top of page

Crypto in eigen wallet en crypto dienstverleners zoals Bitvavo dreigen eerder belast te worden dan bij een bank of broker

51 minuten geleden
6 minuten om te lezen

In het kort

Volgens berichtgeving van het Parool en AD over de nieuwe box 3 wet zou crypto in een eigen wallet vanaf 2028 jaarlijks worden belast op waardestijging, ook zonder verkoop. Voor bepaalde financiële instrumenten zou juist eerder een heffing bij verkoop komen. Dat verschil raakt cryptobeleggers die hun coins zelf bewaren en geen euro's achter de hand hebben voor een belastingaanslag. De precieze grens, onder meer voor crypto bij Bitvavo, is nog niet in een definitieve wettekst vastgelegd. De Eerste Kamer heeft de bestaande box 3-wet bovendien nog niet aangenomen.


Een bitcoin kan op 31 december fors meer waard zijn dan op 1 januari, terwijl er geen cent op de bankrekening van de eigenaar bijkomt. Toch kan er onder een vermogensaanwasbelasting een aanslag over die waardestijging volgen. Dat is de zorg die vanavond in de community van De Belegger terugkomt na een bericht van AD en Het Parool over een nieuw bod van het kabinet aan de oppositie.


In dat bericht staat dat crypto in een eigen wallet voorlopig onder een jaarlijkse heffing over de waardeontwikkeling zou blijven vallen, terwijl sommige crypto die via een bank of reguliere beleggingsrekening wordt aangehouden vanaf 2028 pas bij gerealiseerde winst zou worden belast. Voor de rest wordt 2031 genoemd. Dat is een bericht over een politiek voorstel, geen geldende wet. Een officiële tekst die de exacte behandeling van elke crypto-exchange vastlegt, is op 29 september nog niet gepubliceerd. Dat onderscheid houden we scherp.


Dezelfde koerswinst kan volgens het bod op een ander moment worden belast

Het verschil tussen twee systemen klinkt technisch, maar het gaat over de datum waarop geld de portefeuille moet verlaten. Een vermogensaanwasbelasting kijkt naar inkomsten en de waardeontwikkeling in een kalenderjaar. Ook een niet verkochte coin telt dan mee. Een vermogenswinstbelasting wacht voor de waardestijging tot een vervreemding, meestal de verkoop. Ontvangen inkomsten, bijvoorbeeld rente of bepaalde opbrengsten uit crypto, kunnen in beide systemen een eigen behandeling krijgen. Het is dus te simpel om te zeggen dat de tweede route tot verkoop helemaal belastingvrij is.


De wet die nu bij de Eerste Kamer ligt kent vermogensaanwas als hoofdregel en uitzonderingen voor onder meer vastgoed en bepaalde aandelen in startende bedrijven. De memorie van toelichting noemt cryptovaluta expliciet en waarschuwt zelf voor de administratieve last bij jongeren met hoge cryptorendementen. Het kabinet besprak in september ook een route waarbij financiële instrumenten al in 2028 naar winstbelasting gaan en overige bezittingen later volgen. Die officiële route noemde destijds 2030; het bericht van vandaag noemt 2031. Juist daarom moet niemand die latere datum als vastgesteld presenteren.


Waar je crypto staat, is volgens de berichtgeving relevant. Het juridische onderscheid moet echter nog worden uitgewerkt:



De belasting kan sneller komen dan het geld waarmee je haar betaalt

Neem iemand die op 1 januari 2028 voor €100.000 aan bitcoin heeft en een jaar later voor €160.000, zonder te kopen of te verkopen. In het huidige wetsvoorstel is de aanwas €60.000. Bij het daarin genoemde tarief van 36 procent en een heffingsvrij resultaat van €1.800 zou dat, als dit de enige box 3-opbrengst is en er geen oude verliezen of kosten zijn, €20.952 belasting opleveren: (€60.000 min €1.800) maal 36 procent. De waarde is gestegen, maar die €20.952 staat niet automatisch op een betaalrekening. De parameters en de beoogde ingangsdatum kunnen in het politieke debat veranderen.


Een verkoop van een deel van de coins om de aanslag te betalen is mogelijk, maar dwingt iemand dan juist na een koersstijging zijn positie te verkleinen. Bij een waarde van €160.000 is €20.952 gelijk aan ongeveer 13,1 procent van die positie, nog afgezien van koersbeweging en kosten tussen waardering en betaling. Het grotere gevaar zit in de timing: als de koers na de jaarwisseling flink daalt, is de aanslag gebaseerd op een eerdere, hogere waarde. De voorgestelde verliesverrekening kan toekomstige winsten dempen, maar brengt eerder betaalde belasting niet automatisch meteen terug op de rekening.


Met deze rekensom kun je de orde van grootte voor een hypothetische positie aanpassen:



Een koersval een jaar later maakt het verschil extra scherp

Crypto beweegt zelden netjes met de kalender mee. In een illustratief pad stijgt €100.000 in 2028 naar €160.000 en valt de waarde in 2029 weer terug naar €100.000. Zonder ander vermogen is het eerste jaar onder de genoemde aannames €20.952 verschuldigd. Het volgende jaar is er een verlies van €60.000, maar dat is niet hetzelfde als op die dag de eerdere €20.952 terugkrijgen. In het aangenomen wetsvoorstel is voorwaartse verliesverrekening voorzien met een drempel; een eventuele mogelijkheid om verlies met een voorgaand jaar te verrekenen is onderdeel van het verdere politieke debat.


Een systeem dat wacht tot verkoop pakt deze twee koersjaren anders aan. Wie de bitcoin blijft houden, zou over de niet verkochte waardestijging geen vergelijkbare heffing bij verkoop verschuldigd zijn. Dat betekent niet dat verlies nooit meer telt of dat alle andere inkomsten onbelast blijven. Het gaat hier om het tijdstip van heffen over de waardeontwikkeling. Juist voor volatiele beleggingen bepaalt dat tijdstip hoeveel liquiditeit iemand onderweg nodig heeft.


De tweede jaarwaarde maakt de rekening zichtbaar:



Bij Bitvavo is een vergunning geen antwoord op de belastingvraag

In de reacties komt meteen de vraag op of crypto op Bitvavo dan als ‘eigen wallet’ telt. Bitvavo zegt een MiCA-vergunning als cryptodienstverlener te hebben, en de AFM onderscheidt zulke aanbieders van onder meer banken en beleggingsondernemingen. Dat de exchange gereguleerd is, bewijst nog niet dat crypto die zij bewaart voor een klant fiscaal onder een mogelijke uitzondering voor effecten op een reguliere beleggingsrekening valt. Evenmin is in de beschikbare officiële stukken bevestigd dat iedere exchange wallet hetzelfde behandeld zal worden als een wallet waarvan de belegger zelf de sleutels bewaart.


Ook een bitcoin ETP bij een broker is geen bitcoin in een eigen wallet. De belegger bezit in dat geval een beursgenoteerd product dat de koers volgt, met eigen kosten, structuur en risico's. Het zou een andere fiscale categorie kunnen zijn als het politieke bod precies zo in wetgeving wordt omgezet. Vandaag al coins verkopen of verplaatsen om een vermeend belastingvoordeel veilig te stellen, gaat dus veel verder dan wat de bekende feiten toelaten. Belasting volgt de juridische rechten en de uiteindelijke wetstekst, niet alleen de naam op de app.


De roep om een digitale overheidswallet of ‘totale controle’ in sommige gesprekken is op basis van deze box 3-berichtgeving niet te onderbouwen. De Europese DAC8-regels vragen sinds 2026 wel gegevens over klanten en transacties van cryptodienstverleners. Dat is een bestaande rapportageregel, geen bewijs dat een eigen wallet verboden wordt en ook geen nieuwe belasting die op 29 september al in werking treedt. Zelf bewaren ontslaat een belegger evenmin van de huidige aangifteplicht.


De politieke klok loopt, maar de regel is nog niet af

De Tweede Kamer nam de Wet werkelijk rendement box 3 in februari aan. De Eerste Kamer stelde de stemming uit omdat het kabinet aanpassingen had aangekondigd. In een brief van 14 september schreef het kabinet dat er nog onvoldoende breed draagvlak was voor een concrete aanpassing. De senaatscommissie wil de bewindspersonen op 5 oktober spreken. Een nieuw bod aan oppositiepartijen kan de discussie versnellen, maar heeft op zichzelf geen wettelijke werking.


De stappen die nog moeten volgen zijn van belang voor iedere cryptobelegger:



De verstandigste reactie is nu een goede administratie, geen haastige verhuizing

Voorlopig blijft de huidige aangifte leidend. De Belastingdienst zegt dat crypto tot box 3 behoort en dat voor de waardering de koers op 1 januari van het gebruikte omwisselplatform wordt gehanteerd. Leg daarom aankopen, verkopen, stortingen, opnamen, swaps, kosten en wallettransfers goed vast. Wie eigen wallets en meerdere exchanges gebruikt, heeft die administratie straks des te harder nodig om een waardestijging te onderscheiden van geld dat alleen is verplaatst.


De bezorgdheid in de community is begrijpelijk. Een belegger kan bewust voor eigen beheer kiezen om niet afhankelijk te zijn van een tussenpartij. Als dezelfde blootstelling bij een broker eerder pas bij verkoop wordt belast, ontstaat een fiscale prikkel om die keuze te veranderen. Dat is een wezenlijke politieke vraag, niet een detail voor de belastingaangifte. De wetgever zal moeten uitleggen waarom de bewaarmethode zo'n groot verschil in liquiditeitsrisico mag maken en hoe een crypto-exchange tussen de twee uitersten valt.


Onze conclusie op 29 september is daarom helder: de mogelijkheid van een aanslag op onverkochte cryptowinst is serieus en staat al in de bestaande route naar 2028. De vandaag gemelde uitzondering voor bepaalde rekeningen, het jaartal 2031 en de behandeling van Bitvavo zijn nog geen vaststaande wet. Zodra de tekst er ligt, rekenen we per vorm van bezit uit wat zij werkelijk betekent, inclusief de pijnlijke situatie waarin de koers na de peildatum weer terugvalt.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 156:44:51

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

bottom of page