top of page

De Prijs van Veiligheid: Worden Europese Defensie-aandelen te Duur?

In het kort

  • Europese defensieaandelen presteerden sterk in 2025 door stijgende defensiebudgetten en recordorderboeken bij bedrijven als Rheinmetall, BAE Systems en Thales.

  • De sector profiteert van structurele herbewapening, maar is sterk afhankelijk van overheden, wat leidt tot politieke bemoeienis, margedruk en inefficiënties.

  • Door historisch hoge waarderingen en extreem positieve verwachtingen is de foutmarge klein en lijken de makkelijke beurswinsten grotendeels gemaakt.


Beleggers die in 2025 de AI-hype links lieten liggen en kozen voor Europese defensieaandelen hebben een uitzonderlijk sterk jaar achter de rug. Waar technologieaandelen vooral steunden op toekomstverwachtingen en optimisme rond kunstmatige intelligentie, steeg de defensiesector op basis van tastbare geopolitieke ontwikkelingen. De veiligheidssituatie in Europa veranderde fundamenteel en regeringen werden gedwongen hun defensiebudgetten versneld te verhogen. Wat jarenlang een onderbelichte en soms zelfs gemeden sector was, groeide in korte tijd uit tot een van de best presterende segmenten op de Europese beurs.



Bedrijven zoals het Duitse Rheinmetall, het Britse BAE Systems en het Franse Thales zagen hun orderboeken naar recordhoogtes stijgen. Nieuwe contracten voor munitie, luchtverdedigingssystemen en pantservoertuigen volgden elkaar in hoog tempo op. Beleggers beloonden deze zichtbaarheid met fors hogere waarderingen en een toestroom van kapitaal. Defensie werd daardoor niet alleen een geopolitiek thema, maar ook een structurele portefeuille positie voor veel institutionele en particuliere beleggers.


Toch klinkt begin 2026 een voorzichtiger geluid onder analisten en strategen. James Mackintosh van The Wall Street Journal waarschuwt dat de grote gok op defensie mogelijk minder aantrekkelijk wordt nu waarderingen historisch hoog zijn opgelopen. Volgens hem dreigt de sector slachtoffer te worden van zijn eigen succes, omdat verwachtingen inmiddels extreem positief zijn. Wat begon als een ondergewaardeerde kans, is uitgegroeid tot een drukbezochte belegging waar weinig ruimte is voor teleurstellingen.


De simpele logica en de complexe praktijk

De investeringslogica achter defensie lijkt op het eerste gezicht eenvoudig en overtuigend. Toenemende dreiging leidt tot hogere overheidsuitgaven, hogere uitgaven zorgen voor meer opdrachten en meer opdrachten leiden uiteindelijk tot hogere winsten. Deze keten van redeneringen is intuïtief en wordt vaak herhaald in beleggingspresentaties. Toch is de praktijk in de defensiesector minder rechtlijnig dan dit model doet vermoeden.


In tegenstelling tot veel commerciële sectoren is de overheid hier vrijwel altijd de dominante klant. Dat betekent dat bedrijven niet opereren in een vrije markt met brede prijsvorming, maar binnen politieke kaders en lange contractcycli. Overheden zijn tegelijkertijd opdrachtgever, toezichthouder en soms zelfs aandeelhouder. Die machtspositie maakt winstgroei minder vanzelfsprekend dan bij technologie- of consumentengerichte bedrijven.


De paradox van overheidssteun

Meer overheidsgeld lijkt op papier een structurele meewind voor aandeelhouders. Wanneer budgetten stijgen, nemen ordervolumes toe en ontstaat er zichtbaarheid in toekomstige kasstromen. Dat creëert vertrouwen bij beleggers en rechtvaardigt hogere waarderingen. Toch schuilt in diezelfde afhankelijkheid van overheden ook een fundamenteel risico.


Wanneer staten miljarden investeren in defensie, verbinden zij daar vrijwel altijd politieke voorwaarden aan. Productie moet binnen de eigen landsgrenzen plaatsvinden en werkgelegenheid moet nationaal worden veiliggesteld. Strategische autonomie krijgt prioriteit boven maximale efficiëntie of internationale schaalvoordelen. Dit leidt tot versnippering van productiecapaciteit en hogere kosten dan in een volledig geïntegreerde markt het geval zou zijn.


Daarnaast is er het risico van margedruk door politieke gevoeligheid. Defensiebedrijven verdienen hun geld met publieke middelen en opereren in een maatschappelijk gevoelige sector. Zodra winstmarges sterk oplopen terwijl overheden extra belastinggeld uitgeven, ontstaat politieke druk om contracten te herzien of winsten af te romen. Meer defensiegeld betekent daarom niet automatisch meer vrije winstgroei, maar kan juist leiden tot intensievere bemoeienis vanuit Den Haag, Berlijn of Brussel.


Een opvallende koersreactie

Een recente ontwikkeling laat zien hoe genuanceerd de markt inmiddels naar defensie kijkt. Na de aanval van Israël en de Verenigde Staten op Iran zou je verwachten dat Europese defensieaandelen duidelijk zouden profiteren van de toegenomen geopolitieke spanningen. Escalatie in het Midden-Oosten vergroot immers de kans op hogere militaire uitgaven en versnelt politieke besluitvorming rond herbewapening. Toch daalde het aandeel Rheinmetall in de dagen na de aanval, wat op het eerste gezicht tegen intuïtief lijkt.


Rheinmetall Aandeelkoers

Bron: Tradingview


Die koersreactie suggereert dat veel positief nieuws al in de waardering verwerkt zat. Beleggers lijken structureel hogere defensiebudgetten inmiddels als basisscenario te beschouwen, waardoor extra spanningen niet automatisch tot hogere koersen leiden. Bovendien kan brede marktstress ertoe leiden dat beleggers risico’s afbouwen en winst nemen, zelfs in sectoren die ogenschijnlijk profiteren van conflict. De reactie van Rheinmetall onderstreept dat defensieaandelen niet langer vanzelfsprekende winnaars zijn bij elke geopolitieke escalatie.


Is de rek eruit?

De analyse dat de rek eruit is, wordt begin 2026 breed gedragen onder marktanalisten. De sector is getransformeerd van een stabiele dividendhoek naar een speculatieve groeisector met bijbehorende volatiliteit. Dat betekent dat de waarderingsdynamiek fundamenteel is veranderd. Waar defensie vroeger defensief was, is het nu cyclischer en gevoeliger voor sentiment.


1. Waarderingen op tech-niveau

Historisch gezien handelden Europese defensieaandelen tegen koers-winstverhoudingen van 10 tot 15 keer de winst. Begin 2026 worden marktleiders zoals Rheinmetall en Saab gewaardeerd tegen multiples van 30 tot 50 keer de verwachte winst. Dat zijn niveaus die eerder passen bij snelgroeiende technologiebedrijven dan bij industriële ondernemingen. De implicatie is dat beleggers niet alleen rekenen op volle orderboeken, maar ook op een vlekkeloze uitvoering gedurende het komende decennium.


2. De NAVO-norm is al ingeprijsd

De markt is vooruitgelopen op de verschuiving van de 2 procentnorm naar ambities van 3 procent of zelfs 3,5 procent van het bruto binnenlands product. Op de recente NAVO-top in Den Haag werd deze ambitie openlijk besproken. Inmiddels hebben vrijwel alle 32 NAVO-leden de 2 procentgrens bereikt. Daarmee is de grootste positieve verrassing uit de markt verdwenen en is verdere opwaartse herwaardering minder vanzelfsprekend.


3. Operationele flessenhalzen

Hoewel orderboeken uitpuilen, loopt de industrie tegen fysieke grenzen aan. Er is een nijpend tekort aan gespecialiseerde ingenieurs, lassers en technisch personeel. Tegelijkertijd zorgen tekorten aan explosieven, kruit en speciaal staal voor stijgende inkoopkosten. Voor complexe systemen zoals luchtverdediging en nieuwe tanks lopen levertijden inmiddels op tot voorbij 2030, wat betekent dat een deel van de huidige waardering gebaseerd is op winsten die pas over jaren worden gerealiseerd.


4. Politieke margedruk

Dit is het punt waar Mackintosh expliciet voor waarschuwt. Wanneer defensiebedrijven recordwinsten rapporteren terwijl overheidsfinanciën onder druk staan, groeit de politieke druk om winsten te begrenzen. Overheden kunnen clausules opnemen die excessieve winsten beperken of eisen dat productie lokaal plaatsvindt. Dat verkleint schaalvoordelen en drukt structureel de marges van grote Europese spelers.


Van niche naar overbevolkte trade

Nog geen paar jaar geleden werd defensie door veel beleggers gemeden, zowel om ethische redenen als vanwege beperkte groeiverwachtingen. ESG-fondsen sloten de sector uit en analisten besteedden er relatief weinig aandacht aan. Inmiddels is het sentiment volledig omgeslagen en behoort defensie tot de populairste beleggingsthema’s in Europa. Die snelle omslag heeft de waarderingen sterk opgedreven.


Wanneer een sector in korte tijd van ondergewaardeerd naar overbezet verschuift, verandert de risico-rendementsverhouding. Instroom van kapitaal kan koersen verder opstuwen, maar maakt de markt ook gevoeliger voor plotselinge uitstroom. Zodra het sentiment draait of macro-economische onzekerheid toeneemt, kan winstneming snel volgen. Dat maakt timing en waardering belangrijker dan ooit.


Conclusie: Groei of politieke premie?

De structurele noodzaak voor Europese herbewapening staat nauwelijks ter discussie en zal waarschijnlijk nog jarenlang een belangrijk thema blijven. Geopolitieke spanningen, technologische modernisering en politieke consensus ondersteunen hogere defensie-uitgaven op lange termijn. Toch betekent een sterke structurele trend niet automatisch dat elk instapmoment aantrekkelijk is. Beleggen draait immers niet alleen om richting, maar ook om prijs.


Beleggers moeten zich daarom afvragen of zij nog steeds kopen voor reële groei tegen een redelijke waardering. Het is mogelijk dat een deel van de huidige koersniveaus eerder een politieke risicopremie weerspiegelt dan zuivere winstgroei. De makkelijke winsten lijken grotendeels gemaakt en de sector kent inmiddels beperkte foutmarges. Veiligheid heeft een prijs, maar op de beurs kan die prijs soms hoger uitvallen dan rationeel gerechtvaardigd is.

 
 

Net binnen..

Meld je aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief!

Bedankt voor het abonneren!

Copyright © 2026 •

Alle rechten voorbehouden - Amsterdam - 0619930051

Disclaimer
Let op: Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kan (een deel van) je inleg verliezen. Niets hier mag worden beschouwd als financieel advies.. Voor advies over je persoonlijke situatie kun je het beste een adviseur inschakelen.

  • Instagram
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
bottom of page