top of page

Slimme zet of dure gok van Shell in Newfoundland

17 minuten geleden
4 minuten om te lezen

In het kort

Shell maakte op 9 oktober bekend een belang van 30% te kopen in Bay du Nord, een nog niet definitief goedgekeurd olieproject voor de kust van Newfoundland en Labrador. Het project telt naar schatting ongeveer 430 miljoen winbare vaten en mikt op een investeringsbesluit in 2027. Voor aandeelhouders draait het minder om de volgende kwartaalwinst dan om bouwkosten, olieprijs en kasstroom vanaf ongeveer 2031.


Shell koopt een niet-operationeel belang. Equinor blijft de uitvoerende partner. Dat verlaagt Shells directe uitvoeringslast, maar niet het economische risico. Wanneer het project duurder wordt, draagt Shell naar verhouding mee. Wanneer de start wordt uitgesteld, schuift de kasstroom op. Een vat dat in 2033 wordt verkocht is vandaag minder waard dan hetzelfde vat in 2031, omdat het kapitaal langer vastzit.


De keuze past bij Shells model. De onderneming verdient geld met olie- en gasproductie, LNG, raffinage, handel en verkoop aan eindklanten. Grote projecten vullen reserves aan die elders geleidelijk worden opgepompt. Tegelijk moet iedere nieuwe investering concurreren met aandeleninkoop, dividend, schuldafbouw en andere projecten.



Een belang van 30% is geen korting van 70% op het risico

De Canadese overheid noemde voor het project een schaal van ongeveer C$11,9 miljard aan ontwikkeling en voorbereiding. Dat bedrag kan nog veranderen voordat een definitief besluit valt. Bij 30% zou Shell grofweg C$3,6 miljard dragen. De kasopbrengst hangt daarna af van Shells deel van de volumes, de vrije kasmarge per vat, belasting en de timing van productie.



Het rekenvoorbeeld is bewust eenvoudig. Het vergelijkt totale investering met een ongedisconteerde kasopbrengst. In werkelijkheid moeten toekomstige bedragen worden teruggerekend naar vandaag. Ook komen operationele kosten, heffingen, transport en ontmanteling erbij. Het voordeel van het eenvoudige model is dat zichtbaar wordt hoeveel aannames tegelijk gunstig moeten uitvallen voordat een groot olieproject waarde creëert.


Bay du Nord heeft een lange aanloop. De eerste ontdekking was in 2013. Het project ligt ongeveer 500 kilometer uit de kust, in water van circa 1.200 meter diep. Dat maakt techniek, weer en logistiek belangrijk. Equinor en Shell beschikken over ervaring, maar diep water blijft kapitaalintensief. Een niet-operationele partner kan bovendien minder direct sturen wanneer ontwerp of planning verandert.


Waarom Shell toch meedoet

De sterkste kans is dat Bay du Nord tegen het begin van het volgende decennium een grote, langlopende kasstroom levert. De Canadese overheid zegt dat de uitstoot bij winning in de regio relatief laag is ten opzichte van het wereldgemiddelde. Een project met veel vaten, een moderne installatie en een lange levensduur kan daardoor concurrerend blijven wanneer beleggers strengere eisen stellen aan operationele emissies.


De sterkste tegenwerping is kapitaaldiscipline. BP verkocht in juli zijn belang juist aan Equinor om de portefeuille te vereenvoudigen. Shell stapt drie maanden later in. Dat hoeft geen tegenstelling te zijn, omdat bedrijven andere balansen en rendementsdrempels hebben. Het maakt wel duidelijk dat Bay du Nord niet vanzelfsprekend voor iedere oliemaatschappij de beste bestemming van kapitaal is.


De bedrijfsmix spreidt het risico. Upstream en geïntegreerd gas leveren productie, LNG en marketing verbinden aanbod met klanten, en raffinage en chemie profiteren soms van heel andere marges. Daardoor kan een zwakke olieprijs deels worden opgevangen. De huidige hoge raffinagemarges laten tegelijk zien hoe cyclisch de winst tussen onderdelen verschuift.



In (Never) Sell Shell? werd Shell vooral als klassieke olie- en dividendaandeel bekeken. De onderneming is sindsdien veranderd, maar één mechanisme bleef gelijk: langlopende projecten worden waardevol als management in goede én slechte markten dezelfde rendementsdiscipline hanteert. De recente analyse over Hormuz, olie en aandelen laat zien hoe snel de actuele olieprijs kan bewegen. Bay du Nord moet juist bij een normalere prijs werken, niet alleen bij een geopolitieke piek.


Wat vraagt de koers?

Het Amsterdamse aandeel Shell, ISIN GB00BP6MXD84, sloot op 15 oktober rond €46,38. Shell rapporteert in dollars, terwijl de belegger op Euronext in euro's handelt. Valuta beïnvloedt dus de koers naast de operationele winst. De Amerikaanse ADR noteerde dezelfde dag rond $103,55, maar dat is een andere beurslijn en mag niet één op één als Amsterdamse koers worden gebruikt.


De reverse valuation combineert gewenst rendement met dividend. Bij 8% totaalrendement en 3% dividend hoeft de koers zelf jaarlijks ongeveer 5% te groeien. Met een eindwaardering van acht keer vrije kasstroom vraagt het model in 2029 ongeveer €6,71 vrije kasstroom per aandeel. Dat is een rekenuitkomst, geen managementdoel.



Voor een oliebedrijf is vrije kasstroom belangrijker dan aangepaste winst alleen. Vrije kasstroom is het geld dat na operationele uitgaven en investeringen overblijft. Een project kan de winst verhogen en toch jaren cash verbruiken. Bay du Nord doet dat waarschijnlijk tot na het investeringsbesluit. Aandeleninkoop creëert ondertussen alleen waarde wanneer Shell onder de intrinsieke waarde koopt en de investeringskansen niet aantrekkelijker zijn.


Drie paden tot 2029

Bay du Nord produceert in deze horizon waarschijnlijk nog niet. De scenario's gaan daarom over de bestaande portefeuille, olie- en gasprijzen, raffinagemarges, dividend en waardering. Het project beïnvloedt vooral het vertrouwen in kapitaaldiscipline. Een goed ontworpen project kan vóór eerste olie al waarde krijgen. Een kostenoverschrijding kan juist de multiple drukken.



In het bear-scenario dalen energieprijzen, lopen projectkosten op en blijft minder kas over voor inkoop. Het middenpad rekent met normale prijzen en stabiele productie. In het gunstige scenario blijven LNG en handel sterk, worden nieuwe projecten binnen budget goedgekeurd en daalt het aantal aandelen verder.


Shells belang in Bay du Nord is verdedigbaar wanneer het project bij een conservatieve olieprijs een rendement boven de kapitaalkosten haalt. De transactievoorwaarden zijn niet openbaar, waardoor buitenstaanders die rekensom nog niet volledig kunnen controleren. Dat is de centrale onzekerheid. Een positiever oordeel vraagt bij het investeringsbesluit om een duidelijk projectbudget, productieprofiel, break-evenprijs en uitleg waarom dit meer waarde creëert dan extra inkoop of een alternatief project. Tot die tijd is Bay du Nord een kans met een verre kasstroom en een rekening die veel eerder begint.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

bottom of page