Prins Constantijn waarschuwt voor kapitaalvlucht door nieuwe box 3-belasting
- Kevin S
- 1 dag geleden
- 4 minuten om te lezen
In het kort:
Het nieuwe box 3-stelsel belast vanaf 2028 het werkelijke rendement, waarbij beleggers ook belasting kunnen betalen over ongerealiseerde (papieren) winsten tegen een tarief van 36 procent.
Prins Constantijn en internationale investeerders waarschuwen dat dit vooral start-ups en werknemers met aandelenopties raakt en Nederland minder aantrekkelijk kan maken als vestigingsland.
Door beperkte uitzonderingen en politieke onzekerheid over mogelijke aanpassingen blijft onduidelijk hoe stabiel het nieuwe systeem is, wat invloed kan hebben op investerings- en beleggingsbeslissingen.
De invoering van het nieuwe box 3-stelsel houdt de gemoederen flink bezig. Niet alleen particuliere beleggers en fiscalisten uiten hun zorgen, ook vanuit de wereld van start-ups klinkt stevige kritiek. Prins Constantijn, speciaal gezant van Techleap, spreekt openlijk zijn onvrede uit over de plannen die vanaf 2028 van kracht moeten worden. Volgens hem geeft Nederland hiermee een verkeerd signaal af aan internationale investeerders en aan talent dat overweegt zich hier te vestigen. Zijn waarschuwing is duidelijk: het risico bestaat dat Nederland minder aantrekkelijk wordt als vestigingsland voor innovatieve bedrijven.

Van fictief naar werkelijk rendement
Met het nieuwe stelsel neemt Nederland afscheid van het fictieve rendement in box 3. In plaats daarvan wordt gekeken naar het werkelijk behaalde rendement op vermogen. Dat betekent dat spaargeld en beleggingen jaarlijks worden belast op basis van hun daadwerkelijke waardestijging. Voor andere bezittingen, zoals een tweede woning of een belang in een onderneming, geldt in principe belasting bij verkoop. Het tarief voor beleggingen komt uit op 36 procent.
Hoewel het kabinet dit presenteert als een eerlijker systeem, omdat het dichter aansluit bij het echte rendement, zorgt vooral de keuze voor vermogensaanwasbelasting voor discussie. Beleggers kunnen namelijk belasting verschuldigd zijn over waardestijgingen die nog niet zijn gerealiseerd. Dat betekent dat zij moeten afrekenen over papieren winsten, zonder dat daar daadwerkelijk liquide middelen tegenover staan. Het toekomstige kabinet wil uiteindelijk toewerken naar een vermogenswinstbelasting waarbij pas wordt geheven bij verkoop, maar tot die tijd blijft dit tussenstelsel de realiteit.
Start-ups in de knel
Juist voor start-ups kan dit systeem volgens Constantijn grote gevolgen hebben. Jonge bedrijven beschikken vaak over beperkte financiële middelen en kiezen er daarom voor om werknemers deels in aandelen of opties te belonen. Dat is een gebruikelijke manier om talent aan te trekken in een concurrerende internationale markt. Wanneer die aandelen in waarde stijgen, ontstaat er onder het nieuwe stelsel echter een belastingverplichting, ook al kunnen werknemers hun aandelen nog niet verkopen.
Dat leidt tot een ongemakkelijke situatie. Werknemers kunnen belasting moeten betalen over een waarde die alleen op papier bestaat. Zonder beursnotering of verkoopmoment ontbreekt het aan cash om die aanslag te voldoen. Volgens Constantijn maakt dit Nederland minder aantrekkelijk voor innovatieve bedrijven die afhankelijk zijn van aandelenbeloningen om te groeien. In zijn ogen ondermijnt het beleid zo inspanningen die juist zijn bedoeld om het Nederlandse start-upecosysteem te versterken.
Internationale reacties en reputatie
De kritiek bleef niet beperkt tot Nederland. Ook internationale ondernemers reageerden op de plannen. Zo liet Elon Musk zich op sociale media spottend uit over het voornemen om 36 procent belasting te heffen op ongerealiseerde winsten. Zulke reacties zijn misschien symbolisch, maar ze raken wel aan een belangrijk punt. In de wereld van venture capital en technologie speelt reputatie een grote rol. Investeerders vergelijken landen voortdurend op basis van fiscale aantrekkelijkheid, stabiliteit en voorspelbaarheid.
Wanneer Nederland wordt gezien als een land waar belasting wordt geheven voordat winst daadwerkelijk is gerealiseerd, kan dat investeringsbeslissingen beïnvloeden. Start-ups opereren immers in een mondiale markt waarin kapitaal relatief eenvoudig kan uitwijken naar gunstiger regimes.

Uitzonderingen en politieke onzekerheid
Om de impact te verzachten, is een uitzondering bedacht voor startende ondernemingen. Die geldt voor bedrijven tot vijf jaar oud met een omzet onder de 30 miljoen euro. In de praktijk groeien succesvolle start-ups echter vaak snel boven deze grenzen uit, waardoor zij alsnog met het volledige regime te maken krijgen. Volgens Constantijn is de huidige definitie daarom te beperkt en onvoldoende toegesneden op de realiteit van snelgroeiende technologiebedrijven.
Opmerkelijk is bovendien dat de Tweede Kamer tegelijkertijd een motie aannam waarin wordt onderzocht of belastingheffing in box 3 uiteindelijk alleen moet plaatsvinden bij gerealiseerde winst. Dat zorgt voor extra onzekerheid. Er is dus een nieuw stelsel aangenomen, terwijl nog wordt gekeken of het vóór invoering alweer moet worden aangepast. Voor beleggers en ondernemers betekent dit dat de fiscale spelregels voorlopig niet in beton zijn gegoten.
Wat betekent dit voor beleggers
Voor particuliere beleggers verandert er veel. Het nieuwe systeem vraagt om nauwkeurige administratie van rendementen en waardemutaties. Vooral bij minder liquide beleggingen, zoals belangen in niet-beursgenoteerde ondernemingen, kan de waardering complex worden. Daarnaast kan de verplichting om belasting te betalen over papieren winsten invloed hebben op beleggingsgedrag. Beleggers kunnen zich genoodzaakt voelen om eerder te verkopen om aan hun fiscale verplichtingen te voldoen.
De bredere vraag is uiteindelijk hoe Nederland de balans wil vinden tussen rechtvaardige belastingheffing en internationale concurrentiekracht. Voorstanders benadrukken dat werkelijk rendement eerlijker is dan een fictieve heffing. Tegenstanders vrezen dat belasting over ongerealiseerde winsten kapitaal en ondernemerschap wegjaagt. De komende jaren zullen uitwijzen of het nieuwe box 3-stelsel leidt tot een stabieler en rechtvaardiger systeem, of dat de kritiek vanuit de investeringswereld verder zal aanzwellen. Voor beleggers is het in elk geval zaak om deze ontwikkelingen scherp te blijven volgen, omdat zij direct doorwerken in rendement en strategie.
Advertorial
De discussie over belasting op werkelijk rendement onderstreept hoe belangrijk het is om kritisch te kijken naar de manier waarop vermogen wordt aangehouden. In een periode van fiscale veranderingen kan het aantrekkelijk zijn om (tijdelijk) te kiezen voor overzicht en flexibiliteit, bijvoorbeeld door spaargeld liquide te houden tegen een duidelijke rentevergoeding. Zo blijft vermogen wendbaar terwijl de spelregels in beweging zijn.
Raisin RenteBoost is een tijdelijke actie waarbij je op een vrij opneembare spaarrekening de eerste 3 maanden lang een gegarandeerde rente van 2,85% p.j. krijgt. Je spaargeld blijft dagelijks opvraagbaar en je kunt vrij storten en opnemen. Na deze periode kun je via één Raisin-account verder sparen bij meer dan 50 Europese banken, met actuele variabele rentes tot 1,91% p.j. of kiezen voor spaardeposito’s met looptijden van één maand tot tien jaar en rentes tot 3,15% p.j.






































































































































