top of page

Bijna niemand kijkt naar wat een online bestelling Ahold Delhaize kost terwijl juist die rekening bepaalt of de winkelmarge overeind blijft

33 minuten geleden
6 minuten om te lezen

In het kort

De online omzet van Ahold Delhaize groeide in het tweede kwartaal 8,6 procent bij constante wisselkoersen. In de Verenigde Staten lag de groei op 14,5 procent. Dat is sterk, maar online omzet heeft door picking en bezorging een andere kostenstructuur dan een winkelmandje.


De groepsomzet kwam uit rond €22,9 miljard en de onderliggende operationele marge op 3,9 procent. Ahold handhaafde zijn verwachting van ongeveer 4 procent marge over 2026. De online groei moet dus niet alleen volume toevoegen, maar ook helpen die marge vast te houden.


Het aandeel sloot op 25 september op €31,76 in Amsterdam. De waardering vraagt geen technologieachtige groei. Zij vraagt wel dat Ahold schaalvoordelen, winkels, advertenties en loyaliteitsdata gebruikt om online bestellingen winstgevender te maken.


Een supermarkt heeft een eenvoudig doel en een lastig verdienmodel. De klant wil een volle tas tegen een lage prijs. De onderneming moet winkels, distributie, personeel, voorraad en derving betalen. Aan het einde blijft vaak maar enkele centen operationele winst per euro omzet over.


Online boodschappen voegen gemak toe, maar ook handelingen. Iemand moet de bestelling verzamelen, inpakken en bezorgen of klaarzetten. In de winkel doet de klant een deel van dat werk zelf. Daarom zegt 8,6 procent online groei nog niet hoeveel winst erbij komt.



Online groeit sneller dan de groep

Ahold rapporteerde voor het tweede kwartaal €2,67 miljard online omzet. Dat was 7,3 procent groei tegen werkelijke wisselkoersen en 8,6 procent bij constante valuta. De groep als geheel groeide vergelijkbaar, exclusief benzine, met ongeveer 1,2 procent. Online wint dus aandeel binnen het bedrijf.


De eerste module zet die twee groeitempo’s naast elkaar. Wanneer online jaarlijks bijna 9 procent groeit en de totale omzet veel langzamer, loopt het online aandeel stap voor stap op. Dat vergroot de strategische relevantie, maar ook de financiële invloed van picking, bezorging en digitale marketing.



In de Verenigde Staten was online groei sterker dan in Europa. Food Lion en andere formules breiden afhaal- en bezorgmogelijkheden uit. In Europa heeft Albert Heijn veel ervaring met thuisbezorging, terwijl bol een andere marktplaatslogica gebruikt. De cijfers van die activiteiten kunnen niet zonder meer bij elkaar worden opgeteld. Een boodschappenbezorging heeft een ander mandje, retourpatroon en marge dan een pakket van bol.


De schaal biedt wel voordelen. Ahold kan bestaande winkels gebruiken als afhaalpunt of lokale verzamelplek. Loyaliteitsprogramma’s helpen aanbiedingen richten en de vraag voorspellen. Eigen merken verhogen doorgaans de brutomarge. Advertenties van leveranciers kunnen extra inkomsten toevoegen rond dezelfde klantrelatie.


De orderwaarde bepaalt of bezorgen werkt

Een online bestelling van €40 en een bestelling van €120 vragen niet drie keer zoveel rijtijd. Daardoor is de orderwaarde cruciaal. Bij een klein mandje eten vaste picking- en bezorgkosten een groot deel van de brutowinst op. Een minimum orderbedrag, bezorgbijdrage of abonnement kan dat verbeteren, maar de klant vergelijkt de totaalprijs met zelf naar de winkel gaan.


De ordermodule rekent met een mandje van €80, 27 procent brutomarge, €7 picking, €9 bezorging en €5 klantbijdrage. Dan blijft ongeveer €10,60 over vóór marketing, technologie, derving en centrale kosten. Verlaag de orderwaarde of de klantbijdrage en de uitkomst verslechtert snel.



Dit is geen gerapporteerde marge van Ahold. De onderneming publiceert niet per bestelling dezelfde kostenuitsplitsing. Het model laat zien waarom operationele verbeteringen zo belangrijk zijn. Sneller verzamelen, betere routeplanning en meer orders per bezorgrit kunnen ieder enkele euro’s schelen. Op miljoenen bestellingen wordt dat materieel.


Het tegenargument is dat online ook winkelkosten kan vervangen. Een grotere digitale orderstroom kan minder dure winkelruimte vereisen of voorraad efficiënter verdelen. Dat voordeel ontstaat alleen wanneer de logistieke inrichting meebeweegt. Dubbele infrastructuur, grote winkels én een apart bezorgnetwerk, kan juist extra kapitaal vragen.


Vier procent marge laat weinig ruimte voor fouten

Ahold verwacht over 2026 ongeveer 4 procent onderliggende operationele marge. Dat klinkt bescheiden en past bij food retail. Op meer dan €90 miljard jaaromzet vertegenwoordigt ieder tiende procentpunt echter ongeveer €90 miljoen operationele winst.


De margemodule laat zien hoe een online kanaal met lagere marge op de groep doorwerkt. Wanneer 12 procent van de omzet 1,5 procentpunt minder verdient dan de rest, kost dat ongeveer 0,18 procentpunt concernmarge. Dat kan worden gecompenseerd door hogere advertenties, betere inkoop, eigen merken of efficiëntere bezorging.



Prijsinvesteringen vormen een tweede druk. Ahold moet concurrerend blijven tegenover Walmart, Aldi, Lidl, Jumbo en lokale ketens. Een lagere prijs kan marktaandeel beschermen en volume verhogen. Zij verlaagt tegelijk de marge wanneer leveranciers, productmix of kostenbesparing het verschil niet opvangen.


De onderneming heeft schaal en inkoopmacht, maar leveranciers hebben eveneens grenzen. Te harde onderhandelingen kunnen innovatie of beschikbaarheid raken. Regelgeving rond prijzen, arbeid en duurzaamheid verschilt per land. Daardoor is één uniforme marge voor de hele groep minder voorspelbaar dan zij op het eerste gezicht lijkt.


Winkels blijven een voordeel

Een groot winkelnetwerk wordt soms gezien als last in een digitale wereld. Voor boodschappen kan het juist een distributievoordeel zijn. Winkels liggen dicht bij klanten, hebben gekoelde voorraad en ontvangen dagelijks leveringen. Zij kunnen afhalen ondersteunen en de laatste kilometer verkorten.


Dat voordeel is niet gratis. Medewerkers die online orders verzamelen, bewegen door dezelfde gangen als klanten. Op piekmomenten kan dat de winkelervaring verslechteren. Een dedicated fulfilmentcentrum werkt efficiënter bij hoog volume, maar vraagt investering en voldoende bezetting.


Ahold kan per regio kiezen welke vorm past. Dichtbevolkte gebieden lenen zich beter voor korte routes en hubs. In dunbevolkte gebieden blijft afhalen mogelijk aantrekkelijker dan thuisbezorging. De winst zit daarom niet in één universeel online model, maar in de combinatie van winkel, distributiecentrum en klantdichtheid.


Retailmedia voegen een interessante laag toe. Leveranciers betalen voor zichtbaarheid in apps, websites en winkels. De marge daarop kan hoger zijn dan op boodschappen. De grens is klantvertrouwen. Wanneer gesponsorde aanbiedingen de relevantie verlagen of prijzen opdrijven, kan de winkelervaring lijden.


Lees ook: Ahold Delhaize-aandelen: alles wat je moet weten. Daar staat het bredere verdienmodel naast de online logistiek.


Wat moet €31,76 waarmaken?

Bij een defensieve supermarkt hoort dividend bij het totaalrendement. Daarom rekent de reverse module eerst uit welke eindkoers nodig is voor het gewenste totaalrendement en trekt zij de opgerente dividenden daarvan af. Daarna volgt de winst per aandeel bij een gekozen eindmultiple.


Bij 8 procent gewenst totaalrendement, €1,25 jaarlijks dividend en 15 keer winst is in 2029 ongeveer €2,36 winst per aandeel nodig. Dat ligt niet ver boven een genormaliseerde modelbasis van €2,75. Onder deze aannames komt een belangrijk deel van het rendement dus uit dividend en hoeft de winst niet spectaculair te groeien.



Die comfortabele uitkomst is gevoelig voor de multiple. Wanneer beleggers in 2029 nog maar 11 keer winst betalen, is veel meer winst nodig voor dezelfde koers. Een supermarkt kan operationeel degelijk presteren en toch een matig beursrendement leveren wanneer rente of risicobereidheid de waardering drukt.


Dividend wordt niet dubbel geteld. De contante uitkering verlaagt de vereiste eindkoers en staat daarom niet nogmaals boven op de scenario-koersen. Aandeleninkoop helpt alleen wanneer de verwaterde aandelenbasis werkelijk daalt en de inkoopprijs aantrekkelijk is.


Drie paden voor 2027, 2028 en 2029

Het bearscenario gebruikt winst per aandeel van €2,20 tot €2,30 en een multiple die daalt van 12 naar 11. Daarin blijven de supermarkten winstgevend, maar drukken prijsconcurrentie, online kosten en waardering op de koers. Het middenscenario laat de winst oplopen naar €3,20 bij 15 keer winst. Het gunstige scenario vraagt sterkere margeverbetering en 17 keer winst.



De negen bedragen zijn mogelijke koersen en geen koersdoelen. Dividend staat buiten de tabel. Dat is belangrijk bij Ahold, omdat een groot deel van het rendement uit kasuitkeringen kan komen terwijl de koers rustig beweegt.


De positieve casus is dat Ahold bestaande winkels, schaal en klantdata kan gebruiken om online efficiënter te maken. Iedere verbetering in picking, routeplanning en advertenties werkt dan over een grote omzetbasis. De negatieve casus is dat gemak structureel duur blijft en concurrentie verhindert dat alle kosten aan klanten worden doorgegeven.


Op €31,76 hoeft Ahold geen revolutionair technologiebedrijf te worden. Het moet vooral bewijzen dat 8,6 procent online groei niet alleen meer dozen en kilometers oplevert, maar ook minstens dezelfde paar centen operationele winst per euro omzet.


Foto: Frans Muller, CEO van Ahold Delhaize. Publiek-domeinarchieffoto via Wikimedia Commons.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 164:57:07

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

Copyright © 2026 •

Alle rechten voorbehouden - Amsterdam - 0619930051

​Disclaimer
Let op: Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kan (een deel van) je inleg verliezen. Niets hier mag worden beschouwd als financieel advies.. Voor advies over je persoonlijke situatie kun je het beste een adviseur inschakelen.

  • Instagram
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
bottom of page