top of page

Beleggers opgelet: Nvidia keldert fors, nu toch bijkopen?

Nvidia staat opnieuw midden in het sentiment van de markt. Een kwartaal met recordomzet, torenhoge marges en een orderboek dat richting het onvoorstelbare groeit, werd gevolgd door een scherpe koersval. Voor beleggers voelt dat als een paradox. De cijfers zijn ongekend sterk, maar de koers daalt. Dat spanningsveld maakt Nvidia op dit moment één van de meest besproken aandelen ter wereld.


Koers Nvidia:

Bron: Seeking Alpha
Bron: Seeking Alpha

Die aandacht heeft een simpele reden: Nvidia vormt het hart van de wereldwijde AI-infrastructuur. Het bedrijf levert de chips, de software en de complete systemen waarop de hyperscalers hun enorme AI-modellen trainen, uitrollen en later vervangen. Dat Nvidia’s kwartaalcijfers explosief blijven groeien, zegt iets over de fase waarin deze industrie zit. Dat de koers vervolgens hard corrigeert, zegt iets over de hoge verwachtingen die al in het aandeel zijn verdisconteerd.


Hoe kan een bedrijf dat zulke sterke cijfers neerzet, toch zo hard dalen?


De kern van Nvidia’s verhaal blijft het datacenter. In het laatste kwartaal steeg deze divisie naar ruim $51 miljard omzet, een groei van 66% jaar-op-jaar en de eerste keer dat de grens van vijftig miljard werd doorbroken. Het totale concern kwam uit op $57 miljard omzet, terwijl de winstgroei met 67% in hetzelfde tempo meebeweegt. Marges boven de 70% bevestigen dat Nvidia een hardwarebedrijf is dat opereert als een software-firma: hoge waarde, hoge prijs, lage vervangingselasticiteit.


Bron: Fiscal
Bron: Fiscal

De motor achter deze cijfers is de razendsnelle adoptie van de Blackwell-generatie: GPU’s die specifiek zijn ontworpen voor het trainen van foundation models en grootschalige inferentie. De hyperscalers plaatsen orders ter grootte van complete datacentra. Nvidia kondigde bovendien aan dat het $500 miljard aan zichtbare vraag heeft tot eind 2026, een getal dat door de CFO wordt omschreven als een bodem, omdat recente deals met Saudi-Arabië, Anthropic en andere partijen nog niet zijn meegenomen.


Dat deze groei doorzet, blijkt uit de outlook: Nvidia verwacht $65 miljard omzet in het komende kwartaal, waarmee de jaarlijkse lijn doorzet. In vrijwel alle segmenten; gaming, visualisatie, automotive & robotics, is sprake van dubbelecijfergroei, maar die cijfers verbleken vanzelf bij de schaal van het datacenter.


Bizarre omzetgroei $NVDA:

Bron: Fiscal
Bron: Fiscal

De GB200 en GB300 GPU’s, gekoppeld via NVLink en ingebed in complete racks met software, maken dat klanten feitelijk een kant-en-klare AI-fabriek afnemen. TSMC produceert de chips, Nvidia ontwerpt de architectuur én het software-ecosysteem eromheen. Die combinatie vormt een van de krachtigste moats in de hedendaagse technologiesector.


Dus waarom daalt een aandeel na zulke cijfers? De belangrijkste factor is verwachting. Wanneer een bedrijf al jaren met tientallen procenten per kwartaal groeit, gaan beleggers prijzen dat die groeicurve nog jaren in hetzelfde tempo doorloopt. Elke hint van toekomstige vertraging, hoe klein ook, weegt dan zwaar.


Nieuwsberichten over een mogelijke chipdeal tussen Alphabet en Meta versterken dat gevoel. De markt leest zulke signalen als indicaties dat de concurrentie in 2027 of later sterker wordt. Nvidia staat echter niet alleen bovenaan doordat het de snelste chips heeft; de echte lock-in komt van het CUDA-ecosysteem, de complete AI-systemen, de software-stack en het feit dat hyperscalers hun hele bedrijfsvoering op Nvidia-architectuur hebben gebouwd. Dat proces verandert niet in één productgeneratie.


In de cijfers is bovendien te zien dat concurrentie vandaag al bestaat; AMD, Broadcom en Google TPUs zijn geen theoretische bedreigingen. Ze zitten al in productieomgevingen, maar tot nu toe trekt Nvidia juist in dat decor de sterkste sequentiële groei in jaren. De markt onderschat soms dat AI-infrastructuur een structureel bredere basis krijgt: hyperscalers investeren, maar ook overheden, biotechbedrijven, automotivegroepen en zakelijke klanten bouwen hun eigen AI-clusters.


De koersbeweging zegt daarom vooral iets over waardering. Met multiples die ver boven de sector liggen, reageert het aandeel sterker op elk sentiment, positief én negatief. Nvidia wordt daardoor een thermometer van het AI-vertrouwen. Wanneer de markt zenuwachtig is, beweegt Nvidia het meest.


De economische moat van Nvidia is concreet en technisch van aard. De kern bestaat uit drie overlappende processen:


Het ontwerp-proces van de GPU-architecturen.

Nvidia bouwt elke generatie op een cyclus die eerder software-gedreven dan puur hardware-gedreven is. Door te ontwerpen vanuit workloads; generatieve modellen, retrievers, multimodale inferentie, bepaalt het bedrijf welke instructiesets, geheugenbandbreedtes en interconnecties nodig zijn. De hardware wordt een afgeleide van de softwarevraag, waardoor klanten minder risico hebben dat nieuwe modellen slecht schalen.


De full-stack integratie.

CUDA, cuDNN, TensorRT, NVLink, networking-chips van Mellanox, complete racks zoals de NVL72: dit is één systeem. Hyperscalers kopen geen losse onderdelen. Ze kopen een geoptimaliseerde fabriek waarin elke laag met de volgende is geïntegreerd. Dit is vergelijkbaar met een besturingssysteem: wanneer een bedrijf eenmaal jaren aan modellen, datasets en pipelines binnen die infrastructuur draait, wordt omschakelen complex én kostbaar.


Het cyclische vervangingsmodel.

AI-datacentra vragen om vervanging ongeveer elke drie jaar, waarna de oude generatie nog circa drie jaar ondersteuning krijgt. Dat maakt Nvidia’s vraag niet alleen afhankelijk van nieuwe datacenters, maar ook van natuurlijke vervanging. De huidige opbouwfase creëert later automatisch een vervangingsfase met nieuwe orders en hogere efficiëntienormen.


Samen vormen deze processen een concurrentievoordeel dat op chipniveau en systeemniveau zit. Een nieuwe chip van een concurrent kan hoog scoren op benchmarks, maar het is de integratie in de infrastructuur die bepaalt waar workloads draaien.


Pessimisme

Veel historisch getinte vergelijkingen; variërend van Cisco in 2000 tot eerdere techcycli, focussen op overinvestering in infrastructuur. Dat risico bestaat altijd: hyperscalers kunnen aanlopen tegen stroombeperkingen, vertragingen in netwerkaansluitingen of een cyclus waarin capaciteitsgroei tijdelijk sneller gaat dan omzetgeneratie.


Tegelijk is deze AI-cyclus technologisch fundamenteler dan eerdere trends. Waar dot-com vooral ging over internettoegang, gaat AI over rekenkracht die nodig is voor steeds complexere modellen, toepassingen en industrieën. Nvidia staat in dat proces op een knooppunt. Telkens wanneer een nieuwe toepassing ontstaat, van automatisering tot wetenschappelijk onderzoek, ontstaat er extra compute-vraag. Het bedrijf ziet die vraag vroeg doordat CEO Jensen Huang intensief optrekt met R&D-teams van de grootste klanten.


Ook dat vormt een moat: Nvidia weet eerder dan de markt welke workloads eraan komen. Dat geeft ontwerpvoordeel en zorgt dat de hardware klaar is voordat de vraag exponentieel stijgt.


De discussie rondom Nvidia draait uiteindelijk om twee lijnen die dwars door elkaar heen lopen. De eerste is de fundamentele kracht van het bedrijf: groei, marges, ecosysteem, strategische partnerships en een zichtbare pijplijn richting 2026. De tweede is de waardering, die soms lijkt te leunen op een toekomst waarin de groei jarenlang in dezelfde rechte lijn blijft doorlopen.


P/E GAAP Nvidia:

Bron: Seeking Alpha
Bron: Seeking Alpha

Die spanning maakt dat het aandeel scherp reageert op elk signaal in de markt. Bij elke tik in het sentiment ontstaat een forse beweging omlaag, zelfs na een kwartaal dat vrijwel alle denkbare verwachtingen heeft overtroffen.


Dat betekent niet dat de markt het mis heeft. Het betekent dat de verwachtingen zeer hoog staan. Nvidia is daardoor een bedrijf dat qua fundamentele positie sterker lijkt dan ooit, terwijl de beurskoers tijd nodig heeft om een balans te vinden tussen groei en realisme.


Voor beleggers die naar Nvidia kijken, draait het uiteindelijk om het optimaliseren van rendement in een markt die hard beweegt. Sterke cijfers veranderen niets aan het feit dat kosten en efficiëntie in de portefeuille een minstens zo grote rol spelen als de keuze voor individuele aandelen. Wie actief inspeelt op dit soort volatiliteit, doet er daarom goed aan scherp te letten op de structurele kosten van zijn broker.


MEXEM werd door Brokerskiezen.nl uitgeroepen tot beste allround broker van 2025. Beleggers kunnen daar tegen 0,005 procent valutakosten handelen, terwijl partijen als DEGIRO en SAXO Bank rond 0,25 procent zitten, een verschil dat op jaarbasis kan oplopen tot honderden tot duizenden euro’s.


 
 
 

Net binnen..

Meld je aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief!

Bedankt voor het abonneren!

Copyright © 2023 •

Alle rechten voorbehouden - Amsterdam - 0619930051

Disclaimer
Let op: Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kan (een deel van) je inleg verliezen. Niets hier mag worden beschouwd als financieel advies.. Voor advies over je persoonlijke situatie kun je het beste een adviseur inschakelen.

  • Instagram
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
bottom of page