Doorzoek deze website
14811 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht
- Deze miljardair verkoopt zijn AI-aandelen en zet alles in op dit aandeel
In het kort: Stanley Druckenmiller, een van de succesvolste beleggers ter wereld, heeft zijn aandelen in Nvidia en Palantir verkocht vanwege te hoge waarderingen. Zijn grootste investering van het afgelopen jaar is Teva Pharmaceutical Industries, een ontwikkelaar van winstgevende, gepatenteerde geneesmiddelen. Teva heeft een sterke pijplijn met vijf veelbelovende medicijnen in ontwikkeling en wordt relatief laag gewaardeerd op minder dan acht keer de winst. Stanley Druckenmiller wordt door velen gezien als een van de beste beleggers aller tijden. In meer dan veertig jaar heeft hij nog nooit een negatief jaar gekend, zelfs niet tijdens de financiële crisis van 2008, toen zijn fonds een winst van elf procent boekte. Vandaag beheert hij zijn eigen vermogen via het Duquesne Family Office, en elke transactie die hij doet wordt nauwlettend gevolgd door beleggers over de hele wereld. Zijn laatste zet heeft opnieuw voor opschudding gezorgd: Druckenmiller heeft zijn posities in Nvidia en Palantir verkocht en richt zijn aandacht nu volledig op een verrassende speler in de farmasector. Weg van de meeste AI-aandelen Hoewel Druckenmiller sterk gelooft in de toekomst van kunstmatige intelligentie, blijft hij kritisch op waarderingen die volgens hem te ver zijn doorgeschoten. Nvidia was jarenlang een van zijn favoriete aandelen. Toch besloot hij in 2024 om zijn volledige belang te verkopen, net als zijn positie in Palantir. Beide aandelen hadden indrukwekkende winsten geboekt: Nvidia steeg met ongeveer zesendertig procent, terwijl Palantir zelfs meer dan honderdveertig procent hoger stond. Later noemde Druckenmiller de verkoop van Nvidia een vergissing, maar wel een begrijpelijke. “Het aandeel was in een jaar verdrievoudigd en de waardering was simpelweg te hoog,” zei hij in een interview met Bloomberg. “Nvidia is een fantastisch bedrijf, en als de prijs ooit weer daalt, kopen we het opnieuw. Maar voor nu lik ik mijn wonden van een slechte timing.” Zijn nuchtere houding onderstreept zijn filosofie: liever te vroeg winst nemen dan te laat verliezen. Van kunstmatige intelligentie naar echte medicijnen Terwijl veel beleggers nog steeds achter AI-aandelen aanlopen, kiest Druckenmiller voor een sector die jarenlang ondergewaardeerd is gebleven: farmacie. Zijn grootste aankoop van het afgelopen jaar is Teva Pharmaceutical Industries, een bedrijf met een beurswaarde van ongeveer 21 miljard euro. In de eerste helft van 2025 kocht zijn fonds bijna zestien miljoen Teva-aandelen, goed voor een investering van ruim 250 miljoen euro. Teva is wereldwijd bekend als marktleider in generieke geneesmiddelen, de goedkopere versies van merkproducten waarvan het patent is verlopen. Maar het bedrijf heeft de afgelopen jaren een grote transformatie doorgemaakt. Waar het vroeger draaide om volume, richt Teva zich nu steeds meer op gepatenteerde medicijnen met een langdurig winstpotentieel. Die strategische verschuiving maakt het bedrijf misschien wel interessanter dan ooit voor. De onderneming heeft op dit moment vijf nieuwe medicijnen in een vergevorderd ontwikkelingsstadium. Drie daarvan zitten in fase drie van klinische testen en richten zich op aandoeningen zoals astma, schizofrenie en inflammatoire darmziekten. Deze ziekten treffen wereldwijd tientallen miljoenen mensen, wat de commerciële kansen aanzienlijk maakt. De nieuwe groeimotor van Teva Teva heeft al enkele succesvolle medicijnen op de markt. Austedo, dat wordt gebruikt bij bewegingsstoornissen zoals die bij de ziekte van Huntington, en Ajovy, een behandeling ter voorkoming van migraine, behoren tot de snelst groeiende producten in het portfolio. Volgens analisten zal vooral Austedo de komende jaren een belangrijke bijdrage leveren aan de winstgroei. Daarnaast werkt Teva aan nieuwe therapieën voor chronische ziekten zoals reuma, astma en ontstekingsziekten van de darmen, allemaal markten waarin de vraag de komende decennia fors zal toenemen. UBS-analist Ashwani Verma verhoogde onlangs zijn koersdoel voor Teva en handhaafde zijn koopadvies. Hij verwacht dat de omzet tegen 2030 stijgt tot ruim 6,6 miljard euro, mede dankzij de groei van Teva’s merkproducten. Ook voorziet hij minder prijsdruk op medicijnen als Austedo dan beleggers eerder hadden gevreesd. Een interessant geprijsd groeiverhaal Wat Teva voor Druckenmiller extra interessant maakt, is de waardering. Waar veel AI-bedrijven momenteel worden verhandeld tegen meer dan vijftig keer de verwachte winst, noteert Teva op minder dan acht keer de toekomstige winst. Voor een belegger die altijd op zoek is naar waarde is dat een aantrekkelijk uitgangspunt. Bovendien heeft Teva de afgelopen jaren zijn schulden sterk afgebouwd en de winstgevendheid verbeterd. Met een brutomarge van bijna vijftig procent en een gezonde kasstroom lijkt het bedrijf klaar voor een nieuwe groeifase. Druckenmiller’s investering laat zien dat hij zich niet laat meeslepen door hype. Terwijl veel beleggers jagen op de volgende technologische doorbraak, kijkt hij naar bedrijven die solide fundamenten hebben maar nog niet in de spotlights staan. In Teva ziet hij een stabiele groeier met een duidelijk plan en een lage waardering. Stanley Druckenmiller heeft zijn reputatie niet opgebouwd door geluk, maar door discipline en inzicht. Hij jaagt niet op trends, hij wacht geduldig op kansen die anderen over het hoofd zien. Zijn overstap van AI naar farmacie past perfect in dat beeld. Waar de massa zich richt op de winnaars van gisteren, zoekt hij de winnaars van morgen.
- Welk van deze twee Nederlandse verzekeraars moet je nou hebben?
In het kort: NN en ASR zijn cruciale Nederlandse verzekeraars met indrukwekkende 'year to date' beursprestaties van respectievelijk +42% en +27%. ASR focust nationaal met 203% Solvency II, terwijl NN internationaal diversifieert met 205% Solvency II. Beide bieden sterke kapitaalteruggave via progressieve dividenden (circa 5,9% NN, 5,6% ASR) en aanzienlijke aandelen inkoopprogramma’s. Nederland kent een robuuste en dynamische financiële sector, en aan de top daarvan bevinden zich twee giganten op het gebied van verzekeringen en vermogensbeheer: Nationale-Nederlanden en ASR. Beide ondernemingen spelen een cruciale rol in het financiële leven van miljoenen huishoudens en bedrijven, door het aanbieden van een breed scala aan diensten, variërend van levensverzekeringen, schadeverzekeringen en pensioenoplossingen tot aan hypotheken en beleggingsproducten. Ze zijn de pijlers van financiële zekerheid in ons land en daarmee onmisbare spelers op de Amsterdamse beurs. De beursprestaties van deze verzekeraars dit jaar zijn ronduit indrukwekkend te noemen en trekken de aandacht van menig belegger. Nationale-Nederlanden heeft tot nu toe een stijging van meer dan 42% gerealiseerd, terwijl ASR daar met een toename van circa 27% nauwelijks voor onderdoet. Deze opmerkelijke 'year to date' performance overstijgt de algemene marktbewegingen en roept de vraag op wat de drijvende krachten achter dit succes zijn. Hoewel een deel van het succes kan worden toegeschreven aan de gunstige wind die de gehele financiële sector in de rug heeft, met sterke prestaties van banken als ABN AMRO en ING, lijken NN en ASR met hun gespecialiseerde activiteiten een extra versnelling te hebben gevonden. Wat deze aandelen zo aantrekkelijk maakt voor een gediversifieerde portefeuille, is hun potentieel voor zowel kapitaalgroei als stabiele inkomsten. De sterke resultaten en de veerkrachtige balans van beide verzekeraars wijzen op een solide fundament. In dit artikel zullen we dieper ingaan op de fundamentele waarde, de strategische positionering en de specifieke factoren die NN en ASR tot overtuigende kandidaten maken voor de lange termijn belegger. We analyseren of deze stijging een duurzame trend is en welk van de twee wellicht het beste past bij uw beleggingsdoelstellingen. Koers van Nationale Nederlanden afgelopen jaar: Bron: Tradingview Het verschil tussen NN en ASR Het meest fundamentele onderscheid tussen ASR Nederland en NN Groep is te vinden in hun strategische focus en geografische reikwijdte. ASR positioneert zich nadrukkelijk als de nationale verzekeringskampioen en richt al haar energie op de Nederlandse markt. De succesvolle integratie van Aegon Nederland is een cruciaal onderdeel van deze strategie, met als doel om schaalvoordelen en synergieën te realiseren en zo de leidende marktpositie in het Non leven segment te verstevigen. Nationale Nederlanden daarentegen opereert als een multinationale speler met belangrijke activiteiten in Insurance Europe en Japan Life. Het beleid van NN is gericht op het diversifiëren van de inkomstenmix, met de ambitie dat internationale en Non leven activiteiten in 2028 meer dan de helft van de Operating Capital Generation zullen leveren. Een essentieel instrument om de financiële soliditeit van een verzekeraar te meten is de Solvency II ratio. Deze ratio geeft aan in welke mate een onderneming in staat is om haar risico’s af te dekken met het beschikbare kapitaal, waardoor het een cruciale indicator is voor de betrouwbaarheid en het nakomen van lange termijn verplichtingen [Algemene kennis]. Beide verzekeraars beschikken over een uitzonderlijk sterke kapitaalpositie. Per 30 juni 2025 rapporteerde NN Groep een pro forma Solvency II ratio van 205%. Dit percentage ligt ruimschoots boven hun eigen comfortzone van 150% tot 200%. ASR Nederland toonde een vergelijkbare kracht, met een Solvency II ratio van 203% op dezelfde datum, een stijging ten opzichte van de 198% aan het einde van 2024. Solvency II ratio van ASR: Bron: ASR Naast financiële soliditeit zijn beide bedrijven ook zeer toegewijd aan kapitaalteruggave aan hun aandeelhouders. NN Groep heeft een ambitieus progressief dividendbeleid met een doelstelling voor de samengestelde jaarlijkse groei van het dividend per aandeel van 7% tot 8%. Dit wordt aangevuld met een jaarlijks aandelen inkoopprogramma van ten minste 300 miljoen euro. ASR hanteert een beleid waarbij de totale kapitaalteruggave circa 70% van de Organic Capital Creation OCG ontwikkeling volgt. In mei 2025 rondde ASR een aandelen inkoopprogramma van 125 miljoen euro succesvol af. Het terugkopen van eigen aandelen is een direct middel om overtollig kapitaal efficiënt te retourneren, de winst per aandeel te verhogen en vertrouwen in de eigen waardering uit te stralen. De halfjaarcijfers van 2025 geven een goed inzicht in de financiële prestaties. ASR zag haar operationeel resultaat met 22.0% stijgen tot 826 miljoen euro in de eerste helft van 2025. De winstgevendheid van de schadeverzekeringen blijft zeer sterk, met een Combined Ratio in het Non life segment van 91.0%. ASR rapporteerde bovendien een operationeel rendement op eigen vermogen van 14.4%. NN Groep realiseerde in het eerste halfjaar van 2025 een Operating Capital Generation OCG van 1020 miljoen euro. Dit is een sterke start richting hun opgeschaalde OCG doel van 2.2 miljard euro in 2028. Het operationele resultaat van NN over de eerste helft van 2025 bedroeg 1443 miljoen euro. De cijfers tonen aan dat NN via kapitaalgeneratie en ASR via operationeel resultaat beiden een aanzienlijke waarde voor hun beleggers creëren. Gestelde doelen van NN: Bron: NN Group Het dividend Voor inkomstenbeleggers vormen de dividenduitkeringen en het kapitaalteruggavebeleid van zowel Nationale Nederlanden als ASR een bijzonder aantrekkelijke propositie. ASR voert een progressief dividendbeleid waarbij de uitkering meegroeit met de winstgevendheid van het bedrijf. Dit beleid resulteerde in de eerste helft van 2025 in een verhoging van het interim dividend met 9%, een duidelijk signaal van vertrouwen in de kasstroomgeneratie. De effectieve directe rendementsindicatie van circa 5,6% maakt het aandeel een serieuze overweging voor wie op zoek is naar stabiele inkomsten. Bovendien heeft ASR de duidelijke beleidslijn dat de totale kapitaalteruggave aan aandeelhouders de ontwikkeling van de Organic Capital Creation volgt met een percentage van circa 70%. Deze koppeling aan de organische kapitaalvorming zorgt voor een duurzaam en transparant mechanisme voor aandeelhoudersbeloning. Lees ook: Is dit Nederlands dividendaandeel een goede toevoeging aan de portefeuille? Nationale Nederlanden staat eveneens bekend om een sterke aandeelhoudersfocus met een dividendrendement dat met circa 5,9% net iets hoger ligt dan dat van ASR. NN Groep heeft haar dividendambitie concreet vertaald in een streefdoel voor de samengestelde jaarlijkse groei van het dividend per aandeel van 7% tot 8% tot en met 2028. Deze expliciete groeidoelstelling biedt beleggers een helder vooruitzicht op toekomstige inkomsten. Het management onderstreept de aantrekkelijke beleggingspropositie door te spreken van voortdurend samengestelde rendementen voor aandeelhouders. Dit wordt kracht bijgezet door de aanvulling van het dividend met een minimum jaarlijks aandelen inkoopprogramma van 300 miljoen euro. Samenstelling van dividendgroei en aandeleninkoop is de basis voor hun strategie om aandeelhouders waarde te bieden op de lange termijn, wat bijdraagt aan de stijging van de winst per aandeel. Dividend per aandeel van NN: Bron: NN Group
- Waarom Nvidia en Uber massaal investeren in dit onbekende AI-aandeel
In het kort: Uber bezit nog 12% van Serve Robotics en bestelde dit jaar meer dan 1.000 bezorgrobots. Nvidia investeerde in 2022 en verkocht later met winst, maar blijft via zijn AI-technologie indirect betrokken. Serve Robotics is nog verlieslatend, maar groeit snel en kan uitgroeien tot een belangrijke speler in de bezorgwereld van de toekomst. De kans is groot dat je ze binnenkort op straat tegenkomt: kleine zelfrijdende robots die pizza’s, broodjes of sushi afleveren. Achter deze ogenschijnlijk onschuldige karretjes schuilt een miljardenvisie op de toekomst van stedelijke bezorging. Opvallend genoeg investeren twee van de grootste namen uit de tech wereld, Nvidia en Uber, in hetzelfde bedrijf: Serve Robotics. Van Postmates naar zelfstandige robotmaker Serve Robotics begon als een experimenteel project binnen Postmates, een Amerikaanse maaltijdbezorgdienst die in 2020 door Uber werd overgenomen voor omgerekend ongeveer 2,4 miljard euro. Uber wilde zijn positie in de bezorgmarkt versterken met Uber Eats, dat tijdens de coronapandemie explosief groeide. Binnen Postmates werkte ondertussen een klein team aan een futuristisch idee: volledig autonome robots die zelfstandig maaltijden konden afleveren. Aanvankelijk zag Uber dat project niet als een prioriteit. Het bedrijf focuste liever op winstgevendheid binnen de bezorgtak en besloot daarom het robotteam af te splitsen. Zo ontstond Serve Robotics, met Uber als grootste aandeelhouder. Vandaag bezit Uber nog steeds ongeveer twaalf procent van het bedrijf. Serve ontwikkelt kleine elektrische bezorgrobots die volledig autonoom kunnen navigeren in drukke stedelijke omgevingen. Ze gebruiken camera’s, sensoren en kunstmatige intelligentie om obstakels te vermijden, stoplichten te herkennen en veilig over te steken. Deze technologie is deels afkomstig van Nvidia, dat in de beginfase nauw samenwerkte met Serve om de AI van de robots te verbeteren. In steden als Los Angeles rijden de robots inmiddels dagelijks maaltijden rond zonder bestuurder of menselijke begeleiding. Waarom Nvidia instapte en weer uitstapte Nvidia, inmiddels het meest waardevolle bedrijf ter wereld met een beurswaarde van ruim 4,1 biljoen euro, stapte in 2022 in Serve Robotics. Het investeerde ongeveer 11 miljoen euro in ruil voor een belang van acht procent. Voor Nvidia was het geen klassieke investering, maar een strategische samenwerking. Serve maakte namelijk gebruik van Nvidia’s AI-hardware en software om zijn robots slimmer en efficiënter te maken. Het idee was helder: als Serve Robotics zou doorgroeien, zou dat de vraag naar Nvidia-chips stimuleren. Toch besloot Nvidia eind 2024 zijn belang te verkopen, en dat met een flinke winst. De verkoop paste bij de aanpak van CEO Jensen Huang, die vaak investeert in kleine AI-startups om de ontwikkeling van zijn technologie te versnellen. Uiteindelijk verdient Nvidia het meeste aan de verkoop van zijn chips, niet aan aandelenbelangen. Uber daarentegen blijft volledig inzetten op Serve. Het bedrijf bestelde dit jaar duizend extra bezorgrobots, waarvan er inmiddels honderden operationeel zijn. Tegen het einde van 2025 verwacht Uber dat er meer dan tweeduizend Serve-robots actief zullen zijn in de Verenigde Staten. Daarmee wordt Serve in korte tijd de grootste autonome bezorgdienst van het continent. Een klein bedrijf met grote ambities Ondanks de grote namen achter het bedrijf is Serve Robotics nog klein in omvang. De beurswaarde ligt rond de 830 miljoen euro, terwijl de omzet vorig jaar slechts 1,7 miljoen euro bedroeg. Begin 2024 reden er gemiddeld maar 57 robots dagelijks rond, maar dat aantal groeit nu razendsnel. Door de nieuwe Uber-orders zullen er aan het einde van dit jaar duizenden in gebruik zijn. Het bedrijf stelt zichzelf een simpele maar krachtige vraag: waarom zou je een maaltijd van één kilo bezorgen met een voertuig van twee ton? Die gedachte vormt de kern van het verdienmodel. De robots zijn volledig elektrisch, verbruiken nauwelijks energie en kunnen continu blijven rijden. Ze besparen bezorgdiensten enorme bedragen op brandstof, onderhoud en personeel. Bovendien kunnen ze 24 uur per dag actief zijn, wat de efficiëntie sterk verhoogt. De technologie achter Serve is indrukwekkend, maar winstgevend is het bedrijf nog niet. De brutomarge ligt momenteel rond de min 347 procent, wat betekent dat het op elke bezorging nog geld verliest. Toch blijven investeerders optimistisch. Ze zien Serve als een groeiverhaal waarin schaalgrootte de sleutel is tot succes. Zodra het bedrijf voldoende robots inzet, kunnen de kosten per levering drastisch dalen en kan winstgevendheid binnen handbereik komen. Concurrentie en kansen Serve Robotics opereert in een competitieve markt. Bedrijven als Starship Technologies en Coco werken aan vergelijkbare oplossingen, en ook grote spelers zoals Amazon testen bezorgrobots. Het grote verschil is echter dat Serve directe toegang heeft tot Uber Eats, een platform met miljoenen bestellingen per dag. Dat biedt het bedrijf een natuurlijke voorsprong. Bovendien tekende onlangs ook DoorDash, de grootste concurrent van Uber Eats, een meerjarige samenwerking met Serve. Daardoor leveren de twee grootste maaltijdplatforms van de Verenigde Staten nu bestellingen met dezelfde robottechnologie. Voor Serve betekent dat een enorme uitbreiding van de potentiële markt en een stabiele inkomstenstroom voor de komende jaren. De toekomst van bezorging op wieltjes Serve Robotics lijkt misschien nog een klein bedrijf, maar het opereert in een markt met gigantisch potentieel. De wereldwijde markt voor autonome bezorging kan tegen 2030 meer dan 450 miljard dollar waard zijn. Robots kunnen leveringen goedkoper, schoner en veiliger maken in steeds drukkere steden. Voor Uber is Serve een kans om de winstgevendheid van Uber Eats te verbeteren door kosten te verlagen. Voor Nvidia is het een manier om zijn AI-technologie in de praktijk te testen en toekomstige chiptoepassingen te stimuleren. En voor Serve zelf is het de mogelijkheid om van een nichebedrijf uit te groeien tot een wereldspeler.
- PostNL aandelen stijgen flink: waarom beleggers toch moeten oppassen
In het kort Het aandeel PostNL steeg sinds 23 juni van €0,88 naar een piek van €1,11 na het nieuws over versoepelde regelgeving, maar is inmiddels afgekoeld naar €1,03. Ondanks deze koersrally blijven de kwartaalcijfers zwak: dalende postvolumes, negatieve kasstromen en structureel verlies in de kernactiviteiten. De kwartaalcijfers van 3 november worden cruciaal voor het vertrouwen in het aandeel en kunnen het koersbeeld flink kantelen. Het aandeel PostNL kende een opvallende opleving: vanaf 23 juni, toen de koers nog op €0,88 stond, steeg het aandeel in enkele maanden naar een piek van €1,11 na het nieuws in oktober over versoepelde bezorgregels. Inmiddels is het aandeel wat afgekoeld en staat het rond de €1,03, maar dat is nog altijd een stijging van ruim 17 procent ten opzichte van eind juni. De koers van PostNL het afgelopen jaar: Bron: Euronext Verruiming wettelijke bezorgtijd: politieke impuls De directe aanjager van de stijging was het besluit van demissionair minister Vincent Karremans om de wettelijke bezorgtijd voor brievenpost te verruimen. PostNL hoeft vanaf 1 juli 2026 niet langer binnen 24 uur te bezorgen, maar mag daar 48 uur over doen. In latere jaren kan deze termijn zelfs verlengd worden naar 72 uur. Voor PostNL betekent dit mogelijk een verlichting van kosten, omdat het bedrijf minder druk ervaart om snelle bezorging te realiseren in een krimpende markt. Beleggers interpreteerden dit als een structurele meevaller. Daarnaast speelt mee dat PostNL juridische stappen overweegt om alsnog financiële steun af te dwingen, na eerdere afwijzingen van subsidieverzoeken door de overheid. Deze signalen wekken hoop op toekomstige meevallers, al is de uitkomst onzeker. Wat zeggen de cijfers? Ondanks de stevige koersstijging blijft de financiële gezondheid van PostNL kwetsbaar. De resultaten over het eerste halfjaar van 2025 bevestigen het beeld van een onderneming die operationeel worstelt, kampt met structureel verlies in de postdivisie en onder druk staat door stijgende kosten, klantconcentratie en negatieve kasstromen. Q1 2025: lichte omzetgroei, operationeel verlies In het eerste kwartaal van 2025 steeg de omzet licht naar €782 miljoen, tegenover €765 miljoen een jaar eerder. Deze groei kwam volledig voor rekening van de pakketdivisie. De postvolumes daalden met 6,9 procent, wat de structurele krimp onderstreept. Het genormaliseerde bedrijfsresultaat (EBIT) kwam uit op een verlies van €15 miljoen, ten opzichte van -€9 miljoen in Q1 2024. De vrije kasstroom verslechterde naar circa -€33 miljoen, terwijl analisten rekenden op een verlies van rond de €4 miljoen. Q2 2025: marges onder druk, kaspositie verslechtert De cijfers over het tweede kwartaal bevestigen de neerwaartse trend. De omzet steeg naar €807 miljoen, maar de genormaliseerde EBIT daalde van €18 miljoen naar slechts €11 miljoen. De vrije kasstroom verslechterde nog verder, van -€19 miljoen in Q2 2024 naar -€47 miljoen in Q2 2025. De belangrijkste Q2 cijfers van PostNL: Bron: PostNL De pakketdivisie, goed voor €604 miljoen omzet in het tweede kwartaal (+2,8% j-o-j), kende weliswaar 2,2 procent volumegroei, maar de marge daalde van 3,1 naar 2,1 procent. De oorzaak: stijgende loonkosten, klantconcentratie en een ongunstige prijs-mixverhouding, ondanks hogere tarieven en yield management. De kostenbesparingen van €9 miljoen wogen daar niet tegenop. De postdivisie bleef verlieslatend, met een genormaliseerde EBIT van -€2 miljoen en een volumekrimp van 8,3 procent. De extra kosten door ziekteverzuim en personeelstekort konden niet voldoende worden gecompenseerd door eenmalige meevallers zoals een vrijval van een WGA/ERD-provisie van €5 miljoen. Belangrijkste cijfers eerste halfjaar 2025 Omzet H1 2025 : €1.589 miljoen (tegenover €1.560 miljoen in H1 2024) Genormaliseerde EBIT : -€5 miljoen (was +€9 miljoen in H1 2024) Vrije kasstroom : -€80 miljoen (versus -€26 miljoen in H1 2024) Aangepaste nettoschuld : gestegen van €474 miljoen naar €562 miljoen Afschrijving goodwill postdivisie : €40 miljoen, buiten EBIT, maar wel opgenomen in het operationeel resultaat PostNL gaf in hun Q2 presentatie aan dat de structurele verliezen in de postdivisie zonder financiële compensatie van de overheid zullen aanhouden tot ten minste 2029. Eerdere aanvragen voor compensatie (€30 miljoen voor 2025, €38 miljoen voor 2026) zijn afgewezen. PostNL is inmiddels een juridische procedure gestart. Outlook bevestigt stagnatie Het bedrijf herhaalde zijn outlook voor het volledige jaar 2025: een genormaliseerde EBIT in lijn met die van 2024, namelijk €53 miljoen. Er wordt geen interimdividend uitgekeerd, en de verwachting is dat de vrije kasstroom voor heel 2025 tussen -€10 miljoen en -€50 miljoen zal uitkomen. Hoewel de investeringen in nieuwe sorteercentra, internationale groei via Spring en CO₂-neutrale bezorging strategisch waardevol zijn, wegen ze financieel nog niet op tegen de druk op marges en de negatieve cashflow. Het aandeel lijkt dus kwetsbaar voor tegenvallende cijfers in het derde kwartaal. Lees ook: Pharming Group aandelen schieten omhoog - beleggers zien miljardenkans Waarom beleggers voorzichtig moeten blijven De koersreactie lijkt aantrekkelijk, maar het onderliggende plaatje blijft broos. Vijf elementen maken duidelijk dat voorzichtigheid geboden blijft. De versoepeling geldt pas vanaf 2026 Tot die tijd blijft het bedrijf gebonden aan het bestaande serviceniveau, met de daaraan verbonden kosten. Geen garantie op compensatie Subsidieverzoeken zijn door de overheid afgewezen. Hoewel juridische stappen volgen, zijn die onzeker en langdurig. Structureel verlies in de postdivisie Volgens eigen prognoses blijft deze kernactiviteit verlieslatend tot minstens 2029. De goodwill-afschrijving bevestigt het pessimisme. Margedruk in groeiende segmenten Zelfs de pakketdivisie, die enige groei toont, lijdt onder dalende marges door loonkosten en klantconcentratie. Slechte kaspositie en toenemende schulden Met een vrije kasstroom van -€80 miljoen en stijgende schulden is het financiële fundament van het bedrijf verzwakt. Externe financiering wordt cruciaal. 3 november: kantelpunt voor het aandeel? De kwartaalcijfers over Q3 2025, die op 3 november worden gepubliceerd, zijn het volgende meetpunt. Dan moet blijken of de pakketgroei aanhoudt, of marges zich herstellen, en of de vrije kasstroom zich herstelt. Beleggers moeten vooral letten op: Verdere ontwikkelingen in marges per segment Eventuele extra afschrijvingen of eenmalige lasten De vrije kasstroom en schuldpositie Updates over juridische procedures en politieke ontwikkelingen Zonder verbetering op een van deze fronten is de kans groot dat de koersstijging van de afgelopen maanden een tijdelijke opleving blijft, gevoed door hoop, maar niet ondersteund door feiten. Wie nu instapt, moet zich goed bewust zijn van het fragiele evenwicht waarop PostNL balanceert. De stijging van €0,88 naar €1,11 lijkt indrukwekkend, maar zolang er geen structurele winstgevendheid is, blijft het aandeel risicovol. De komende kwartaalcijfers kunnen een steun in de rug zijn, of juist het moment waarop het optimisme plaatsmaakt voor realisme. Ook particuliere beleggers die liever niet afhankelijk zijn van bedrijven met structurele verliezen of onzekere kasstromen, zoeken naar alternatieven met voorspelbare inkomsten. Vastgoedfondsen die zich richten op essentiële sectoren zoals supermarkten en zorglocaties bieden in dat opzicht een stabieler rendementsprofiel, juist in economisch wisselvallige tijden. Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed met een sterke focus op supermarkten en zorgcentra, segmenten die hun veerkracht al hebben bewezen. Het fonds realiseerde de afgelopen jaren een gemiddeld rendement van 8,6% per jaar , waarvan 6% maandelijks wordt uitgekeerd . Beleggers profiteren van een regelmatige cashflow en brede spreiding over solide huurders. Alleen in oktober ontvangen deelnemers bij een inleg vanaf €10.000 bovendien één maand extra uitkering bovenop het reguliere rendement. Vraag nu de gratis brochure aan en ontdek vrijblijvend of dit vastgoedfonds past bij jouw beleggingsdoelen.
- Aandelen crashen van dit EV-aandeel na dodelijk ongeluk – staat er druk op de EV-sector?
In het kort Xiaomi-aandelen daalden maandag met 8,7% na een dodelijk ongeval met de SU7, het vlaggenschip van de Chinese techgigant Het incident leidde tot hevige discussies over de veiligheid van elektronische deurgrepen in moderne elektrische auto’s De crash voedt bredere zorgen over de betrouwbaarheid van jonge elektrischeautomerken en de complexiteit van hun technologie Xiaomi zakt fors op beurs na dodelijk ongeluk met SU7 De Chinese technologiegigant Xiaomi kreeg maandag te maken met zijn grootste koersval sinds april, nadat een dodelijk ongeval met een van zijn elektrische voertuigen leidde tot nieuwe twijfels over de veiligheid van het merk. De aandelen van Xiaomi daalden op de beurs van Hongkong met bijna 9%, nadat beelden van een brandende SU7 in de stad Chengdu massaal werden gedeeld op Chinese sociale media. Omstanders proberen tevergeefs de deuren te openen van de brandende Xiaomi SU7 na de crash in Chengdu Bron: CNBC Het incident eiste het leven van een 31-jarige bestuurder. Volgens de lokale politie botste de auto met hoge snelheid op een andere wagen, vermoedelijk terwijl de bestuurder onder invloed van alcohol was. Toch richtte de publieke verontwaardiging zich niet op de oorzaak van de crash, maar op de technologie zelf. Getuigen verklaarden dat de deuren van de elektrische sedan niet opengingen na de botsing, waardoor omstanders de inzittende niet konden helpen. Uiteindelijk moest de brandweer de brand blussen, maar het incident zette vraagtekens bij de veiligheidssystemen van Xiaomi’s nieuwste auto. De SU7, gelanceerd begin dit jaar, is het paradepaardje van Xiaomi’s entree in de elektrischeautosector. Het model moest het merk positioneren als directe uitdager van Tesla en BYD, met een sterke focus op software, design en zelfrijdende functies. Nu dreigt het imago van technologische innovatie te worden overschaduwd door vragen over basisveiligheid. De Xiaomi SU7 moest Xiaomi tot grote EV-speler maken, maar de ambities staan nu onder druk Bron: Xiaomi Elektronische deurgrepen onder vuur De rampzalige crash in Chengdu heeft de discussie over elektronische deurmechanismen nieuw leven ingeblazen. Deze systemen, die niet langer werken met een mechanisch slot maar met elektrische sensoren, zijn de afgelopen jaren een populair designkenmerk geworden bij luxe elektrische voertuigen. Tesla was een van de eerste merken die de technologie introduceerde, waarna vrijwel alle grote producenten volgden. Hoewel de deurgrepen zorgen voor een aerodynamischer ontwerp en futuristische uitstraling, hebben ze ook een keerzijde. Wanneer de stroomtoevoer uitvalt of het elektrische systeem wordt beschadigd, kunnen de deuren blokkeren, wat reddingswerk bij ongevallen bemoeilijkt. Dat scenario lijkt zich nu te hebben afgespeeld bij de Xiaomi SU7. De Chinese overheid overweegt inmiddels maatregelen tegen deze technologie. Staatsmedia meldden eind september dat er wordt gekeken naar een mogelijk verbod op elektronische deurgrepen vanwege herhaalde veiligheidsincidenten. Ook in de Verenigde Staten groeit de bezorgdheid. De Amerikaanse verkeersveiligheidsautoriteit (NHTSA) startte recent een onderzoek naar ruim 170.000 Tesla Model Y’s na meldingen van defecte handgrepen. Voor Xiaomi is het probleem extra gevoelig omdat het bedrijf pas net zijn reputatie als automerk probeert op te bouwen. De onderneming is in de eerste plaats bekend als producent van smartphones en consumentenelektronica. De SU7 moest bewijzen dat Xiaomi ook in de veeleisende automarkt kon concurreren. Door de recente crash lijkt het vertrouwen van consumenten en beleggers echter te wankelen. Vertrouwen in jonge automerken onder druk De beursreactie laat zien hoe fragiel het vertrouwen in nieuwe autofabrikanten kan zijn. In de vroege handel zakten Xiaomi-aandelen met 8,7%, waarna de koers enigszins herstelde tot een verlies van ruim 5%. Toch was de schade aanzienlijk. De daling was de grootste sinds april en onderstreepte de nervositeit onder beleggers over de reputatie van Xiaomi’s voertuigdivisie. De aandelenkoers van Xiaomi daalde met ruim 5% nadat het nieuws naar buiten werd gebracht Bron: Seeking Alpha De crash kwam bovendien op een ongelukkig moment. Eerder dit jaar was er al een dodelijk ongeluk met hetzelfde model, waarbij vragen werden gesteld over de zelfrijdende functies van de SU7. Destijds circuleerden onbevestigde berichten dat de auto onverwacht had versneld tijdens het gebruik van de slimme rijmodus. Xiaomi ontkende dat er sprake was van een technisch defect, maar het incident zorgde toen al voor een tijdelijke koersdaling. Hoewel het huidige ongeval volgens de politie niet gerelateerd lijkt aan autonoom rijden, hebben beleggers weinig geduld voor herhaalde negatieve publiciteit. Analisten wijzen erop dat perceptie in de beginnende fase van een automerk allesbepalend is. “Voor jonge fabrikanten draait vertrouwen niet alleen om technologie, maar om geloofwaardigheid,” zegt een marktanalist van Jefferies. “Elke fout wordt uitvergroot, zeker als veiligheid in het geding is.” Ook consumenten reageren gevoelig op veiligheidskwesties. De Chinese markt voor elektrische auto’s is verzadigd en uiterst competitief. Merken als Nio, XPeng en BYD vechten om dezelfde klantengroep, waarbij imago en betrouwbaarheid vaak belangrijker zijn dan prijs. Een incident zoals dat in Chengdu kan dus directe gevolgen hebben voor verkoopcijfers. Lees ook: Ex-Tesla-topman: dit wordt de belangrijkste trend voor EV’s — en Tesla loopt achter De Chinese overheid benadrukt intussen dat de sector strenger zal worden gecontroleerd. Nieuwe richtlijnen voor batterijveiligheid, software-updates en noodsystemen zijn al in voorbereiding. Daarbij speelt niet alleen consumentenbescherming een rol, maar ook geopolitieke belangen. China wil wereldwijd leidend blijven in de productie van elektrische voertuigen, maar moet voorkomen dat terugkerende incidenten dat imago schaden. Een harde realitycheck voor Xiaomi en de EV-sector De crash in Chengdu is niet alleen een tragisch incident, maar ook een waarschuwing voor de hele elektrischeautosector. Naarmate voertuigen complexer worden en meer afhankelijk van software en elektronica, neemt het risico toe dat innovatieve functies onbedoelde gevaren meebrengen. Wat ooit gold als symbool van vooruitgang, elektronische deurgrepen, automatische systemen, zelflerende software, wordt nu door velen gezien als potentieel zwak punt. Voor Xiaomi, dat zijn eerste stappen in de autowereld nog maar net heeft gezet, komt de test op een cruciaal moment. Het bedrijf probeert zich te positioneren als een technologieleider die zowel hardware als software beheerst. Dat de SU7 binnen enkele maanden na lancering al twee fatale incidenten kende, zet druk op de geloofwaardigheid van dat verhaal.
- Pharming Group aandelen schieten omhoog - beleggers zien miljardenkans
In het kort Pharming schrapt 20% van de functies buiten commerciële en medische teams. In Q2 2025 steeg de omzet met 26% naar $93,2 miljoen en verhoogde het bedrijf zijn omzet verwachting voor 2025. Ook is Joenja recent door de FDA goedgekeurd voor een versnelde test voor het gebruik bij kinderen van 4 tot 11 jaar met APDS. Pharming Group (PHARM.AS) heeft opnieuw de aandacht van beleggers te pakken. Na een sterk kwartaal en ambitieuze groeiplannen zien we het aandeel weer op de radar verschijnen van zowel particuliere als institutionele beleggers. De recente aankondiging van een reorganisatie op het hoofdkantoor in Leiden zorgt voor reuring, maar de onderliggende cijfers geven reden tot optimisme. De aandelenkoers reageerde aanvankelijk met een daling van ruim 5%, maar sindsdien is het aandeel Pharming bezig aan een herstel. Beleggers lijken de aangekondigde ontslagronde niet te zien als teken van zwakte, maar juist als een strategische stap richting efficiëntere groei. Met de kwartaalcijfers over Q3 in aantocht op 6 november, komt het aandeel weer volop in de belangstelling te staan. Vanaf de bodem in april dit jaar is het aandeel overigens al verdubbeld: De aandelenkoers van Pharming Group de afgelopen 5 jaar: Bron: EURONEXT Wat doet Pharming precies? Pharming Group is een Nederlands biofarmaceutisch bedrijf, gevestigd in Leiden, dat zich richt op zeldzame en levensbedreigende ziektes waarvoor weinig tot geen behandelingen bestaan. Het bedrijf ontwikkelt en verkoopt specialistische medicijnen en heeft momenteel twee producten op de markt: RUCONEST® , een behandeling voor acute aanvallen van erfelijk angio-oedeem (HAE), een zeldzame, pijnlijke zwelling in onder andere keel of buik. Joenja® (leniolisib) , de eerste en enige goedgekeurde behandeling voor APDS, een zeldzame immuunstoornis die het afweersysteem ernstig verstoort. Deze twee behandelingen en de fase waarin ze verkeren: Bron: PharmingGroup RUCONEST is al meer dan tien jaar winstgevend en vormt de cash cow van het bedrijf. Joenja bevindt zich nog in een vroege groeifase, maar biedt enorme marktpotentie. Dit geneesmiddel zou zich kunnen ontwikkelen tot een miljardendollarmiddel, vooral als aanvullende indicaties en geografische uitbreidingen worden goedgekeurd. De versnelling van de Amerikaanse goedkeuring voor het gebruik van Joenja bij kinderen van 4 tot 11 jaar markeert een belangrijke commerciële mijlpaal voor Pharming. Het bedrijf beschikt mogelijk in dat geval begin 2026 over het enige goedgekeurde middel voor deze jonge patiëntengroep met APDS. Volgens analisten van H.C. Wainwright betekent dit een substantiële uitbreiding van het marktpotentieel, omdat kinderen onder de 12 een aanzienlijk deel van de doelgroep vertegenwoordigen. De koers reageerde zeer positief op het nieuws. Pharming-aandelen zijn genoteerd aan zowel Euronext Amsterdam als de Nasdaq in de VS, maar de meeste handel vindt plaats op de Nederlandse beurs. Het aandeel is populair onder Nederlandse particuliere beleggers en staat bekend als een 'volatiel groeiverhaal' met regelmatige pieken en dalen. Dat maakt Pharming tot een van de meest besproken biotechfondsen in de Benelux. Strategische omslag in Leiden Terwijl de omzet records breekt, kondigde het bedrijf op 6 oktober 2025 een herstructurering aan waarbij ongeveer 20% van de niet-commerciële en niet-medische functies verdwijnen. Vooral op het hoofdkantoor in Leiden vallen de klappen. Een ingreep die volgens de onderneming zelf nodig is om sneller te kunnen groeien. De aangekondigde reorganisatie maakt deel uit van een groter plan om de algemene en administratieve kosten met $10 miljoen per jaar te verlagen, ofwel 15% van het totaal. Tegelijkertijd wordt er een eenmalige last van $7 miljoen voorzien in het vierde kwartaal van dit jaar als gevolg van de personeelsreductie. De boodschap van CEO Fabrice Chouraqui is helder: slanker, efficiënter, internationaler. Financiële resultaten Q2: recordgroei en winstgevendheid De timing van deze strategische ommezwaai lijkt op het eerste gezicht opmerkelijk. De resultaten over het tweede kwartaal van 2025 laten namelijk een forse groei zien. De totale omzet steeg met 26% naar $93,2 miljoen ten opzichte van Q2 2024. Vooral vlaggenschipproduct RUCONEST presteerde sterk met een omzetgroei van 28% naar $80,4 miljoen, dankzij een stijgend aantal voorschrijvers en patiënten, met name in de VS. De omzetgroei van Pharming in Q2 2025: Bron: Pharming Group Joenja, de veelbelovende behandeling voor APDS (Activated PI3Kδ Syndrome), groeide met 15% tot $12,8 miljoen omzet in het tweede kwartaal. Daarmee komt het totaal voor H1 2025 op $23,3 miljoen, een stijging van 13% ten opzichte van vorig jaar. Er zijn inmiddels 114 Amerikaanse patiënten op betaalde therapie gezet, een toename van 25% op jaarbasis. Het operationele resultaat steeg tot $10,8 miljoen, tegenover een verlies van $3,1 miljoen een jaar eerder. Gecorrigeerd voor eenmalige overnamekosten met betrekking tot Abliva zou dit zelfs $12,9 miljoen zijn geweest. Herstructurering ondanks momentum Waarom dan juist nu deze reorganisatie? Volgens Chouraqui is dit het moment om de organisatie klaar te maken voor de volgende groeifase. "We hebben een sterke basis gelegd met twee commerciële producten en een pijplijn vol blockbusterpotentieel", aldus de CEO tijdens de afgelopen earnings call. De kostenbesparing moet meer ruimte creëren voor strategische investeringen in onder meer internationale expansie, pediatrische goedkeuringen en de ontwikkeling van nieuwe indicaties voor bestaande producten. Met name Joenja, dat onlangs is gelanceerd in het VK en op goedkeuring wacht in de VS, Japan, Canada en de EU, wordt gezien als groeimotor voor de komende jaren. De herstructurering raakt niet de commerciële of medische teams. Pharming benadrukt dat de focus blijft liggen op patiëntenzorg en marktuitbreiding. Toch zal de impact op het personeelsbestand voelbaar zijn, zeker op het hoofdkantoor. Joenja’s groeipotentieel: herclassificaties en pediatrische labeluitbreiding Pharming ziet in Joenja een potentiële franchise van meer dan $1 miljard omzet per jaar, mede door uitbreiding naar bredere indicaties en patiëntgroepen, en die claim is niet zomaar uit de lucht gegrepen. De kern van die groeiverwachting zit in de mogelijke verviervoudiging tot zelfs verachtvoudiging van de doelgroep, op basis van drie ontwikkelingen: Herclassificatie van VUS-patiënten Meer dan 1.400 Amerikaanse patiënten met genetische VUS-profielen kunnen mogelijk worden herkend als APDS-patiënten dankzij nieuwe wetenschappelijke inzichten. Pediatrische labeluitbreiding Pharming kreeg begin oktober een akkoord op de versnelde FDA-goedkeuring voor het gebruik van Joenja bij kinderen van 4 tot 11 jaar, als dit doorgaat kunnen er tientallen extra patiënten vanaf begin 2026 behandeld kunnen worden. Uitbreiding naar nieuwe indicaties (PIDs en CVID) Lopende fase II-studies richten zich op twee bredere immuunstoornissen, samen goed voor ruim 15.000 potentiële patiënten in de VS. De belangrijkste aanjager van toekomstige groei is de herclassificatie van VUS-patiënten (Variants of Uncertain Significance) naar APDS. In juni verscheen een wetenschappelijke studie in Cell waarin meer dan 100 nieuwe genetische varianten werden geïdentificeerd die PI3Kδ-hyperactiviteit veroorzaken. Deze bevindingen zouden ertoe kunnen leiden dat tot 20% van de 1.400 VUS-patiënten in de VS in de tweede helft van 2025 worden geherclassificeerd als APDS-patiënt, en dus in aanmerking komen voor behandeling met Joenja. Het aantal mensen dat gebruik maakt van Joenja stijgt fors: Bron: Pharming Group Wat nu nog voelt als een kleine, klinisch complexe niche, kan op termijn uitgroeien tot een wereldwijde franchise in zeldzame immuunstoornissen. Joenja is niet zomaar een eenmalige vondst, maar het eerste middel in een potentiële therapieklasse die verschillende ziekten binnen het PI3Kδ-domein kan adresseren. De trage start is dus eerder symptomatisch voor het soort markt waarin Pharming opereert: zeldzaam, complex en traag om op gang te komen. Maar zodra het ecosysteem, diagnostiek, vergoeding, artsenervaring, zich ontwikkelt, kan de adoptie exponentieel versnellen. En dat is precies waar Pharming op inzet. Met Joenja als speerpunt van een bredere strategie richting zeldzame immuunziekten ziet het bedrijf een kans om door te groeien van niche biotech naar wereldwijde speler in orphan drugs. Deze twee factoren, herclassificatie en pediatrische uitbreiding, zouden het aantal behandelbare Joenja-patiënten fors kunnen vergroten. Volgens interne schattingen zou dit de potentie van Joenja kunnen oprekken tot een miljardenfranchise. Een ambitie die Pharming zonder meer nastreeft, niet gek voor een bedrijf dat nu in totaal 845 miljoen euro waard is. Vooruitblik op Q3: verwachtingen en uitdagingen Pharming presenteert op 6 november de resultaten over het derde kwartaal. Beleggers zullen met name letten op het effect van de aangekondigde reorganisatie en of de versnelde groei van Joenja zich voortzet. De omzetverwachting voor 2025 is inmiddels verhoogd van $325–$340 miljoen naar $335–$350 miljoen, wat neerkomt op een jaarlijkse groei van 13 tot 18 procent: Bron: Pharming Group De operationele kosten zullen uitkomen tussen $304 en $308 miljoen, inclusief $10,2 miljoen aan eenmalige kosten rond de overname van Abliva. Belangrijk is dat het bedrijf naar eigen zeggen voldoende kasreserves ($130,8 miljoen per eind juni) en toekomstige cashflow heeft om de huidige pijplijn en pre-launchactiviteiten te financieren. Wat wel opvalt is dat Pharming ondanks de groei een nettoverlies van $10,3 miljoen boekte over de eerste helft van 2025. Dit komt mede door hogere niet-aftrekbare overnamekosten en ongunstige wisselkoerseffecten. De onderliggende operationele winstgevendheid blijft echter positief, wat het vertrouwen van het management in verdere schaalvergroting onderstreept. Een biotech in transformatie Pharming bevindt zich op een kantelpunt. Waar het ooit draaide om één nicheproduct (RUCONEST), is het bedrijf nu uitgegroeid tot een speler met twee commercieel succesvolle geneesmiddelen en een pipeline met meerjarige blockbusterkansen. De herstructurering is niet het gevolg van financiële nood, maar van strategische ambitie. De komende kwartalen worden cruciaal: de verwachte herclassificatie van VUS-patiënten, de pediatrische uitbreiding van Joenja en de toenemende geografische spreiding zullen duidelijk maken of Pharming daadwerkelijk kan transformeren in een wereldwijd biotechbedrijf met zeldzame ziekten als kernspecialisatie. Wie verder kijkt dan de ontslagronde, ziet vooral een onderneming die zichzelf opnieuw aan het uitvinden is, leaner, globaler en met meer focus. De Q3-cijfers op 6 november zullen tonen of deze koerswijziging het beoogde versnellingseffect oplevert. Ook particuliere beleggers kunnen inspelen op deze zoektocht naar stabiele groei. Terwijl bedrijven als Pharming investeren in internationale expansie en innovatie, zoeken veel beleggers juist naar spreiding en voorspelbare kasstromen in hun portefeuille. Vastgoedfondsen die zich richten op essentiële sectoren, zoals supermarkten en zorgcentra, bieden in dat opzicht een interessant tegenwicht voor volatiele aandelen zoals biotech. Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed met een sterke focus op supermarkten en zorgcentra, segmenten die ook in economisch wisselvallige tijden veerkrachtig blijven. Het fonds realiseerde de afgelopen jaren een gemiddeld rendement van 8,6% per jaar , waarvan 6% maandelijks wordt uitgekeerd . Beleggers profiteren zo van een regelmatige cashflow en brede spreiding over solide huurders. Alleen in oktober ontvangen deelnemers bij een inleg vanaf €10.000 bovendien één maand extra uitkering bovenop het reguliere rendement. Vraag nu de gratis brochure aan en ontdek vrijblijvend of dit vastgoedfonds past bij jouw beleggingsdoelen.
- Dit is volgens Warren Buffett de beste belegging die je kunt doen
In het kort: Warren Buffett adviseert beleggers om maandelijks te investeren in een S&P 500-indexfonds in plaats van individuele aandelen te kiezen. Zijn favoriete fonds is de Vanguard S&P 500 ETF, vanwege de lage kosten en brede spreiding over de grootste Amerikaanse bedrijven. Wie €200 per maand belegt en geduldig blijft, kan dankzij rente-op-rente op termijn richting €1 miljoen vermogen groeien. Warren Buffett wordt vaak de beste belegger aller tijden genoemd. De inmiddels 95-jarige topman van Berkshire Hathaway bouwde in ruim zestig jaar een fortuin op met een simpele maar ijzersterke strategie: koop goede bedrijven, betaal er niet te veel voor en houd ze lang vast. Toch is Buffett verrassend nuchter over beleggen. Zijn advies aan de meeste mensen? Niet proberen om de volgende Apple of Nvidia te vinden, maar gewoon maandelijks beleggen in een brede index zoals de S&P 500. Buffett leest zelf dagelijks urenlang jaarverslagen, bedrijfsrapporten en marktanalyse. Maar hij benadrukt dat dit voor de meeste mensen niet realistisch is. Zijn gedachtengoed vat het perfect samen: “Als je graag zes tot acht uur per week besteedt aan beleggen, doe het dan. Zo niet, beleg dan automatisch in indexfondsen.” Met andere woorden: wie geen tijd of zin heeft om aandelen te analyseren, kan beter maandelijks geld stoppen in een breed gespreid indexfonds dat de grootste bedrijven van Amerika volgt. Volgens Buffett is dat de eenvoudigste én meest zekere manier om vermogen op te bouwen. De logica daarachter is simpel. De Amerikaanse economie groeit al decennia gestaag, met innovatieve bedrijven als Apple, Microsoft, Amazon en Johnson & Johnson als drijvende kracht. Door te beleggen in de S&P 500, koop je automatisch een stukje van die 500 grootste ondernemingen van de Verenigde Staten. Je hoeft dus niet te raden welk bedrijf het beste presteert. Je profiteert gewoon van de groei van het geheel. Buffett’s favoriete manier om dat te doen? De Vanguard S&P 500 ETF, die de index nauwkeurig volgt tegen minimale kosten. Deze ETF rekent slechts 0,03% aan jaarlijkse beheerkosten, wat neerkomt op ongeveer €0,30 per €1.000 belegd vermogen. Bijna je volledige inleg blijft dus voor jou renderen, in plaats van op te gaan aan dure fondsbeheerders of verborgen kosten. Voor Europese beleggers is er bovendien een praktisch alternatief: de Vanguard S&P 500 UCITS ETF (VUSA). Dit is de Europese versie van hetzelfde fonds, genoteerd in onder andere Amsterdam, Londen en Frankfurt. De kosten zijn vrijwel identiek, de spreiding exact hetzelfde, en het rendement volgt één op één de prestaties van de Amerikaanse S&P 500-index. Lees ook: Staat de volgende grote beurscrash voor de deur? Hoe €200 per maand miljoenen kan worden Buffett herhaalt vaak: “Je hoeft geen buitengewone dingen te doen om buitengewone resultaten te behalen.” Wie maandelijks investeert in een indexfonds zoals VUSA, laat de tijd en het rendement het zware werk doen. Laten we eens kijken naar wat consistent beleggen kan opleveren. Stel dat je €200 per maand inlegt in een S&P 500-fonds en op lange termijn een gemiddeld rendement van 10% per jaar behaalt – wat overeenkomt met het historische gemiddelde van de index. Na 10 jaar heb je ongeveer €35.000 opgebouwd. Na 20 jaar groeit dat bedrag naar zo’n €125.000. Na 30 jaar kom je uit op ruim €360.000. En wie het 40 jaar volhoudt, ziet zijn vermogen stijgen tot bijna €1 miljoen. Dat is de kracht van samengestelde groei, ofwel rente-op-rente. Elke euro die je investeert, begint rendement te genereren, en dat rendement levert op zijn beurt weer extra rendement op. Hoe langer je belegt, hoe harder je geld voor je aan het werk gaat. De sleutel is niet om de markt te timen, maar om gedisciplineerd en consistent te blijven, zelfs als de beurs tijdelijk daalt. Juist in die mindere periodes koop je immers meer aandelen voor hetzelfde geld – wat op lange termijn je gemiddelde aankoopprijs verlaagt en je rendement verhoogt. Waarom Buffett Vanguard vertrouwt De naam Vanguard komt niet toevallig telkens terug in Buffett’s adviezen. Het bedrijf werd in de jaren zeventig opgericht door John Bogle, de man die het indexbeleggen uitvond. Bogle geloofde dat de meeste beleggers de markt niet verslaan, en dat lage kosten en brede spreiding de sleutel zijn tot financieel succes. Buffett was het daar volledig mee eens. Sterker nog, hij noemt Bogle regelmatig één van de grootste weldoeners van de moderne belegger. In zijn testament heeft Buffett zelfs vastgelegd dat het grootste deel van het vermogen dat zijn vrouw erft, wordt belegd in de Vanguard S&P 500 ETF. Een duidelijker signaal van vertrouwen bestaat niet: de beste belegger ter wereld vertrouwt zijn eigen fortuin toe aan een simpel indexfonds. Voor Europese beleggers is VUSA dus de logische keuze om dezelfde strategie te volgen – laag in kosten, wereldwijd verhandelbaar en gericht op de lange termijn. Of zoals Buffett zou zeggen: De beste investering is er eentje die je niet constant hoeft te bekijken. En dat vat indexbeleggen perfect samen: rustig, voorspelbaar, en op de lange termijn uitzonderlijk effectief. Wie dus geen uren per week wil besteden aan bedrijfsanalyses of beursnieuws, kan gewoon Buffett’s pad volgen: beleg maandelijks in een goedkoop indexfonds zoals de Vanguard S&P 500 ETF. De rest laat je over aan de kracht van de tijd en de Amerikaanse economie. Buffett’s boodschap is duidelijk: wie rustig en consistent belegt in brede indexfondsen zoals de S&P 500, laat tijd en rente-op-rente het zware werk doen. Diezelfde gedachte geldt voor wereldwijde ETF’s, die nog een stap verder gaan door niet alleen de Amerikaanse markt, maar de hele wereldeconomie te volgen. Voor beleggers die maandelijks willen inleggen, bieden wereld-ETF’s zoals de Vanguard FTSE All-World (VWCE) of iShares MSCI ACWI (IUSQ) een eenvoudige manier om automatisch te profiteren van wereldwijde groei — met lage kosten, brede spreiding en herbelegd dividend. Waar Buffett vertrouwt op de kracht van de Amerikaanse markt, combineren wereld-ETF’s dat principe met extra geografische spreiding over ruim 40 landen en duizenden bedrijven , van Apple tot Nestlé en Samsung. Dankzij de lage Total Expense Ratios van circa 0,20% blijft vrijwel je hele inleg voor jou renderen, en met een accumulerend dividendbeleid groeit je vermogen vanzelf mee. Zo bouw je, net als Buffett, gestaag vermogen op, maar dan wereldwijd. Lees hier het volledige artikel: De beste wereldwijde ETF van 2025 uitgelegd
- Nederland grijpt in bij Chinese chipmaker in Nijmegen – dit moet je weten
In het kort De Nederlandse overheid heeft chipmaker Nexperia tijdelijk onder toezicht geplaatst via de Wet beschikbaarheid goederen Het besluit volgt op signalen van ernstige bestuurlijke tekortkomingen en risico’s voor technologische kennis in Europa China spreekt van “buitensporig ingrijpen”, terwijl Nederland zich beroept op nationale en economische veiligheid De Nederlandse overheid heeft de Chinese chipmaker Nexperia, gevestigd in Nijmegen, onder extern beheer geplaatst in een ongekende stap om cruciale technologische kennis en productieketenveiligheid te beschermen. Het besluit, genomen onder de Wet beschikbaarheid goederen, markeert een zeldzaam moment waarop Den Haag directe controle neemt over een privaat bedrijf, met verstrekkende gevolgen voor zowel de Europese chipindustrie als de diplomatieke relaties met China. Het hoofdkantoor van chipmaker Nexperia in Nijmegen, waar de Nederlandse overheid tijdelijk heeft ingegrepen Bron: Nexperia Volgens het ministerie van Economische Zaken waren er “recente en acute signalen van ernstige bestuurlijke tekortkomingen” binnen Nexperia. Die tekortkomingen zouden een bedreiging vormen voor de continuïteit van kennis, technologie en productiecapaciteit op Nederlands en Europees grondgebied. In de woorden van het ministerie ging het om risico’s die “de economische veiligheid van Nederland en Europa in gevaar konden brengen.” Het besluit illustreert de groeiende spanning tussen nationale veiligheid en mondiale afhankelijkheden in de halfgeleiderindustrie. Nexperia, een dochteronderneming van het Chinese Wingtech Technology, speelt een sleutelrol in de productie van zogeheten ‘mature node’-chips, cruciaal voor auto’s, consumentenelektronica en industriële apparatuur. Een uitzonderlijke ingreep met geopolitieke lading Het ingrijpen van Den Haag vond al in september plaats, maar werd pas deze week openbaar gemaakt. Minister Micky Adriaansens van Economische Zaken bevestigde dat de maatregel bedoeld is om te voorkomen dat “producten van Nexperia niet langer beschikbaar zouden zijn in een noodsituatie.” De Wet beschikbaarheid goederen biedt de regering de bevoegdheid om in te grijpen bij bedrijven die essentieel zijn voor de nationale voorziening van kritieke producten. Dat deze wet nu wordt toegepast op een internationaal technologisch concern is hoogst uitzonderlijk. Na de bekendmaking kelderden de aandelen van moederbedrijf Wingtech met 10 procent op de beurs van Shanghai, het maximale dagverlies. Wingtech reageerde fel en noemde het besluit “buitensporig ingrijpen onder het voorwendsel van nationale veiligheid.” Volgens het bedrijf is het besluit politiek gemotiveerd en “gedreven door geopolitieke vooringenomenheid.” In een inmiddels verwijderd bericht op het Chinese platform WeChat stelde Wingtech dat Nexperia altijd transparant heeft gehandeld en volledig voldoet aan lokale en internationale wetgeving. De aandelenkoers van moederbedrijf Wingtech is vandaag met 10% gezakt Bron: Yahoo Finance In een verklaring aan CNBC benadrukte Nexperia zelf dat het “voldoet aan alle exportregels en sanctieregimes” en dat de onderneming in “regelmatig contact staat met de relevante autoriteiten.” Beheerovername en tijdelijk toezicht Volgens documenten die Wingtech heeft ingediend bij de beurs van Shanghai, is Nexperia voorlopig onder extern beheer geplaatst. De onderneming mag gedurende een periode van maximaal een jaar geen wijzigingen doorvoeren in haar activa, bedrijfsactiviteiten, intellectuele eigendom of personeelsstructuur. Topman Zhang Xuezheng, tevens voorzitter van Wingtech, is op non-actief gesteld als uitvoerend bestuurder van Nexperia Holdings en als niet-uitvoerend directeur van Nexperia zelf. De dagelijkse bedrijfsvoering van Nexperia gaat vooralsnog door, maar de strategische zeggenschap ligt tijdelijk bij een door de Nederlandse overheid aangestelde beheerder. Nexperia-topman Zhang Xuezheng is door de Nederlandse overheid tijdelijk op non-actief gesteld Bron: Google Images Het Gerechtshof Amsterdam, via de Ondernemingskamer, bevestigde dat het toezicht noodzakelijk werd geacht om “de onafhankelijkheid van het Nederlandse bestuur te waarborgen” en de invloed van de Chinese moedermaatschappij tijdelijk op afstand te houden. Volgens bronnen rond het ministerie wordt de situatie nauwlettend gevolgd, maar zou er vooralsnog geen sprake zijn van een overname of onteigening. De interventie is bedoeld als stabilisatiemaatregel om bestuurlijke risico’s te beperken en de leveringszekerheid van chips te garanderen. Europa’s strijd om technologische autonomie De beslissing van Nederland past binnen een breder patroon van Europese pogingen om meer controle te krijgen over strategische technologieën. Sinds de coronapandemie en de wereldwijde chiptekorten is duidelijk geworden hoe kwetsbaar de Europese maakindustrie is voor verstoringen in Aziatische toeleveringsketens. Nexperia, dat fabrieken heeft in Nederland, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, geldt als een van de weinige Europese chipproducenten met grootschalige capaciteit. De overname door Wingtech in 2019 was destijds al controversieel, mede door zorgen over Chinese invloed op Europese technologie. In het Verenigd Koninkrijk werd eerder de overname van de Nexperia-fabriek in Newport herzien, eveneens op basis van nationale veiligheidswetgeving. Het besluit van Den Haag komt bovendien kort nadat China nieuwe exportrestricties heeft ingesteld op zeldzame aardmetalen en magneten, grondstoffen die onmisbaar zijn voor de productie van halfgeleiders en elektrische voertuigen. Daarmee lijkt de maatregel ook een defensieve reactie op oplopende handels- en technologieconflicten tussen Peking en het Westen. Door het tijdelijk bevriezen van Nexperia’s bestuursstructuur wil Nederland voorkomen dat cruciale chiptechnologie buiten Europese controle verdwijnt. De stap kan worden gezien als onderdeel van een bredere Europese trend waarin landen hun technologische infrastructuur willen beschermen tegen buitenlandse invloed. Lees ook: Dit is de gouden regel van Warren Buffett over het nalaten van vermogen De komende maanden zullen cruciaal zijn voor de toekomst van Nexperia. Als het tijdelijk toezicht leidt tot herstel van vertrouwen en transparantie, kan de onderneming haar positie als sleutelspeler in de Europese chipketen behouden. Maar als de spanningen met China verder oplopen, dreigt de zaak symbool te worden voor de groeiende breuk tussen economische globalisering en nationale veiligheid. Wat begon als een bestuurlijke ingreep in Nijmegen, zou wel eens kunnen uitgroeien tot een kantelpunt in Europa’s technologische onafhankelijkheid.
- Gaan ASML aandelen exploderen op 15 oktober?
In het kort: De spanning rond ASML stijgt nu beleggers uitkijken naar de kwartaalcijfers van 15 oktober China’s nieuwe exportregels voor zeldzame aardmetalen bedreigen de toevoer van cruciale componenten voor ASML’s EUV-machines en kunnen producties vertragen. Terwijl de markt twijfelt aan de houdbaarheid van de AI-hype, blijft ASML’s technologische monopolie een zeldzaam baken van voorspelbare groei in een geopolitiek mijnenveld. De stilte voor de storm bij ASML voelt altijd bedrieglijk. Terwijl beleggers zich opmaken voor de kwartaalcijfers op 15 oktober, lijkt de spanning weer op te lopen rond het aandeel dat de ruggengraat vormt van de wereldwijde chipindustrie. De koers bewoog de afgelopen maanden in een bandbreedte tussen voorzichtig herstel en opwinding over nieuwe AI-orders. Maar achter de koersontwikkeling schuilt een web van geopolitiek en technologische dominantie. ASML bevindt zich op een kruispunt: het bedrijf combineert zijn monopoliepositie in EUV-lithografie met een wereld die steeds afhankelijker wordt van zijn technologie. Tegelijkertijd wordt datzelfde monopolie voortdurend getest door politieke druk en de volatiliteit van de halfgeleidercyclus. ASML’s fundamenten ogen nog steeds onaantastbaar. Het bedrijf levert de machines waarmee de kleinste chips ter wereld worden gemaakt en is daarin de enige speler die ertoe doet. Geen enkel ander bedrijf bezit de kennis, precisie en schaal om EUV-machines te bouwen die chips van enkele nanometers kunnen maken. Dat monopolie vertaalt zich al jaren in sterke marges en relatief consistente kasstroomgroei. De onderneming rapporteerde de afgelopen zestien kwartalen geen enkele winst-miss, en ook dit kwartaal verwacht men dat patroon voort te zetten. Winst per aandeel als % boven verwachting: Bron: Seeking Alpha HSBC-analist Adithya Metuku verhoogde begin oktober zijn koersdoel naar €1.018 per aandeel en ziet de resultaten over het derde kwartaal “breed in lijn” met de verwachtingen. Belangrijker is dat de bank gelooft dat de markt ASML nog steeds te laag waardeert. De consensus rekent op een groei van 6% in 2026, maar HSBC’s interne raming ligt 3% tot 5% hoger. Het is een signaal dat het verhaal van ASML verschuift: van tijdelijke groeipauze naar hernieuwde expansie. Die verschuiving is deels te danken aan de aanhoudende vraag vanuit de AI-industrie. De golf van investeringen in datacenters, GPU-capaciteit en geavanceerde chips lijkt voorlopig niet te stuiten. Wereldwijde chipverkopen stegen in augustus met ruim 22% jaar-op-jaar, een uitzonderlijk herstel na de inzinking van 2023. Klanten als TSMC en Samsung draaien weer op volle toeren, en de verwachtingen zijn hooggespannen. Als TSMC op zijn beurt sterke cijfers laat zien, zal dat ASML’s vooruitzichten automatisch versterken: hun loten zijn aan elkaar verbonden. Toch ligt het gevaar in diezelfde verbondenheid. Want terwijl de vraag naar AI-chips blijft stijgen, dreigen geopolitieke schokken die hele keten te verstoren. China’s recente aanscherping van exportregels voor zeldzame aardmetalen is daarvan het meest zichtbare voorbeeld. Zeldzame aardmetalen zijn de verborgen aders van de chipindustrie. Zonder deze grondstoffen werken de lasers, magneten en lenzen in ASML’s EUV-machines niet. China produceert bijna 90% van de wereldvoorraad, en heeft nu geëist dat buitenlandse bedrijven voortaan licenties aanvragen voor elk product dat ook maar sporen van Chinese zeldzame aardmetalen bevat. In de praktijk betekent dat: niemand weet precies waar de grens ligt. De gevolgen voor ASML zijn nog niet volledig te overzien, maar beleggers waarschuwen dat leveringen mogelijk weken vertraging kunnen oplopen. Voor de toeleveringsketen is het waarschijnlijk een sluipend risico; niet catastrofaal, maar genoeg om productieschema’s en marges onder druk te zetten. De onderneming zou, volgens Bloomberg, inmiddels lobbyen bij Europese en Amerikaanse partners om alternatieve bronnen aan te boren. Die zoektocht is symptomatisch voor een bredere trend: de halfgeleiderindustrie is een geopolitiek mijnenveld geworden. De VS scherpen hun exportregels voortdurend aan, terwijl China zijn greep op strategische materialen vergroot. President Trump kondigde recent zelfs een extra importheffing van 100% aan op Chinese importen en nieuwe restricties op software-export. Dat raakt niet alleen chipontwerpers, maar ook toeleveranciers als ASML, die afhankelijk zijn van Amerikaanse componenten en licenties. Voor beleggers is dit spanningsveld dubbelzinnig. Aan de ene kant maakt het ASML’s technologie waardevoller dan ooit: niemand kan ze vervangen. Aan de andere kant zorgt elke verstoring in de keten voor onzekerheid over leveringen, marges en kasstromen. De markt lijkt die dualiteit te begrijpen: het aandeel steeg sinds augustus van onder de $700 naar rond $1.000, maar blijft schommelen rond die psychologische grens. Bron: Seeking Alpha Wat beleggers nu proberen te doorgronden, is of ASML opnieuw kan verrassen. De verwachtingen voor 15 oktober zijn hoog, maar niet buitensporig. De consensus rekent op een omzetgroei van 20% jaar-op-jaar en een winst per aandeel van $6,19 tegenover $5,75 vorig jaar. Dat zou opnieuw een teken zijn van sterke operationele hefboom. Toch is het niet vanzelfsprekend dat sterke cijfers direct leiden tot een hogere koers. Bron: Seeking Alpha De reden is psychologisch. De markt heeft het aandeel al beloond voor de herstellende vraag, en $1.000 is meer dan een ronde koers, het is een mentale drempel. Zelfs een degelijk kwartaal kan leiden tot winstnemingen, zeker nu de waardering weer oploopt na maanden van correctie. Daarom zal de toon van het management minstens zo belangrijk zijn als de cijfers zelf. ASML staat bekend om zijn conservatieve guidance, maar beleggers hopen dit keer op iets meer kleur over de vraag in 2026 en de omvang van het orderboek. HSBC schat dat ASML in de tweede helft van 2025 voor circa €7,8 miljard aan nieuwe orders moet binnenhalen om zijn groeidoel te halen. Een kwartaal met €4 miljard aan nieuwe bestellingen zou dat pad geloofwaardig maken. Daarnaast zal men letten op signalen over de strategische richting. ASML investeert fors in onderzoek en ontwikkeling, met als opvallend voorbeeld de recente investering in Mistral AI, een zeldzame uitstap naar software. Daarmee lijkt het bedrijf de grenzen van zijn hardwaremoat te willen verbreden. ASML is een van de weinige technologiebedrijven waarvan de voorspelbaarheid op lange termijn zowel een zegen als een valkuil is. De onderneming heeft nauwelijks schulden, verhoogt gestaag haar dividend (met een gemiddelde groei van 22% per jaar) en genereert solide vrije kasstromen. Maar dat maakt het aandeel ook kwetsbaar voor verwachtingen: zodra groei even stagneert, voelt dat zwaarder dan bij bedrijven met grilligere profielen. De huidige waardering, ondanks de recente stijging nog steeds lager dan historische gemiddelden, suggereert dat beleggers enige scepsis hebben ingebouwd. Misschien terecht. De AI-hype heeft een luchtbelachtige dimensie gekregen, zoals zelfs Sam Altman en Jeff Bezos publiekelijk erkenden. Als die mogelijke bubbel barst, zal ASML niet ontkomen aan een correctie, hoe uniek zijn technologie ook is. EV/EBIT ASML: Bron: Seeking Alpha Toch blijft het opmerkelijk hoe veerkrachtig het bedrijf telkens uit crises komt. Van de coronaschok tot de exportbeperkingen, elke periode van onzekerheid werd gevolgd door een nieuw momentum. Dat heeft te maken met de aard van de vraag: chips zijn de bouwstenen van de toekomst. Zelfs in recessies blijft de behoefte aan rekenkracht groeien. Het is precies die structurele wind die ASML in een uitzonderlijke positie plaatst. Zelfs wanneer geopolitiek tijdelijk druk zet op leveringen, blijft de technologische noodzaak van EUV-machines onaangetast. Er is geen alternatief. En in markten waar er geen alternatief is, verschuift de vraag zelden structureel omlaag. Wat men van de cijfers op 15 oktober mag verwachten, is waarschijnlijk geen vuurwerk, maar wel richting. De markt zal luisteren naar elk woord over de orderinstroom, de impact van Chinese exportregels en mogelijke verschuivingen in de R&D-filosofie. Het echte spanningsveld ligt in de timing. ASML bevindt zich midden in de hernieuwde cyclus van investeringen in AI-infrastructuur. Grote klanten als TSMC, Samsung en Intel bouwen opnieuw capaciteit uit, terwijl geheugenproducenten DRAM-fabrieken uitbreiden om de datacenterhausse te voeden. HSBC ziet dat als het begin van een “narrative shift” : van nulgroei naar hergroei. Maar de ironie is dat ASML’s toekomst nooit alleen door zijn eigen prestaties wordt bepaald. De onderneming is een wereldmacht, maar tegelijk gegijzeld door wereldpolitiek. Elke beleidswijziging in Washington of Peking kan plots bepalender blijken dan welk kwartaalrapport ook. Of ASML-aandelen “exploderen” op 15 oktober is minder een kwestie van cijfers dan van vertrouwen. Het bedrijf zal geen verrassingen leveren in de klassieke zin. Maar in een markt die steeds meer naar zekerheid hunkert, kan voorspelbaarheid zelf de katalysator zijn. Als de resultaten stabiel zijn, de guidance licht optimistisch en de geopolitieke onrust niet verder escaleert, dan zal de markt dat zien als bevestiging: ASML blijft de vaste poolster van de chipindustrie. Maar elke verwijzing naar vertragingen of verstoringen in de aanvoer van zeldzame aardmetalen kan het sentiment snel doen kantelen. Ook particuliere beleggers zoeken in deze onzekere markt naar voorspelbare kasstromen en tastbare waarde, kwaliteiten die ASML op zijn manier belichaamt. Wie die stabiliteit liever vertaalt naar de eigen portefeuille, kan kijken naar vastgoedfondsen die in economisch gevoelige tijden veerkracht tonen. Het SynVest Dutch RealEstate Fund belegt in Nederlands vastgoed met een sterke focus op supermarkten en zorgcentra, segmenten die, net als ASML’s technologie, een essentiële rol spelen in de samenleving en daardoor minder conjunctuurgevoelig zijn. Het fonds realiseerde de afgelopen jaren een gemiddeld rendement van 8,6% per jaar , waarvan 6% maandelijks wordt uitgekeerd . Beleggers profiteren zo van regelmatige cashflow en brede spreiding over solide huurders. Alleen in oktober ontvangen deelnemers bij een inleg vanaf €10.000 bovendien één maand extra uitkering bovenop het reguliere rendement. Vraag nu de gratis brochure aan en ontdek vrijblijvend of dit vastgoedfonds past bij jouw beleggingsdoelen.
- Preview TSMC - Dit chipbedrijf kopen voor de kwartaalcijfers?
In het kort: TSMC is de dominante chipfabrikant, gedreven door de vraag naar AI, wat het aandeel +39% year to date deed stijgen. Analisten verwachten een "double-beat" kwartaal, met een verwachte omzetstijging van 38%. De consensus is een Strong Buy, met een gemiddeld koersdoel van $310,67. Taiwan Semiconductor Manufacturing Company (TSMC) is de onbetwiste leider in de wereld van halfgeleiderfabricage. Als 's werelds grootste en meest geavanceerde chip foundry produceert TSMC de microchips die het kloppende hart vormen van vrijwel alle moderne technologie, van smartphones en computers tot auto's en datacenters. Het is een cruciaal bedrijf dat zich bevindt op een snijvlak van geopolitieke belangen en technologische innovatie, en daarmee een essentieel element in de mondiale toeleveringsketen. De aandelenkoers van TSMC heeft dit jaar al een spectaculaire rit achter de rug, met een stijging van maar liefst +39% year to date. Deze opmerkelijke prestatie is grotendeels te danken aan twee krachtige macrotrends. Allereerst is er een structureel hoge en groeiende vraag naar halfgeleiders in alle sectoren. Ten tweede speelt de onderneming een hoofdrol in de snel escalerende trend van Artificiële Intelligentie (AI). De geavanceerde en krachtige chips die nodig zijn om AI modellen te trainen en te draaien, worden in grote meerderheid door TSMC geproduceerd, wat het bedrijf een unieke en strategische positie geeft in dit technologische tijdperk. Met deze context in gedachten kijken beleggers met spanning uit naar de publicatie van de kwartaalcijfers aanstaande donderdag. Deze cijfers zullen niet alleen inzicht geven in de financiële gezondheid van de onderneming, maar ook een cruciale barometer zijn voor de aanhoudende kracht van de wereldwijde chipmarkt en de impact van de AI revolutie op de winstgevendheid van de absolute marktleider. De markt is benieuwd of TSMC kan voldoen aan de hooggespannen verwachtingen die de koersstijging van dit jaar al impliceert. Ontwikkeling van het aandeel in de afgelopen jaren: Bron: Tradingview Wat zijn de verwachtingen? De verwachting voor de aanstaande kwartaalcijfers van TSMC is over het algemeen zeer optimistisch, grotendeels gedreven door de aanhoudende en explosieve vraag uit de sector voor High Performance Computing (HPC) en met name Artificiële Intelligentie (AI). Analisten verwachten dat TSMC opnieuw een zogenaamde 'double-beat' kwartaal zal neerzetten, wat betekent dat zowel de omzet- als de winstverwachtingen worden overtroffen. Het management zelf heeft voor het derde kwartaal van 2025 een omzet in het midden van de bandbreedte van $32,4 miljard voorspeld. Dit zou een stijging van ongeveer 38% betekenen ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar en ligt hoger dan de consensusverwachting van Wall Street die op ongeveer $31,45 miljard ligt. De fundamenten die deze bullish verwachting onderbouwen, zijn robuust. TSMC heeft een dominante positie in de foundry-markt, met een marktaandeel dat in het tweede kwartaal van 2025 naar schatting is gestegen tot 38%. Deze superioriteit komt voort uit hun ongeëvenaarde technologische leiderschap in de meest geavanceerde productieprocessen, die essentieel zijn voor de AI-chips van grote klanten zoals Nvidia en AMD. De High-Performance Computing divisie is inmiddels goed voor 60% van de totale omzet en vertoonde in het vorige kwartaal al een stijging van 14% op kwartaalbasis. Dit onderstreept dat de AI-trend een massale en aanhoudende tailwind is. Verwachtingen van TSMC zelf: Bron: TSMC Naast de omzetgroei, is de winstgevendheid van TSMC opmerkelijk. De brutomarge is uitzonderlijk hoog in vergelijking met het sectorgemiddelde, wat de sterke prijszettingsmacht van het bedrijf aantoont. De operationele hefboomwerking is ook duidelijk zichtbaar: de winst per aandeel (EPS) groeit sneller dan de omzet, wat duidt op een zeer efficiënte bedrijfsvoering. Voor het komende kwartaal wordt een verwaterde winst per aandeel van $2,66 verwacht, een stijging van 37% op jaarbasis. Indien het bedrijf zijn eigen hoge operationele margeverwachting haalt, is de kans op een verdere overtreffing van deze winstraming groot. Verwachtingen van analisten De consensus onder analisten is overweldigend positief, wat de sterke prestaties en de strategische positie van TSMC bevestigt. Van de tien recente analistenratings is er een consensus van Strong Buy, met negen Buy ratings en slechts één Hold. Er zijn geen verkoopadviezen, wat de brede overtuiging in het groeiverhaal van de onderneming onderstreept. Deze eenzijdige steun vanuit de financiële gemeenschap is een krachtige indicator van het vertrouwen in het management en in de toekomstbestendigheid van het bedrijfsmodel. Lees ook: Deepdive Apple - Is dit technologische pioniersbedrijf nog koopwaardig? Het gemiddelde koersdoel dat door deze analisten wordt afgegeven, bedraagt $310,67 over een periode van twaalf maanden. Dit vertegenwoordigt, vanaf de meest recente slotkoers van $280,66, een potentieel opwaarts potentieel van iets meer dan 10%. De spreiding in de koersdoelen is aanzienlijk, wat de onzekerheid over de snelheid van de AI-adoptie en geopolitieke risico’s weerspiegelt. Zo loopt het hoogste koersdoel op tot $400,00, terwijl het laagste op $250,00 ligt. Het feit dat de meest recente adviezen van de topanalisten, zelfs na de enorme koersstijging dit jaar, nog steeds Buy adviezen zijn met koersdoelen boven de huidige prijs, benadrukt de verwachting dat de AI-gedreven boom nog lang niet voorbij is. Verwachtingen voor de komende 12 maanden: Bron: TipRanks
- Zij trokken de kar in september: drie aandelen die de beurs verrasten
In het kort De koers schoot ruim 67% omhoog door overnamegeruchten en een geplande splitsing. De koers steeg met meer dan 50% dankzij opname in de S&P 500 en stijgende koersdoelen. Dit aandeel won bijna 50% door toenemende vraag naar opslagcapaciteit voor AI en cloud. De maand september 2025 liet een opvallende draai zien op de Amerikaanse beurs. Waar deze maand historisch vaak zwak is, boekte de S&P 500 dit keer zijn beste resultaat in vijftien jaar, met een winst van 3,5%. De opleving werd vooral gedragen door technologische zwaargewichten en verrassende individuele uitschieters. Drie aandelen trokken daarbij duidelijk de kar: Warner Bros. Discovery, AppLovin en Western Digital. Elk liet in één maand tijd koerswinsten van 49 tot bijna 68% zien. Wat dreef deze opmerkelijke bewegingen? Warner Bros. Discovery: speculatie rond een miljardenovername Het aandeel Warner Bros. Discovery (WBD) explodeerde in september met een koerswinst van 67,8%. De reden: op 11 september meldde The Wall Street Journal dat Paramount Skydance, eigendom van de Ellison-familie (die ook aan het roer staat bij Oracle), werkt aan een overnamebod op Warner Bros. Warner Bros. Discovery stijgt 67% na geruchten over overname: Bron: TradingView Dat gerucht was voldoende om speculanten in beweging te brengen. Beleggers speculeerden niet alleen op een overnamepremie, maar ook op strategische waarde als Warner Bros. daadwerkelijk in twee delen wordt opgesplitst, iets wat het bedrijf zelf aankondigde te willen realiseren tegen medio 2026. De plannen omvatten een scheiding tussen streaming & studio’s en het internationale televisienetwerk. Met een koerspiek van $20,24 op 25 september en een marktkapitalisatie van $42 miljard maakte het aandeel zijn sterkste maand in jaren door. Wel blijven vragen bestaan over de kans van slagen van het overnameproces, en over de uitvoering van de splitsing. AppLovin: indexopname zorgt voor koersvuurwerk AppLovin (APP) is gespecialiseerd in software die mobiele ontwikkelaars helpt hun apps te monetariseren via advertenties. De koers van het bedrijf schoot met 50,1% omhoog in september, vooral dankzij de aankondiging dat AppLovin op 22 september zou worden opgenomen in de S&P 500-index. AppLovin schiet omhoog na aankondiging opname in S&P 500: Bron: TradingView Dergelijke opnames zorgen vrijwel automatisch voor koopdruk, omdat indexfondsen de aandelen moeten opnemen in hun portefeuilles. Die extra vraag werd nog versterkt door meerdere analisten die hun koersdoelen verhoogden. Toch is er ook een schaduwzijde. Bloomberg meldde recent dat de SEC een onderzoek is gestart naar de dataverzamelpraktijken van AppLovin. Dat nieuws zorgde in oktober alweer voor neerwaartse druk op de koers, waarmee het aandeel zijn nieuwe status niet zonder risico’s betreedt. Western Digital: opslaggigant lift mee op AI-revolutie Western Digital (WDC), producent van harde schijven en flashopslag, klom in september met 49,4%. Aanleiding: een reeks koersdoelverhogingen door analisten, waaronder Morgan Stanley dat zijn target verhoogde van $99 naar $171. Western Digital stijgt sterk na koersdoelverhogingen door AI-optimisme: Bron: TradingView De belangrijkste drijfveer ligt in de wereldwijde behoefte aan datacapaciteit. Kunstmatige intelligentie, cloud computing, datacenters en streaming vereisen enorme hoeveelheden opslag. Western Digital profiteert als gevestigde leverancier van deze trend, ondanks de hevige concurrentie van onder meer Seagate en Samsung. Lees ook: Tarieven domineren het sentiment nu economische cijfers uitblijven Met een piekkoers van $137,40 begin oktober lijkt de markt optimistisch. Toch is opslagtechnologie onderhevig aan cycli en prijsdruk, waardoor een terugval nooit ver weg is. Drie aandelen, drie verschillende motoren Hoewel de drie aandelen allemaal sterke prestaties leverden, kwam hun koerssprong telkens uit een andere hoek. Warner Bros. surfte op overnamespeculatie, AppLovin op indexmechanismen en Western Digital op de structurele AI-trend. Voor beleggers is het een reminder dat koerswinsten niet altijd het gevolg zijn van winstgroei of bedrijfsresultaten, maar ook van externe factoren zoals marktsentiment, technologische thema’s en institutionele dynamiek. Wie deze bewegingen op tijd herkent, kan flink profiteren. Maar wie te laat instapt of te veel vertrouwt op momentum, loopt net zo goed het risico op scherpe correcties. Spreiding, timing en grondige analyse blijven essentieel ook in maanden waarin sommige aandelen uitzonderlijk hard lopen.
- Is Rob Jetten miljonair?
In aanloop naar de verkiezingen verdiepen we ons in het salaris en vermogen van politici: ruim 80% van onze volgers stemde vóór op Instagram. Rob Jetten verdiende als minister tot € 205.000 per jaar en boekte een woningwinst van € 350.000. Zijn geschatte vermogen ligt tussen de € 650.000 en € 1 miljoen, maar miljonair? Lees het hieronder! In aanloop naar de verkiezingen willen we het weten: wat verdienen de mensen op wie we straks stemmen? Op Instagram vroeg ik of we moeten duiken in het salaris en vermogen van lijsttrekkers. Meer dan 80% stemde volmondig ‘ja’. En dus trappen we de tweede af met een van de bekendste gezichten van het Binnenhof: Rob Jetten, partijleider van D66. De centrale vraag: is Rob Jetten inmiddels miljonair? Het korte antwoord: bijna. Maar zoals altijd bij financiële zaken zit het venijn in de details. En daar duiken we graag in. Een ministerssalaris van ruim twee ton per jaar Rob Jetten maakte zijn entree in de Tweede Kamer in 2017. Hij groeide snel door binnen D66 en schopte het uiteindelijk tot minister voor Klimaat en Energie in kabinet-Rutte IV. In die rol toucheerde hij een fors salaris: € 205.000 bruto per jaar, zo bevestigt Parlement.com. Dat salaris lag fors boven het reguliere Kamerlidmaatschap. Als Tweede Kamerlid ontvangt hij anno 2025 een zogeheten schadeloosstelling van € 141.000 bruto per jaar, ofwel circa € 11.750 per maand. Als fractievoorzitter komt daar een extra toelage bij, die niet publiekelijk gespecificeerd is maar in eerdere jaren gemiddeld rond de € 3.000 per maand lag. Als we die cijfers extrapoleren over de afgelopen vijf jaar, waarbij Jetten drie jaar minister was en de overige tijd Kamerlid, dan kunnen we een grove inschatting maken: Jaar Functie Bruto jaarsalaris 2022 Minister € 205.000 2023 Minister € 205.000 2024 Minister (tot val kabinet) / Kamerlid ca. € 170.000 2025 Kamerlid & fractievoorzitter € 141.000 + toelage Totaal over 4 jaar: ruim € 720.000 aan bruto-inkomen. Na belastingen komt dat neer op een netto-inkomen van ongeveer € 400.000 tot € 450.000, afhankelijk van toeslagen, aftrekposten en persoonlijke situatie. Grote sprong in vermogen dankzij woningverkoop Waar het écht interessant wordt, is de woningmarkt. Jetten kocht enkele jaren geleden een woning in Ubbergen, Gelderland, voor € 450.000. Vorig jaar verkocht hij het pand voor maar liefst € 910.000. Volgens Bekende Buren hield hij daar een netto vermogenswinst van € 350.000 aan over, na aftrek van aankoop- en verkoopkosten. In de huidige woningmarkt, waarin huizenprijzen met dubbele cijfers stegen tussen 2020 en 2022, is dat niet uitzonderlijk. Maar het is wel opvallend dat Jetten op het juiste moment kocht én verkocht – een goed getimede zet die hem in één klap een paar ton rijker maakte. In vergelijking: de gemiddelde Nederlandse woning steeg tussen 2019 en 2023 met zo’n 40%. Jettens huis ging met meer dan 100% omhoog in waarde. Daarmee overtrof hij ruimschoots het gemiddelde rendement op de woningmarkt, én zelfs de AEX en de S&P 500 in diezelfde periode... die stegen namelijk 64% en 83% in die volgorde. Boekinkomsten: onbekend, maar vermoedelijk bescheiden Jetten schreef ook een boek: Hoe het wél kan. Een politiek pamflet met progressieve ideeën over klimaat en samenleving. Hoeveel hij daaraan verdiend heeft, is onbekend, maar boekverkoop in Nederland is zelden lucratief. Een goedverkopend non-fictieboek haalt gemiddeld tussen de 5.000 en 10.000 exemplaren. Met een royalty van circa € 2 tot € 3 per boek levert dat tussen de € 10.000 en € 30.000 op. Mooi meegenomen, maar geen fundamentele vermogensverschuiving. Dus: is Rob Jetten miljonair? Volgens websites als Sterren op TV en Bekende Buren ligt het geschatte vermogen van Rob Jetten ergens tussen de € 650.000 en € 1 miljoen. Maar we moeten voorzichtig zijn met zulke schattingen. Politici zijn niet verplicht om hun financiële gegevens openbaar te maken, en veel hangt af van persoonlijke uitgaven, schuldenlast en investeringen. Wat weten we wél: Jetten heeft naar schatting € 400.000 tot € 450.000 netto verdiend in de afgelopen 4 jaar. Hij verdiende naar verluidt € 350.000 aan woningwinst. Boekinkomsten zijn marginaal. Er zijn geen aanwijzingen voor investeringen in aandelen, crypto of andere bezittingen. Als we die elementen optellen, komen we feitelijk op een geschat nettovermogen van circa € 550.000 tot € 750.000 gezien hij ook wel wat kosten zal hebben. Maar stel dat we ook nog gaan speculeren en er van uit gaan dat hij verstandig genoeg is geweest om een gedeelte te beleggen, dan lijkt een miljoen niet ondenkbaar. Het is alleen niet te bevestigen. Conclusie: Rob Jetten is waarschijnlijk nog geen miljonair, maar hij bevindt zich duidelijk in de hoogste inkomenscategorieën van de politiek, hij is erg jong én hij is dus flink onderweg om miljonair te worden. Zeker als de woningmarkt en zijn politieke loopbaan hem goed blijven gezind, is het een kwestie van tijd. Als ik hem was zou ik nog een ETF erbij nemen. Lees ook: Dit is hoeveel Wilders verdient en zijn (geheime) vermogen Waarom dit ertoe doet Waarom zouden we überhaupt kijken naar het vermogen van politici? Omdat financiële onafhankelijkheid vaak iets zegt over besluitvorming, integriteit, overtuigingen en belangen. Bovendien is transparantie over geld in de politiek een signaal van vertrouwen. Wat mij betreft delen alle politici hun financiële huishoudboekje! Veel geld zou in principe geen probleem moeten zijn maar weten hoe het is verdiend en waar men vandaan komt qua financiële kan bijvoorbeeld helpen omdat je ziet in welke laag van de samenleving iemand is opgegroeid en waar ze nu staan en dus of ze de taal van het volk goed kunnen vertalen. Zo zou het ook niet perse nobel zijn als een politicus heel arm is omdat ze dan bijvoorbeeld niet het tegenovergestelde hebben ervaren en dus geen grote economische beslissingen kunnen nemen. Of eigenlijk, het kan wel maar met minder kennis. In het geval van Rob Jetten zien we een politicus met een bovengemiddeld vermogen, maar zonder overduidelijke financiële connecties buiten zijn functie. Zijn vermogen is, opvallend genoeg, grotendeels te danken aan exact dezelfde dynamiek waar veel Nederlandse huishoudens nu op klemmen: de woningmarkt. Dat zegt iets over Nederland in 2025. Maar misschien ook iets over wie we kiezen om het land te leiden.











