Wall Street negeert één gigantisch alarmsignaal: dat voorafging aan crashes in 1929 en 2000
- Kolivier Jager
- 12 mei
- 5 minuten om te lezen
In het kort:
De Shiller CAPE ratio staat opnieuw op niveaus die eerder crashes voorafgingen.
De Amerikaanse beurs is veel duurder geworden dan de winstgroei rechtvaardigt.
Beleggers onderschatten hoe gevoelig aandelen blijven voor hogere rentes.
De Amerikaanse beurs blijft stijgen alsof er nauwelijks risico bestaat. Dat voelt comfortabel, maar precies daar ontstaat spanning. Grote bullmarkten eindigen zelden in paniek. Ze eindigen meestal op momenten waarop beleggers overtuigd raken dat hoge waarderingen logisch zijn geworden. Dat is wat momenteel gebeurt op Wall Street. De zogeheten Shiller CAPE ratio, een bekende waarderingsmaatstaf voor de S&P 500, noteert rond de 40. Historisch ligt het gemiddelde dichter bij 17. Dat betekent dat beleggers vandaag uitzonderlijk veel betalen voor toekomstige winstgroei.
Opvallend is dat dit eerder slechts twee keer gebeurde. Eind jaren twintig, vlak voor de Grote Depressie, en rond 2000 tijdens de dotcomzeepbel. Dat betekent niet automatisch dat een crash dichtbij is. Het zegt wel veel over hoeveel optimisme inmiddels in de markt verwerkt zit.
Waarom de extreem hoge waardering van de S&P 500 beleggers zorgen baart

Waarom de Shiller CAPE ratio opnieuw belangrijk wordt
De Shiller CAPE ratio vergelijkt de huidige beurswaarde van de S&P 500 met de gemiddelde inflatie gecorrigeerde winst van de afgelopen tien jaar. Daardoor geeft de indicator een stabieler beeld dan een gewone koers winstverhouding, die sterk kan schommelen door tijdelijke winstpieken of economische tegenwind.
De huidige markt wordt niet gedragen door verlieslatende startups zoals tijdens de internetbubbel. Grote technologiebedrijven zoals Microsoft, Nvidia en Meta verdienen enorme bedragen en domineren steeds meer de winstgroei binnen de S&P 500. Alleen betalen beleggers daar inmiddels ook extreem hoge prijzen voor.
Wil je slimmer beleggen en direct vooroplopen? Als lid van De Belegger krijg je toegang tot deepdives, aandelentips, trainingen, premium content én live portfolio-inzicht, samen met een actieve community van beleggers.
Pak je kans! klik op de button, start direct en pak tijdelijk 50% korting met de code 'KANS'.
Shiller CAPE ratio uitgelegd: waarom de S&P 500 historisch duur blijft

Waarom aandelen ondanks alles blijven stijgen
De huidige beursrally draait vooral om een kleine groep megabedrijven. Nvidia, Microsoft, Amazon, Apple en Meta trekken een groot deel van de index omhoog. Dat zegt veel over hoe geconcentreerd de markt is geworden. Achter de sterke index schuilt namelijk een veel minder brede rally.
De winstgroei van deze bedrijven is indrukwekkend. Nvidia profiteert volop van de explosieve vraag naar AI chips en zag zijn omzet het afgelopen jaar meermaals versnellen. Microsoft bouwt AI steeds dieper in zijn cloudactiviteiten in, terwijl Meta zijn marges sterk verbeterde door kostenbesparingen en herstel van advertentie inkomsten.
Toch ontstaat precies daar het risico. Niet omdat deze bedrijven zwak zijn, maar omdat beleggers steeds hogere waarderingen accepteren voor dezelfde groei. Zodra die groei vertraagt, kunnen koersen veel harder corrigeren dan beleggers verwachten. Dat zagen we ook in 2022, toen technologieaandelen fors daalden terwijl veel bedrijven winstgevend bleven.
Amerikaanse beurs steeds afhankelijker van Big Tech: dit zijn de risico’s

Waarom rente belangrijker wordt dan winstgroei
De grootste dreiging voor deze markt komt waarschijnlijk niet van zwakke bedrijfsresultaten, maar van de rente. Dat klinkt misschien vreemd, maar hogere rentes veranderen fundamenteel hoeveel beleggers bereid zijn te betalen voor toekomstige winsten.
Jarenlang profiteerde Wall Street van goedkoop geld. Obligaties leverden nauwelijks rendement op, waardoor aandelen bijna automatisch aantrekkelijker werden. Dat hielp waarderingen jarenlang omhoog. Inmiddels ligt die situatie anders. Amerikaanse staatsobligaties leveren opnieuw rond 4 tot 5 procent op, terwijl de Federal Reserve de rente hoog houdt om inflatie onder controle te krijgen. Dat roept een belangrijke vraag op voor beleggers. Waarom extreem hoge multiples betalen voor groeiaandelen als veilige obligaties opnieuw rendement bieden? Vooral technologiebedrijven zijn gevoelig voor die rekensom, omdat hun waardering sterk afhankelijk is van toekomstige winstgroei.
Hier onderschat de markt mogelijk een belangrijk risico. Veel beleggers rekenen nog altijd op rentedalingen en een terugkeer naar het goedkope geld van de jaren 2010. Maar hogere overheidstekorten, geopolitieke spanningen en hardnekkige inflatie kunnen ervoor zorgen dat kapitaal structureel duurder blijft.
Pak nu je kans! klik op de button, start direct en pak tijdelijk 50% korting met de code 'KANS'.
Wat betekent dit voor beleggers in 2026?
De belangrijkste les uit eerdere periodes met extreem hoge waarderingen is opvallend simpel. Hoge waarderingen voorspellen zelden wanneer de markt draait, maar ze zeggen vaak wel iets over toekomstige rendementen. Hoe duurder de markt wordt, hoe lager historisch gezien het rendement in de jaren daarna.
Dat betekent niet dat beleggers nu massaal aandelen moeten verkopen. Wel dat selectiviteit belangrijker wordt. In een dure markt telt winstkwaliteit opnieuw zwaarder mee. Bedrijven met sterke kasstromen, gezonde balansen en realistische waarderingen hebben historisch meer bescherming wanneer sentiment draait. Interessant genoeg liggen juist buiten de AI hype nog kansen. Sectoren zoals gezondheidszorg, energie en industrie noteren tegen veel lagere waarderingen dan de grote technologiebedrijven. Dat betekent niet automatisch meer groei, maar vaak wel minder overdreven verwachtingen.
Een ander risico zit in de concentratie van de markt. Veel ETF beleggers denken breed gespreid te beleggen, terwijl hun rendement in werkelijkheid sterk afhankelijk is van een handvol technologiebedrijven. Dat maakt deze markt kwetsbaarder dan veel beleggers beseffen. De grote vraag voor de komende jaren wordt daarom niet of AI belangrijk blijft. Dat lijkt vrijwel zeker. De echte vraag is hoeveel toekomstige groei vandaag al volledig in de koersen verwerkt zit.
Wat beleggers moeten weten:
Wat is de Shiller CAPE ratio precies?
De Shiller CAPE ratio vergelijkt beurskoersen met de gemiddelde inflatie gecorrigeerde winst van tien jaar. Daardoor ontstaat een stabielere waarderingsmaatstaf dan een gewone koers winstverhouding.
Betekent een hoge CAPE ratio automatisch een beurscrash?
Nee. De indicator voorspelt geen exacte timing van een correctie. Wel laat de geschiedenis zien dat extreem hoge waarderingen vaak leiden tot lagere langetermijnrendementen.
Waarom domineren technologiebedrijven momenteel de beurs?
Bedrijven zoals Nvidia, Microsoft en Meta profiteren sterk van AI groei en enorme kasstromen. Daardoor stroomt een groot deel van het kapitaal naar dezelfde megabedrijven.
Welke risico’s onderschat de markt momenteel?
Vooral hogere rentes blijven een risico. Wanneer kapitaal duurder blijft, worden hoge waarderingen moeilijker vol te houden.
Is dit nog een goed moment om in aandelen te beleggen?
Dat hangt sterk af van waardering en kwaliteit. Bedrijven met sterke winstgroei, gezonde balansen en redelijke prijzen bieden meestal meer bescherming in dure markten.
Advertorial
Nu waarderingen op de beurs historisch hoog liggen en onzekerheid rond rente en technologieaandelen toeneemt, kijken steeds meer beleggers ook naar manieren om tijdelijk vermogen defensiever te parkeren. Zeker in periodes waarin markten gevoeliger worden voor schommelingen, groeit de aandacht voor spaarrentes en flexibel beschikbaar kapitaal.
Raisin RenteBoost is een tijdelijke actie waarbij je op een vrij opneembare Duitse spaarrekening de eerste 3 maanden lang een gegarandeerde rente van 2,85% p.j. krijgt, beschermd onder het Europese garantiestelsel. Je spaargeld blijft dagelijks opvraagbaar en je kunt vrij storten en opnemen. Na deze periode kun je via één Raisin-account verder sparen bij meer dan 50 Europese banken, met actuele variabele rentes tot 1,92% p.j., of kiezen voor spaardeposito’s met looptijden van één maand tot tien jaar en rentes tot 3,25% p.j.






































































































































