€5 miljard voor twee weken sport? Dit kosten de Olympische Winterspelen in Milaan écht
- Jan Kuijpers

- 33 minuten geleden
- 4 minuten om te lezen
In het kort
Milano Cortina 2026 kent twee aparte geldstromen: een organisatiebudget van circa €1,55–1,9 miljard dat op break-even mikt, en ongeveer €3,5 miljard aan infrastructuurinvesteringen.
De organisatie draait op IOC-bijdragen, sponsoring en ticketverkoop, maar timing van inkomsten, economische omstandigheden en wisselkoersen brengen financiële risico’s mee.
Het uiteindelijke oordeel hangt vooral af van de blijvende waarde van infrastructuur, zoals wegen en sportlocaties, en of deze na 2026 intensief worden benut.
Wanneer een land de Olympische Spelen organiseert, duikt altijd dezelfde vraag op: wat gaat dit kosten en wat levert het op? Ook rond de Winterspelen van Milano Cortina 2026 is die discussie volop gaande. Voorstanders benadrukken economische impulsen, internationale zichtbaarheid en versnelde infrastructuur. Critici wijzen op stijgende begrotingen, risico op vertragingen en de kans dat publieke investeringen duurder uitpakken dan gepland.
De waarheid ligt meestal ergens in het midden. Olympische kosten bestaan namelijk uit verschillende onderdelen die vaak door elkaar worden gehaald. Het ene deel is de organisatie van het evenement zelf. Het andere deel betreft de bouw en verbetering van infrastructuur, zoals sportlocaties en transportverbindingen. Pas als je die twee duidelijk van elkaar scheidt, ontstaat een eerlijk beeld van de financiële balans.
Twee potjes geld die je niet moet verwarren
Bij Milano Cortina 2026 zijn er in feite twee aparte geldstromen. Het eerste potje is het organisatiebudget van het organiserend comité, de Fondazione Milano Cortina 2026. Dit budget dekt alles wat nodig is om de Spelen daadwerkelijk te laten plaatsvinden: personeel, IT-systemen, tijdelijke tribunes, vervoer van atleten, ceremonies en beveiliging.

Het tweede potje bestaat uit infrastructuurinvesteringen. Dat zijn permanente projecten zoals sportaccommodaties, wegen, spoorverbindingen en andere mobiliteitsoplossingen. Deze investeringen lopen grotendeels via de Italiaanse overheid en publieke instanties. Juist deze infrastructuur bepaalt uiteindelijk of de Spelen financieel en maatschappelijk als succesvol worden gezien.
Het organisatiebudget: gericht op break-even
In het oorspronkelijke kandidaat-dossier werd het organisatiebudget geraamd op ongeveer €1,55 miljard, met vrijwel gelijke inkomsten en uitgaven. Dat is een klassieke olympische aanpak: het evenement moet zichzelf financieren. De belangrijkste inkomstenbronnen zijn nationale sponsoring, IOC-bijdragen en ticketverkoop. In de basisraming ging het om ongeveer €475 miljoen aan binnenlandse sponsoring, circa €397,9 miljoen van het IOC en ongeveer €266,8 miljoen uit ticketing.
In latere communicatie werd gesproken over een lifetime budget rond €1,7 miljard en zelfs over €1,9 miljard aan organisatorische kosten. Dat betekent niet automatisch dat er een gat ontstaat, maar het verhoogt wel de druk op commerciële prestaties. Hoe hoger de kosten, hoe belangrijker het wordt dat sponsors en ticketverkoop op niveau blijven.
IOC-geld en tv-rechten: timing speelt een rol
Een belangrijk punt bij olympische begrotingen is dat inkomsten en uitgaven niet altijd in hetzelfde jaar vallen. In de jaarrekening van 2024 staat bijvoorbeeld dat er een Broadcasting Agreement met het IOC is ter waarde van 452 miljoen dollar. Dat geld wordt in tranches uitgekeerd. Eind 2024 was al ongeveer €194,3 miljoen ontvangen als vooruitbetaling, maar boekhoudkundig wordt dit pas als opbrengst verwerkt tijdens of na de Spelen.
Hierdoor kan het lijken alsof de organisatie verlies draait, terwijl er wel degelijk geld binnenkomt. In 2024 rapporteerde de Fondazione een verlies van €30,5 miljoen en een cumulatief negatief eigen vermogen van ongeveer €150,3 miljoen. In de opbouwfase van een groot evenement is dat niet ongebruikelijk, maar het vereist wel zorgvuldige financiële sturing.
Infrastructuur: het grootste prijskaartje
De grootste bedragen zitten echter in de infrastructuur. SIMICO, de staatsentiteit die verantwoordelijk is voor het infrastructuurplan, communiceert 98 projecten met een totale waarde van ongeveer €3,5 miljard. Dat omvat sportgerelateerde werken, maar vooral ook mobiliteitsprojecten. Een onafhankelijke monitoringanalyse kwam op een vergelijkbare grootteorde van ongeveer €3,4 miljard.
Projecten SIMICO

Bron: Simico
Belangrijk is dat niet al deze projecten uitsluitend voor de Spelen worden uitgevoerd. Sommige investeringen zouden ook zonder het evenement zijn gedaan. Toch versnelt een olympische deadline vaak de uitvoering, en versnelling kan kosten verhogen. In 2023 werd bovendien nog eens €400 miljoen extra geautoriseerd om resterende financieringsbehoefte binnen het plan op te vangen.
Waar komt de opbrengst vandaan?
De directe inkomsten voor het evenement komen uit IOC-bijdragen, wereldwijde sponsordeals, nationale sponsors, ticketverkoop en merchandising. Het IOC-geld is relatief stabiel omdat het contractueel is vastgelegd. Ticketing en sponsoring zijn gevoeliger voor economische omstandigheden. Het gaat daarbij niet alleen om hoeveel tickets worden verkocht, maar ook tegen welke prijs.
Daarnaast zijn er indirecte opbrengsten zoals toerisme, extra bestedingen en werkgelegenheid. Sommige studies spreken over miljarden aan economische waarde. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat zulke cijfers vaak ook de waarde van nieuwe infrastructuur meenemen. Dat is geen directe kasstroom, maar een inschatting van toekomstige economische betekenis.
De belangrijkste risico’s
De risico’s zijn vergelijkbaar met eerdere edities van de Winterspelen. Infrastructuurprojecten kunnen vertragen of duurder uitvallen. Veiligheidsmaatregelen kunnen extra kosten veroorzaken als de situatie verandert. Ticketverkoop en sponsoring blijven afhankelijk van de economische omstandigheden.
Ook wisselkoersen spelen een rol, omdat belangrijke IOC-afspraken in dollars zijn vastgelegd. Een sterke of zwakke euro kan invloed hebben op de uiteindelijke opbrengst in euro’s. Bij een begroting die rond nul moet uitkomen, kan dat verschil merkbaar zijn.
Conclusie: organisatie op nul, legacy bepaalt het echte oordeel
Op papier kan het organisatiebudget van Milano Cortina 2026 rond break-even eindigen, mits de inkomsten uit IOC, sponsoring en ticketing voldoende zijn. Het basisbudget van €1,55 miljard is daarop ingericht, ook al zijn latere ramingen hoger.
Investeringen rond de Olympische winterspelen

Bron: Libera
De echte financiële beoordeling gaat echter verder dan de organisatie alleen. Met ongeveer €3,5 miljard aan infrastructuurinvesteringen ligt daar het grootste gewicht. Uiteindelijk zal het oordeel over Milano Cortina 2026 afhangen van wat er na 2026 overblijft. Als wegen, spoorverbindingen en sportlocaties intensief en langdurig worden benut, kan de investering zich terugbetalen. Als ze onderbenut blijven, dan zal vooral de rekening zichtbaar blijven.
Ook voor particuliere beleggers geldt dat het uiteindelijke rendement niet alleen wordt bepaald door inkomsten, maar vooral door kosten en efficiëntie. Wie zijn portefeuille optimaal wil laten renderen, doet er daarom goed aan kritisch te kijken naar transactiekosten en valutamarges bij internationale beleggingen.
MEXEM werd door Brokerskiezen.nl uitgeroepen tot beste allround broker van 2025 en biedt beleggers de mogelijkheid om wereldwijd te handelen met valutakosten van slechts 0,005%, tegenover 0,25% bij DEGIRO en SAXO Bank. Dat verschil kan voor de gemiddelde belegger oplopen tot honderden tot duizenden euro’s per jaar. Daarmee geldt MEXEM voor veel beleggers als de meest complete keuze voor wie lage kosten en internationale spreiding belangrijk vindt.





































































































































Opmerkingen