Bitcoin stijgt boven 85.000 dollar na een week met amper netto-instroom in fondsen
Bitcoin stijgt op 21 september tot boven 85.000 dollar, terwijl de Amerikaanse spotfondsen de vorige week vrijwel vlak afsloten qua netto-instroom. Twee sterke koopdagen verhullen dat eerder honderden miljoenen uitstroomden. De nieuwe SEC-regels betreffen onder voorwaarden verhandelde getokeniseerde aandelen en geven bitcoin zelf geen winstrecht. Voor een scenario van 120.000 dollar over drie jaar is vanaf de gebruikte koers ongeveer 12,1% jaarlijkse prijsstijging nodig; die rekensom bewijst geen onderliggende waarde.
Een koers die bijna 5% stijgt, trekt vanzelf overtuigende verklaringen aan. Er komt institutioneel geld binnen, regelgeving wordt vriendelijker en de volgende ronde grens verschijnt alweer op het scherm. Maar wie de geldstromen over meer dan twee dagen bekijkt, krijgt een minder eenvoudig verhaal. Volgens dpa, gepubliceerd door Welt bereikte bitcoin op Bitstamp 85.248 dollar; het bericht verscheen op 21 september om 13.15 uur Nederlandse tijd. Dat is onze gedateerde koersbasis. Om de kwaliteit van deze rally te beoordelen, zijn drie vragen belangrijker dan het volgende ronde getal: wie koopt, waarom wordt gekocht en wat kan die vraag in stand houden?
Twee sterke dagen maken nog geen sterke week
De dagcijfers van Farside voor Amerikaanse spotbitcoinfondsen tonen over 14 tot en met 18 september achtereenvolgens 159,9 miljoen dollar instroom, 450,4 miljoen uitstroom, 295,9 miljoen uitstroom, 159,5 miljoen instroom en 433 miljoen instroom. Donderdag en vrijdag samen waren daarmee goed voor 592,5 miljoen dollar netto-instroom. Over de hele week resteerde slechts 6,1 miljoen dollar. Beide totalen zijn eigen optellingen.
Het verschil tussen die twee meetvensters verandert de interpretatie. De laatste dagen laten een duidelijke verbetering zien. De volledige week laat vooral zien dat koop- en verkoopdruk elkaar bijna opheffen. Een headline over ruim een half miljard nieuwe instroom kan dus kloppen en tegelijk een te sterk beeld geven van de duurzaamheid van de vraag.
Daar komt bij dat deze fondsen slechts één kanaal zijn. Bitcoin wordt ook rechtstreeks op handelsplatformen verhandeld en via derivaten gebruikt. De fondscijfers bewijzen niet hoeveel kopers wereldwijd bijkomen, hoeveel bezit van eigenaar wisselt of welk deel van een fondspositie elders is afgedekt. Ze zijn een bruikbare meting met een duidelijke afbakening.
Een overtuigender signaal zou zijn dat netto-instroom meerdere perioden aanhoudt, terwijl terugvallen worden opgevangen zonder voortdurend grotere speculatieve posities. Daarvoor is meer dan een sterke vrijdag nodig. De relevante vraag is of nieuwe vraag ook blijft bestaan wanneer de koers niet onmiddellijk beloont.
Een rally kan haar eigen kopers maken
Een deel van de koersdynamiek kan uit de marktstructuur zelf komen. Een belegger die op een daling heeft ingezet, moet bitcoin terugkopen om die positie te sluiten. Wanneer de koers onverwacht stijgt, kan zo'n terugkoop extra koopdruk veroorzaken. Met hefboom kunnen verliesgrenzen of liquidaties dat proces versnellen. CoinDesk beschreef op 21 september dergelijke marktmechanismen als onderdeel van de rally.
Economisch verschilt die koper van een partij die voor jaren een grotere positie wil aanhouden. De eerste koopt omdat een eerdere positie moet worden afgebouwd. De tweede koopt omdat hij toekomstige vraag verwacht of bitcoin een functie in zijn vermogen toekent. Beide kunnen de prijs vandaag ondersteunen, maar alleen uit de koersgrafiek is niet af te leiden hoe lang hun koopdruk duurt.
Ook een stijgende marktwaarde wordt gemakkelijk verkeerd gelezen. Wanneer de laatst verhandelde prijs stijgt, wordt het bestaande aanbod tegen die hogere prijs gewaardeerd. Daar hoeft geen even groot bedrag aan nieuw geld tegenover te staan. Een stijging van de marktwaarde met 100 miljard dollar betekent geen netto-instroom van 100 miljard dollar. De prijs ontstaat aan de handelsmarge; het totale bezit wordt vervolgens met die prijs vermenigvuldigd.
Dat verklaart mede waarom een markt hard kan stijgen wanneer weinig bezit wordt aangeboden, en hard kan dalen zodra veel houders tegelijk willen verkopen. De omvang van de gezamenlijke marktwaarde vertelt niet hoeveel geld onmiddellijk beschikbaar is om alle verkopers op dezelfde prijs uit te kopen. Liquiditeit en marktwaarde zijn verschillende grootheden.
De SEC opent een deur voor effecten op blockchain
De SEC-vrijstelling van 17 september maakt onder voorwaarden handel in getokeniseerde Amerikaanse beursgenoteerde aandelen mogelijk. Onder leiding van voorzitter Paul Atkins geeft de toezichthouder daarmee ruimte aan een specifieke toepassing van blockchain binnen de effectenmarkt. De voorwaarden en beperkingen zijn onderdeel van die ruimte.
Voor het beleggingsverhaal is het onderscheid tussen een token en het recht erachter bepalend. Een getokeniseerd aandeel kan rechten op een onderneming vertegenwoordigen. De economische basis blijft dan de onderneming: haar winst, vermogen en de rechten van aandeelhouders. Bitcoin geeft geen recht op de kasstroom van een bedrijf omdat andere partijen dezelfde technische infrastructuur gebruiken voor effectenhandel.
Een vriendelijker regelgevingsklimaat kan de bereidheid vergroten om digitale infrastructuur te gebruiken. Dat is een plausibele sentiment- en adoptieroute. Het bewijst alleen niet hoeveel extra vraag specifiek bij bitcoin terechtkomt. Een handelsplatform, een infrastructuurleverancier en een bitcoinhouder kunnen heel verschillend profiteren van dezelfde ontwikkeling.
Daarom is het te vroeg om de nieuwe vrijstelling als een rechtstreeks nieuw verdienmodel voor bitcoin te behandelen. Voor die conclusie zou aantoonbaar moeten worden hoe extra gebruik doorwerkt in duurzame vraag naar het bezit van bitcoin zelf. De stap van meer blockchainactiviteit naar een hogere bitcoinprijs bevat een economische aanname.
Wat moet gebeuren voor 120.000 dollar?
Bij een aandeel kan een reverse waardering terugrekenen welke winst of vrije kasstroom de huidige koers vereist. Bitcoin heeft geen bedrijfswinst of uitkeerbare kasstroom. De uitleg op Bitcoin.org beschrijft prijsvorming via vraag en aanbod. Een model dat toch een koers-winstverhouding op bitcoin plakt, geeft schijnzekerheid.
We kunnen wel omgekeerd rekenen vanuit een mogelijke toekomstige prijs. Vanaf 85.248 dollar vraagt een prijs van 120.000 dollar over drie jaar om circa 12,1% jaarlijkse stijging. Bij een gelijkmatig samengesteld rekenpad horen ongeveer 95.540 dollar na één jaar en 107.074 dollar na twee jaar. Die tussenpunten zijn rekenkundige stappen, geen voorspelde steun- of weerstandsniveaus.
Het zwakke scenario eindigt op 60.000 dollar, met tussenpunten van circa 75.830, 67.452 en 60.000 dollar voor september 2027, 2028 en 2029. Dat is ongeveer 11% jaarlijkse prijsdaling. Het sterke scenario eindigt op 180.000 dollar en loopt via ongeveer 109.365 en 140.306 dollar. Daarvoor is circa 28,3% jaarlijkse stijging nodig.
Deze scenario's geven de schaal van de vereiste beweging weer. Ze waarderen geen toekomstige bedrijfsopbrengsten en kennen geen kansen toe. Ook valt er niet uit af te leiden hoeveel dollars nieuw moeten instromen. Het aanbod constant houden in een marktwaarde-index maakt de vergelijking overzichtelijk, maar verandert dat fundamentele probleem niet.
De economische onderbouwing moet daarom van elders komen: meer partijen die bitcoin willen aanhouden, een andere bereidheid van bestaande houders om te verkopen of een grotere rol als schaars vermogensobject. Zulke ontwikkelingen kunnen krachtig zijn. Ze zijn moeilijker objectief te begrenzen dan een recht op uitkeerbare winst. Dat maakt de gekozen aankoopprijs en positieomvang des te belangrijker.
Het risico zit ook in wat er na de winst gebeurt
Een positie van 10.000 euro in een portefeuille van 100.000 euro weegt 10%. Als bitcoin verdubbelt en de rest gelijk blijft, wordt die positie 20.000 euro op een totaal van 110.000 euro: ruim 18%. Zonder één extra aankoop is de afhankelijkheid van bitcoin dan bijna verdubbeld.
Omgekeerd kost een daling van 40% op een weging van 10% ongeveer 4% van de totale portefeuille, wanneer alle andere bezittingen gelijk blijven. Na die daling moet bitcoin 66,7% stijgen om zijn oude dollarkoers terug te bereiken. Verlies en herstel zijn procentueel niet symmetrisch. De rekentool voegt daar het effect van een sterkere of zwakkere dollar aan toe.
De veronderstelling dat de overige portefeuille gelijk blijft, is alleen bedoeld om het effect te isoleren. In een echte periode van financieringsstress kunnen meerdere risicovolle beleggingen tegelijk dalen. Het bezit van verschillende namen beschermt weinig wanneer ze allemaal steunen op dezelfde bereidheid om voor onzekere toekomstige waarde te betalen.
De rally verdient aandacht, maar de beschikbare fondscijfers leveren nog geen bewijs van een brede, aanhoudende nieuwe koopgolf. Voor een sterker oordeel zouden de verbeterde instroom en het gebruik van digitale infrastructuur langer moeten doorzetten. Tot die tijd blijft 120.000 dollar een mogelijk prijsverhaal met een vereiste groei van 12,1%, en geen aangetoonde waarde waar de koers vanzelf naartoe hoort te bewegen.
Even tussendoor: als je dit interessant vindt, dit is precies wat we dagelijks doen om jou en andere beleggers te helpen. Word nu lid en krijg 50 procent korting met de code KANS.






































































































































Opmerkingen