top of page

In Apples recordmarge zit een meevaller die weer verdwijnt

29 minuten geleden
5 minuten om te lezen

In het kort

Apple meldde over het juni-kwartaal een brutomarge van 50,1 procent, een uitzonderlijk niveau voor een onderneming die nog altijd honderden miljoenen fysieke apparaten verkoopt. Ongeveer twee procentpunt kwam echter uit teruggaven van eerder betaalde invoerheffingen. Wie de waardering van Apple op de recordmarge baseert, telt dus een tijdelijke meevaller als structurele winst. Bij een koers van $333,63 moet de genormaliseerde marge sterk blijven, terwijl Services en een nieuwe productcyclus de winst per aandeel verder laten groeien.


Eenmalige meevallers leveren echt geld op en kunnen worden gebruikt voor inkoop of investeringen. Het probleem ontstaat wanneer de markt het tijdelijke bedrag waardeert alsof het ieder jaar terugkeert.


Bij Apple telt dat extra zwaar door de enorme omzetbasis en de hoge beurswaarde. Een verschil van één of twee margepunten vertaalt zich in miljarden dollars, terwijl de koers al veel structurele kwaliteit veronderstelt.



Een record met een voetnoot

Op 30 juli rapporteerde Apple voor het derde kwartaal van boekjaar 2026 een omzet van $109,4 miljard, 16 procent meer dan een jaar eerder. De verwaterde winst per aandeel steeg 29 procent naar $2,02. Beide cijfers tonen dat de onderneming na jaren van wisselende hardwaregroei opnieuw stevig versnelde. Het opvallendste getal was echter de brutomarge van 50,1 procent. De brutomarge is wat na directe product- en dienstkosten van iedere omzetdollar overblijft voor onderzoek, verkoop, belastingen en winst.


In de toelichting maakte Apple duidelijk dat teruggaven van invoerheffingen ongeveer twee procentpunt aan die marge toevoegden. Ook de winst per aandeel bevatte ongeveer $0,11 uit die post. Een teruggaaf kan volkomen terecht zijn, maar herhaalt zich niet vanzelf. Voor een normale winstraming moet die bijdrage dus worden verwijderd. Op $109,4 miljard omzet vertegenwoordigen twee margepunten grofweg $2,2 miljard brutowinst in één kwartaal.



Na die correctie resteert nog altijd ongeveer 48,1 procent brutomarge. Dat is sterk. Het punt is niet dat de kwartaalwinst zwak was, maar dat een belegger onderscheid moet maken tussen de onderliggende economie en een boekhoudkundige of fiscale meevaller. Een vergelijkbare discipline is nodig bij de aandeleninkoop. In onze analyse van Apples inkoop van $100 miljard legden we uit dat inkoop alleen waarde per aandeel creëert als de prijs en de toekomstige kasstroom bij elkaar passen.


Services beschermt de gemiddelde marge

Apple verkoopt hardware om een groot en actief ecosysteem te bouwen. iPhone, Mac, iPad en wearables leveren de toegang tot klanten. Services, waaronder de App Store, iCloud, betalingen, advertenties en abonnementen, verdienen vervolgens terugkerende omzet op die geïnstalleerde basis. De directe kosten van digitale diensten zijn vaak lager dan die van fysieke producten. Daardoor tilt een groter Services-aandeel de gemiddelde brutomarge op.


Die mix is geen gratis geldmachine. Regelgevers drukken op commissies in appwinkels, gebruikers verwachten privacy en de kosten voor kunstmatige intelligentie en cloudinfrastructuur stijgen. Bovendien draagt een sterke dollar of zwakke consumentenvraag direct door in hardware. Toch is de combinatie van apparaten en diensten moeilijk te kopiëren. Een concurrent kan een goede telefoon maken, maar niet meteen hetzelfde aantal ontwikkelaars, betaalrelaties en verbonden apparaten bijeenbrengen.



De interactieve mix laat zien waarom kleine verschuivingen belangrijk zijn. Als Services een groter deel van de omzet vormt en de hoge servicemarge standhoudt, kan de totale brutomarge stijgen zonder prijsverhoging van de iPhone. Daalt de servicemarge door regulering of hogere infrastructuurkosten, dan moet hardware meer volume of een betere productmix leveren. De recordmarge is dus niet alleen een kostenverhaal, maar ook een vraagstuk van omzetkwaliteit.


Wat moet $333,63 waarmaken?

De koers van $333,63 is de twintig minuten vertraagde Nasdaq-notering op 6 oktober 2026, zoals weergegeven op de De Belegger-koerspagina voor Apple. Daarmee ligt de beurswaarde rond $4,86 biljoen. Dat is meer dan een compliment voor een sterk merk. Het is een verwachting dat Apple nog jarenlang zeer veel vrije kasstroom produceert en een groot deel daarvan per aandeel laat groeien.


De aandelenbasis is daarbij belangrijk. Apple koopt op grote schaal aandelen in, waardoor dezelfde totale winst over minder stukken wordt verdeeld. Maar als de onderneming tegen een zeer hoge waardering inkoopt, is het toekomstige rendement op die besteding lager. Aandelenbeloning voor personeel werkt bovendien de andere kant op. Daarom kijken we naar de verwaterde winst per aandeel nadat beide effecten zijn verwerkt.



Bij een gewenst jaarlijks koersrendement van 9 procent en een eindwaardering van 31 keer de winst moet Apple in 2029 ongeveer $13,96 per aandeel verdienen. De formule luidt: $333,63 maal 1,09 tot de macht drie, gedeeld door 31. De uitkomst is geen consensus en geen koersdoel. Ze maakt zichtbaar hoeveel winstgroei de huidige koers nodig heeft als de waardering over drie jaar nog altijd hoog is.


In het eerdere artikel over de benodigde $44 miljard extra jaaromzet stond de absolute schaal centraal. Die schaal blijft de beperkende factor. Een nieuwe dienst kan op zichzelf snel groeien, maar moet tientallen miljarden bijdragen voordat zij de totale omzet merkbaar versnelt. Hetzelfde geldt voor een nieuw apparaat. Apple heeft geen gebrek aan ideeën; het heeft vooral ideeën nodig die groot genoeg worden.


De sterkste tegenwerping

De optimistische belegger wijst terecht op de kwaliteit van het ecosysteem. Een miljardenschaal aan actieve apparaten levert terugkerende vraag, sterke betaalrelaties en een uitzonderlijk distributiekanaal voor nieuwe diensten. De balans is sterk, het merk maakt hoge prijzen mogelijk en inkoop verhoogt de winst per aandeel. Zelfs gematigde omzetgroei kan zo tot aantrekkelijke winstgroei leiden.


De tegenwerping is de uitgangswaardering. Bijna elk gunstig kenmerk is bekend en wordt ruim betaald. Een normalisatie van twee margepunten lijkt klein, maar bij Apples omzet gaat het om miljarden. Als nieuwe AI-functies vooral extra chips en cloudkosten vragen zonder duidelijke prijsverhoging, kan de marge eerder dalen dan stijgen. Ook regulering van de App Store kan juist het meest winstgevende deel van de omzet raken. De onderneming hoeft dus niet te krimpen om aandeelhouders teleur te stellen. Groei die net onder de hoge verwachting blijft, is genoeg.


Drie koerspaden tot en met 2029

Onze scenario's vertrekken vanaf $333,63 en gebruiken voor ieder jaar een eigen winst per aandeel en passend winstveelvoud. De mogelijke koersen zijn de vermenigvuldiging van die twee aannames. Dividend wordt buiten de koers gehouden; het totale aandeelhoudersrendement ligt daardoor iets hoger. Dit zijn scenario's, geen gegarandeerde uitkomsten.



Het bear-pad gaat via $275 in 2027 en $255 in 2028 naar $245 in 2029. Daar normaliseert de marge, vertraagt de productcyclus en daalt het winstveelvoud. Het middenpad van $350, $385 en $425 vereist dat Services groeit, de genormaliseerde marge hoog blijft en de winst per aandeel hoog enkelcijferig tot laag dubbelcijferig stijgt. Het gunstige pad van $395, $465 en $550 veronderstelt dat nieuwe producten, diensten en AI de winst versnellen zonder wezenlijke margedruk.


Wat wij nu volgen

De volgende rapportages moeten vooral de marge zonder eenmalige teruggaven laten zien. Daarnaast letten we op omzetgroei van Services, de ontwikkeling van de actieve apparatenbasis, investeringen in AI-infrastructuur en de daling van het verwaterde aantal aandelen. Ook de verhouding tussen inkoop en vrije kasstroom telt. Inkoop gefinancierd uit structurele kasstroom is sterker dan inkoop die de balans geleidelijk uitholt.


Apple blijft een uitzonderlijke onderneming, maar een uitzonderlijke onderneming is niet bij iedere prijs een uitzonderlijke belegging. De correctie voor de tariefteruggaven verlaagt de kwaliteit van het record niet, maar maakt het startpunt realistischer. Bij $333,63 is veel succes ingeprijsd en is een hoge, blijvende marge noodzakelijk. Wie bereid is die waardering te dragen voor het ecosysteem, de kasstroom en de inkoopkracht, vindt nog steeds kwaliteit. Ons oordeel is daarom GRAAG, met nadrukkelijke aandacht voor de genormaliseerde marge.


Omslagfoto: John Ternus, CEO van Apple sinds 1 september 2026. Foto: Apple Newsroom, officieel portret van 20 april 2026.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

bottom of page