top of page

Consumentenbond test zeven stekkerbatterijen zonder winnaar

2 uur geleden
8 minuten om te lezen

De Consumentenbond heeft zeven populaire stekkerbatterijen onderzocht, maar deelt bewust geen Testoordelen uit. Dat is geen gemiste kans, maar een waarschuwing: deze jonge markt verandert sneller dan een klassiek rapportcijfer kan bijhouden. Wie alleen naar de prijs en het aantal kilowattuur op de doos kijkt, kan daardoor de verkeerde batterij kiezen. De betere vraag is hoeveel bruikbare stroom het systeem tijdens zijn leven werkelijk levert en wat elke geleverde kilowattuur dan kost.

In het kort

De Consumentenbond meldt bij zijn nieuwe onderzoek naar zeven populaire stekkerbatterijen dat er geen Testoordelen worden gegeven, omdat de markt nog sterk in beweging is. De openbare testinformatie laat wel zien waarop een koper moet letten: bruikbare capaciteit, rendement, vermogen, temperatuur, app, nauwkeurigheid en veiligheid. Een eigen rekenvoorbeeld maakt duidelijk dat een duurder apparaat per werkelijk geleverde kilowattuur goedkoper kan zijn. Toch is zelfs dat niet genoeg, want een batterij van €1.500 moet bij een horizon van acht jaar ongeveer €223 netto per jaar besparen om de investering met 4% rekenrente te dragen.

De markt voor stekkerbatterijen zit in een merkwaardige fase. De producten liggen al in webwinkels, advertenties beloven eenvoudige besparingen en het einde van de salderingsregeling op 1 januari 2027 maakt de belangstelling begrijpelijk. Tegelijk ontbreken nog de lange gebruiksreeksen waarmee een testorganisatie normaal gesproken een harde winnaar kan aanwijzen.

Dat spanningsveld werd op 6 oktober zichtbaar. De Consumentenbond publiceerde de resultaten van een onderzoek naar zeven populaire plug-in thuisbatterijen. Op de eigen pagina over de nieuwste Consumentengids staat een opvallende zin: er worden geen Testoordelen gegeven omdat de markt nog sterk in beweging is. Dat verdient meer aandacht dan een simpel lijstje met een winnaar.

Geen rapportcijfer is hier óók een uitslag

Een Testoordeel wekt de indruk dat verschillende producten onder vaste voorwaarden netjes zijn te rangschikken. Bij een televisie of wasmachine kan dat vaak. Bij een stekkerbatterij verandert een belangrijk deel van het product echter na de aankoop.

De hardware blijft in de meterkast, garage of bijkeuken staan, maar de software krijgt updates. De app kan beter of slechter worden. Een fabrikant kan de laadstrategie aanpassen. Een koppeling met de slimme meter kan veranderen. Een betaalde handelsdienst kan nieuwe voorwaarden krijgen. Ook de prijs, garantieafhandeling en beschikbaarheid van de leverancier kunnen snel verschuiven.

Daar komt bij dat twee identieke batterijen bij twee huishoudens een totaal ander financieel resultaat kunnen geven. Het ene huis heeft iedere middag een groot zonne-overschot en iedere avond veel verbruik. Het andere huis gebruikt de stroom overdag al direct. In dat tweede huis krijgt dezelfde batterij simpelweg minder werk.

Een rapportcijfer zou die onzekerheid gemakkelijk verbergen. De keuze van de Consumentenbond om nu geen Testoordelen te geven, kan daarom juist als nuttige informatie worden gelezen. De markt is verkooprijp, maar nog niet beoordelingsrijp op de manier die consumenten van volwassen productcategorieën gewend zijn.

De doos vermeldt opslag maar niet wat er thuis aankomt

De openbare testpagina van de Consumentenbond beschrijft een brede meetmethode. De onderzoekers keken naar laden en ontladen bij verschillende belastingen en bij 5 en 23 graden. Ze maten onder meer bruikbare capaciteit, efficiëntie, vermogen, temperatuur en geluid. Ook installatie, app, de juistheid van weergegeven waarden, kwaliteit van de geleverde wisselstroom, een eventuele noodstroomfunctie en elektrische veiligheid zijn beoordeeld.

Dat is belangrijk, want de capaciteit op de doos is niet hetzelfde als de hoeveelheid stroom die een huishouden terugkrijgt. Een batterij met 2,6 kilowattuur nominale capaciteit kan bijvoorbeeld een bruikbaar venster van 2,4 kilowattuur hebben. Bij een volledig laad- en ontlaadrendement van 94% blijft per volle cyclus 2,256 kilowattuur over voor apparaten in huis.

De ontbrekende 0,344 kilowattuur is niet één soort verlies. Een deel blijft buiten het veilige gebruiksvenster van de batterij. Een ander deel verdwijnt bij het omzetten en opslaan van de stroom. Daarnaast gebruikt de elektronica ook energie als de batterij weinig doet. Wie alleen de nominale capaciteit deelt door de aanschafprijs, vergelijkt dus een getal op de verpakking en niet de prestatie aan het stopcontact.

Het vermogen in kilowatt vertelt weer iets anders. Dat bepaalt hoeveel apparaten de batterij tegelijk kan voeden, niet hoelang zij dat kan. Een batterij kan voldoende energie bevatten voor een avond, maar alsnog te weinig vermogen leveren wanneer een waterkoker, vaatwasser en oven tegelijk inschakelen.

Een goedkope batterij kan per kilowattuur duurder zijn

Neem twee fictieve apparaten. Het zijn nadrukkelijk geen modellen uit de test. Batterij A kost €1.200, heeft 2,4 kilowattuur nominale capaciteit, 2,0 kilowattuur bruikbare capaciteit, 90% rendement en 5 watt continu verbruik. Batterij B kost €1.500, heeft 2,6 kilowattuur nominale capaciteit, 2,4 kilowattuur bruikbare capaciteit, 94% rendement en 2 watt continu verbruik.

Op de doos lijkt A goedkoper. De prijs per nominale kilowattuur is €500, tegenover afgerond €577 voor B. Maar veronderstel nu dat beide batterijen acht jaar lang jaarlijks tweehonderd volledige equivalente cycli maken. A levert dan 2,0 × 90% × 200 × 8 = 2.880 kilowattuur. B levert 2,4 × 94% × 200 × 8 = 3.609,6 kilowattuur.

Ook het verbruik in rust telt mee. Bij 5 watt gebruikt A in acht jaar 350,4 kilowattuur. Tegen €0,30 per kilowattuur is dat €105,12. Bij B is dit 140,16 kilowattuur en €42,05. Deel aanschaf plus deze stroomkosten door de geleverde energie en A komt op ongeveer €0,45 per kilowattuur. B komt uit op ongeveer €0,43.

De duurdere batterij wint dus in dit voorbeeld. Niet omdat zij meer vermogen heeft of een mooier verkoopverhaal, maar omdat er over de gekozen periode meer bruikbare stroom uitkomt en minder energie verdwijnt. De uitkomst is geen voorspelling. De berekening laat degradatie, financiering, reparaties en restwaarde weg. Juist daardoor is zichtbaar welke basisgegevens minimaal nodig zijn.

Een testmoment kan snel verouderen

De hardwaremetingen blijven waardevol. Een gemeten verschil tussen opgegeven en bruikbare capaciteit verdwijnt niet door een nieuwe folder. Toch kan de rangorde van de totale aankoop snel veranderen.

Een firmware-update kan de sturing verbeteren, maar ook nieuwe afhankelijkheid van een clouddienst toevoegen. Een fabrikant kan een gratis functie achter een abonnement plaatsen. Een importeur kan verdwijnen, waardoor garantieafhandeling lastiger wordt. Een energieleverancier kan een handelsvergoeding verlagen of voorwaarden aanscherpen. Zelfs een prijsdaling van een paar honderd euro verandert de kosten per geleverde kilowattuur direct.

Daarom is het verstandig een stekkerbatterij niet als los apparaat te beoordelen. Het is een combinatie van cellen, omvormer, meetkastje, app, algoritme, leverancier en garantie. De zwakste schakel kan de besparing beperken. Een goed gemeten batterij met een onbetrouwbare app kan verkeerd laden. Een slim algoritme met matige hardware kan energie verspillen. Een lage prijs is weinig waard als ondersteuning stopt voordat de terugverdientijd is bereikt.

Veilig aansluiten is geen voetnoot

De aantrekkingskracht van een stekkerbatterij is dat geen volledige vaste installatie nodig is. De Consumentenbond schrijft dat een gebruiker het apparaat op een geaard stopcontact aansluit en met de slimme meter koppelt. De organisatie waarschuwt tegelijk dat een elektricien moet controleren of het veilig kan wanneer het standaard ontlaadvermogen wordt verhoogd.

Ook Milieu Centraal is terughoudend over stekkerbatterijen en wijst op de elektrische installatie en het brandrisico. Dat betekent niet dat ieder apparaat onveilig is. Het betekent wel dat een stekker geen bewijs vormt dat iedere wandcontactdoos, groep en gebruikssituatie geschikt is.

De praktische vraag is eenvoudig. Kan het gekozen stopcontact langdurig de stroom verwerken, zijn er geen ongeschikte verlengsnoeren in gebruik, is de plek droog en blijft de temperatuur binnen de voorwaarden? Wie het vermogen verhoogt zonder de installatie te laten beoordelen, rekent misschien op meer besparing terwijl het risico juist toeneemt.

De besparing hangt vooral af van het aantal nuttige cycli

De financiële waarde van opgeslagen zonnestroom is grofweg het verschil tussen de prijs van later ingekochte stroom en de vergoeding die bij directe teruglevering verloren gaat. Als later inkopen €0,30 per kilowattuur kost en direct terugleveren netto €0,07 oplevert, is de bruto waarde van één geleverde kilowattuur €0,23.

Dat bedrag mag niet twee keer worden geteld. Een vermeden terugleverkost die al in de nettovergoeding zit, kan niet nogmaals als besparing worden afgetrokken. Ook moet de stroom die direct in huis wordt gebruikt buiten de batterijberekening blijven. Die besparing bestond al voordat de batterij werd gekocht.

Voor de scenario's nemen we de fictieve batterij B van €1.500. Het rustverbruik van 2 watt kost bij €0,30 per kilowattuur ongeveer €5,26 per jaar. Daar voegen we €12 jaarlijkse softwarekosten aan toe. In het lage scenario stijgt de geleverde energie van 250 kilowattuur in 2027 naar 300 in 2029, met €0,15 waarde per kilowattuur. Netto blijft in die jaren afgerond €20, €24 en €28 over.

In het middenscenario stijgt de productie van 400 naar 500 kilowattuur en is iedere geleverde kilowattuur €0,23 waard. De netto kasbesparing wordt dan ongeveer €75, €86 en €98. In het hoge scenario gaat het om 550, 650 en 750 kilowattuur tegen €0,30. Dan resteert ongeveer €148, €178 en €208 per jaar.

Dit zijn scenario's, geen verwachting voor stroomprijzen. Ze laten vooral zien hoe gevoelig het resultaat is voor het eigen gebruik. In drie jaar leveren de drie scenario's samen ongeveer €72, €259 en €533 op. Geen daarvan betaalt de aanschaf van €1.500 terug.

De omgekeerde rekensom legt de koopgrens bloot

De terugverdientijd wordt vaak berekend nadat de aankoopprijs al vaststaat. Zinvoller is de vraag om te draaien: hoeveel netto kasbesparing moet de batterij jaarlijks opleveren om €1.500 te rechtvaardigen?

Bij een looptijd van acht jaar en 4% rekenrente is een constante jaarlijkse netto besparing van ongeveer €223 nodig. Dat volgt uit €1.500 × 4% ÷ (1 − 1,04^-8). Voeg de jaarlijkse €17,26 voor rustverbruik en software toe en de batterij moet eerst €240,26 bruto voordeel produceren.

Bij €0,23 voordeel per geleverde kilowattuur vraagt dat ongeveer 1.045 kilowattuur per jaar. Eén volledige equivalente cyclus levert in ons voorbeeld 2,256 kilowattuur. De benodigde benutting is daardoor ongeveer 463 volledige cycli per jaar, oftewel gemiddeld 1,27 cycli per dag.

Voor uitsluitend zonnestroom van dezelfde dag is dat geen vanzelfsprekende uitkomst. Een batterij kan niet iedere dag meer dan eenmaal volledig met een middagoverschot worden geladen als dat overschot en de avondvraag ontbreken. Meerdere cycli kunnen met dynamische handel ontstaan, maar dan veranderen het risico, de slijtage, de belasting en soms de contractkosten. Handelsinkomsten mogen bovendien niet boven op volledig benut zonnezelfverbruik worden gestapeld alsof dezelfde capaciteit twee keer beschikbaar is.

Eerst meten en pas daarna een merk kiezen

De eigen meterdata is daarom belangrijker dan een algemeen winnaarspredicaat. Begin met het verschuiven van eenvoudig verbruik naar de zonnige uren. Laat de vaatwasser of wasmachine draaien wanneer de panelen leveren en laad een elektrische auto waar mogelijk rechtstreeks met het overschot. Bekijk daarna hoeveel stroom nog structureel naar het net gaat en hoeveel in de avond wordt ingekocht.

Pas bij die resterende overlap ontstaat een realistische taak voor de batterij. Een huishouden dat op jaarbasis veel teruglevert, heeft niet automatisch iedere dag een bruikbaar overschot. In de winter kan de batterij leeg blijven, terwijl er in de zomer meer zonnestroom is dan zij kan opnemen. Jaarverbruik en jaaropwek zijn daarom onvoldoende om de capaciteit te kiezen.

Vraag vervolgens niet alleen naar nominale kilowatturen. Vraag naar bruikbare capaciteit, gemeten rendement bij relevante vermogens, rustverbruik, temperatuurgrenzen, geluid, maximaal laad- en ontlaadvermogen en de werking zonder internet. Lees ook wie garantie geeft, welke kosten niet zijn gedekt en of essentiële functies van een betaald abonnement afhangen.

Het eerder gelezen artikel Een kleine stekkerbatterij kan slimmer zijn dan tien kilowattuur legt uit waarom meer capaciteit niet vanzelf meer besparing oplevert. De nieuwe test maakt daar een tweede punt naast zichtbaar: zelfs binnen de categorie kleine systemen is een simpele winnaar te vroeg.

Geen winnaar voorkomt schijnzekerheid

De afwezigheid van Testoordelen maakt het onderzoek niet waardeloos. Integendeel. De Consumentenbond laat zien welke prestaties een verkoper met meetgegevens moet onderbouwen. Tegelijk voorkomt de organisatie dat één rapportcijfer wordt aangezien voor een garantie op jarenlang financieel voordeel.

Voor de gewone koper is de conclusie nuchter. Kijk niet eerst naar het merk, maar naar de taak die de batterij thuis werkelijk krijgt. Reken met bruikbare en geleverde kilowatturen, trek verliezen en vaste kosten af en toets of de benodigde benutting in het eigen dagprofiel past. Als daar meer dan één volledige cyclus per dag voor nodig is, moet er een uitzonderlijk goed verhaal liggen voordat de portemonnee open gaat.

Omslagfoto: een medewerker in het testlaboratorium van de Consumentenbond in Den Haag, filmbeeld uit 1 september 1971. Polygoon-Profilti / Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid, via Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 NL. Uitsnede gemaakt voor liggende weergave; gearchiveerd op 10 oktober 2026.

 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
00:00 / 01:04

Net binnen..

Bedankt voor het abonneren!

bottom of page