DeepSeek maakt zoeken goedkoop maar bewijzen blijft duur
In het kort
DeepSeek introduceerde op 17 oktober zoek- en ophaalfuncties en vernieuwde zijn Flash-model. De diensten worden per geslaagde aanvraag afgerekend, los van het taalmodelverbruik. Daardoor is het ophalen van extra informatie goedkoop te begroten, maar een geslaagde aanvraag is nog geen geslaagd onderzoek. De zakelijke waarde hangt af van relevante bronnen, correcte bronverwijzingen en de hoeveelheid controle die daarna overblijft.
Een taalmodel zonder actuele bronnen kan een overtuigend antwoord geven op basis van verouderde informatie. Een taalmodel met een zoekfunctie kan actueler werken, maar introduceert een andere vraag: ondersteunt de gevonden pagina werkelijk de bewering? Dat verschil bepaalt of een onderzoekstoepassing werk bespaart of vooral meer materiaal produceert dat iemand moet nalopen.
De aankondiging van DeepSeek van 17 oktober maakt dit een actuele afweging. Het bedrijf voegt zoeken en het ophalen van webpagina’s toe. Tegelijk vermeldt het releaseoverzicht DeepSeek V4.1-Flash-1017 als nieuwe versie achter de Flash-aansluiting. Verbeteringen in kwaliteit en kortere antwoorden zijn claims van de leverancier, geen door De Belegger uitgevoerde test.
Zoeken en lezen zijn verschillende stappen
De Search-interface levert zoekresultaten op. De Fetch-interface haalt de inhoud van een pagina op in een tekstvorm die een model verder kan verwerken. De eerste stap helpt een bron te vinden; de tweede maakt de inhoud beschikbaar. Geen van beide bepaalt op zichzelf of de bron actueel, volledig of betrouwbaar is.
Een zoekresultaat kan bijvoorbeeld verwijzen naar een productpagina met een aantrekkelijke introductieprijs. De opgehaalde pagina kan daarnaast voorwaarden bevatten over regio, looptijd of extra kosten. Pas wanneer de toepassing die voorwaarden meeneemt, ontstaat een bruikbaar antwoord. Dat vraagt soms meerdere pagina’s en soms een expliciete constatering dat de informatie ontbreekt.
Voor een bedrijf is daarom niet het aantal zoekopdrachten de beste prestatiemaatstaf. Beter is het aantal vragen dat correct, navolgbaar en binnen de afgesproken tijd wordt afgerond. Een antwoord met drie links kan slechter zijn dan een antwoord met één goede bron. Ook kunnen drie verschillende websites uiteindelijk dezelfde oorspronkelijke mededeling herhalen.
De kleine rekening per aanvraag
Volgens de prijsdocumentatie op 18 oktober kosten Search en Fetch ieder $0,75 per duizend geslaagde aanvragen. Neem een duidelijk rekenvoorbeeld van 10.000 onderzoeksvragen, met per vraag twee zoekaanvragen en drie opgehaalde pagina’s. Dat zijn 20.000 Search-aanvragen en 30.000 Fetch-aanvragen, samen $37,50. Het modelverbruik komt daar nog bij.
Voor dezelfde werklast nemen we 8.000 niet-gecachete inputtokens en 1.000 betaalde outputtokens per vraag aan. Tegen de piektarieven van Flash-1017, $0,30 en $1,20 per miljoen tokens, is dat $24 plus $12. Samen met zoeken en ophalen wordt het $73,50. Dat is $0,00735 per vraag, exclusief belasting en eventuele andere diensten. Alle betaalde redeneeroutput moet binnen de aangenomen output vallen.
DeepSeek hanteert daarnaast daluren; op het moment van schrijven, een zondag, gelden die lagere modeltarieven. Met de genoemde halvering van de modeltarieven daalt het modeldeel naar $18 en het totaal naar $55,50. Het zoek- en ophaaldeel is hier niet gehalveerd. Een tijdelijke vrijstelling voor bepaalde geïntegreerde hulpmiddelen is evenmin als blijvend voordeel ingeboekt.
Dit is een kostenberekening, geen kwaliteitstest. Als een toepassing per vraag tien in plaats van drie pagina’s nodig heeft, verandert de rekening. Als antwoorden onbruikbaar zijn en opnieuw moeten worden gemaakt, stijgt ook het modelverbruik. Goedkoop zoeken kan daardoor juist uitnodigen tot onnodig veel zoeken. Een maximumaantal aanvragen en een duidelijke stopregel blijven nuttig.
De dure stap staat na het antwoord
Stel dat iedere vraag gemiddeld twee minuten menselijke controle vraagt. Bij 10.000 vragen is dat ruim 333 uur. Tegen een aangenomen interne kostprijs van €60 per uur is de controle €20.000. Dat eurobedrag wordt niet zonder wisselkoers opgeteld bij de dollarrekening, maar de verhouding laat zien waar de aandacht hoort te liggen.
De oplossing is niet automatisch minder controle. Een toepassing kan eerst beter aangeven welke passages een conclusie ondersteunen. Zij kan onderscheid maken tussen een officiële publicatie en een commentaarstuk. Zij kan de publicatiedatum bewaren en melden wanneer een bron niet toegankelijk is. Daarmee wordt het voor de beoordelaar makkelijker om gericht te controleren.
Bij een eenvoudige interne vraag kan een steekproef voldoende zijn. Bij een beslissing met financiële, juridische of veiligheidsgevolgen kan volledige controle nodig blijven. Hetzelfde model kan dus in het ene proces overtuigend renderen en in het andere nauwelijks tijd besparen. Dat verschil ontstaat door de toepassing, niet uitsluitend door de benchmarkpositie van het model.
Wanneer verdient een onderzoeksassistent zich terug
Neem €15.000 eenmalige ontwikkelkosten en €9.000 jaarlijkse kosten voor beheer, gebruik en kwaliteitsbewaking. Om die investering in drie jaar terug te verdienen is €14.000 voordeel per jaar nodig. Bij €60 per uur en 10.000 vragen per jaar betekent dit gemiddeld 1,4 minuut netto tijdwinst per vraag.
Netto betekent hier na controle en herstel. Als de assistent vier minuten zoekwerk bespaart maar drie minuten extra controle veroorzaakt, blijft maar één minuut over. Dat is in dit voorbeeld onvoldoende. Een overtuigend antwoord dat niemand kan verifiëren, is voor deze rekensom geen afgeronde taak.
Er is wel een sterke kans. Wanneer medewerkers nu veel tijd kwijt zijn aan het vinden van dezelfde soort primaire documenten, kan een goed ingerichte zoek- en leesketen dat werk aanzienlijk versnellen. Vooral herhaalbare vragen met duidelijke broncriteria lenen zich voor een proef. Vrij onderzoek zonder afbakening is lastiger te meten en kan steeds verder uitdijen.
Drie paden naar daadwerkelijk voordeel
Voor 2027, 2028 en 2029 nemen we netto tijdwinsten van 0,5, 0,75 en 1 minuut in het lage pad; 1,5, 2 en 2,5 minuten in het middenpad; en 3, 3,5 en 4 minuten in het hoge pad. Het volume blijft 10.000 vragen per jaar. De jaarlijkse uitkomst is vragen maal minuten gedeeld door zestig, maal €60, minus €9.000. Dit zijn eigen planningsaannames, geen vooruitblik op DeepSeek-tarieven of modelkwaliteit.
Na de drie jaarlijkse uitkomsten en de eenmalige €15.000 resteert min €19.500, plus €18.000 en plus €63.000. Financiering en belastingen zijn niet opgenomen. Het verschil tussen de scenario’s komt vrijwel volledig uit de tijd die na controle werkelijk overblijft.
DeepSeek verlaagt met de nieuwe functies de kosten om een onderzoekstoepassing te bouwen. De belangrijkste toets blijft echter of een antwoord door de bronnen wordt gedragen. Goedkope toegang tot informatie is een kans; een gecontroleerde conclusie is het product waarvoor een bedrijf uiteindelijk betaalt. Minder controleminuten bij dezelfde foutgrens zouden het sterkste bewijs zijn dat deze vernieuwing ook economisch werkt.


















































































































Opmerkingen