top of page

De optische demonstraties van Marvell leveren precies de aandacht op die nog geen order is

46 minuten geleden
6 minuten om te lezen

In het kort

Marvell demonstreerde tijdens ECOC 2026 nieuwe optische technologie voor AI-datacenters. De beurs liep van 20 tot en met 24 september; de aankondiging verscheen op 21 september. Het is dus geen nieuwe lancering op 25 september. Bij een gecontroleerde Nasdaq-koers van $261,34 om 13:51:47 UTC draait de waardering om wat hierna komt: kwalificatie, volumes en winst per verbinding. Meer bandbreedte betekent niet automatisch evenredig meer omzet voor de chipmaker.


Een AI-cluster is zo snel als zijn traagste verbinding. Duurdere processoren helpen weinig wanneer informatie niet tijdig tussen de onderdelen beweegt. Daarmee kan optische communicatie een belangrijk knelpunt oplossen. Alleen is een economisch knelpunt nog geen onbeperkte winstmarge voor iedere leverancier die er een product voor maakt.


Eerder richtten we ons op de grote afstand tussen Marvells GAAP-winst en aangepaste winst. Dit keer draait het om de commerciële vertaalslag van de optische demonstraties die deze week te zien waren. Let wel: het einde van de beurs is een kalenderfeit, geen bewijs van nieuwe contracten.



Een snellere verbinding verandert de rekening van het hele datacenter

Volgens de aankondiging voor ECOC toonde Marvell onder meer 2nm-technologie voor 400 gigabit per seconde per lane, naast toepassingen voor snellere optische verbindingen en beveiligde datatransporten. Het bedrijf plaatste de demonstraties in de overgang van 1,6 naar 3,2 terabit. Het ging om technologiepresentaties in Málaga, niet om een bekendgemaakte orderwaarde of een nieuw omzetcijfer.


De financiële logica begint bij de klant. Een verbinding die meer data per seconde verplaatst bij een gunstiger energieverbruik per bit kan dure rekenapparatuur beter benutten. Binnen een cluster kan dat de tijd verkorten die processoren op elkaar wachten. Tussen datacenters kan het de hoeveelheid werk vergroten die over een bestaande infrastructuur wordt verdeeld. De waarde ligt daardoor niet alleen in de verkoopprijs van een optische module.


Marvell moet van die systeemwaarde zelf een deel kunnen behouden. Dat kan via complexer silicium, hogere prestaties, betrouwbaarheid en een ontwerp dat lastig te vervangen is nadat het in een platform is opgenomen. Maar klanten hebben een tegengesteld belang: meer capaciteit tegen lagere totale kosten. Wanneer elke nieuwe generatie de kosten per bit verlaagt, moet de leverancier meer volume, meer inhoud per systeem of een betere marge realiseren om sneller te groeien dan de prijsdruk.


Een verdubbeling van de bandbreedte hoeft bovendien niet twee keer zoveel aansluitingen op te leveren. Een klant kan dezelfde verkeersgroei met minder poorten verwerken. De relevante omzetvraag is daarom hoeveel poorten nodig blijven, wat Marvell per poort levert en welke prijs daarvoor wordt betaald. De eerste module maakt die drie grootheden zichtbaar zonder een niet-gepubliceerde Marvell-prijslijst te verzinnen.



Ontwerpwinsten lopen vóór op de omzet, soms veel langer dan beleggers willen

Chipbedrijven spreken graag over een gewonnen ontwerp of een technologisch leidende positie. Dat kan een waardevol signaal zijn. Een onderdeel dat door een grote klant is geselecteerd, heeft vaak een lang kwalificatietraject doorlopen. Wanneer het eenmaal in productie is, kan de klant niet zonder kosten en risico van leverancier wisselen.


Maar tussen selectie en omzet liggen meerdere beslissingen. De klant moet zijn eigen product gereed hebben, de fabricage moet voldoende goede chips opleveren, de systeemlevering moet gepland zijn en de uiteindelijke installatie moet doorgaan. Een leverancier kan technisch op schema liggen terwijl een klant zijn datacenterplanning verschuift. Dat maakt het riskant om het theoretische jaarpotentieel van een programma onmiddellijk als eerstvolgende jaaromzet te behandelen.


Het conversiemodel gebruikt een zelfgekozen programma van $2 miljard per volledig jaar. Wanneer de helft daarvan in leveringen wordt omgezet en drie maanden vertraging optreden, resteert $750 miljoen in het modeljaar. Dat is geen verwachting voor een bestaand Marvell-programma. Het laat zien hoeveel verschil er kan zitten tussen marktpotentieel en de periode waarin aandeelhouders er winst op zien.



De sterke gunstige lezing is dat Marvell op meerdere plekken in dezelfde infrastructuur kan verdienen. Custom silicium, optische verbindingen en andere datacentercomponenten hoeven geen losstaande markten te zijn. Een grotere rol bij de klant kan meer technische samenwerking opleveren en de ontwikkelkosten over meerdere productlijnen verdelen. Dat is aantrekkelijk zolang de onderneming niet steeds meer risico moet financieren om dezelfde verhouding aan winst te behouden.


Datacenters dragen de groep, maar concentratie vergroot de schommelingen

De resultaten over het tweede kwartaal van boekjaar 2027, gepubliceerd op 27 augustus over de periode tot 1 augustus, geven de financiële basis. De omzet was $2,7393 miljard. Data Center leverde $2,1715 miljard, ongeveer 79 procent van het totaal. De GAAP-brutomarge bedroeg 53,1 procent. Het gerapporteerde resultaat was $0,33 per aandeel, tegenover $0,94 aangepast.


Die mix maakt duidelijk waarom de datacenterkansen het hele aandeel bepalen. Groei in kleinere activiteiten kan een tegenvaller in de grootste categorie niet eenvoudig opvangen. Tegelijk kan een sterke investeringsgolf bij grote klanten snel doorwerken in de groepsresultaten. Concentratie is dus een bron van zowel versnelling als kwetsbaarheid.


Concurrentie komt niet uitsluitend van een andere verkoper van dezelfde chip. Grote klanten kunnen meer zelf ontwerpen, bepaalde functies integreren of voor een andere netwerkarchitectuur kiezen. Broadcom en andere aanbieders kunnen met een breder pakket concurreren. De leverancier die vandaag een specialistische functie domineert, moet morgen bewijzen dat die functie afzonderlijk waarde blijft houden wanneer de systeemarchitectuur verandert.


Dat betekent niet dat alle technische vernieuwing tegen Marvell werkt. Nieuwe snelheden en energie-eisen kunnen juist een nieuwe kwalificatiecyclus openen waarin goed ontwikkelde technologie marktaandeel wint. De belegger moet alleen blijven onderscheiden tussen een groter technisch speelveld en de prijs die klanten voor de uiteindelijke oplossing accepteren.



De brutowinst moet sneller groeien dan de ontwikkelrekening

Voor het derde boekjaarkwartaal verwachtte Marvell $3,15 miljard omzet, met een bandbreedte van vijf procent. De GAAP-brutomarge werd op 52,9 tot 53,9 procent geraamd en de operationele kosten op $1,015 miljard. Dat zijn bedrijfsverwachtingen uit augustus, geen inmiddels behaalde resultaten. De middenwaarden impliceren ongeveer $667 miljoen operationeel resultaat vóór financiële posten en belasting.



Een extra procentpunt brutomarge op $3,15 miljard omzet vertegenwoordigt $31,5 miljoen brutowinst. Dat is waarom de productmix zo relevant is. De onderneming kan sterk groeien en toch relatief weinig extra winst overhouden als omzet uit minder winstgevende producten komt of de ontwikkelrekening sneller stijgt. Omgekeerd kan een bestaande ontwerp- en kostenbasis veel winst opleveren wanneer volumes zonder evenredige extra uitgaven toenemen.


De aangepaste cijfers kunnen helpen om bepaalde overnamegerelateerde en andere kosten apart te begrijpen. Ze zijn niet automatisch het bedrag dat gewone aandeelhouders economisch verdienen. Vooral bij een lange waarderingshorizon moeten terugkerende aandelenbeloning, financiering en de gevolgen van kapitaaluitgifte worden meegenomen. Ons EPS-model gebruikt daarom genormaliseerde winst toekomend aan gewone aandelen na normale kosten en belasting.


De in het kwartaalbericht genoemde preferente financiering maakt die discipline extra belangrijk. Een winstbedrag voor de hele onderneming en een winstbedrag voor gewone aandeelhouders zijn niet per definitie hetzelfde. De scenario-EPS is al na de relevante toerekening en nettoverwatering. We voegen geen preferente opbrengst als gratis kas toe en trekken dezelfde financieringslast niet nogmaals van de eindkoers af.


De reverse berekening legt een veel grotere winstbasis op tafel

Het instrument is Marvell Technology Inc., ticker MRVL op Nasdaq, genoteerd in USD. We gebruiken de actuele per-aandeelbasis zonder extra splitcorrectie. Het bedrijf noemde voor zijn vooruitblik ongeveer 921 miljoen verwaterde aandelen. In de reverse analyse gebruiken we 950 miljoen als expliciete eigen economische noemer voor 2029. Die hogere noemer is een scenario voor nettoverwatering, geen aangekondigde emissie.


Tien procent jaarlijks koersrendement vanaf $261,34 vraagt na drie jaar een prijs van ongeveer $347,84. Bij 35 keer de winst hoort daar circa $9,94 genormaliseerde jaarwinst per aandeel bij. Met 950 miljoen modelaandelen en dertig procent nettomarge vraagt dat ongeveer $31,5 miljard jaaromzet. De marge moet daarbij al alle gewone operationele kosten en de relevante toerekening aan andere kapitaalverschaffers weerspiegelen.



Ter vergelijking: de recente GAAP-kwartaalwinst van $0,33 viermaal nemen geeft $1,32. Dat is nadrukkelijk geen jaarprognose. Het cijfer maakt wel duidelijk hoe groot de brug is tussen het actuele resultaat en het genormaliseerde resultaat dat een aantrekkelijk rendement zou kunnen dragen. Een hogere toekomstige multiple verkleint die benodigde winst, maar vergroot de afhankelijkheid van blijvend optimisme bij beleggers.


De jaarlijkse koersen maken de commerciële lat zichtbaar

Voor september 2027, 2028 en 2029 gebruikt het bearpad $2, $2,50 en $3 jaarwinst per aandeel met multiples van dertig, 28 en 25. Dat resulteert in $60, $70 en $75. De onderneming groeit in dit pad wel, maar onvoldoende om de huidige beurswaardering te rechtvaardigen.


Het middenpad gebruikt $4,50, $6,50 en $8,50 winst per aandeel, tegen 42, 38 en 35 keer. De prijzen zijn $189, $247 en $297,50. Het gunstige pad veronderstelt $6, $9 en $13 EPS met multiples van vijftig, 45 en veertig: $300, $405 en $520. Alle negen uitkomsten zijn eigen scenario’s in dollars, exclusief dividend. Ze zijn geen voorspelling van het bedrijf en krijgen geen verzonnen waarschijnlijkheid.



ECOC laat zien welke problemen Marvell technisch probeert op te lossen. Voor de belegger begint de moeilijkere controle daarna: welke demonstratie wordt een gekwalificeerd product, welk product wordt volume en hoeveel winst blijft daarvan over per gewoon aandeel? Bij $261,34 is alleen een betere verbinding onvoldoende. De verbinding tussen technologie en aandeelhouderswinst moet minstens zo overtuigend worden.


Pak je kans! Word lid met de code INSIDER en krijg 50 procent korting.


Foto: Matt Murphy, voorzitter en CEO van Marvell Technology. Officiële archieffoto van Marvell; geen foto van een presentatie tijdens ECOC 2026.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

Copyright © 2026 •

Alle rechten voorbehouden - Amsterdam - 0619930051

​Disclaimer
Let op: Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kan (een deel van) je inleg verliezen. Niets hier mag worden beschouwd als financieel advies.. Voor advies over je persoonlijke situatie kun je het beste een adviseur inschakelen.

  • Instagram
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
bottom of page