top of page

Levert elke verbouwde winkel Ahold ook meer kas op?

42 minuten geleden
4 minuten om te lezen

In het kort

Ahold Delhaize sloot vrijdag 2 oktober op Euronext Amsterdam op €31,83. Bij de halfjaarcijfers van 5 augustus bevestigde het concern de jaarverwachting. De onderneming blijft investeren in winkels, distributie, digitaal en prijs.


Voor een supermarkt is groei zelden alleen een kwestie van meer vestigingen. Elke verbouwing en elke nieuwe vierkante meter vraagt eerst kas. De waarde ontstaat pas wanneer dezelfde vloer meer klanten, hogere omzet per bezoek, minder derving en een betere kasstroom oplevert. Winkelproductiviteit en terugverdientijd laten zien of die investering echt rendeert.




Omzet per vierkante meter is de eerste test

Een supermarkt kan omzet verhogen door prijzen, volume, mix of extra ruimte. Alleen extra ruimte is geen succes wanneer bestaande winkels omzet verliezen of de marge daalt. Een verbouwing moet de klantstroom verbeteren, het assortiment productiever maken of arbeids- en energiegebruik verlagen. Omzet per vierkante meter maakt die effecten beter vergelijkbaar dan alleen concernomzet.


De eerste module gebruikt een illustratief programma van 0,8 miljoen verbouwde vierkante meter, €8.000 jaaromzet per vierkante meter en 4% productiviteitsstijging. Dat levert ongeveer €0,26 miljard extra omzet op. Het is geen bedrijfsprognose. De module laat zien welke operationele verbetering nodig is om een groot investeringsprogramma zichtbaar te maken in de winst- en verliesrekening.



Omzet is nog geen kasrendement

Supermarktmarges zijn laag. Extra omzet kan gepaard gaan met promoties, hogere lonen, energie, huur en extra voorraad. Een winkelproject verdient zich daarom terug uit incrementele kas, niet uit bruto omzet. Bij €400 miljoen investering, €300 miljoen extra jaaromzet en 6% incrementele kasmarge is de eenvoudige terugverdientijd ruim 22 jaar. Bij 10% marge wordt dat ongeveer 13 jaar.


Die rekensom maakt duidelijk waarom automatisering, derving en personeelsproductiviteit zo belangrijk zijn. Een kleine verbetering van de kasmarge verandert de terugverdientijd sterk. De tweede module laat investering, extra omzet en kasmarge verschuiven. Onderhoud, belasting en huur staan buiten het model, zodat de uitkomst eerder optimistisch dan conservatief is.



De Amerikaanse winkelbasis bepaalt veel

Een groot deel van de omzet en operationele winst komt uit de Verenigde Staten. Merken als Food Lion, Hannaford, Stop & Shop en Giant Food bedienen verschillende regio's en klantgroepen. Dat spreidt lokaal risico, maar maakt de dollar, lonen, inflatie en concurrentie van Walmart, Costco en discounters belangrijk.


Winkelinvesteringen hebben daar niet overal dezelfde opbrengst. Een Food Lion-vernieuwing in een groeiende markt kan volume en marktaandeel winnen. Een investering in een zwakke regio kan vooral nodig zijn om achteruitgang te vertragen. Het concern moet daarom niet alleen capex per segment tonen, maar ook vergelijkbare omzet, marge en kasrendement na een verbouwingsgolf.


Wat vraagt €31,83?

De reverse-module start met €2,51 winst per aandeel, een eindmultiple van 12 en 7% gewenst jaarlijks koersrendement. Dan is ongeveer 6% jaarlijkse groei van de winst per aandeel nodig. Dividend komt daar nog bovenop. Dat lijkt haalbaar voor een volwassen supermarkt, maar het model veronderstelt dat investeringen de operationele basis versterken en dat aandeleninkoop niet wordt gefinancierd met te veel schuld.


Een lagere eindmultiple verhoogt de vereiste winstgroei. Een hoger startniveau van de winst per aandeel verlaagt de lat, maar alleen wanneer die winst niet tijdelijk wordt geholpen door gunstig werkkapitaal of valuta. De belangrijkste brug is dus van investering naar duurzame operationele kas, daarna naar winst per aandeel.



Het sterkste tegenargument

Ahold Delhaize hoeft geen spectaculaire winkelrendementen te behalen om waarde te creëren. De bestaande netwerken zijn groot, klanten kopen frequent en veel projecten zijn vervangingsinvesteringen die risico verlagen. Een moderne koelinstallatie kan energie besparen. Een beter distributiecentrum kan voorraad en arbeid verminderen. Een opgefriste winkel kan klantverlies voorkomen, ook wanneer de omzetstijging bescheiden blijft.


Daar komt bij dat vrije kasstroom wordt verdeeld over dividend, aandeleninkoop en investeringen. Een project met een degelijk rendement kan samen met inkoop onder intrinsieke waarde de winst per aandeel laten groeien. De fout zit niet in investeren, maar in het presenteren van capex als groei zonder de latere kasopbrengst te tonen.


Drie mogelijke koerspaden

Het bearscenario veronderstelt dat projecten hun kapitaal niet terugverdienen en de waardering daalt naar 10 keer winst. Mogelijke koersen zijn €27 eind 2027, €26 eind 2028 en €25 eind 2029. Het middenscenario gebruikt 5% EPS-groei en 12 keer winst: €34, €36 en €39. Het gunstige scenario rekent met hogere winkelproductiviteit, 8% EPS-groei en 14 keer winst: €39, €44 en €49.


Dividend komt boven op deze koersscenario's. De module laat zien hoe operationele afwijking en waarderingsafwijking de negen jaaruitkomsten tegelijk veranderen.



Waar de these kan breken

Voedselinflatie kan de omzet verhogen terwijl volume daalt. Prijsinvesteringen kunnen klanten terugwinnen en de marge tijdelijk drukken. Looninflatie en personeelsschaarste kunnen een winkelproject duurder maken. Online boodschappen kunnen omzet toevoegen en tegelijk picking- en bezorgkosten verhogen. Ook huurverplichtingen maken de vaste kostenbasis zwaarder dan alleen gerapporteerde nettoschuld suggereert.


Een ander risico is slechte kapitaaldiscipline. Groei via nieuwe ruimte is verleidelijk omdat omzet snel zichtbaar wordt. Rendement op geïnvesteerd kapitaal verschijnt later. Als management zwakke projecten blijft financieren omdat concernkasstroom sterk is, kan de totale omzet groeien terwijl waarde per aandeel nauwelijks vooruitgaat.


De afweging

Ahold Delhaize is geen snelle groeier, maar bezit schaal, sterke lokale merken en een terugkerende klantvraag. Bij €31,83 hoeft het concern geen wonderen te leveren. Het moet wel aantonen dat winkel- en distributie-investeringen meer doen dan de bestaande omzetbasis onderhouden.


Let bij komende rapportages op vergelijkbare omzet, volume, operationele marge, capex, afschrijving en vrije kasstroom per segment. Vraag ook naar de opbrengst van afgeronde verbouwingen: hogere omzet per vierkante meter, minder derving, lagere energiekosten en betere arbeidsproductiviteit. Wanneer die verbeteringen samen sneller groeien dan de kapitaalbasis, versterken de investeringen de waarde per aandeel. Zonder die brug wordt capex vooral een terugkerende rekening.


Even tussendoor: als je dit interessant vindt, dit is precies wat we dagelijks doen om jou en andere beleggers te helpen. Word nu lid en krijg 50 procent korting met de code INSIDER.


 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

bottom of page