top of page

Doorzoek deze website

14723 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • Warren Buffetts ‘favoriete aandeel’ begint barsten te vertonen

    In het kort: Coca-Cola blijft een icoon onder de aandelen, maar beleggers zien steeds vaker dat groei en dividend minder overtuigen. Stagnatie in volumes, hoge waardering en toenemende druk van regelgeving maken het aandeel minder aantrekkelijk. Voor beleggers die rendement zoeken, lijkt de glans van Warren Buffetts favoriete aandeel langzaam af te nemen. Warren Buffett staat bekend om zijn voorkeur voor bedrijven die eenvoudig te begrijpen zijn, voorspelbaar in hun kasstromen en sterk in hun merk. Al decennia prijkt Coca-Cola bovenaan dat lijstje. Voor veel beleggers is het aandeel bijna synoniem geworden met stabiliteit en degelijkheid. Een klassieker in elke portefeuille. Maar zelfs een icoon kan op den duur wat barsten vertonen. En precies dat zien we nu steeds duidelijker gebeuren. Wie vandaag naar de prestaties van Coca-Cola kijkt, ziet dat de charme voor beleggers begint af te nemen. Niet omdat het bedrijf opeens fundamenteel zwak is geworden, integendeel: het blijft een van de sterkste merken ter wereld, actief in meer dan tweehonderd landen. Maar juist door die volwassenheid zijn de vooruitzichten beperkter geworden. Voor beleggers die hun kapitaal willen laten groeien, is het mogelijk steeds moeilijker te verantwoorden waarom ze nog nieuwe aandelen van dit bedrijf zouden kopen. Dividend en groei Voor de klassieke belegger was Coca-Cola altijd aantrekkelijk vanwege het dividend. Al meer dan zestig jaar verhoogt het bedrijf jaarlijks de uitkering. Daarmee behoort het tot de zogeheten Dividend Kings, een selecte groep aandelen die decennialang hun dividend weten te laten stijgen. Maar tijden veranderen. Met een dividendrendement van 2,95% valt Coca-Cola inmiddels minder op. De aantrekkingskracht van Coca-Cola als inkomensaandeel is afgenomen. Het dividend is stabiel, maar niet meer onderscheidend. Dividendgeschiedenis Coca-Cola: Bron: Seeking Alpha Ook qua koersrendement stelt het aandeel teleur. Over de afgelopen tien jaar steeg de S&P 500 met ruim 220%, terwijl Coca-Cola bleef steken op een kleine 75%. Dat is een aanzienlijk gat dat beleggers niet kunnen negeren. Natuurlijk, stabiliteit heeft ook waarde, maar de opportunity cost is inmiddels groter geworden. Voor beleggers die naast volatielere (tech)posities zoeken naar stabielere langetermijnopties, bieden vastgoedfondsen een solide aanvulling. Ontdek hier het actuele overzicht van de beste Nederlandse vastgoedfondsen! Daarnaast noteert het aandeel tegen een vrij stevige waardering. Met een koers-winstverhouding van twintig tot vierentwintig keer de winst is het niet goedkoop, zeker niet voor een bedrijf waarvan de groeiverwachtingen beperkt zijn tot lage enkelcijferige percentages. Terwijl technologiebedrijven als Alphabet tegen soortgelijke multiples noteren, maar wél veel sneller groeien. Voor de belegger die naar de toekomst kijkt, is de vergelijking ongunstig. Alphabet versus Coca-Cola PE GAAP: Bron: Seeking Alpha En dan is er nog het simpele feit dat Coca-Cola al overal is. Met aanwezigheid in meer dan tweehonderd landen zijn de expansiemogelijkheden gering. Pepsi heeft de stap naar snacks gezet, wat extra groei oplevert, maar Coca-Cola blijft gefocust op dranken. Dat maakt de horizon smal. Daarbovenop komen nog de externe factoren. Het bedrijf vindt weinig aansluiting bij de technologische revolutie: geen AI, geen digitalisering als groeimotor, oogt het aandeel minder aantrekkelijk voor een nieuwe generatie beleggers die juist dáár de toekomst ziet. Kortom : voor beleggers die nu instappen is Coca-Cola vooral een stabiel, degelijk aandeel. Maar de vraag is of dat genoeg is, nu de markt barst van de kansen die mogelijk meer rendement en groei beloven. Stagnatie Wie dieper in de cijfers van Coca-Cola duikt, ziet dat de groei steeds meer stokt. In het tweede kwartaal van dit jaar waren de volumes in Noord- en Zuid-Amerika vlak of zelfs negatief. In Azië daalden ze eveneens. Alleen in Europa, het Midden-Oosten en Afrika viel nog lichte groei te noteren. Dat is niet het profiel van een groeibedrijf. Bron: Coca-Cola IR De omzet die wél groeit, komt grotendeels van prijsverhogingen. Sinds 2021 stegen de prijzen van Coca-Cola-producten met meer dan dertig procent. Dat kan even goed gaan, maar op termijn is dit niet houdbaar. Consumenten staan al onder druk door inflatie en hogere kosten van levensonderhoud. Nog meer prijsstijgingen kunnen leiden tot vraaguitval. Daar komt bij dat regelgevers steeds nadrukkelijker meekijken. Zo wordt het bedrijf verplicht meer suiker uit suikerriet te gebruiken, wat de kosten met ruim een miljard dollar kan verhogen. Ook liggen er plannen om aankopen van frisdrank via het Amerikaanse SNAP-programma te beperken. Zulke maatregelen drukken niet alleen op de winst, maar zetten ook de reputatie van het bedrijf onder spanning. Voor een onderneming die 65% van de omzet buiten de VS haalt, blijft valutavolatiliteit een grote factor. En terwijl de uitdagingen zich opstapelen, heeft het management het aandeleninkoopprogramma afgeschaald. Een signaal dat ook binnen het bedrijf wordt ingezien dat de waardering aan de hoge kant is. Met een koers-winstverhouding van 23 keer de verwachte winst en slechts vijf tot zeven procent winstgroei in het vooruitzicht, voelt de waardering steeds minder comfortabel aan. Analistenverwachtingen EPS-groei: Bron: Seeking Alpha Een ander punt is de structurele groeivertraging. Waar Coca-Cola in het verleden nog een omzetgroei van ruim tien procent per jaar kon laten zien, is dat de afgelopen tien jaar ingezakt tot een schamele 0,2%. De laatste kwartaalcijfers onderstrepen dit patroon: dalende volumes in belangrijke regio’s en omzetgroei die vooral te danken is aan prijs en mix, niet aan echte uitbreiding. Omzetgroei per kwartaal afgelopen 10 jaar: Bron: MacroTrends Kijkend naar de toekomst verwachten analisten slechts een omzetgroei van drie tot zes procent per jaar. Netto vertaalt zich dat in een winstgroei van rond de vijf procent. Voor zo’n profiel betalen beleggers nu meer dan twintig keer de winst. Analistenverwachting omzetgroei: Bron: Seeking Alpha Wat overblijft, is een bedrijf dat kwalitatief nog altijd sterk is. De merknaam, de distributie en de schaal blijven indrukwekkend. Maar het beeld van de onstuitbare compounder, dat Warren Buffett ooit zo aantrok, begint mogelijk te verbleken. Voor beleggers is Coca-Cola vandaag vooral een stabiel aandeel dat zekerheid biedt. Alleen: zekerheid zonder groei is in de huidige markt minder waard dan vroeger. Lees ook: Warren Buffett belegt opnieuw tegen de trend in - 2 kansrijke aandelen voor beleggers Coca-Cola blijft daarmee een bijzonder geval. Het is een van de meest iconische aandelen ter wereld, een favoriet van de beroemdste belegger aller tijden, en nog altijd een krachtpatser in merk en distributie. Maar wie met een frisse blik kijkt, ziet dat de rek eruit is. Voor beleggers die rendement zoeken, zijn de barsten duidelijk zichtbaar.

  • Waarom slimme beleggers 27 augustus in de gaten houden

    In het kort: 27 augustus wordt een kantelpunt voor Nvidia omdat de kwartaalcijfers dan worden gepubliceerd. Torenhoge verwachtingen met omzet rond 45 miljard en vooruitblik naar 52 miljard. Zijn er kansen voor beleggers als de cijfers sterker zijn dan de markt denkt? De datum 27 augustus staat al weken met rood omcirkeld in de agenda van iedere belegger die Nvidia volgt. Op die dag presenteert het bedrijf zijn cijfers over het tweede kwartaal van fiscaal 2026. De verwachtingen zijn torenhoog, de koers van de aandelen is historisch, en het gevoel overheerst dat dit weleens opnieuw een kantelpunt kan zijn. Nvidia is inmiddels geen gewone naam meer op de beurs. De aandelen zijn uitgegroeid tot het middelpunt van het AI-tijdperk en het bedrijf is zelfs even de eerste onderneming ter wereld geweest met een beurswaarde boven de 4 biljoen dollar. Voor beleggers voelt dat bijna onwerkelijk. Dezelfde onderneming die twintig jaar geleden vooral bekend was van grafische kaarten voor gamers, bepaalt nu het ritme van de beurs. Voor een belegger is er altijd dat spanningsveld tussen verhaal en werkelijkheid. Het verhaal rond Nvidia is bekend: zonder hun chips loopt geen enkel groot AI-model. OpenAI, Anthropic, Alphabet en Microsoft; allemaal bouwen ze hun datacenters rond de processors van Nvidia. En met de nieuwe Blackwell-generatie lijkt het bedrijf nog eens een stap verder te zetten. De GB300-chip kan AI-modellen vijftig keer sneller draaien dan de H100 van een paar jaar terug. Dat soort sprongen voedt de overtuiging dat Nvidia niet alleen de standaard zet, maar dat er voorlopig ook geen concurrent in de buurt komt. Toch weet iedere belegger dat aandelen geen rechte lijn omhoog volgen, hoe sterk het onderliggende verhaal ook is. Juist wanneer de verwachtingen torenhoog zijn, schuilt het gevaar dat zelfs een uitstekend kwartaal niet voldoende is om de koers verder te stuwen. Dat is een bekende dynamiek op de beurs: het gaat niet alleen om de cijfers, maar om de vraag of die cijfers nóg beter zijn dan beleggers al dachten. Wat weten we nu? Nvidia heeft zelf laten doorschemeren dat de omzet in het tweede kwartaal rond de 45 miljard dollar uitkomt, een groei van ongeveer 50 procent ten opzichte van een jaar eerder. Analisten verwachten zelfs dat de vooruitblik richting het derde kwartaal kan stijgen naar meer dan 52 miljard. Als dat inderdaad gebeurt, kan het vertrouwen in de aandelen opnieuw een boost krijgen. Omzetverwachting analisten: Bron: Seeking Alpha Maar een belegger kijkt ook naar de andere kant. China is bijvoorbeeld nog steeds een lastig dossier. Eerst waren er exportrestricties, daarna een gedeeltelijke opening met strenge voorwaarden, en ondertussen zijn Chinese bedrijven druk bezig om eigen chips te ontwikkelen. Voor Nvidia betekent dat onzekerheid. En zelfs als de toegang tot de Chinese markt voorlopig blijft, kost het bedrijf dat 15 procent van de omzet in die regio. Een belegger kan zich afvragen hoeveel dit op termijn weegt. Een ander punt dat veel beleggers bezighoudt, is het idee van een mogelijke AI-bubbel. Grote namen, van Sam Altman tot analisten van grote banken, hebben gewaarschuwd dat er te veel verwachtingen tegelijk in de markt zitten. Bedrijven gebruiken massaal de term “AI” om hun waardering omhoog te praten. Beleggers weten dat dit doet denken aan de dotcomperiode van begin deze eeuw. Voor beleggers die naast volatielere (tech)posities zoeken naar stabielere langetermijnopties, bieden vastgoedfondsen een solide aanvulling. Ontdek hier het actuele overzicht van de beste Nederlandse vastgoedfondsen! Toch is Nvidia een ander verhaal. Waar veel AI-bedrijven vooral hype verkopen, levert Nvidia concrete producten die essentieel zijn voor de infrastructuur. Zonder hun GPU’s is er geen rekenkracht om modellen te trainen of te laten draaien. Dat maakt de aandelen voor veel beleggers meer dan zomaar een bubbelspel. Nvidia is de leverancier van de schop in de goudkoorts: ongeacht wie er met AI wint of verliest, iedereen heeft hun chips nodig. De vraag is alleen: wat betekent dit op korte termijn? De aandelen zijn sinds 2023 al meer dan duizend procent gestegen. Voor beleggers voelt dat soms alsof de makkelijkste winsten al gemaakt zijn. Tegelijkertijd wijzen de waarderingen erop dat Nvidia nog steeds niet extreem duur is vergeleken met zijn eigen historie. Het aandeel handelt rond een koers-winstverhouding die dicht bij het tienjaarsgemiddelde ligt. Dat kan een signaal zijn dat de markt de huidige winstgroei al serieus inprijst. PE GAAP: Bron: Seeking Alpha Voor een belegger is het spel dus genuanceerd. Wie nu aandelen koopt voor de cijfers van 27 augustus, gokt eigenlijk op een combinatie van sterke resultaten en nóg sterkere verwachtingen. Als Nvidia beide levert, kunnen de aandelen omhoog. Maar als de cijfers “slechts” goed zijn, kan de reactie ook tegenvallen. Dat maakt het een klassiek dilemma voor beleggers die balanceren tussen enthousiasme en voorzichtigheid. Wat Nvidia zo fascinerend maakt, is dat het bedrijf symbool staat voor de verschuiving van macht op de beurs. Een paar jaar geleden waren energiebedrijven of banken de zwaargewichten in de index. Nu weegt Nvidia in zijn eentje zwaarder dan hele sectoren samen. Voor beleggers betekent dit dat het lot van de aandelenmarkt steeds meer verbonden raakt aan de prestaties van één bedrijf. Dat roept vragen op. Is dat gezond? Hoe kwetsbaar wordt de markt als de aandelen van Nvidia een keer fors corrigeren? Het is geen onbekend fenomeen: in de dotcomtijd was Cisco ook jarenlang het middelpunt van alle hoop en hype, totdat de realiteit van concurrentie en margedruk de koers naar beneden trok. Beleggers die dat meegemaakt hebben, kijken met gemengde gevoelens naar Nvidia. Koersontwikkeling Cisco: Bron: Google Finance Toch is er een belangrijk verschil. Nvidia heeft een ecosysteem opgebouwd dat niet eenvoudig te kopiëren is. Niet alleen de chips zelf, maar ook de software (CUDA) en de relaties met hyperscalers vormen een soort moat die lastig te doorbreken is. Voor beleggers is dat een geruststelling: zelfs als concurrenten als AMD of interne projecten bij Microsoft en Google opkomen, is het zeer waarschijnlijk dat Nvidia een groot deel van de taart blijft houden. Daarnaast weet het bedrijf handig om te gaan met overheden. De onderhandelingen met Washington over toegang tot China laten zien dat Nvidia niet zomaar slachtoffer wordt van geopolitieke spanningen, maar actief probeert oplossingen te vinden. Voor beleggers is dat opnieuw een signaal dat Nvidia geen gewoon chipbedrijf is, maar een strategische speler op wereldschaal. Voor de belegger die nu nadenkt over het kopen van aandelen Nvidia voor 27 augustus, is de vraag eigenlijk simpel maar lastig: hoeveel vertrouwen heb je dat de cijfers opnieuw verrassen? Aan de ene kant is er het aanhoudende optimisme rond AI, de miljarden die hyperscalers blijven uitgeven en de lancering van de Blackwell-chips die pas echt later dit jaar op volle kracht gaan leveren. Dat zijn factoren die de aandelen verder omhoog kunnen duwen. Aan de andere kant zijn er de zorgen over China, de kans dat hyperscalers steeds meer eigen chips ontwikkelen, en het risico dat de markt te veel van één kwartaal verwacht. Een belegger die daar rekening mee houdt, ziet dat de kans op teleurstelling ook aanwezig is. Wat wel duidelijk is: Nvidia blijft hét aandeel van dit tijdperk. Beleggers die in 2023 of 2024 instapten, hebben ongekende rendementen gezien. De aandelen zijn een symbool geworden van de AI-revolutie, en 27 augustus is het volgende hoofdstuk in dat verhaal. Of je als belegger nu vlak voor die datum koopt of juist even wacht, verandert niets aan de grotere trend. Nvidia heeft zich gevestigd als spil van de technologie-industrie. En zolang die positie overeind blijft, zullen de aandelen nog vaak in de schijnwerpers staan.

  • Gaat dit aandeel naar $0 door AI?!

    In het kort: De markt waardeert Adobe historisch laag door angst voor AI-disruptie en opkomende concurrenten als Canva en Figma. Beleggers twijfelen of Adobe zijn dominante positie kan behouden nu generatieve AI het creatieve proces toegankelijker maakt. Tegelijkertijd blijft Adobe sterk in kaspositie, klantbinding en productintegratie, wat het potentieel biedt om van AI juist te profiteren. De opkomst van generatieve AI zet de creatieve industrie op zijn kop. Beelden genereren via tekstprompts, video’s laten maken door algoritmes of complete websites ontwerpen zonder programmeerkennis: het leek sciencefiction, maar is in 2025 al realiteit. Voor veel bedrijven betekent dit een existentiële dreiging. Maar wat betekent deze ontwikkeling voor Adobe, de onbetwiste marktleider in creatieve software? Al ruim veertig jaar is Adobe verweven met de visuele economie. Van Photoshop tot Illustrator, van After Effects tot Acrobat: wie professioneel iets ontwerpt, heeft vrijwel zeker met Adobe te maken. Toch staat deze dominante positie onder druk. Nieuwe generaties creatieven beginnen hun carrière niet meer per se met een Adobe-licentie, maar met Canva of Figma. Tegelijkertijd vragen beleggers zich af: als AI straks álles kan ontwerpen, hebben we Adobe dan nog nodig? Lees ook: Deepdive Adobe: kwaliteitsaandeel met historisch lage waardering van creatie tot klantbeleving: adobe’s digitale ecosysteem Adobe is al decennialang de spil in de creatieve softwarewereld, maar het bedrijf doet veel meer dan alleen Photoshop. Het Amerikaanse technologiebedrijf opereert via drie strategische pijlers: Creative Cloud, Document Cloud en Experience Cloud, samen vormen ze een krachtig, geïntegreerd platform dat de volledige digitale contentcyclus ondersteunt. De Creative Cloud is het bekendste segment en huisvest industriestandaarden zoals Photoshop, Illustrator, Premiere Pro en After Effects. Of het nu gaat om fotografie, grafisch ontwerp, videomontage of animatie, deze tools vormen het fundament van miljoenen professionele workflows wereldwijd. Adobe heeft hier een marktaandeel van ruim 60% en is vrijwel onmisbaar voor iedereen die visuele content op hoog niveau produceert. De producten van Adobe Creative Cloud: Bron: Adobe Met de Document Cloud heeft Adobe ook een stevige positie in het zakelijke domein. Adobe Acrobat is dé standaard voor het bewerken en beveiligen van PDF’s, terwijl Adobe Sign digitale ondertekening mogelijk maakt met volledige juridische geldigheid. Deze oplossingen worden breed toegepast in sectoren als overheid, financiën en juridische dienstverlening. De derde tak, Experience Cloud, richt zich op enterprise marketing en datagedreven klantcommunicatie. Met tools als Adobe Experience Manager en Adobe Analytics kunnen bedrijven campagnes personaliseren, klantgedrag analyseren en digitale ervaringen optimaliseren. Hiermee bedient Adobe grote merken die op zoek zijn naar schaalbare, gepersonaliseerde marketingoplossingen. Wat je met Adobe Experience Cloud kunt doen: Bron: Adobe Het unieke van Adobe ligt in de onderlinge samenhang van deze drie segmenten. Ze versterken elkaar en creëren een ecosysteem waarin klanten diep worden geïntegreerd. Die combinatie van creatieve kracht, documentbeheer en marketinganalyse maakt Adobe niet alleen dominant in zijn kernmarkten, maar ook moeilijk vervangbaar. Dat verklaart waarom het bedrijf ondanks toenemende concurrentie en technologische verschuivingen nog altijd stevig aan de top staat. AI als dubbele uitdaging: bedreiging én bondgenoot De opkomst van generatieve AI vormt een structurele uitdaging voor Adobe. Waar het bedrijf jarenlang kon rekenen op de complexiteit van zijn tools als concurrentiebarrière, vervaagt die drempel nu razendsnel. Nieuwe AI-platforms stellen gebruikers in staat om in seconden beelden, video’s en grafische ontwerpen te genereren, vaak zonder enige designervaring. Dat ondermijnt Adobe’s premiumpositie en roept fundamentele vragen op over de rol van professionele designsoftware in een wereld waarin kunstmatige intelligentie het creatieve werk lijkt over te nemen. Vooral aan de onderkant van de markt, bij kleine bedrijven, zelfstandigen en socialmediacreators, is die verschuiving voelbaar. Gebruikers die voorheen misschien kozen voor Adobe Express of Lightroom, grijpen nu sneller naar gratis AI-tools zoals DALL·E of Canva AI. Deze alternatieven zijn snel, laagdrempelig en ‘goed genoeg’ voor veel toepassingen. Het gevolg: een groeiende groep gebruikers blijft buiten het Adobe-ecosysteem, waardoor het bedrijf terrein verliest in segmenten die ooit groeimotoren waren. Bovendien zet AI ook druk op Adobe’s prijszettingsmacht. Als alternatieven betaalbaar en breed toegankelijk zijn, wordt het moeilijker om premiumprijzen te handhaven, zeker bij niet-professionele klanten. Dat kan op termijn leiden tot hogere klantverloop en tragere omzetgroei, precies de twee factoren waar Adobe’s succesvolle abonnementsmodel juist op leunt. Toch ziet Adobe AI niet uitsluitend als bedreiging. Integendeel, het bedrijf positioneert AI nadrukkelijk als een strategisch verlengstuk van zijn bestaande producten. Via het platform Adobe Firefly biedt het geavanceerde generatieve AI, geïntegreerd binnen vlaggenschiptools als Photoshop en Illustrator. Daarmee kunnen gebruikers onder andere automatisch achtergronden aanpassen, objecten verwijderen of beelden uitbreiden, allemaal met behoud van controle en kwaliteit. Firefly binnen Adobe Creative Cloud: B ron: Adobe Wat Firefly uniek maakt, is dat het volledig is getraind op gelicentieerde content, waardoor de gegenereerde output commercieel veilig gebruikt kan worden. In een tijd van groeiende juridische onzekerheid rondom AI-content is dat een belangrijk verkoopargument voor professionele gebruikers. Bovendien gebruikt Adobe geen klantdata om zijn modellen te trainen, wat de vertrouwensband met klanten versterkt. Cruciaal is dat deze AI niet naast Adobe’s software staat, maar er diep in verweven is. Adobe biedt geen verzameling losse tools, maar een geïntegreerd systeem dat de hele creatieve workflow ondersteunt: van ontwerp in Creative Cloud, tot documenten in Document Cloud, tot personalisatie en analyse in Experience Cloud. Juist die naadloze integratie, en het feit dat Adobe-producten de industriestandaard zijn in sectoren als media, marketing en design, maakt dat veel bedrijven en professionals niet zomaar kunnen overstappen. AI is daarmee geen vervanging van Adobe’s kernaanbod, maar een versterking ervan. In plaats van het creatieve proces over te nemen, verhoogt AI de efficiëntie en productiviteit van professionele gebruikers. Adobe laat zien dat generatieve AI hand in hand kan gaan met creatieve controle, kwaliteit en compliance, mits het onderdeel is van een robuust en vertrouwd ecosysteem. De uitdaging blijft om die voordelen ook overtuigend over te brengen aan nieuwe generaties gebruikers die opgroeien met eenvoud en snelheid als norm. Is adobe koopwaardig? een waarderingsvraag met veel toekomstscenario’s Adobe is al decennia een bastion in de softwarewereld: winstgevend, dominant en diepgeworteld in de creatieve industrie. Toch laat de beurskoers een ander verhaal zien. Het aandeel handelt momenteel tegen een historisch lage waardering, met een forward koers-winstverhouding van slechts 22. Dat is bijzonder voor een bedrijf met zulke sterke marges, stabiele kasstromen en een wereldwijd marktaandeel van meer dan 60% in creatieve software. Die lage waardering komt voort uit angst. Angst voor disruptie door AI, voor concurrentie van Canva en Figma, en voor het verlies van aansluiting bij een nieuwe generatie gebruikers. De historische PE van Adobe laat zien dat het bedrijf historisch goedkoop is: B ron: Seekingalpha De kernvraag is dan ook of dit pessimisme terecht is, of dat de markt Adobe momenteel simpelweg verkeerd inschat. Om dat te beoordelen is het zinvol te kijken naar mogelijke uitkomsten richting 2030, en daarbij stil te staan bij de onderliggende aannames over winstgroei, marktdynamiek en waarderingsniveaus. Bear case: adobe wordt wél disrupted In het negatieve scenario weet Adobe zijn positie niet te behouden. De doorbraak van generatieve AI verlaagt de toegangsdrempel tot design zodanig dat veel gebruikers afhaken. Canva en Figma blijven groeien, Adobe Express weet daar onvoldoende tegenover te zetten, en nieuwe gebruikers kiezen structureel voor eenvoud boven professionele controle. In zo’n wereld blijft Adobe weliswaar winstgevend, maar neemt de operationele kracht af. Omdat het bedrijf eigen aandelen blijft inkopen, daalt de winst per aandeel slechts licht, met gemiddeld 2% per jaar. In 2030 komt de verwachte winst dan uit rond 18,50 dollar per aandeel. Bij een waardering die past bij een rijp softwarebedrijf zonder groeivooruitzichten, bijvoorbeeld vijftien keer de winst, zou dat neerkomen op een koers van ongeveer 277 dollar. Vanuit de huidige koers van 357 dollar betekent dat een jaarlijks verlies van ongeveer 4 procent. Niet catastrofaal, maar verre van aantrekkelijk. Base case: adobe blijft de standaard In dit realistische middenscenario slaagt Adobe erin om zijn dominante positie grotendeels vast te houden. Firefly wordt breed toegepast binnen de bestaande productlijn, vooral in de professionele markt, en AI wordt geïntegreerd in het vertrouwde ecosysteem. De groei vlakt weliswaar af, nieuwe gebruikers zijn moeilijker aan te trekken, maar Adobe behoudt zijn status als standaard binnen de creatieve sector. Analisten verwachten in dit geval een winst per aandeel van ruim 31 dollar in 2030. Als het bedrijf dan gewaardeerd wordt op een koers-winstverhouding van 25, passend bij een kwalitatief, winstgevend maar niet razendsnel groeiend softwarebedrijf, komt de koers uit op ongeveer 783 dollar. Vanaf het huidige niveau betekent dat een gemiddeld jaarlijks rendement van ruim 13 procent. Een aantrekkelijk vooruitzicht voor beleggers die vertrouwen hebben in stabiliteit zonder spektakel. Bull case: adobe groeit harder door ai In het meest optimistische scenario weet Adobe juist te profiteren van AI. Firefly groeit uit tot een kernonderdeel van de productiviteit van creatieve professionals en Adobe weet bovendien nieuwe gebruikers aan zich te binden via een verbeterde Express-strategie. De tijdwinst en efficiëntie die AI oplevert zorgen ervoor dat creatieve output toeneemt, waarbij Adobe hét platform blijft waarop die creatie plaatsvindt. In dat geval groeit de winst per aandeel harder dan nu verwacht, met gemiddeld 16 procent per jaar. Dat zou in 2030 neerkomen op een winst van ongeveer 43 dollar per aandeel. Als de markt het aandeel dan opnieuw waardeert op een premium multiple van veertig, zoals in eerdere jaren gebruikelijk was bij sterke groeiers, stijgt de koers naar circa 1.728 dollar. Het verwachte rendement komt dan uit rond de 27 procent per jaar. Een uitgesproken bull case, maar niet onmogelijk gezien Adobe’s kaspositie, merksterkte en historisch innovatief vermogen. Asymmetrisch risico, maar sterk fundament De drie scenario’s laten zien hoe breed het speelveld is waarin Adobe zich begeeft. In het slechtste geval ligt het rendement onder nul, in het beste geval levert het aandeel een spectaculaire meerjarige run op. Wat opvalt, is dat het neerwaarts scenario een relatief beperkte schade impliceert, terwijl het opwaarts potentieel aanzienlijk is. De markt prijst momenteel twijfel in, maar op basis van fundamentals lijkt het risico-rendementsprofiel eerder in het voordeel van de belegger uit te vallen. Wie denkt dat Adobe zijn positie in de creatieve keten weet te behouden, en dat AI een versterking wordt van het platform in plaats van een vervanging, koopt vandaag een bedrijf met solide fundamenten tegen een zeldzaam lage waardering. Dat maakt Adobe op dit moment geen veilige haven, maar wel een kansrijk aandeel voor wie bereid is om strategische onzekerheid te accepteren in ruil voor structurele kwaliteit.

  • Achter de schermen: Zo verschillen deze twee dividend REITs écht

    In het kort: Beide bedrijven genereren hun inkomsten uit de verhuur van bedrijfspanden onder zogenaamde 'triple-net lease'-contracten, waarbij de huurder de meeste kosten betaalt. Realty Income is een groter bedrijf dat zich richt op brede diversificatie en een hoog direct dividend, terwijl Agree Realty kleiner is en zich focust op snellere dividend- en vermogensgroei. Beide bedrijven hebben een sterke aanwezigheid in de retailsector, maar Realty Income is breder gespreid over sectoren zoals industrieel vastgoed en gaming. Zowel Agree Realty (ADC) als Realty Income (O) zijn erg populaire aandelen, en dat komt vooral door de stabiele en betrouwbare dividenden die ze uitkeren. Deze bedrijven zijn wat men noemt 'triple-net lease' vastgoedfondsen, wat betekent dat ze bedrijfspanden bezitten en verhuren. Het speciale aan deze contracten is dat de huurder, naast de huur, ook de meeste kosten betaalt zoals onderhoud, verzekeringen en belastingen. Dit zorgt voor een voorspelbare geldstroom voor de vastgoedfondsen, wat op zijn beurt een vast inkomen oplevert voor de aandeelhouders.   Hoewel de bedrijven op elkaar lijken, hebben ze een andere aanpak. Realty Income is de reus van de twee en staat bekend als 'The Monthly Dividend Company'. Ze richten zich op diversificatie met duizenden panden en hebben een lange geschiedenis van het verhogen van hun dividend. Dit maakt ze ideaal voor beleggers die een vast, betrouwbaar inkomen zoeken met weinig risico. Agree Realty is kleiner, maar groeit snel. Zij focussen meer op het verwerven van nieuwe, hoogwaardige panden. Dit leidt tot een snellere groei van het dividend, wat aantrekkelijker is voor beleggers die vooral gericht zijn op de groei van hun vermogen op de lange termijn.   Wat is een REIT? Laten we bij het begin, beginnen. Een REIT (Real Estate Investment Trust) is in feite een bedrijf dat inkomsten genereert uit onroerend goed. Zie het als een vastgoedfonds dat op de beurs verhandeld wordt, net als een gewoon aandeel. Door te beleggen in een REIT, koop je een klein stukje van een grote portefeuille met vastgoed, zoals kantoorgebouwen, winkelcentra, appartementencomplexen of distributiecentra. Het grote voordeel is dat je de voordelen van beleggen in vastgoed ervaart, zoals een stabiele inkomstenstroom, zonder dat je zelf huizen hoeft te kopen en te beheren. Het speciale aan een REIT is dat het bedrijf verplicht is om een groot deel van zijn winst, meestal 90% of meer, uit te keren aan de aandeelhouders in de vorm van dividend. Hierdoor ontvang je als belegger een regelmatige en vaak hoge dividenduitkering, wat het aantrekkelijk maakt voor mensen die op zoek zijn naar een passief inkomen. REITs zijn er in verschillende soorten, gespecialiseerd in bijvoorbeeld woningen, kantoren of zelfs ziekenhuizen. Dit biedt beleggers de mogelijkheid om hun portefeuille te diversifiëren over verschillende vastgoedsectoren. Welke bedrijven hebben zij in portefeuille? Beide bedrijven hebben een sterke focus op de retailsector, wat betekent dat veel van hun klanten grote winkelketens zijn. Agree Realty richt zich vooral op "recessiebestendige" winkels, zoals supermarkten en doe-het-zelfzaken. Realty Income heeft een bredere aanpak en investeert naast retail ook in andere sectoren, zoals industrieel vastgoed en de gamingsector. Hierdoor is de portefeuille van Realty Income breder gespreid. Agree Realty Agree Realty (ADC) heeft een indrukwekkend portfolio met veel bekende namen. Tot hun belangrijkste huurders behoren grote Amerikaanse retailers zoals Walmart, Best Buy en Kroger. Daarnaast werken ze samen met andere grote bedrijven zoals Tractor Supply Co., Dollar General, CVS, Lowe's en Home Depot. Deze bedrijven zijn gekozen omdat ze als 'recessiebestendig' worden beschouwd; mensen hebben immers altijd levensmiddelen en basisgoederen nodig, zelfs in moeilijke economische tijden. Deze sterke, stabiele huurders zorgen voor een constante en betrouwbare inkomstenstroom. Zie hier een overzicht van de bedrijven:   Bron: Agree Realty IR De portefeuille van Agree Realty is verdeeld over diverse sectoren. De grootste sector is supermarkten en warenhuizen, zoals te zien is aan de eerder genoemde huurders. Daarnaast hebben ze ook aanzienlijke investeringen in sectoren zoals autodiensten, thuisverbetering en gemakswinkels. Deze brede spreiding over verschillende sectoren vermindert het risico voor beleggers, omdat de prestaties van de portefeuille niet afhankelijk zijn van één enkele sector. Zie hier de verdelingen van de sectoren: Bron: Agree Realty IR Realty Income Realty Income heeft een zeer diverse portefeuille van bedrijven. Tot de grootste huurders behoren bekende namen zoals Walgreens Boots Alliance, Dollar General en Dollar Tree. Ook heeft het bedrijf panden in bezit die verhuurd worden aan grote spelers zoals 7-Eleven, FedEx, Walmart en Home Depot. De focus ligt op bedrijven met een sterke financiële positie, wat zorgt voor een stabiele en betrouwbare huurinkomstenstroom die de maandelijkse dividenden ondersteunt. Zie hier een overzicht van de bedrijven: Bron: Realty Income IR Wat betreft de sectoren, is de portefeuille van Realty Income breed gespreid. De nadruk ligt op de retailsector, waaronder detailhandel, restaurants en theaters. Dit vormt de meerderheid van hun huurinkomsten. Daarnaast heeft Realty Income de afgelopen jaren steeds meer geïnvesteerd in andere sectoren, waaronder industrieel vastgoed en gaming, om de diversificatie te vergroten en het risico te spreiden. Deze spreiding helpt het bedrijf om veerkrachtig te zijn in verschillende economische omstandigheden. Zie hier de verdelingen van de sectoren: Bron: Realty Income IR Wat is het dividendrendement? Het dividendrendement is een belangrijk verschil tussen Agree Realty en Realty Income. Op dit moment heeft Realty Income een hoger rendement van ongeveer 5,4%, terwijl dat van Agree Realty rond de 4,1% ligt. Dit betekent dat je bij een investering in Realty Income per euro een hoger direct inkomen ontvangt. Dit hoge rendement maakt Realty Income vooral aantrekkelijk voor beleggers die op zoek zijn naar een stabiel en direct inkomen uit hun investering. Agree Realty biedt een lager direct rendement, wat typerend is voor een bedrijf dat sneller groeit.   Naast het dividendrendement is het ook belangrijk om te kijken naar het dividend per aandeel. Agree Realty keert momenteel ongeveer $0,77 per kwartaal uit, terwijl Realty Income een kwartaaldividend van ongeveer $0,81 uitkeert. Hoewel het dividend per aandeel van Realty Income momenteel iets hoger is, is de groei van het dividend bij Agree Realty over het algemeen sneller. Dit komt doordat Agree een kleiner bedrijf is dat zich richt op agressieve uitbreiding van hun portefeuille. Deze snellere groei kan op lange termijn een hoger dividend per aandeel opleveren, wat het bedrijf aantrekkelijk maakt voor beleggers die zich richten op vermogensgroei. Opzoek naar een ETF welke maandelijks dividend betaald? Wellicht is deze ETF iets voor jou! Lees hier meer over deze ETF: Underperformance alert - Waarom deze ETF het rendement drukt Wat is het verschil? Het voornaamste verschil tussen Agree Realty en Realty Income zit in hun omvang, strategie en, als gevolg daarvan, hun groeipotentieel en dividendrendement. Realty Income is de absolute gigant in de sector, met een veel groter portfolio van duizenden panden wereldwijd. Door deze schaalgrootte kan Realty Income een brede diversificatie aanbieden, niet alleen over verschillende huurders en sectoren (naast retail ook industrieel en gaming), maar ook geografisch. Hun strategie is gericht op stabiliteit en het bieden van een betrouwbaar en hoog huidig dividendrendement.   Agree Realty is een kleinere, maar snelgroeiende speler. De strategie van Agree is om zich te concentreren op het verwerven van hoogwaardige panden in de retailsector, met een sterke nadruk op huurders met een 'investment-grade' rating, zoals Walmart en Home Depot. Dit maakt hun portfolio als geheel minder risicovol dan dat van Realty Income.   De keuze tussen deze twee aandelen komt neer op de persoonlijke voorkeur van de belegger. Zoek je naar een stabiel, hoog passief inkomen en maximale diversificatie, dan is Realty Income de logische keuze. Als je meer waarde hecht aan snellere dividendgroei en vermogensgroei op de lange termijn, dan is Agree Realty waarschijnlijk een betere optie.

  • De markt negeert dit aandeel, maar de cijfers vertellen een ander verhaal

    In het kort Fiverr rapporteerde een omzetgroei van 15% op jaarbasis naar $108,6 miljoen in Q2 2025 , ondanks een daling van het aantal actieve kopers met 11%. De omzet uit diensten zoals Fiverr Pro groeide met 84% tot $34 miljoen  en vertegenwoordigt nu 31% van de totale omzet. Het aandeel is met minder dan 6 keer de verwachte EBITDA voor 2025 fors ondergewaardeerd , met sterke kasreserves van $747 miljoen en beperkte schulden. Fiverr, ooit synoniem met goedkope online klusjes van vijf dollar, heeft zich de afgelopen jaren getransformeerd tot een dienstverlener voor grotere, kapitaalkrachtige klanten. Deze strategiewijziging verklaart deels waarom het aantal actieve kopers op het platform is gedaald van 4,2 miljoen in Q2 2022 naar 3,4 miljoen in Q2 2025 . Tegelijkertijd steeg de jaarlijkse besteding per koper van $259 naar $318 , een groei van ruim 22%. Dit wijst op een duidelijke positionering richting meer professionele, omvangrijke opdrachten. Een groot deel van deze groei komt voort uit Fiverr Pro , het premiumsegment van het platform waar bedrijven freelancers inhuren voor geavanceerde en langdurige projecten. Fiverr meldt dat het inmiddels regelmatig contracten afsluit van zes cijfers voor meerdere maanden. Daarmee concurreert het niet langer alleen met platformen als Upwork, maar ook met traditionele consultancybureaus. Fiverr financiële resultaten Q2 2025: Bron: Fiverr Afnemende marktplaatsactiviteit gecompenseerd door dienstenexplosie Hoewel de kernactiviteit de marktplaats waar freelancers en opdrachtgevers elkaar vinden licht onder druk staat, weet Fiverr zijn omzet te vergroten dankzij een forse stijging in diensteninkomsten. In het tweede kwartaal van 2025 steeg de omzet uit diensten van $18,5 miljoen naar $34 miljoen op jaarbasis, een stijging van 84% . Deze inkomsten vertegenwoordigen inmiddels bijna een derde van de totale omzet  van het bedrijf. Onder deze diensten vallen onder meer premium abonnementen voor freelancers, begeleiding bij AI-integratie en nieuwe tools zoals de AI-gedreven Shopify Store Builder . Die laatste stelt gebruikers in staat om met minimale input een functionele webshop te bouwen, een directe reactie op de groeiende vraag naar geautomatiseerde bedrijfsoplossingen. AI: bedreiging en kans voor platformmodellen De opkomst van AI wordt vaak gezien als existentiële bedreiging voor platformen die afhankelijk zijn van menselijk werk en Fiverr is daarop geen uitzondering. AI-systemen kunnen inmiddels taken uitvoeren die voorheen exclusief door mensen werden gedaan, zoals programmeren, contentcreatie en klantenservice. De realiteit is dat veel freelancers hierdoor hun inkomstenbron zien opdrogen. Lees ook: Nederlandse beleggers investeren massaal in deze sector... Toch weet Fiverr zich opvallend wendbaar op te stellen. Het bedrijf stelt dat AI-gerelateerde opdrachten op het platform met een factor vijf tot tien zijn toegenomen  in het afgelopen jaar. Diensten zoals "vibe coding" (waarbij mensen AI-uitvoer begeleiden en beoordelen) en integratie van AI-tools binnen bestaande bedrijfsprocessen winnen aan populariteit. Volgens Fiverr ontwikkelt zich op het platform een ‘bench’ van AI-specialisten  die in te huren zijn via Fiverr Pro. Hiermee probeert het bedrijf een deel van de verschuiving van traditionele naar AI-gedreven opdrachten intern te houden. In plaats van concurrentie met AI te vermijden, zoekt Fiverr de integratie actief op. Fiverr zoekt actief de integratie met AI voor toekomstige groeikansen: Bron: Fiverr Financiële positie en waardering De waardering van Fiverr laat een opvallend contrast zien. Bij een marktkapitalisatie van circa $848 miljoen  noteert het aandeel tegen een trailing P/E van 46,9  en een forward P/E van slechts 8,6 . Dit suggereert dat de markt de verwachte winstgroei in de komende periode zeer terughoudend waardeert. Ook de price-to-sales ratio van 2,0  benadrukt dat de huidige waardering bescheiden is in vergelijking met technologiebedrijven met vergelijkbare groeivooruitzichten, die vaak tegen fors hogere multiples worden verhandeld. Tegelijkertijd rapporteerde Fiverr een brutomarge van bijna 81%  en een nettowinstmarge van circa 4,3% , wat duidt op een schaalbaar en gezond bedrijfsmodel dat steeds efficiënter wordt. Fiverr-aandeel consolideert al jaren: Bron: TradingView Groei ondanks economische tegenwind en structurele risico's Fiverr opereert in een uitdagende omgeving van economische onzekerheid , een wereldwijde 'hire freeze'  en de opkomst van AI , die druk zet op traditionele freelanceopdrachten. Toch weet het bedrijf hierop in te spelen door zich te richten op grotere, langdurige opdrachten  en strategische samenwerkingen met ondernemingen. De dienstenomzet groeit inmiddels sneller dan die uit de marktplaats, wat wijst op een geslaagde diversificatie  van het verdienmodel. Deze strategie vertaalt zich in een stijgende aangepaste EBITDA-marge van bijna 20% , terwijl de combinatie van groeiende cashflow, hoge brutomarges en een solide balans  Fiverr in staat stelt om rendabel te blijven groeien. Daarmee onderscheidt het zich van veel andere techplatformen die kampen met winstdalingen. Toch zijn de risico’s niet te onderschatten. De structurele daling van actieve kopers  vormt een blijvend knelpunt, zeker nu AI steeds meer basistaken zoals tekstschrijven en dataverwerking automatiseert . Als Fiverr er niet in slaagt om continu waarde toe te voegen via innovatie en specialisatie, dreigt het marktaandeel te verliezen in een snel veranderende freelance-economie. Kansen voor het aandeel Fiverr Fiverr lijkt klaar om te profiteren van een toekomst waarin flexibiliteit, technologie en gespecialiseerde dienstverlening  centraal staan. Nu steeds meer bedrijven kiezen voor hybride werkmodellen , waarbij vaste teams worden aangevuld met een flexibele schil van externe experts, ontstaat er structurele vraag naar platforms die deze verbinding faciliteren. In dat plaatje past Fiverr uitstekend, mits het blijft vernieuwen en meebeweegt met de snel evoluerende marktvraag . Toch lijkt de markt dit potentieel grotendeels te negeren. De huidige lage waardering  contrasteert scherp met de solide financiële basis, de winstgevende groei  en de strategische focus op AI-gedreven diensten . Voor beleggers met oog voor ondergewaardeerde kansen biedt dit een aantrekkelijk instapmoment. Het succes van Fiverr zal afhangen van de snelheid waarmee het zich blijft aanpassen aan technologische en economische veranderingen en op dat vlak toont het bedrijf tot nu toe overtuigend leiderschap.

  • Van Elon Musk tot Bernard Arnault: dit zijn de rijkste mensen in 2025

    In het kort Elon Musk is met $342 miljard veruit de rijkste miljardair ter wereld , zijn vermogen overstijgt dat van hele continenten. Bernard Arnault uit Frankrijk is met $178 miljard de rijkste Europeaan , gevolgd door Amancio Ortega met $124 miljard . Afrika’s rijkste persoon, Aliko Dangote, bezit met $23,9 miljard minder dan een tiende van Musk's fortuin . De kloof tussen rijk en superrijk is de afgelopen jaren verder uitgediept en niets illustreert dat beter dan de nieuwste lijst van rijkste miljardairs per land. De cijfers, verzameld door Forbes  en visueel weergegeven door Visual Capitalist , tonen de enorme verschillen in individuele rijkdom over de wereld. Elon Musk spant de kroon met een vermogen van $342 miljard , wat niet alleen Amerika domineert, maar zelfs het totale vermogen van de rijkste personen op hele continenten overstijgt. De rijkdom van Musk, mede te danken aan een heropleving van Tesla-aandelen in 2025 , laat andere miljardairs ver achter zich. Bernard Arnault , de topman van LVMH  en rijkste man van Europa, moet het met 'slechts' $178 miljard  stellen, ongeveer de helft van Musk's fortuin. En dat terwijl Arnault vorig jaar Musk nog voor zich hield. Rijkste persoon per land in 2025: overzicht van de topmiljardairs wereldwijd Bron: Visual Capitalist Technologische dominantie in Noord-Amerika De Verenigde Staten  herbergen niet alleen de rijkste persoon ter wereld, maar ook andere zwaargewichten zoals Jeff Bezos, Mark Zuckerberg en Larry Ellison , die allemaal boven de $100 miljard  noteren maar in deze lijst niet vermeld worden omdat ze niet de rijkste van hun land zijn. Mexico’s rijkste, Carlos Slim Helú en familie, komt met $82,5 miljard  op de tweede plaats binnen Noord-Amerika. Deze telecommagnaat  zag zijn imperium de afgelopen jaren weer groeien, vooral door internationale investeringen en stabiele Latijns-Amerikaanse markten. Canada’s rijkste, Changpeng Zhao oprichter van cryptobeurs Binance bezit $62,9 miljard , een opmerkelijk herstel na zware regelgeving rond crypto in voorgaande jaren. Europa: oude rijkdom en luxemerken In Europa  is Bernard Arnault  de onbetwiste nummer één. Zijn vermogen, grotendeels afkomstig van luxemerken als Louis Vuitton, Moët & Chandon en Dior , weerspiegelt de kracht van de Europese consumptiegoederensector . Amancio Ortega , oprichter van Zara (Inditex) , volgt met $124 miljard . Bernard Arnault, rijkste Europeaan en eigenaar van LVMH: Bron: De Tijd Ook opvallend: Mark Mateschitz  uit Oostenrijk, erfgenaam van Red Bull , bezit $40,6 miljard . Dieter Schwarz , de Duitse oprichter van Lidl en Kaufland , komt op $41 miljard , wat de dominantie van retail onderstreept. Lees ook: Beleggers houden adem in: dit zijn de krachten die Wall Street nu bewegen Nederland wordt vertegenwoordigd door Charlene de Carvalho-Heineken  met $14,4 miljard , verdiend aan het wereldwijde succes van het Heineken-concern . In België  voert Eric Wittouck  de lijst aan met $9 miljard , dankzij erfenisgeld en investeringen via de Invus Group . Charlene de Carvalho-Heineken, rijkste Nederlander met $14,4 miljard: Bron: RTL Nieuws Sommige landen kennen veel kleinere fortuinen. Zo bezit Thor Bjorgolfsson  uit IJsland $1 miljard , en Albanië’s Samir Mane  komt tot $1,4 miljard , vooral uit vastgoed. Azië: miljardairs gedreven door industrie en digitalisering India’s Mukesh Ambani leidt Azië met een vermogen van $92,5 miljard . Zijn conglomeraat Reliance Industries  is actief in energie, telecom en retail en vormt een economische pijler binnen India. Ambani wordt op de voet gevolgd door Zhong Shanshan uit China ($65,5 miljard) , bekend van zijn mineraalwatermerk Nongfu Spring  en farma-investeringen. In Japan  staat Tadashi Yanai ($45,1 miljard)  bovenaan, de oprichter van modeketen Uniqlo (Fast Retailing) . Hongkong  wordt vertegenwoordigd door vastgoedmagnaat Li Ka-shing met $38,9 miljard , en Australië  door mijnbouwmiljardair Gina Rinehart met $29,3 miljard . Opvallend in deze regio is ook Pavel Durov , oprichter van berichtenapp Telegram , die met $17,1 miljard  de rijkste van de Verenigde Arabische Emiraten  is. Dat illustreert hoe digitale innovatie  een toenemende rol speelt bij het genereren van persoonlijk fortuin in opkomende markten. Zuid-Amerika en het Caribisch gebied: groeiende profielen Eduardo Saverin , medeoprichter van Facebook  en tegenwoordig Braziliaans staatsburger , is met $34,5 miljard de rijkste van Zuid-Amerika . Zijn investeringen in tech en durfkapitaal hebben zich ruimschoots uitbetaald. In Argentinië  voert Marcos Galperin , oprichter van MercadoLibre , de lijst aan met $8 miljard . Marcos Galperin, rijkste Argentijn en oprichter van MercadoLibre: Bron: Mercado Libre Een opvallende naam in het Caribisch gebied  is popicoon en ondernemer Rihanna . Met een vermogen van $1,4 miljard  dankzij haar succesvolle Fenty Beauty  en Savage x Fenty  imperiums is zij de rijkste in Barbados . Dit benadrukt dat beroemdheid en merkwaarde kunnen uitmonden in miljardenvermogen. Afrika: industriële rijkdom, maar onderaan de mondiale ladder Nigeria's Aliko Dangote  voert de Afrikaanse lijst aan met $23,9 miljard . Zijn imperium in cement en grondstoffen  maakt hem al jaren de rijkste persoon van het continent. Zuid-Afrikaan Johann Rupert , eigenaar van luxegroep Richemont (o.a. Cartier en Montblanc) , volgt met $14 miljard . Andere Afrikaanse miljardairs zoals Nassef Sawiris uit Egypte ($9,6 miljard) , Issad Rebrab uit Algerije ($3 miljard)  en Strive Masiyiwa uit Zimbabwe ($1,2 miljard)  vertegenwoordigen sectoren als kunstmest, telecom en infrastructuur . Opvallend is hoe deze fortuinen vrijwel allemaal uit traditionele industrieën  stammen en dat het continent achterblijft op het gebied van techgedreven vermogensgroei . Rijkste mensen in 2025 onthullen wereldwijde vermogenskloven Een van de meest fascinerende observaties uit het overzicht van de rijkste mensen per land is de enorme variatie in sectoren waar het grote geld wordt verdiend. Terwijl in Amerika en delen van Azië technologie de boventoon voert , domineren in Europa en Afrika sectoren als consumentengoederen, vastgoed en industrie . Ook de rol van erfgenamen  is niet te onderschatten, met meerdere jonge miljardairs die hun vermogen te danken hebben aan familiebedrijven. De spreiding in rijkdom is daarbij ongekend. Terwijl Elon Musk meer bezit dan de gecombineerde rijkdom van alle Afrikaanse topmiljardairs samen , zijn er nog steeds landen waar de rijkste persoon een vermogen van slechts $1 miljard  heeft. Dat verschil zegt veel over economische schaal, de mate van globalisering, toegang tot kapitaalmarkten  en het innovatievermogen van economieën wereldwijd . De kaart van mondiale rijkdom is dus even indrukwekkend als ongelijk verdeeld. Met technologie als voortstuwende kracht  voor extreme rijkdom, blijven traditionele industrieën belangrijk, maar lijken ze steeds meer terrein te verliezen aan disruptieve digitale modellen . Het is niet langer enkel waar je woont , maar vooral in welke sector je actief bent , dat bepaalt of je miljardair wordt en hoe rijk je uiteindelijk bent.

  • Waarom sparen bij de bank je elk jaar geld kost - en wat je ertegen kan doen

    In het kort. Nederlandse spaarrentes liggen momenteel rond 1 tot 1,5 procent, ver onder de inflatie van ongeveer 3 procent. Steeds meer spaarders stappen over naar buitenlandse of kleinere banken of kijken naar alternatieven zoals beleggen of staatsobligaties. Structurele oorzaken zijn gebrek aan concurrentie en voorzichtig beleid van banken. Zelf kun je je rendement verbeteren door actief te vergelijken, alternatieven te kiezen en bewust met je doelen om te gaan. Waarom de spaarrente in Nederland zo laag blijft De spaarrente in Nederland blijft opvallend laag, vooral in vergelijking met andere Europese landen waar rentes tot 3 procent mogelijk zijn. Grote instellingen zoals ING, Rabobank en ABN AMRO domineren de markt, wat leidt tot weinig prikkels om rentetarieven te verhogen. Bovendien blijft veel spaargeld ‘binnen’ bij dezelfde bank, comfort en gemak wegen zwaarder dan rendement, zelfs bij onvrede. De gemiddelde rente in Nederland: Bron: DNB Ondertussen maken Nederlandse grootbanken flinke winsten, mede dankzij het grote verschil tussen hypotheektarieven en spaarrentes. Terwijl de rente van de Europese Centrale Bank lange tijd steeg, volgden Nederlandse banken slechts deels, wat het rendement voor spaarders beperkt hield. Financieel experts pleiten ervoor dat banken hun spaarders meer zouden laten profiteren van die winsten. Gezien de huidige inflatie betekent dit dus dat je elk jaar erop achteruit gaat: Bron: CBS Alternatieven om je spaargeld beter te laten renderen 1. Kijk over de grens of naar kleinere banken Via platforms kun je gemakkelijk een spaarrekening of deposito openen bij Europese banken met hogere rentes van rond de 2,5 procent, in sommige gevallen goed tot wel 1,5% extra rendement per jaar op je spaargeld. Dit blijft binnen het EU-depositogarantiestelsel tot 100.000 euro. Ook bij Nederlandse kleinere banken zoals Bunq vind je hogere tarieven dan bij de grootbanken. Een van de meest toegankelijke manieren om hogere spaarrentes te vinden is via platforms zoals Raisin. Dit soort diensten biedt toegang tot spaarrekeningen en deposito’s bij buitenlandse banken binnen de Europese Unie, waarbij het spaargeld tot 100.000 euro per bank wordt gedekt door het Europese depositogarantiestelsel. Voor wie bereid is iets verder te kijken dan de vertrouwde grootbanken, kan Raisin een laagdrempelig alternatief zijn met aanzienlijk beter rendement. Een ander alternatief is sparen via staatsobligaties. In België konden burgers in 2023 tijdelijk een rente van 2,8 procent krijgen via een staatsbon. Dit instrument was populair, er werd voor tientallen miljarden ingeschreven, en het had direct effect op de banken: die voelden zich genoodzaakt hun rentes iets op te schroeven. In Nederland bestaat dat nog niet, maar partijen zoals PVV en NSC pleiten ervoor. Banken en het ministerie van Financiën staan terughoudend, met terugkerende kritiek op het idee. 2. Beleggen: op langere termijn potentieel hoger rendement Steeds meer Nederlanders overwegen beleggen als alternatief, bijvoorbeeld via indexfondsen of ETF’s. Dit moet wel passen bij je tijdshorizon en risicobereidheid, beleg nooit met geld dat je op korte termijn nodig hebt. Voor mensen met een solide financiële buffer en lange termijn doelen kan beleggen aantrekkelijk zijn, vooral nu spaarrentes onder de inflatie blijven. Wat kun je zelf doen: praktische stappen Stap Actie Waarom het loont Vergelijk rentes Gebruik vergelijkingssites zoals Raisin om de beste spaarrente te vinden, ook buiten de grootbanken Klein verschil in rente kan op de lange termijn veel opleveren Overweeg deposito’s Zet spaargeld vast via deposito’s voor hogere rente Hogere zekerheid en rendement Gebruik buitenlandse platforms Via Europese platforms toegang tot hogere spaarrentes binnen EU-depositogarantie Minder rompslomp, relatief veilig Kijk naar staatsobligaties Zoals in België, al is het aanbod in Nederland nog afwezig Kans op beter rendement, maar check voorwaarden Denk aan beleggen Voor lange termijn: ETF’s, indexfondsen; niet geschikt voor noodfonds Rendementspotentieel groter dan spaarrente Blijf alert op beleid Volg ontwikkelingen rond staatsbons of stimuleringsmaatregelen Kans op nieuwe tools via overheid Je hebt controle over je rendement door bewust te kiezen, rentes te vergelijken en alternatieven te verkennen. Of het nu via buitenlandse spaarrekeningen, deposito’s, staatsobligaties of beleggingen is, actieve keuzes maken het verschil in een wereld van lage spaarrente.

  • Is dit aandeel na de -50% crash nu toch een koopkans?

    In het kort: Het aandeel Adobe is in een paar jaar fors hergewaardeerd naar beneden. Veel beleggers vrezen totale disruptie van AI, maar is dat wel terecht? Wat betekennen nieuwe concurrenten als Figma en Canva? Adobe is dood en AI is de moordenaar. Dat is het marktsentiment sinds de lancering van ChatGPT in november 2022; overal gonst het van de verwachtingen, de beloftes én de angsten. Voor beleggers heeft dat geleid tot een golf van speculatie: sommige bedrijven werden naar de hemel geprezen omdat zij zouden profiteren van AI, terwijl andere plots werden weggezet als dinosauriërs die elk moment weggevaagd konden worden. In dat tweede kamp belandde ook Adobe, de softwaregigant die decennia lang de standaard was voor creatieve professionals. Het aandeel kreeg na de initiële opleving van de techrally opnieuw een zware klap en verloor ruwweg de helft van zijn waarde. De vraag die voor ons ligt is simpel, maar niet onbelangrijk: is dit aandeel na zo’n -50% crash nu een koopkans, of een valkuil? Om te begrijpen waarom Adobe zo hard is afgestraft, moeten we terug naar 2022. De brede technologiesector kreeg toen zware klappen door stijgende rentes en de vrees voor een recessie. Vrijwel alle grote softwarebedrijven, van Microsoft tot Salesforce, verloren 30 tot 50 procent van hun waarde. Adobe vormde daarop geen uitzondering. In 2023 en begin 2024 veerden de koersen van veel van die bedrijven weer op. Nvidia schoot door het dak, Microsoft bereikte nieuwe records, zelfs Meta en Amazon wisten nieuwe all-time highs te boeken. Adobe deed mee, maar viel toch op: het aandeel herstelde niet volledig, bleef steken onder zijn oude toppen en zakte uiteindelijk opnieuw weg. Inmiddels staat er wederom een halvering van de koers op de borden. Aandelenkoers Adobe en Microsoft: Bron: Google Finance De verklaring daarvoor ligt deels in terechte zorgen: zoals tragere groei en stevige concurrentie en deels in narratieven over de dreiging van AI. In beleggerskringen groeide de gedachte dat generatieve AI alle producten van Adobe waardeloos zou maken. Maar is dat realistisch? Jaar-op-Jaar omzetgroei Adobe per kwartaal: Bron: MacroTrends Het AI-narratief Het eerste dat we moeten doen, is de centrale vraag stellen: kan AI daadwerkelijk het fundament van Adobe’s business ondermijnen? Om dat te beoordelen moeten we begrijpen wie de klanten van Adobe zijn en waarvoor zij betalen. Bron: Adobe IR Adobe zelf heeft in de meest recente investor day (2025) een overzicht gegeven van de klantsegmenten. Het bedrijf onderscheidt drie groepen: Business professionals en consumenten : individuen die de software gebruiken voor eigen projecten of lichte zakelijke doeleinden. Marketing professionals : teams die Adobe gebruiken voor campagnes, advertentiemateriaal en branding. Creatieve professionals : grafisch ontwerpers, videomakers, fotografen en andere vaklui die de producten dagelijks nodig hebben. Het cruciale punt hier is dat het gros van de inkomsten komt uit die laatste twee categorieën: professionals die de software nodig hebben voor hun werk. Dat betekent dat het merendeel van de omzet niet afhangt van hobbyisten of incidenteel gebruik, maar van bedrijven en beroepen waar Adobe onmisbaar is geworden. Daarnaast is er nog een tweede pijler: de zogeheten Digital Experience-tak, goed voor zo’n 23 procent van de omzet. Daarin zitten marketingtools, e-commerce software en analytics. Daarmee concurreert Adobe eerder met Salesforce of Shopify dan met Canva of Figma. Die diversificatie maakt het beeld genuanceerder: Adobe is niet alleen Photoshop, maar een breed softwareplatform. Hoe realistisch is disruptie? Wanneer beleggers filmpjes zien van AI-tools die in een paar seconden een realistische video genereren of afbeeldingen omtoveren, ontstaat al snel de reflex: dit gaat Adobe vernietigen. Maar wie beter kijkt, ziet dat dit mogelijk een vorm van overschatting is. Ten eerste is de output van AI-tools indrukwekkend, maar vaak nog beperkt. Bewegende beelden missen natuurlijke fysica, details kloppen niet altijd, en de consistentie is broos. Dat kan verbeteren, maar zelfs in een scenario waarin de techniek perfect wordt, blijft er iets fundamenteels: professionele klanten willen controle. Een grafisch ontwerper kan niet volstaan met een ruwe AI-output. Campagnes vragen precisie, A/B-testen, subtiele aanpassingen in fonts, kleuren en compositie. Het creatieve proces is iteratief, en daarvoor zijn tools nodig die juist ruimte laten voor fine-tuning. AI kan inspiratie geven of een eerste draft opleveren, maar de eindbewerking vindt plaats in Adobe. Dat maakt AI eerder een aanvulling dan een vervanging. Vergelijk het met een keuken: de ingrediënten kunnen overal vandaan komen, maar de uiteindelijke maaltijd wordt in dezelfde keuken bereid. Zo zal ook het creatieve proces AI-ingrediënten gebruiken, maar de samenstelling en afwerking blijven in Adobe’s ecosysteem plaatsvinden. Daar komt bij dat Adobe’s software een industrienorm is geworden. Photoshop is niet alleen een product, maar bijna een werkwoord. Studenten leren ermee werken, bureaus zijn erop ingericht, bedrijven betalen licenties voor teams omdat het de taal is die iedereen kent. De overstapkosten zijn hoog. Stel dat een marketingbureau besluit om volledig over te stappen naar een AI-tool van Google of OpenAI. Dat betekent dat werknemers opnieuw getraind moeten worden, dat compatibiliteit met bestaande bestanden verloren gaat, en dat de productiviteit tijdelijk keldert. Voor de meeste bedrijven is dat simpelweg geen optie. Dit mechanisme doet denken aan Microsoft Excel. Er bestaan talloze systemen die beter zijn in specifieke taken, van CRM tot geavanceerde databases. Toch blijft Excel de standaard, juist omdat iedereen ermee kan werken en het diep in de bedrijfsvoering is verweven. Adobe heeft een vergelijkbare positie in de creatieve industrie. Concurrentie Natuurlijk zijn er concurrenten die wel degelijk marktaandeel wegsnoepen. Canva is de bekendste: een snelle, gebruiksvriendelijke tool voor mensen die geen volledige Adobe-suite nodig hebben. Het bedrijf groeit hard, maar heeft volgens schattingen slechts zo’n 4 procent marktaandeel tegenover Adobe’s 70 procent. Canva bedient bovendien vooral de laagdrempelige kant van de markt: kleine ondernemers, content creators, of individuen die ‘goed genoeg’-oplossingen zoeken. Voor professionele studios en bedrijven is het vaak onvoldoende. Dat betekent dat Canva hooguit een deel van Adobe’s consumenten- en prosumersegment aantast, niet de kern van het bedrijf. Figma is een ander verhaal. Dat platform is sterk in collaboratief design en kreeg een grote boost toen remote werken gemeengoed werd. Adobe probeerde Figma zelfs te kopen, maar dat stuitte op mededingingsbezwaren. De aanwezigheid van Figma laat zien dat Adobe niet onaantastbaar is, maar ook hier geldt: de overlap met het professionele creatieve segment is beperkt. De cijfers Kijkend naar de cijfers zien we dat Adobe nog altijd groeit. Gemiddeld lag de omzetgroei de afgelopen drie jaar rond de 11 tot 12 procent. Dat is lager dan de 20 procent-plus van de jaren ervoor, maar ver verwijderd van stagnatie of krimp. Belangrijk is dat dit geen tweede PayPal-scenario is, waar de groei nagenoeg tot stilstand is gekomen. Adobe laat zien dat de producten nog steeds breed gebruikt worden, dat de recurring revenues stabiel zijn en dat er geen sprake is van massale klantverliezen. Voor een bedrijf van deze omvang is dubbele-cijfergroei nog altijd stevig. De waardering: van 40x naar 20x Misschien wel het sterkste argument voor het aandeel ligt niet in de toekomst van AI, maar in de waardering. Nog maar enkele jaren geleden handelde Adobe tegen een EV/EBIT van boven de 40. Inmiddels ligt dat cijfer in de lage 20s. EV/EBIT Adobe: Bron: Seeking Alpha Dat is de laagste waardering in meer dan een decennium. De multiple is dus gehalveerd, terwijl de omzet nog altijd groeit. Zelfs met tragere groei en onzekerheid door AI, lijkt de markt wel erg veel pessimisme ingeprijsd te hebben. Dat betekent niet dat er geen risico’s zijn. AI kan een groter effect krijgen dan verwacht. Gratis alternatieven kunnen de instroom van nieuwe klanten beperken. En in de Digital Experience-divisie moet Adobe concurreren met zwaargewichten als Salesforce, Shopify en HubSpot. Daarnaast is de algemene multiple-compressie in de softwaresector een factor. Beleggers zijn simpelweg minder bereid om hoge premies te betalen voor groei, nu de rente hoger ligt dan in de zero interest-periode van 2010-2021. Een terugkeer naar de oude waarderingen lijkt dus onwaarschijnlijk. Toch lijkt de markt nu wel erg somber. Als Adobe zelfs met gematigde groei van 11 tot 13 procent per jaar zijn omzet en winst kan blijven uitbreiden, dan lijkt een koers die slechts 18 keer de EBIT weerspiegelt eerder aan de lage kant. Een rationele benadering Wat we hieruit kunnen concluderen is dat het zinvol is om terug te gaan naar first principles. Wat moet er concreet gebeuren voordat klanten massaal hun Adobe-abonnement opzeggen? Het antwoord: er moet een alternatief zijn dat minstens even krachtig, betrouwbaar en ingeburgerd is, én dat de overstapkosten de moeite waard maakt. Voorlopig voldoet geen enkele AI-tool of concurrent aan die voorwaarden. Meer waarschijnlijk is dat AI Adobe juist versterkt. Nieuwe generatieve functies kunnen in de bestaande suite worden geïntegreerd, waardoor het product relevanter wordt. En externe AI-tools zullen vaak eindigen in een workflow die alsnog afhankelijk is van Adobe-software voor de laatste bewerkingen. Is Adobe een groeiraket die weer 20 procent per jaar zal stijgen? Waarschijnlijk niet. Is het een bedrijf dat morgen van de kaart geveegd wordt door AI? Waarschijnlijk ook niet. Wat we zien is een volwassen softwarebedrijf met een sterke marktpositie, stevige marges, stabiele groei en een diepgeworteld netwerk van klanten. De crash van -50 procent heeft de waardering teruggebracht naar niveaus die al jaren niet gezien zijn.

  • Te duur om nog in te stappen? Wat deze koersstijging écht betekent

    In het kort: Shopify is een toonaangevend e-commerceplatform voor het bouwen en beheren van online winkels. Het bedrijf biedt een alles-in-één platform, inclusief betalingsverwerking, voorraadbeheer en marketingtools. De recente kwartaalcijfers van Q2 2025 tonen een sterke groei in omzet, winst en vrije kasstroom, wat duidt op verbeterde operationele efficiëntie. Shopify, een Canadees e-commercebedrijf, werd in 2006 opgericht door Tobias Lütke, Daniel Weinand en Scott Lake. Het idee voor Shopify ontstond toen ze hun eigen online snowboardwinkel wilden openen en merkten dat er geen eenvoudige, gebruiksvriendelijke platforms beschikbaar waren. Ze besloten daarom zelf een platform te bouwen en realiseerden zich al snel dat dit platform waardevoller was dan de winkel zelf. Het bedrijf biedt een alles-in-één platform waarmee ondernemers van elke omvang hun eigen webwinkels kunnen opzetten, beheren en laten groeien. Dit omvat functionaliteiten zoals het ontwerpen van de webwinkel, het beheren van de voorraad en bestellingen, en het verwerken van betalingen. Na een snelle groei ging Shopify in mei 2015 naar de beurs.   Sinds de beursgang heeft het aandeel een opmerkelijk koersverloop doorgemaakt. In de jaren na de beursgang zag de koers een sterke stijging, gedreven door de explosieve groei van e-commerce en het toenemende succes van het platform. Tijdens de coronapandemie versnelde deze groei, wat resulteerde in een koerspiek. Na de pandemie is de koers echter aanzienlijk volatieler geworden, beïnvloed door macro-economische factoren en een normalisatie van de e-commercegroei. Hieronder zie je een visuele weergave van de koersontwikkeling van de afgelopen maanden: Bron: Tradingview Wat is Shopify? Shopify is een toonaangevend e-commerceplatform dat bedrijven en ondernemers in staat stelt om een online winkel te creëren en te beheren. Het platform is ontworpen om de technische complexiteit van online retail weg te nemen, zodat gebruikers zich kunnen concentreren op het verkopen van hun producten. Gebruikers kunnen een webwinkel bouwen en aanpassen met behulp van templates en een intuïtieve interface, zonder enige kennis van coderen. Het platform integreert ook cruciale functies zoals product- en voorraadbeheer, het verwerken van betalingen, en het organiseren van verzendingen.   Naast de basisfunctionaliteiten biedt Shopify een uitgebreid ecosysteem van apps en integraties die de functionaliteit van een winkel kunnen uitbreiden. Dit omvat apps voor marketing, klantenservice en boekhouding. Ook ondersteunt het platform verkoop via verschillende kanalen, zoals sociale media, online marktplaatsen en fysieke winkels. Hierdoor kunnen ondernemers hun bereik vergroten en hun bedrijf efficiënt beheren vanuit één centraal dashboard. Shopify richt zich op het bieden van een schaalbare oplossing die geschikt is voor zowel kleine starters als grote, gevestigde bedrijven.   Hoe zien de cijfers er uit? Omzet Shopify's omzet is een belangrijke indicator van de groei van het platform. De omzet bestaat voornamelijk uit twee delen: Subscription Solutions (inkomsten uit de abonnementsplannen van merchants) en Merchant Solutions (inkomsten uit diensten zoals betalingsverwerking). De stijging van de omzet in de afgelopen kwartalen toont aan dat het bedrijf succesvol is in het aantrekken van nieuwe merchants en het aanbieden van meer waardevolle diensten. Hieronder zie je een visuele weergave van de laatste kwartalen: Bron: Shopify IR Vrije Kasstroom De vrije kasstroom is een maatstaf voor de financiële gezondheid van een bedrijf en laat zien hoeveel contant geld er overblijft nadat alle operationele kosten en kapitaalinvesteringen zijn betaald. Shopify's focus op het verbeteren van de FCF-marge, die acht opeenvolgende kwartalen dubbelcijferig was, duidt op een gezonde balans tussen groei-investeringen en winstgevendheid. Een positieve en groeiende FCF geeft aan dat het bedrijf in staat is om zelf te investeren en schulden af te betalen, zonder afhankelijk te zijn van externe financiering. Hieronder zie je een visuele weergave van de laatste kwartalen: Bron: Shopify IR Nettowinst De nettowinst, of het nettoverlies, geeft de winstgevendheid van het bedrijf weer na aftrek van alle kosten, inclusief belastingen. Shopify heeft een wisselend beeld laten zien wat betreft nettowinst. In Q1 2025 leed het bedrijf een aanzienlijk nettoverlies, voornamelijk als gevolg van niet-contante posten en een waardevermindering van investeringen. In andere kwartalen, zoals Q2 2024 en Q2 2025, rapporteerde het bedrijf echter een positieve nettowinst, wat de onderliggende winstgevendheid en de mogelijkheid tot het genereren van winst laat zien. Hieronder zie je een visuele weergave van de laatste kwartalen: Bron: Shopify IR Meest recente kwartaalcijfers Shopify laat in het tweede kwartaal van 2025 een sterke prestatie zien. De omzet steeg met 30,7% naar $2,68 miljard, aangedreven door een significante toename van het bruto handelsvolume (GMV). De groei is niet alleen kwantitatief, maar ook kwalitatief, met een forse stijging van de vrije kasstroom van 40% tot $311 miljoen. Dit duidt op een gezonde financiële positie en operationele efficiëntie.   De winstgevendheid van het bedrijf is opmerkelijk verbeterd, met een aangepaste nettowinstgroei van bijna 300% tot $227 miljoen. Deze indrukwekkende resultaten tonen aan dat Shopify volwassen wordt en de vruchten plukt van eerdere investeringen, waaronder in AI-tools, wat de "stickiness" van het platform vergroot en de marge ten goede komt. Vooruitblikken op het derde kwartaal zijn eveneens positief, met verwachte omzetgroei en een verdere daling van de operationele kosten als percentage van de omzet. Het aandeel vloog circa 20% omhoog na de bekendmaking van de cijfers. Wil je de volledige kwartaalcijfers zien? Lees dan ook het artikel: Waarom Shopify aandelen gigantisch stijgen vandaag van Rabi. Waardering De waardering van Shopify is een complex onderwerp en vereist een diepgaandere blik. De TTM (Trailing Twelve Months) P/E-verhouding van ongeveer 75 is aanzienlijk hoger dan die van de brede markt. Dit hoge getal geeft aan dat beleggers verwachten dat het bedrijf in de toekomst een zeer sterke winstgroei zal doormaken. Een andere veelgebruikte waarderingsmaatstaf voor groeibedrijven is de Price-to-Sales (P/S) ratio. De huidige P/S-ratio van Shopify ligt rond de 18. Dit is een belangrijke indicator, aangezien het de waardering van het bedrijf vergelijkt met de omzet in plaats van de winst. Voor beleggers kan deze ratio nuttiger zijn in situaties waarin de nettowinst onstabiel of negatief is als gevolg van zware investeringen in groei. Een hoge P/S-ratio van 18 geeft aan dat de markt bereid is om een hoge prijs te betalen voor elke dollar aan omzet die Shopify genereert, wat hun sterke geloof in de toekomstige groei en winstgevendheid van het bedrijf benadrukt: Bron: MacroTrends De positieve sentimenten rondom het aandeel worden verder onderstreept door analisten. Als het aan hen ligt, is de gemiddelde koersdoelstelling ( pricetarget ) van Shopify ongeveer $161. Dit suggereert dat analisten een aanzienlijk opwaarts potentieel zien ten opzichte van de huidige koers. Deze koersdoelstellingen zijn gebaseerd op de verwachting dat het bedrijf zijn groei zal voortzetten en zijn winstgevendheid zal verbeteren, en weerspiegelen het algehele optimisme over de toekomst van Shopify als een dominant platform in de e-commerce sector: Bron: TipRanks

  • OpenAI-CEO: AI-hype vertoont zorgwekkende gelijkenis met dotcomcrash

    In het kort OpenAI verwacht dit jaar een omzet van meer dan $20 miljard, maar is nog altijd niet winstgevend. Topinvesteerders waarschuwen dat de waarderingen in de AI-sector mogelijk al verder zijn doorgeschoten dan tijdens de dotcom-zeepbel. Speculatief kapitaal vloeit massaal naar AI-bedrijven met weinig onderliggende prestaties. De wereldwijde golf van investeringen in kunstmatige intelligentie bereikt nieuwe hoogtes, maar volgens Sam Altman, CEO van OpenAI, zijn er duidelijke signalen van een bubbel. In zijn recente uitspraken trekt hij parallellen met de dotcom-zeepbel van de jaren 90, waarin technologiebedrijven massaal werden overgewaardeerd op basis van toekomstvisies die zelden werden waargemaakt. De huidige AI-markt laat volgens Altman vergelijkbare patronen zien: enorme waarderingen, torenhoge verwachtingen en een steeds lossere koppeling tussen kapitaal en bedrijfsresultaten. OpenAI CEO - Sam Altman Bron: CNBC Gigantische waarderingen zonder zwarte cijfers OpenAI zelf staat symbool voor de opmars van AI, maar ook voor de risico’s van overschatting. In maart haalde het bedrijf $40 miljard op tegen een waardering van $300 miljard. Kort daarna volgde het nieuws dat OpenAI werkt aan een secundaire aandelenverkoop van $6 miljard, waarmee de waardering zou oplopen tot zo’n $500 miljard. Daarmee is het bedrijf meer waard dan veel beursgenoteerde giganten, terwijl het nog altijd verlies maakt. Volgens Altman ligt de jaarlijkse terugkerende omzet inmiddels boven de $20 miljard, wat indrukwekkend is voor een relatief jong bedrijf. Toch is dat niet voldoende om winstgevend te opereren. Deze discrepantie roept fundamentele vragen op over de houdbaarheid van de huidige waarderingen. Analisten zoals Ray Dalio van Bridgewater en Torsten Slok van Apollo Global Management wijzen erop dat AI-bedrijven mogelijk nóg hoger gewaardeerd zijn dan internetbedrijven in de aanloop naar de crash van 2000. De opkomst en ondergang van de dotcom-zeepbel: Nasdaq’s val van 80% Bron: Strike Slok waarschuwde recent in een rapport dat de top 10 bedrijven in de S&P 500 op dit moment overgewaardeerder zijn dan tijdens de dotcom-periode. Die vergelijking is zorgwekkend, aangezien de Nasdaq destijds bijna 80% van zijn waarde verloor na het barsten van de zeepbel. De kans dat AI zich in een vergelijkbare fase van irrationele overexcitatie bevindt, wordt daarmee een stuk aannemelijker. Speculatief kapitaal stuwt fragiele bedrijven Altman benadrukt dat hij AI nog steeds als de belangrijkste technologische ontwikkeling van deze tijd ziet, maar erkent dat de investeringshype om zich heen grijpt. “Slimme mensen raken overenthousiast over een kern van waarheid,” verklaarde hij. Daarmee doelt hij op het fenomeen waarin een reële technologische doorbraak leidt tot buitenproportionele investeringen in bedrijven die slechts zijdelings met die innovatie te maken hebben. Voor beleggers die naast volatielere aandelenposities zoeken naar stabielere langetermijnopties, bieden vastgoedfondsen een solide aanvulling. Ontdek hier het actuele overzicht van de beste Nederlandse vastgoedfondsen! Die trend wordt versterkt door speculatief kapitaal van durfkapitalisten, hedgefondsen en particuliere beleggers. Volgens Ray Wang van Constellation Research blijven de fundamenten van de AI-keten zoals (datacenters en halfgeleiders) robuust, maar ontstaan er tegelijkertijd ‘pockets van overwaardering’. Vooral jonge bedrijven zonder bewezen verdienmodel ontvangen miljardeninvesteringen puur op basis van potentieel. Een voorbeeld daarvan is de Chinese AI-startup DeepSeek, die begin dit jaar beweerde een competitief model te hebben ontwikkeld voor slechts $6 miljoen. Hoewel de claim vragen opriep over de nauwkeurigheid en schaalbaarheid, kreeg het bedrijf brede aandacht, vooral omdat het contrast met de miljardenbudgetten van Amerikaanse marktleiders zoals OpenAI zo groot is. Zulke verhalen versterken de indruk dat investeerders eerder reageren op symboliek dan op concrete resultaten. Veranderende verwachtingen over technologische vooruitgang De ontwikkeling van GPT-5, het nieuwste AI-model van OpenAI, illustreert de complexiteit van technologische innovatie in een oververhitte markt. De introductie werd met gemengde reacties ontvangen, en klachten over de intuïtiviteit van het model dwongen OpenAI ertoe om het oudere GPT-4-model opnieuw beschikbaar te stellen voor betalende gebruikers. Dit besluit was opvallend, vooral voor een bedrijf dat zich positioneert als koploper in de race naar artificial general intelligence, ofwel AGI. De features van GPT-5 - het nieuwste model van OpenAI Bron: Gadgets To Use Opmerkelijk is dat Altman recent heeft aangegeven dat het begrip AGI volgens hem aan betekenis begint te verliezen. Daarmee lijkt hij afstand te nemen van een doelstelling die jarenlang het vlaggenschip was van zijn bedrijf. Tegelijkertijd kondigde hij ambitieuze plannen aan op andere vlakken, waaronder de ontwikkeling van consumentenelektronica, brain-computer interfaces en zelfs sociale netwerken. OpenAI zou in de “nabije toekomst” triljoenen dollars willen investeren in de bouw van nieuwe datacentra, en overweegt naar verluidt zelfs interesse in de overname van Chrome als Google daartoe wordt gedwongen. Hoewel deze uitspraken getuigen van visionair leiderschap, versterken ze ook het beeld van een sector waarin ambities vaak verder reiken dan de praktische of financiële realiteit toelaat. De bereidheid om zulke risico’s te nemen wordt mogelijk gemaakt door het extreme vertrouwen dat investeerders momenteel in AI stellen, een vertrouwen dat als het overschat blijkt net zo snel kan verdampen als tijdens eerdere marktbubbels. De AI-sector begeeft zich op een kritiek kruispunt: enerzijds biedt het ongekende kansen voor economische en technologische vooruitgang, anderzijds dreigt het fundament onder de waarderingen weg te zakken als beloftes niet worden waargemaakt. Voor beleggers en bedrijven geldt nu meer dan ooit: onderscheid maken tussen hype en waarde is geen luxe, maar noodzaak.

  • Warren Buffett belegt opnieuw tegen de trend in - 2 kansrijke aandelen voor beleggers

    In het kort: Berkshire Hathaway investeert bijna 1 miljard dollar in 2 Amerikaanse woningbouwers. Het vertrouwen onder woningbouwers zakt naar het laagste niveau sinds eind 2022, met een NAHB-index van 32. Stijgende huizenprijzen en hoge hypotheekrentes drukken de vraag, terwijl Buffett juist speculeert op een herstel. Warren Buffett staat bekend om zijn vermogen om te investeren tegen de stroom in. Waar de meeste beleggers zich laten leiden door korte termijnsentiment, kijkt de topman van Berkshire Hathaway naar structurele trends die vaak pas later zichtbaar worden in de markt. Het jongste voorbeeld hiervan is de aankoop van bijna 1 miljard dollar aan aandelen in de Amerikaanse woningbouwers Lennar en DR Horton. Opmerkelijk is dat Buffett deze zet doet op een moment dat het sentiment in de sector juist onder druk staat. De NAHB-sentimentsindex , die het vertrouwen onder Amerikaanse woningbouwers meet, zakte in augustus naar 32. Dit is het laagste niveau sinds december 2022 en ver onder de neutrale grens van 50. Een indexstand onder dat niveau duidt op pessimisme binnen de sector. De NAHB-index in Amerika: Bron: SimpleVisor Met deze transactie lijkt Buffett in te zetten op een omslag in de huizenmarkt, mogelijk ondersteund door verwachtingen dat de Federal Reserve binnenkort een renteverlagingstraject start. Lagere rente zou de financieringsdruk op huizenkopers verminderen en de vraag naar nieuwbouwwoningen nieuw leven kunnen inblazen. Hypotheekrentes en consumentengedrag drukken de vraag De Amerikaanse huizenmarkt verkeert al langere tijd in een gespannen positie. Hoewel de hypotheekrentes de afgelopen weken iets zijn gedaald, blijven ze historisch gezien relatief hoog. Dit maakt het voor veel huishoudens lastig om de stap naar een koopwoning te zetten. De hyptotheekrente (MBA 30 jarig) in Amerika: Bron: TradingEconomics Tegelijkertijd zijn de huizenprijzen in veel regio’s fors gestegen, waardoor de betaalbaarheid voor starters sterk onder druk staat. Deze combinatie leidt tot een markt waarin potentiële kopers aan de zijlijn blijven staan. Het consumentenvertrouwen is bovendien afgezwakt, wat de neiging om grote aankopen te doen verder ondermijnt. Mocht de arbeidsmarkt daarnaast verzwakken, dan kan dit een extra rem zetten op de vraag. Voor woningbouwers betekent dit dat zij niet alleen te maken hebben met hogere bouwkosten en financieringslasten, maar ook met een teruglopende belangstelling van kopers. Buffett investeert vaak tegen de trend in Voor beleggers is de vraag of Buffett dit keer opnieuw de markt beter inschat dan de consensus. Zijn investeringsstijl is vaak contrair: waar anderen risico zien, ziet hij kans. Dat bleek bijvoorbeeld tijdens de financiële crisis, toen Berkshire grote belangen nam in banken op het moment dat vertrouwen in de sector minimaal was. Voor beleggers die ook zoeken naar vastgoed-investeringen vanaf 50,- bieden vastgoedfondsen een solide aanvulling. Ontdek hier het actuele overzicht van de beste Nederlandse vastgoedfondsen! Buffett’s lange termijnvisie op de Amerikaanse woningmarkt is te verklaren. Ondanks tijdelijke terugvallen blijft de fundamentele vraag naar woningen in de VS groot. Demografische factoren zoals bevolkingsgroei, gezinsvorming en migratie zorgen ervoor dat de woningbehoefte structureel aanwezig blijft. Daarnaast kunnen woningbouwers profiteren van een versoepelend monetair beleid. Mocht de Federal Reserve daadwerkelijk overgaan tot renteverlagingen, dan zal dit direct doorwerken in de hypotheekrente, waardoor de vraag naar koopwoningen kan herstellen. Risico’s voor beleggers blijven aanzienlijk Toch is de stap niet zonder risico. De huidige marktdata wijzen eerder op zwakte dan op herstel. Een sentimentindex van 32 geeft aan dat de sector zelf weinig vertrouwen heeft in een snelle opleving. Bovendien bestaat de kans dat de Federal Reserve terughoudender is met renteverlagingen als de inflatie opnieuw oplaait. Voor beleggers in Lennar en DR Horton betekent dit dat er rekening gehouden moet worden met forse koersschommelingen. Woningbouwers zijn cyclische bedrijven, sterk afhankelijk van renteontwikkelingen en de macro-economische omgeving. Bij een verdere verzwakking van de Amerikaanse economie kunnen hun marges en verkopen snel onder druk komen te staan. De koers van Lennar Corporation (blauw) en DR Horton (geel) de afgelopen 5 jaar: Bron: Google Financiën Daar staat tegenover dat wie gelooft in een middellange termijnherstel van de huizenmarkt, juist nu kan instappen tegen lagere waarderingen. Buffett’s investering kan bovendien als signaal worden gezien dat hij potentie ziet, wat op korte termijn extra beleggersaandacht kan trekken. Buffett’s aankoop van aandelen in Lennar en DR Horton laat zien dat hij de Amerikaanse woningmarkt ondanks de huidige tegenwind als kansrijk beschouwt. Voor particuliere beleggers is het een les in lange termijnvisie: investeren in sectoren die tijdelijk onder druk staan, maar structureel sterke fundamenten hebben. De komende maanden zullen cruciaal zijn voor het verloop van deze investering. Als de Federal Reserve daadwerkelijk de rente verlaagt, kan dit een katalysator zijn voor herstel in de woningmarkt en een koersstijging bij de bouwers. Blijft de rente echter langer hoog, dan zullen de tegenvallers zich opstapelen en kan Buffett’s timing opnieuw ter discussie komen. Wat opvalt, is dat Buffett opnieuw kiest voor een sector die direct verbonden is met de Amerikaanse economie. Zijn aanpak onderstreept het vertrouwen in de veerkracht van de markt, ook als de omstandigheden tijdelijk tegenzitten. Voor beleggers die bereid zijn om voorbij het korte termijnsentiment te kijken, biedt deze zet stof tot nadenken.

  • Apple blijft achter in 2025, maar analisten zien keerpunt naderen

    In het kort Morgan Stanley verhoogt zijn iPhone-raming voor september met 8% door sterke verkoop in China. Apple’s waardering blijft aantrekkelijk ondanks een koersdaling van 7% dit jaar. Verwachtingen rond AI en marges zorgen voor voorzichtig optimisme bij institutionele beleggers. Verkoopsucces in China versterkt kwartaalverwachtingen Morgan Stanley kijkt opnieuw met vertrouwen naar Apple, na sterke signalen uit de Chinese markt. Analist Erik Woodring stelt dat “het Apple-verhaal een keerpunt nadert” en wijst op beter dan verwachte iPhone-verkopen in het tweede kwartaal. De verkoop overtrof niet alleen eerdere prognoses, maar zorgde er ook voor dat de voorraden in het distributiekanaal daalden tot onder het normale niveau. Dat zet de deur open voor een aanzienlijke herbevoorrading in het septemberkwartaal. Het gevolg is dat Morgan Stanley zijn verwachting voor het aantal geproduceerde iPhones in dat kwartaal met 8% verhoogt. De bijstelling betreft vier miljoen extra toestellen, volledig toe te schrijven aan de iPhone 16 en het Pro Max-model. De extra productie is volgens de analisten nodig om het kanaal weer aan te vullen, en komt op een strategisch moment: Apple bereidt zich voor op de lancering van de iPhone 17. Die wordt in september verwacht en zou, in combinatie met lage voorraden en opgekropte vervangingsvraag, voor extra dynamiek kunnen zorgen richting het belangrijke decemberkwartaal. iPhone 17 wakkert beleggersoptimisme aan met sterke vooruitzichten Bron: Google Images Dat laatste kwartaal is historisch gezien het meest volatiele, vanwege feestdagen en nieuwe productintroducties. Morgan Stanley hanteert momenteel een basisscenario van 78 miljoen verscheepte iPhones in die periode. De kans bestaat echter dat dit aantal naar boven moet worden bijgesteld zodra de iPhone 17 daadwerkelijk op de markt komt. Apple Intelligence nog niet uitgerold, maar verwachtingen lopen op De analisten van Morgan Stanley zien Apple niet alleen als hardwarebedrijf, maar steeds meer als een speler met structurele groeikansen via AI en services. Een belangrijk onderdeel daarvan is Apple Intelligence, het AI-platform dat eerder is aangekondigd maar nog niet volledig is uitgerold. De vernieuwde versie van Siri en andere AI-functies laten op zich wachten, wat aanvankelijk tot scepsis leidde. Toch ziet Morgan Stanley hierin juist een aanstaande katalysator. Dit zijn de meningen van analisten over Apple in de afgelopen 3 maanden Bron: Seeking Alpha De verwachting is dat, zodra Apple Intelligence beschikbaar komt, dit de vervangingscyclus aanzienlijk zal versnellen. Veel gebruikers beschikken momenteel over een toestel ouder dan drie jaar. In combinatie met nieuwe AI-functionaliteiten vormt dat een krachtig recept voor een upgradegolf die de omzet kan aanjagen in 2026. Bovendien noemt Woodring meerdere structurele factoren die het groeiverhaal van Apple ondersteunen. Zo is er sprake van een verlengde vervangingscyclus, wat een opbouw van vervangingsvraag suggereert. Daarnaast zijn er nieuwe formfactors in ontwikkeling, en blijft de brutomarge structureel robuust dankzij hogere verkoopprijzen en een toenemend aandeel van services in de totale omzet. Services dragen niet alleen meer bij aan de marges, ze zorgen ook voor terugkerende inkomsten, een aspect dat Apple weerbaarder maakt in tijden van economische tegenwind. Voor beleggers die naast volatielere aandelenposities zoeken naar stabielere langetermijnopties, bieden vastgoedfondsen een solide aanvulling. Ontdek hier het actuele overzicht van de beste Nederlandse vastgoedfondsen! Een bijkomend voordeel zit in het prijsbeleid. Apple heeft al twee jaar geen prijsverhogingen doorgevoerd op zijn dienstenaanbod. Volgens Morgan Stanley onderschatten beleggers de kracht van deze ‘onbenutte hefboom’. Indien Apple besluit om prijzen te verhogen, kan dat met minimale klantverliezen leiden tot directe winstgroei. Lage waardering en positie bij beleggers creëren kans Opvallend is dat Apple in 2025 achterblijft bij zijn sectorgenoten. Het aandeel noteert ruim 7% lager dit jaar, terwijl andere megacap-technologiereuzen juist nieuwe hoogtepunten bereiken. Deze relatieve zwakte heeft ertoe geleid dat institutionele beleggers nu onderwogen zijn in Apple. In de ogen van Morgan Stanley ontstaat daardoor een aantrekkelijk instapmoment, zeker gezien de verwachte verbeteringen in productmix, marges en AI-adoptie. De aandelenkoers van Apple noteert 7% lager sinds het begin van dit jaar Bron: Seeking Alpha Qua waardering noteert Apple op dit moment in lijn met zijn gemiddelde over de afgelopen vijf jaar. Dat lijkt op het eerste gezicht niet spectaculair, maar in combinatie met de structurele meewinden en opkomende innovaties wordt het volgens de analisten een stuk interessanter. Zeker nu het grootste deel van het sentiment rondom importheffingen en regulering is afgezwakt, lijken de risico’s op korte termijn beperkt. Woodring noemt Apple zelfs “één strategisch AI-partnerschap verwijderd van een uitbraak.” Een samenwerking met een externe AI-specialist zou het Apple Intelligence-platform versneld schaalbaar kunnen maken, wat opnieuw tot hogere omzetverwachtingen zou leiden. In het huidige klimaat, waarin AI dé drijvende kracht is achter waarderingen in de technologiesector, zou dat zomaar het ontbrekende puzzelstuk kunnen zijn dat het aandeel in beweging zet. Ook geopolitieke risico’s lijken Apple minder hard te raken dan gevreesd. De productie is al deels verplaatst naar India en Zuidoost-Azië, en zelfs bij een mogelijke importheffing van 25% blijft productie in die regio’s nog altijd tot 75% goedkoper dan in de VS. Morgan Stanley berekende eerder dat Apple met een prijsverhoging van minder dan 5% wereldwijd de impact van zulke tarieven volledig kan neutraliseren. Het samengaan van stevige fundamenten, een potentieel aanjaagmoment via Apple Intelligence, en een relatief lage waardering zorgt ervoor dat Morgan Stanley Apple opnieuw tot één van zijn topkeuzes in technologie rekent. De combinatie van margestabiliteit, innovatiekracht en strategisch prijsbeleid positioneert het bedrijf gunstig in een markt die steeds meer gestuurd wordt door AI, services en geopolitieke aanpassingskracht.

bottom of page