelijkblijvende winst en een normalisatie naar 25 keer winst zou de onderliggende waarde theoretisch ongeveer 36% dalen, vóór valuta en kosten. Om de huidige waarde te behouden bij 25 keer winst moet de winst per indexeenheid juist ongeveer 56% hoger worden. Dat kan in een AI-supercyclus, maar vraagt meer dan één sterk kwartaal. Het vereist dat hyperscalers hun investeringsbudgetten hoog houden, de verkochte rekenkracht inkomsten oplevert en de vraag doorstroomt naar geheugen, foundries en apparatuur.



Het sterkste optimistische argument is dat de gerapporteerde winst de structurele vraag onderschat. AI-training, inference, netwerken, edge computing en elektrificatie vergroten het aantal hoogwaardige chips per toepassing. Wanneer software de productiviteit verhoogt, kunnen klanten jarenlang meer hardware kopen. De sector kan dan sneller groeien dan het wereldwijde bbp en een premie verdienen.


Het sterkste tegenargument is dat klanten dubbel tellen. De omzet van Nvidia is capex bij een hyperscaler; de machines van ASML en Applied Materials zijn capex bij een foundry; de fabrieken van die foundry worden uiteindelijk terugverdiend met dezelfde eindvraag. Als eindgebruikers niet genoeg betalen voor AI-diensten, wordt de hele keten geraakt. De ETF spreidt het bedrijfsrisico, maar niet het economische projectrisico.


Valuta, kosten en herbeleggen

De shareclass heeft USD als basisvaluta en is niet naar de euro afgedekt. Een belegger koopt op Euronext Paris wel in euro, maar bezit daarmee geen europortefeuille. Stijgt de dollar 10% tegenover de euro terwijl de onderliggende aandelen gelijk blijven, dan stijgt de eurowaarde ongeveer mee. Daalt de dollar 10%, dan werkt het omgekeerd. De handelsvaluta verandert alleen de afwikkeling.


De TER van 0,35% wordt dagelijks in de fondswaarde verwerkt. Op €10.000 is dat in het eerste jaar ongeveer €35, waarna het samengestelde effect groeit. Bied-laatspread, brokerkosten en eventuele trackingafwijking komen erbij. Het fonds leent volgens justETF geen effecten uit, waardoor inkomsten uit securities lending ontbreken maar ook het tegenpartijrisico daarvan kleiner is.


Het fonds keert geen cashdividend uit. Dividenden van de onderliggende bedrijven worden herbelegd. Koersrendement en totaalrendement liggen daardoor dicht bij elkaar, afgezien van bronbelasting, kosten en tracking. Dat is praktisch voor vermogensopbouw, maar maakt een stijgende koers niet uitsluitend het gevolg van waarderingswinst: een klein deel komt uit opnieuw geïnvesteerde dividenden.



Wat moet $114,88 waarmaken?

De reverse valuation begint bij de officiële NAV van $114,88 op 22 september 2026 en de gerapporteerde P/E van 39,11. De impliciete winst per participatie is dan ongeveer $2,94. Als de winst de komende drie jaar jaarlijks 15% groeit, komt die in 2029 op ongeveer $4,47. Bij een terminale P/E van 30 hoort dan een NAV van circa $134, vóór de kleine kostendrag die al in het fonds zit. Dat is veel minder spectaculair dan de recente koersstijging.


Voor 8% jaarlijks totaalrendement moet de NAV in 2029 ongeveer $144,70 bedragen. Bij 30 keer winst is daarvoor circa $4,82 winst per participatie nodig, oftewel ongeveer 18% jaarlijkse winstgroei. Bij 25 keer winst loopt de vereiste winst op naar $5,79 en de benodigde groei naar ongeveer 25% per jaar. De huidige prijs kan dus werken, maar niet met gemiddelde marktgroei en een gemiddelde marktmultiple.



Negen mogelijke NAV's voor 2027 tot en met 2029

De scenario's gebruiken 22 september 2026 als peildatum, de officiële dollar-NAV van $114,88 en de onderliggende winst van $2,94 per participatie. Het zijn eigen scenario's, geen koersdoelen. Omdat de Parijse lijn in euro noteert, hangt de feitelijke eurokoers daarnaast van EUR/USD en de intraday-premie of -korting op NAV af. De TER is verwerkt als 0,35 procentpunt lagere jaarlijkse winstgroei.


In het bearscenario krimpt de onderliggende winst in 2027 met 10%, herstelt zij in 2028 met 3% en groeit zij in 2029 met 7%. De P/E daalt naar 28, 24 en 22. Dat levert mogelijke NAV's van $73,8, $65,1 en $63,8. In het middenscenario groeit de winst 18%, 15% en 13%, terwijl de P/E normaliseert naar 35, 32 en 30. Dan volgen $121,0, $126,9 en $134,3.


In het gunstige scenario groeit de winst 30%, 25% en 20%, en blijft de markt 42, 38 en 34 keer winst betalen. Dat geeft $160,0, $180,3 en $193,7. Zelfs dit scenario laat zien dat een hoge startmultiple veel operationele vooruitgang absorbeert. Voor eurobeleggers kan een sterke dollar de uitkomst verhogen en een sterke euro haar verlagen.



De belangrijkste controles zijn daarom winstgroei van de top zes, hyperscaler-capex, geheugenprijzen, foundrybezetting en orderboeken bij apparatuurmakers. Ook het gewicht van de top tien en de portefeuille-P/E verdienen aandacht na iedere herweging. Wie alleen naar het historische rendement kijkt, ziet het gemakkelijkste deel van de analyse en mist de prijs die vandaag wordt betaald.


Even tussendoor: als je dit interessant vindt, dit is precies wat we dagelijks doen om jou en andere beleggers te helpen. Word nu lid en krijg 50 procent korting met de code INSIDER.


De VanEck Semiconductor UCITS ETF is een efficiënt product voor gerichte blootstelling aan chips. Hij is liquide, fysiek, herbeleggend en goedkoper dan zelf 25 internationale posities beheren. Maar hij is geen brede technologie-index en zeker geen goedkope wereld-ETF. Bij 39 keer winst moet de AI-cyclus lang genoeg duren om winstgroei, multiple-normalisatie en valutarisico tegelijk op te vangen.


Foto: Martijn Rozemuller, CEO van VanEck Europe, archiefbeeld via investrends.ch.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

Copyright © 2026 •

Alle rechten voorbehouden - Amsterdam - 0619930051

Disclaimer
Let op: Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kan (een deel van) je inleg verliezen. Niets hier mag worden beschouwd als financieel advies.. Voor advies over je persoonlijke situatie kun je het beste een adviseur inschakelen.

  • Instagram
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
bottom of page