top of page

Doorzoek deze website

14687 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • CEO van JPMorgan waarschuwt beleggers nu

    In het kort: Jamie Dimon waarschuwt dat markten mogelijk te optimistisch zijn over renteverlagingen terwijl de kans op verhogingen volgens hem juist toeneemt. Nieuwe importtarieven kunnen inflatie aanjagen en geopolitieke spanningen verscherpen. Beleggers onderschatten structurele risico’s zoals dedollarisering, het Amerikaanse begrotingstekort en een mogelijk conflict rond Taiwan. Jamie Dimon, topman van JPMorgan Chase, waarschuwt dat beleggers te weinig rekening houden met risico’s die zich op korte termijn kunnen manifesteren. Zijn boodschap is duidelijk: de markten zijn te zelfgenoegzaam geworden. In zijn optiek zijn beleggers te optimistisch over de kans op renteverlagingen, onderschatten ze de inflatoire impact van importheffingen en negeren ze structurele geopolitieke spanningen. Een van de opvallendste waarschuwingen van Dimon betreft het risico op sterk oplopende handelstarieven. Met name de terugkeer van Donald Trump op het wereldtoneel als presidentskandidaat werpt opnieuw schaduwen over het internationale handelsklimaat. Terwijl veel beleggers ervan uitgaan dat eventuele dreigingen van Trump met hogere tarieven opnieuw zullen uitlopen op uitstel of andere gematigde maatregelen, waarschuwt Dimon dat deze veronderstelling gevaarlijk kan zijn. Zijn redenering is dat Trumps economische geloofwaardigheid op het spel staat. Als hij géén harde maatregelen treft richting belangrijke handelspartners, loopt hij het risico zijn eigen beleid onderuit te halen. Bovendien is Trump ervan overtuigd dat tarieven op lange termijn gunstig zijn voor de Verenigde Staten, onder meer omdat ze buitenlandse bedrijven en overheden ertoe aanzetten hun prijzen te verlagen of hun exportsectoren te subsidiëren. Tot nu toe zijn eerdere tariefmaatregelen van Trump nauwelijks zichtbaar geweest in de inflatiecijfers. Dat vergroot volgens Dimon de kans dat er meer maatregelen zullen volgen, omdat er bij Trump weinig politieke of economische drempels lijken te bestaan. UBS-hoofdeconoom Paul Donovan wees in dat verband op een paradox: markten stijgen juist omdat beleggers denken dat Trump zal terugkrabbelen. Maar die stijgende markten maken het voor Trump juist makkelijker om wél door te zetten, omdat hij kan claimen dat de markten tarieven niet als risico zien. Tegelijkertijd constateert Dimon dat de markten zich dicht bij recordniveaus bevinden, terwijl verschillende waarderingsmodellen – zoals de Buffett-indicator en koers-winstverhoudingen erop wijzen dat aandelen historisch duur zijn. Koers/winst S&P500: Bron: Macrotrends Dit terwijl de onderliggende risico’s aanzienlijk zijn toegenomen. De markten lijken ervan uit te gaan dat alles onder controle is: inflatie daalt, renteverlagingen zijn aanstaande, economische groei blijft op peil, en de geopolitieke situatie stabiliseert. Dimon wijst erop dat die veronderstelling allesbehalve vanzelfsprekend is. Drie maanden geleden leidde het vooruitzicht van hogere tarieven nog tot paniek onder beleggers. Nu lijken diezelfde tarieven reëel te worden, zonder dat de markt er veel rekening mee houdt. Voor beleggers die naast volatielere (tech)posities zoeken naar stabielere langetermijnopties, bieden vastgoedfondsen een solide aanvulling. Ontdek hier het actuele overzicht van de beste Nederlandse vastgoedfondsen! Volgens Dimon duidt dit op een vorm van kortetermijngeheugenverlies onder beleggers: zodra de eerste paniek is weggeëbd, wordt het risico vergeten. De tijdelijke rust wordt dan verkeerd geïnterpreteerd als structurele veiligheid. Daarnaast wijst Dimon erop dat de aangenomen Amerikaanse wet “One Big Beautiful Bill” weliswaar op korte termijn onzekerheid wegneemt voor bedrijven, maar niet de risico’s vermindert op grotere schaal. Hogere tarieven zouden alsnog tot inflatie kunnen leiden, en tot vergeldingsmaatregelen van belangrijke handelspartners zoals Canada of Japan. Dimon suggereert zelfs dat Japan, dat een fors bedrag aan Amerikaanse staatsobligaties bezit, deze zou kunnen verkopen om de Amerikaanse regering onder druk te zetten. Verwachtingen In lijn met zijn zorgen over tarieven, waarschuwt Dimon ook voor een te optimistische inschatting van het toekomstige rentebeleid van de Federal Reserve. Waar de markt momenteel een renteverlaging in september als basiscenario ziet, stelt Dimon dat de kans op een renteverhoging juist substantieel is. De logica daarachter zit vooral in structurele inflatoire druk, gevoed door beleid op het gebied van handel, immigratie en begrotingsbeleid. Dimon stelt dat deze factoren structureel onderbelicht blijven in de consensusverwachtingen, terwijl zij de Federal Reserve dwingen tot actie. Tegelijk erkent hij dat het lastig is om met zekerheid te voorspellen hoe de Fed zal reageren. Maar de stelligheid waarmee markten uitgaan van renteverlagingen is volgens hem misplaatst. Naast rente en handelstarieven kaart Dimon nog een derde categorie risico’s aan: macro-economische en geopolitieke instabiliteit. Hij verwijst onder meer naar het groeiende Amerikaanse begrotingstekort en de bredere trend van dedollarisering. Overheidsschuld ten opzichte van BBP VS: Bron: Fred Deze factoren zorgen volgens hem voor druk op de Amerikaanse economische positie op langere termijn. Een van zijn zorgen is dat overheden wereldwijd actief bezig zijn met het afbouwen van hun afhankelijkheid van de Amerikaanse dollar. Dit gebeurt bijvoorbeeld via bilaterale handelsdeals in andere valuta, het omwisselen van valutareserves, of het opzetten van alternatieve betalingssystemen. Dimon erkent dat dit een traag proces is, maar dat het op de lange termijn de invloed van de VS kan ondermijnen, vooral als daar een zwak begrotingsbeleid tegenover staat. Geopolitiek waarschuwt Dimon voor meerdere escalatierisico’s. Naast het bekende conflict in Oekraïne en spanningen in het Midden-Oosten, noemt hij vooral de situatie rondom Taiwan als een potentiële trigger voor marktturbulentie. Zo oefent China militaire druk uit rond het eiland, terwijl Taiwan onlangs zijn grootste verdedigingsmanoeuvre ooit uitvoerde. De Verenigde Staten bereiden zich tegelijkertijd voor op een eventuele confrontatie in de Stille Oceaan. Volgens Dimon wordt de kans op een escalatie onvoldoende ingeprijsd. Aandelenmarkten lijken uit te gaan van een vredig basisscenario, terwijl recente militaire oefeningen van zowel China als de VS eerder het tegendeel suggereren. Dimon wijst erop dat dit soort risico’s zich abrupt kunnen materialiseren en diepe sporen kunnen nalaten in de wereldeconomie. De kern van zijn betoog is dat marktsentiment op dit moment vooral wordt gevoed door hoop: hoop op renteverlagingen, hoop op zachte geopolitieke landingen, hoop op politieke stabiliteit. Maar hoop is geen strategie. Dimon waarschuwt dat risico’s zich kunnen opstapelen en elkaar versterken. Bijvoorbeeld: een scherpe stijging van tarieven kan inflatie aanjagen, waarop de Fed de rente verhoogt, terwijl tegelijkertijd handelspartners vergeldingsmaatregelen treffen. Dat zou een negatieve spiraal kunnen veroorzaken van verminderde consumptie, hogere kapitaalkosten en dalende investeringen. Dimons punt is niet dat dit scenario per se zal plaatsvinden, maar dat de kans daarop veel groter is dan de markt op dit moment denkt. Europa als structurele achterblijver Dimon sprak tijdens zijn toespraak in Dublin ook zijn zorgen uit over de Europese concurrentiepositie. Volgens hem is Europa in structureel opzicht marktaandeel aan het verliezen aan de Verenigde Staten. Dit uit zich onder andere in een lager investeringsniveau, hogere energiekosten, trager beleid en demografische krimp. Deze opmerkingen sluiten aan bij eerdere analyses van onder meer het IMF en de ECB, die erop wijzen dat Europa te maken heeft met structurele uitdagingen op het gebied van productiviteit, innovatie en arbeidsmarktkrapte. Dimons punt is dat veel Europese beleidsmakers en beleggers lijken te onderschatten hoe snel de kloof met de VS groeit, vooral als het gaat om technologische sectoren en kapitaalmarkten. Voor wereldwijde beleggers betekent dit dat allocatie naar Europa niet per definitie een stabieler of defensiever alternatief is. Hoewel Dimon geen concrete voorspellingen doet, zijn zijn opmerkingen een oproep tot nuchterheid. Beleggers moeten zich volgens hem beter voorbereiden op scenario’s waarin meerdere risico’s tegelijk manifest worden: stijgende rente, oplopende inflatie, geopolitieke escalaties en verstoorde handelsrelaties. Wat deze scenario’s gemeen hebben, is dat zij doorgaans als onwaarschijnlijk worden beschouwd: totdat ze plotseling realiteit worden.

  • Maakt topinvesteerder Terry Smith hiermee een fout?

    In het kort: Fundsmith, het fonds van Terry Smith, verloor 1,9% in 2025 terwijl zelfs cash beter presteerde. Terry Smith verkoopt winnaars vroeg en houdt verliezers lang vast. Volgt de man van "doe niets" zijn eigen strategie nog wel? Terry Smith, de oprichter en beheerder van het Fundsmith Equity Fund, geldt al jaren als een icoon binnen de wereld van kwaliteitsbeleggen. Zijn mantra is helder: koop goede bedrijven, betaal er niet te veel voor, en doe vervolgens niets. “Buy good companies, don't overpay and do nothing.” - Terry Smith Het is een strategie die klinkt als gezond verstand, en in de praktijk jarenlang uitmuntende rendementen heeft opgeleverd. Sinds de oprichting in 2010 heeft zijn fonds een cumulatief rendement van +593,6% gerealiseerd, goed voor een jaarlijks rendement van 14,1%. Toch begint onder beleggers, en zelfs onder zijn bewonderaars, de twijfel toe te slaan. Volgt hij zijn eigen strategie nog wel? De prestaties in 2025 In de eerste zes maanden van 2025 verloor Fundsmith Equity Fund 1,9% in waarde. Dat lijkt op het eerste gezicht niet alarmerend, maar het betekent wél een onderprestatie ten opzichte van de MSCI World Index, die net positief noteerde met +0,1%. Vergeleken met obligaties (+3,8%) en zelfs cash (+2,2%) blijft Smith achter. In Amerikaanse dollars zou het rendement trouwens wél +6,3% zijn geweest, aldus Smith: want de verzwakking van de dollar tegenover het pond met 9% heeft zwaar gewogen op het Britse fondsresultaat. Maar die uitleg wekt irritatie. Want als valutavoordeel in het verleden voor rugwind zorgde, bleef het stil. Nu de wind draait, klinkt plots het excuus. Voor beleggers die naast volatielere (tech)posities zoeken naar stabielere langetermijnopties, bieden vastgoedfondsen een solide aanvulling. Ontdek hier het actuele overzicht van de beste Nederlandse vastgoedfondsen! Niet alles ging mis. Sterker nog: de vijf grootste positieve bijdragen kwamen van 'oude vrienden', zoals Smith het zelf noemt. Philip Morris (+1,8%), Meta Platforms (+1,4%), Microsoft (+0,8%), IDEXX (+0,8%) en L’Oréal (+0,7%). Het zijn allemaal gevestigde namen die Fundsmith al jaren in portefeuille heeft. Vooral Philip Morris presteert uitstekend, mede dankzij het succes van Zyn-nicotinezakjes. De verkoop van die alternatieve tabaksproducten is sinds de pandemie verviervoudigd in de VS. Fundsmith plukt daar de vruchten van, ondanks de kannibalisatie van traditionele sigarettenverkoop. Ook Meta blijkt een gouden greep. Waar veel fondsbeheerders hun posities verkochten in het dal van 2022, hield Smith voet bij stuk en breidde zelfs uit. En dat terwijl de zorgen toen legitiem leken: angst voor disruptie door TikTok, een duidelijke vertraging in de gebruikersgroei en vooral de enorme uitgaven aan Reality Labs, die miljarden dollars per jaar verslonden. Toch bleef Meta onderdeel van de portefeuille. De heropleving van het aandeel, dankzij efficiënter kostenbeheer, AI-innovatie en sterke advertentie-inkomsten, maakt dit tot een schoolvoorbeeld van 'doe niets' dat loont. Meta aandeelkoers: Bron: Google Finance Maar waar winnaars zijn, zijn ook verliezers. Novo Nordisk (-1,7%) en LVMH (-1,1%) zijn de grootste negatieve bijdragers. In het geval van Novo Nordisk is de ironie groot: het bedrijf is wereldleider in obesitasmedicatie, maar struikelt over juridische en regelgevende obstakels in de VS. Beide Deense bedrijven, ook Coloplast (-0,5%) hoort daarbij, worden geleid door stichtingen, wat Smith ooit zag als een langetermijnvoordeel. Inmiddels zijn beide CEO’s ontslagen, en de hoop op herstel rust op nieuwe aanstellingen. Wat bij deze dalers opvalt, is dat Smith vasthoudt. Hij verkoopt niet halsoverkop. Bij andere bedrijven gebeurde dat juist wél: en dat leidt tot vragen over zijn consistentie. Een van de opvallendste aspecten van het recente beleid van Smith is de mate waarin hij afscheid neemt van bedrijven zodra het even tegenzit. Intuit is zo’n geval. Fundsmith kocht het softwarebedrijf in het verleden, maar begon al in 2021 te verkopen bij een koers van $540. In de kwartalen erna volgden verdere afbouwen tot aan de bodem. Pas in 2025 keert Intuit terug in de portefeuille, wat suggereert dat Smith alsnog van gedachten is veranderd, maar pas na jaren afwezigheid. Intuit aandelenkoers afgelopen 5 jaar: Bron: Google Finance Het patroon herhaalt zich. Amazon werd volledig verkocht toen de koers rond de $120 lag, met als reden hoge investeringskosten en onzekerheid over winstgevendheid. Inmiddels noteert het aandeel boven de $200. Adobe werd verkocht vanwege hoge aandelencompensatie. Estée Lauder, jarenlang een ster in de portefeuille, werd op het dieptepunt verkocht, nadat Fundsmith zelfs nog licht had bijgekocht op de piek. Smith was er laat bij met zijn verliesbesef, net als bij Domino’s Pizza destijds. De consistentie ontbreekt. Te veel activiteit? Smith stelt zelf dat hij een jaarlijkse portefeuilleomloop van circa 8% nastreeft. In de eerste zes maanden van 2025 bedroeg die al 9,2%. Voor iemand wiens motto ‘doe niets’ luidt, is dat veel. Zeker omdat dit gepaard gaat met verkoop van stabiele bedrijven zoals PepsiCo en Brown-Forman, terwijl nieuwe posities worden ingenomen in Zoetis, Intuit (opnieuw) en EssilorLuxottica. De laatstgenoemde is eigenaar van onder meer Ray-Ban en andere brillenmerken: mogelijk defensief bedoeld, maar het is geen typische 'compounder' waar Smith bekend om staat. Het probleem zit niet per se in de namen, maar in de wisselvalligheid. Smith verkoopt bedrijven die hij jaren verdedigde, soms precies in het dal. En hij koopt vervolgens (opnieuw) bedrijven die eerder afgedankt werden. Het patroon doet denken aan onzekerheid of een wijziging in strategie; maar die wordt niet uitgesproken. Juist dát wringt. Opvallend is de toon van Smith in zijn halfjaarbrief. De zwakke dollar wordt genoemd als voornaamste oorzaak van de slechte prestaties. Maar in eerdere jaren, toen de sterke dollar het fonds juist hielp, werd daar weinig ruchtbaarheid aan gegeven. Het wekt de indruk van selectieve transparantie. Beter zou zijn om gewoon standaard het rendement in ponden en in dollars neer te zetten, en laat de belegger zelf het effect beoordelen. Dat zou passen bij het ethos van eenvoud en duidelijkheid waar Fundsmith ooit groot mee werd. Bovendien: wie in Amerikaanse bedrijven belegt, neemt per definitie valutarisico. Daar is niets mis mee, zolang het maar onderdeel is van het beleid. Klagen als het tegenzit, terwijl je zweeg toen het meezat, ondermijnt de geloofwaardigheid. De MAG7 en het zelfgekozen gemis Smith klaagt in eerdere brieven dat het rendement van de wereldindex gedreven wordt door een klein aantal technologiebedrijven: de MAG7. Dat klopt. Maar ironisch genoeg bezat Fundsmith ooit precies deze bedrijven: Amazon, Adobe, Meta en Microsoft. Door uitgerekend die te verkopen vóór hun rally van 2023–2025, miste Smith een groot deel van de marktrally. Tegelijk verwijt hij nu de index dat deze ‘vertekend’ is. De keuze was aan hem. Het is precies dit soort inconsistentie dat de kritiek voedt. Smith kiest voor kwaliteitsbedrijven, zegt hij. Maar waarom dan afscheid nemen van bedrijven met sterke groei, marktleiderschap en hoge marges, vaak op het moment dat de markt het minst enthousiast is? Het druist in tegen het principe van ‘doe niets’. En het maakt zijn latere verklaringen minder overtuigend. Relativering Dat gezegd hebbende: Smith blijft een buitengewoon succesvolle fondsbeheerder op de lange termijn. Zijn rendement sinds 2010 is indrukwekkend. En er zijn veel voorbeelden van beslissingen die juist wél uitstekend uitpakten. Meta is daar het schoolvoorbeeld van. Waar vrijwel iedereen uitstapte vanwege zorgen over TikTok, metaverse-verliezen en afnemende gebruikersgroei, bleef Smith investeren. Het aandeel verdubbelde, en Fundsmith profiteerde maximaal. Ook Philip Morris, L’Oréal en Microsoft zijn langdurige succesverhalen. En misschien is de rotatie een reactie op structurele veranderingen in de wereld. Smith noemt het zelf niet expliciet, maar de recente belegging in EssilorLuxottica zou kunnen wijzen op een nadruk op ‘defensieve compounders’ nu de groeicyclus van big tech afvlakt. Toch blijft de kernvraag overeind: past dit bij zijn filosofie? De kritiek op Smith is niet dat hij verliest. Elk fonds kent mindere jaren. De vraag is of hij nog handelt in lijn met zijn eigen principes. Als het antwoord ja is, dan is het logisch dat hij vasthoudt aan bedrijven als Meta en Microsoft, en dat hij tijdelijk zwakkere prestaties accepteert. Maar als hij bedrijven verkoopt zodra ze tegenzitten, en zijn portefeuille actief herschikt bij elke marktwending, dan wijkt hij af van ‘koop goed, betaal niet te veel, doe niets’. De cijfers uit de halfjaarbrief van 2025 tonen zowel kracht als zwakte. De winnaars zijn vaak oude bekenden, de verliezers zijn bedrijven waar Fundsmith nog niet mee klaar lijkt. Maar de frequentie van aankopen en verkopen is gestegen. De excuses rond de valuta zijn selectief. En de klachten over indexvergelijkingen klinken hol als je zelf voor die onderweging hebt gekozen. Wat resteert, is de vraag of Smith nog trouw is aan het Fundsmith-evangelie dat hij zelf predikte. Of hij nu een fout maakt, of gewoon door een moeilijke fase gaat, laat zich pas over jaren beoordelen. Maar dat er ruis zit op het kompas, is inmiddels moeilijk te ontkennen.

  • 18 nieuwe redenen om ASML aandelen te kopen als belegger

    In het kort In 2025 starten wereldwijd achttien nieuwe chipfabrieken met de bouw, allemaal potentiële klanten voor ASML Geavanceerde AI-chips blijven de grootste groeimotor voor ASML’s EUV-technologie Beleggers kijken verder dan een dip in kwartaalorders en focussen op de strategische orderpiek in 2026–2027 Voor beleggers die twijfelen aan het groeipotentieel van ASML, biedt 2025 een krachtig tegenargument: de wereld bouwt. Minstens achttien nieuwe chipfabrieken gaan komend jaar wereldwijd in aanbouw, verspreid over de Verenigde Staten, China, Zuid-Korea, Japan, Taiwan en de Europese Unie. Dat zijn achttien directe kansen voor ASML om tientallen lithografiemachines per project te leveren. En met een gemiddelde prijskaartje per EUV-machine van € 150 miljoen, zelfs oplopend tot richting de € 350 miljoen, vormen deze fabrieken een strategisch momentum dat je beleggers in ASML niet willen missen. Waar de meeste semiconductor-fabrieken staan wereldwijd: Bron: Newsweek De geopolitieke ontwikkelingen, met name in de relatie tussen de Verenigde Staten en China, werpen hun schaduw over de wereldwijde chipmarkt. De recente aankondiging van nieuwe Amerikaanse importtarieven op halfgeleiders kan de toeleveringsketens verstoren en investeringsbeslissingen vertragen. Tegelijkertijd vergroot dit protectionistische beleid juist de noodzaak voor technologische onafhankelijkheid in het Westen. Voor ASML betekent dit enerzijds kortetermijnonzekerheid rond leveringen aan Chinese klanten, maar anderzijds een versnelde vraag uit de VS en Europa, waar overheden miljarden uittrekken om lokale productie te stimuleren. De politieke roep om 'onafhankelijke chipcapaciteit' versterkt ASML’s positie als technologisch zwaartepunt in een herverkavelende halfgeleiderwereld. De achttien nieuwe fabrieken van 2025 vormen slechts het begin van een bredere herschikking, waarin ASML een spilfunctie blijft vervullen. Voor veel van deze nieuwe fabs geldt dat ze mikken op productie in 2026 of 2027. De klok tikt dus: orders moeten binnen nu en twaalf maanden geplaatst worden. ASML bevindt zich midden in die besluitvormingscyclus, met een technologisch monopolie op de meest geavanceerde lithografie. Lees ook: ASML kwartaalcijfers op 16 juli: na 15 verrassingen nu een koersklap? De structurele groei wordt vooral gedreven door de explosieve toename in vraag naar AI-chips. Volgens ASML zelf groeit het segment servers, datacenters en AI tot 2030 met gemiddeld 18 % per jaar. Die verwachting wordt inmiddels breed onderschreven in de markt. Marktleider TSMC rapporteerde over het tweede kwartaal een omzetgroei van 39 % in AI-gerelateerde servers, een direct gevolg van miljardeninvesteringen van Amerikaanse techbedrijven in GPU-gedreven infrastructuur. De omzetgroei van ASML over de afgelopen jaren: Bron: Macrotrends In deze infrastructuur spelen de high-end EUV-machines van ASML een onmisbare rol. Zonder geavanceerde lithografie geen 3 nanometer chips, en zonder die chips geen generatieve AI, geen efficiënte datacenters, geen autonome systemen. Voor beleggers betekent dit dat de AI-golf niet alleen een hype is, maar een fundamentele groeiversneller voor ASML’s kerntechnologie. kwartaalorders stellen (nog) niet gerust Toch zijn er korte termijnzorgen. In het eerste kwartaal van 2025 vielen de nieuwe orders met € 3,9 miljard lager uit dan gehoopt, terwijl slechts € 1,2 miljard daarvan afkomstig was uit EUV-systemen. Voor het tweede kwartaal, waarvan ASML op 16 juli de resultaten bekendmaakt, hanteert het bedrijf zelf een omzetbandbreedte van € 7,2 tot € 7,7 miljard en een brutomarge van 50 tot 53 procent. Daarmee positioneert ASML zich bewust iets onder de analistenconsensus, die gemiddeld op € 7,77 miljard ligt. Die voorzichtigheid weerspiegelt de impact van geopolitieke spanningen, exportrestricties naar China en verhoogde importtarieven De bezorgdheid onder beleggers richt zich vooral op de orderinstroom. Blijft die achter, dan zou dat kunnen wijzen op uitstel van investeringen door klanten. Geopolitieke spanningen, zoals de Amerikaanse beperkingen op export naar China, en economische onzekerheid spelen hier een rol. Toch is de kans groot dat deze tijdelijke ruis de langetermijnvooruitzichten overschaduwt, zonder ze wezenlijk te ondermijnen. strategische orders op komst Voor wie verder kijkt dan het kwartaal, dient zich een ander beeld aan. De achttien fabrieken die nu in voorbereiding zijn, vertegenwoordigen tientallen miljarden aan toekomstige orders. Naar schatting de helft van deze projecten richt zich op geavanceerde logische chips van 3 nanometer of kleiner. Precies het domein waarin ASML’s EUV-technologie niet alleen relevant is, maar onmisbaar. De andere helft richt zich op meer conventionele nodes, van 8 tot 45 nanometer en ouder. Maar ook hier blijft ASML dominant met zijn DUV-machines. Voor elke nieuwe productielijn zijn tientallen lithografiesystemen nodig, wat betekent dat de orderinstroom vermoedelijk versnelt vanaf eind 2025. regionalisering speelt ASML in de kaart De internationale spreiding van nieuwe fabrieken is geen toeval, maar het gevolg van politieke keuzes. Zowel de Amerikaanse CHIPS and Science Act als Europese en Aziatische subsidies stimuleren de lokale productie van halfgeleiders. In plaats van een geglobaliseerde keten bouwen overheden aan regionale ecosystemen. Alles weten over ASML? Lees dan hier de exclusieve deepdive van het aandeel Voor ASML, dat met zijn machines op alle continenten actief is, betekent dat een verbreding van de klantbasis. Minder afhankelijkheid van één regio, en minder risico op plotselinge regelgeving, maakt het aandeel aantrekkelijker voor lange termijn beleggers. High-na als technologische katalysator Naast het aantal nieuwe fabrieken is ook de technologische richting van die projecten van belang. Steeds meer klanten bereiden zich voor op High-NA EUV-machines, de volgende generatie die nog kleinere structuren kan produceren. In het eerste kwartaal van 2025 leverde ASML al vijf van deze systemen, een indicatie dat de commerciële fase nu echt begonnen is. De bekendmaking van High-na vorig jaar: Bron: YouTube/ASML High-NA belooft niet alleen hogere prestaties, maar ook meerwaarde voor ASML via hogere marges. Voor beleggers is dit een tweede groeimotor, naast de traditionele EUV-markt, die al snel tientallen procenten aan extra omzet kan toevoegen. installed base levert stabiele kasstromen Behalve nieuwe machines vormt ook het beheer van de bestaande installaties een groeiende bron van inkomsten. ASML genereert inmiddels miljarden uit servicecontracten, upgrades en softwareondersteuning voor zijn wereldwijde machinepark. Die inkomsten zijn veel stabieler dan cyclische orders, en maken het aandeel minder gevoelig voor tijdelijke schommelingen. In een markt waar kasstroom steeds belangrijker wordt dan winstgroei alleen, positioneert dit ASML als een robuust groeiaandeel met een stevige basis. groeipad richting 2030 ASML’s langetermijnvooruitzichten zijn indrukwekkend. Het bedrijf mikt op een omzet tussen de € 44 en € 60 miljard in 2030, met een brutomarge tussen 56 en 60 %. Dat impliceert een groei van meer dan 50 % ten opzichte van de omzet in 2025, die naar verwachting rond de € 30–35 miljard zal uitkomen. Voor beleggers die naast de meer volatiele (tech)investeringen op zoek zijn naar meer stabielere lange-termijn beleggingen, kunnen vastgoedfondsen een aantrekkelijke aanvulling zijn. Een actueel overzicht van de beste vastgoedfondsen in Nederland vind je hier! Deze groei is niet afhankelijk van één markt, maar wordt gedragen door meerdere trends tegelijk: AI, automotive chips, edge computing en geopolitieke herpositionering van productieketens. 18 keer ja tegen structurele groei Voor wie als belegger zoekt naar duurzame groei, is het plaatje duidelijk. Elke nieuwe fabriek in 2025 is een potentiële miljardenorder voor ASML. Elke stap richting AI en High-NA versterkt de strategische positie van het bedrijf. En elke geopolitieke zet richting regionalisering speelt het Nederlandse technologiebedrijf in de kaart. De markt mag dan afwachten of het orderboek in Q2 2025 al aantrekt, maar de fundamenten zijn sterker dan ooit. Wie nu instapt, doet dat niet vanwege de cijfers van morgen, maar vanwege de visie op 2026 en verder. Met achttien fabrieken als katalysator is ASML meer dan een cyclisch aandeel, het is een structurele groeipijler in een wereld die steeds afhankelijker wordt van rekenkracht. En dat maakt het aandeel, ondanks zijn hoge waardering, niet per se duur. Alleen wie op tijd instapt, profiteert straks van het moment waarop al die toekomstige orders zichtbaar worden in de cijfers. Elke nieuwe fabriek die komend jaar verrijst, is meer dan een bouwproject, het is een signaal van vertrouwen in de toekomst van de halfgeleidersector. Voor ASML betekenen deze achttien projecten niet alleen potentiële orders, maar achttien afzonderlijke ankers onder een langetermijnverhaal dat steeds minder draait om kwartaalfluctuaties en steeds meer om strategische dominantie. In die zin vertegenwoordigen deze fabrieken niet alleen fysieke productiecapaciteit, maar ook evenzoveel valide redenen voor beleggers om ASML op de radar te houden als structurele groeikracht binnen hun portefeuille.

  • Koersdaling bij Belgische trots: instapkans of valkuil?

    In het kort De koers van een toonaangevend voedingsbedrijf is met ruim 15 % gedaald  tot onder de geschatte reële waarde, wat ruimte biedt voor koopkansen. Het bedrijf rapporteerde in 2024 een dubbelecijferige omzet- en winstgroei en een sterke vrije kasstroom ondanks stevige investeringen. De waardering blijft bovengemiddeld , maar ligt aanzienlijk lager dan voorgaande jaren , waardoor het instaprisico verkleind is. Lotus Bakeries  heeft een van de scherpste koersdalingen in zijn recente geschiedenis doorgemaakt. Na een piek van € 12.580  noteert het aandeel nu op ongeveer € 7.300 . Ondanks deze forse terugval blijft het fundament van de onderneming stevig overeind. Integendeel, de bedrijfsresultaten en strategische ontwikkelingen van het afgelopen jaar wijzen op een verdere verankering van de groeistrategie. Het verschil tussen marktwaardering en intrinsieke waarde biedt dan ook kansen voor beleggers die door de ruis heen durven te kijken. Daling koers Lotus Bakeries in 2025: Bron: TradingView Koersdaling Lotus Bakeries opent koopkansen Waar het aandeel eerder handelde op exuberante niveaus van 60× de winst , is dat inmiddels gedaald tot ongeveer 44× , met een forward multiple rond de 30 . De correctie was fors, maar valt te verklaren door een herwaardering op basis van realistischere groeiverwachtingen. Analisten schatten de reële waarde momenteel op € 8.813 per aandeel , gebaseerd op een verwachte vrije kasstroomgroei van 18 %  en een exit-multiple van 35× . De huidige koers rond € 7.300 impliceert een onderwaardering van ongeveer 17 % . Ontwikkeling P/E-ratio Lotus Bakeries door de jaren heen: Bron: Seeking Alpha Belgische trots Lotus Bakeries groeit sterk in 2024 Lotus Bakeries rapporteerde in 2024 een omzet van € 1.232 mln , een stijging van 15,9 %  ten opzichte van het jaar ervoor. De onderliggende EBITDA steeg met 17,2 % naar € 243 mln , en de nettowinst kwam uit op € 152,6 mln , een toename van 18 % . De vrije kasstroom bedroeg € 64,5 mln , ondanks investeringen van € 117,6 mln . De netto financiële schuld  bleef beheersbaar op € 183 mln , wat overeenkomt met 0,5× EBITDA . Financiële resultaten Lotus Bakeries 2024 in één oogopslag: Bron: Lotus Bakeries Productiecapaciteit Lotus Bakeries bereikt limiet in 2025 De explosieve vraag naar Biscoff  heeft tot gevolg dat de productielijnen op maximale capaciteit draaien , waardoor de groei van 2024 van +20 %  niet volledig te herhalen valt. In 2025 is de operationele groei beperkt tot maximaal +10 % , totdat de nieuwe greenfield-fabriek in Thailand  (verwacht operationeel in Q2 2026 ) de broodnodige capaciteit komt bieden. Ook de uitbreiding van bestaande vestigingen (zoals in Lembeke , Mebane  en Zuid-Afrika ) laat zien dat het bedrijf werkt aan structurele opschaling om de wereldwijde vraag bij te houden. Internationale groei Lotus Bakeries via strategische partnerships Een belangrijke stap in de expansiestrategie is de uitbreiding van de samenwerking met Mondelēz via Froneri . Vanaf 2026  zal Froneri verantwoordelijk zijn voor de productie en distributie van Lotus Biscoff-ijs in Europa . Dit opent een compleet nieuwe markt en benut een krachtig distributienetwerk. Daarnaast is er de samenwerking met Côte d’Or , dat leidde tot de lancering van een premium chocoladeproduct met krokante Biscoff-stukjes . Dit versterkt niet alleen de merkperceptie, maar benut ook het bestaande netwerk van Mondelēz. Beide deals ondersteunen de doelstelling van € 1 miljard omzet uit het Biscoff-merk tegen 2030 . Lotus Bakeries en Côte d’Or lanceren Belgisch premiumproduct: Bron: De Tijd Risico’s voor Lotus Bakeries: beheersbaar maar aanwezig De druk op voedingsproducenten om gezondere producten  aan te bieden is structureel. Lotus speelt daarop in met het Natural Foods-segment , maar succes vereist innovatie en consistentie. Tegelijkertijd kunnen socialmediatrends  zoals nicheproducten tijdelijk marktaandeel wegnemen. Verder brengt internationale uitbreiding risico’s op het vlak van uitvoeringskwaliteit . Nieuwe samenwerkingen, zoals die met Froneri, vragen om strakke afstemming. Toch blijft het operationele risico beperkt dankzij een sterke balans en familiaal geleide structuur . Sterke balans geeft Lotus Bakeries ruimte voor groei Wat de financiële structuur betreft, staat Lotus er uitzonderlijk solide voor. De netto financiële schuld bedroeg eind 2024 € 183 mln , wat neerkomt op slechts 0,5 keer de EBITDA . Dit lage schuldniveau is opmerkelijk in vergelijking met sectorgenoten en biedt het bedrijf aanzienlijke flexibiliteit om te blijven investeren in productiecapaciteit, innovatie en internationale expansie zonder afhankelijk te zijn van externe financiering. Bovendien beschikt het bedrijf over een gezonde kaspositie, terwijl het dividendbeleid consistent en duurzaam blijft met een dividendgroei van maar liefst circa 31 % in 2025. Het bedrijf kiest er bewust voor om geen aandelen terug te kopen en concentreert zich op organische groei en strategische investeringen, zoals de bouw van de nieuwe fabriek in Thailand en uitbreidingen in bestaande productie-eenheden. De verhouding tussen eigen vermogen en totale activa blijft stevig, wat wijst op een solide solvabiliteitspositie . Ook de interestdekking  is ruimschoots comfortabel, waardoor rentestijgingen of economische schokken naar verwachting weinig impact zullen hebben op de bedrijfsvoering. In een sector waar margedruk en kapitaalsintensieve expansieplannen vaak tot verhoogde schulden leiden, positioneert Lotus zich met deze balans als een uitzonderlijk veerkrachtige speler. Lotus Bakeries: groeikans voor lange termijn Lotus Bakeries  blijft een groeiverhaal met sterke merken, een gezonde financiële basis en slimme strategische partnerschappen. De recente koersdaling biedt voor het eerst in jaren een instapkans onder de reële waarde . Voor beleggers die op zoek zijn naar kwalitatieve langetermijnposities met schaalpotentieel biedt het aandeel een combinatie van rendement en stabiliteit , mits men bereid is tijdelijke waarderingsspanningen te accepteren. De fundamenten staan stevig, de richting is helder en de markt biedt nu ruimte om mee te stappen. Ontwikkeling omzet Lotus Bakeries afgelopen 15 jaar: Bron: Lotus Bakeries

  • Beleggers opgelet: dit sterke aandeel is toch flink gezakt

    In het kort Gartner behaalt circa 90% van zijn omzet uit terugkerende abonnementen, met een winstmarge van ruim 20% en een operationele marge van 72% binnen de kernactiviteit Research. De beurswaarde is sinds de beursgang in 1987 meer dan 100 keer gestegen, met een jaarlijkse omzetgroei van gemiddeld 12% over het afgelopen decennium. Ondanks tijdelijke groeivertraging door de macro-economie, mikt het bedrijf op een hernieuwde groei van 10–15% per jaar zodra de marktomstandigheden verbeteren. Gartner is een bedrijf dat bij veel beleggers onder de radar blijft, ondanks kwaliteiten die doen denken aan topbedrijven als S&P Global en Moody’s. Net als deze financiële dienstverleners beschikt Gartner over een extreem sterke marktpositie met een brede economisch ‘moat’, ofwel concurrentievoordeel dankzij een netwerkeffecten, schaalvoordelen en een ijzersterk merk. Toch wordt Gartner niet veel besproken. Veel mensen zijn onbewust wel eens met hun producten in aanraking gekomen, bijvoorbeeld via de bekende “Magic Quadrant” -diagrammen of de “Hype Cycle” -grafieken die Gartner publiceert, maar verder blijft het bedrijf buiten de schijnwerpers. Gartners Magic Quadrant: Bron: Gartner Het aandeel Gartner heeft het de afgelopen jaren uitstekend gedaan. Over de laatste vijf jaar is de koers gestaag gestegen, en sinds de beursgang in 1987 is de beurswaarde meer dan honderdvoudigd. De omzet is in het verleden robuust gegroeid, gemiddeld met dubbele cijfers, hoewel die groei recent wat is afgevlakt. Omzet Gartner: Bron: Seeking Alpha Hoe werkt Gartner? Gartner is in wezen een onderzoeks- en adviesbedrijf dat organisaties helpt bij het nemen van belangrijke technologische en bedrijfsbeslissingen. Het wordt vaak omschreven als een soort “veredeld consultancybureau” of “brains for hire” : klanten huren als het ware de collectieve kennis en analyse van Gartner in om beter onderbouwde keuzes te maken. Gartner verzamelt en analyseert enorme hoeveelheden data over technologie, software en bedrijfsprocessen, en biedt die inzichten vervolgens aan via rapporten, adviezen en benchmarks. Uniek aan Gartner is dat het fungeert als een platform tussen twee kanten van de markt. Enerzijds zijn er de afnemers van technologie, bijvoorbeeld CEO’s en andere besluitvormers bij grote ondernemingen die willen weten welke oplossingen of software het beste bij hun behoeften passen. Anderzijds zijn er de aanbieders; de software- en technologiebedrijven die hun producten onder de aandacht willen brengen. Gartner staat daartussen en wordt wel omschreven als een “tolheffer” in de softwarewereld: het bedrijf biedt een marktplaats van informatie waar kopers en verkopers elkaar vinden. Om toegang te krijgen tot Gartner’s waardevolle analyses en benchmarks, betalen klanten jaarlijks een fors bedrag voor een abonnement. Tegelijk dragen veel technologieverkopers zelf informatie aan en werken ze samen met Gartner’s analisten, omdat een goede beoordeling door Gartner (bijvoorbeeld een gunstige positie in een Magic Quadrant) hun geloofwaardigheid en zichtbaarheid enorm vergroot. Een van Gartner’s bekendste producten is namelijk de Magic Quadrant  – een matrixdiagram waarin Gartner de leveranciers in een bepaalde technologiesector indeelt op twee assen (bijvoorbeeld ‘completeness of vision’ en ‘ability to execute’). Bedrijven die hoog en rechts in zo’n Magic Quadrant staan, zoals bijvoorbeeld Salesforce bij CRM-software jaar na jaar, worden gezien als leiders in hun categorie. Deze diagrammen zijn zo invloedrijk geworden dat zowel klanten als leveranciers er veel waarde aan hechten: voor een IT-manager is het “veilig” om een leverancier te kiezen die door Gartner als leider wordt aangemerkt, en voor een leverancier is het prestigieus én commercieel aantrekkelijk om in de bovenste regionen van het Quadrant te staan. Gartner’s Hype Cycle-grafieken, die tonen in welke fase van volwassenheid nieuwe technologieën zich bevinden, zijn eveneens industry-standaard geworden. Dit soort frameworks heeft Gartner een enorme zichtbaarheid en gezag in de IT-wereld gegeven. Belangrijk om te benadrukken is dat Gartner zelf geen implementatie van technologie doet. Het levert de informatie, analyses en aanbevelingen, maar voert geen IT-projecten uit bij de klant. Dit onderscheidt Gartner van klassieke IT-dienstverleners zoals Accenture of Capgemini die juist ingehuurd worden om systemen te implementeren. Gartner blijft strikt bij zijn rol als onafhankelijke adviseur en analist. Het verdienmodel Het verdienmodel van Gartner is sterk gericht op terugkerende inkomsten. Het bedrijf rapporteert drie segmenten: Research , Consulting  en Conferences  (evenementen). Veruit het belangrijkste is Research, goed voor ongeveer 85% van de omzet. Dit betreft de abonnementen op Gartner’s onderzoeken en analyses. Klanten betalen doorgaans jaarlijks upfront voor toegang tot Gartner’s online onderzoeksbibliotheek en voor het recht om direct advies te vragen aan Gartner-analisten. Deze activiteiten zijn zeer winstgevend: de bijdrage­marge van het Research-segment ligt rond de 72%, wat aangeeft dat het leveren van informatie na de initiële analyse relatief schaalbaar is. Daarnaast heeft Gartner een Consulting-tak (circa 9% van de omzet). Deze tak omvat adviesopdrachten op maat, bijvoorbeeld dat Gartner-consultants CEO’s of andere senior leidinggevenden begeleiden bij specifieke vraagstukken, of dat ze kleinere softwareleveranciers adviseren hoe ze hun product kunnen verbeteren of hun positie in de markt (en in Gartner’s ranking) kunnen versterken. Consulting is arbeidsintensiever en daardoor minder rendabel, de gemiddelde marge ligt rond de 33%, maar het vormt een aanvullend verdienmodel en versterkt de band met klanten. Het derde segment is Conferences, ongeveer 6 à 7% van de omzet. Gartner organiseert ieder jaar tientallen conferenties (in 2024 bijvoorbeeld 51 grote events, goed voor ruim $600 miljoen omzet) voor IT-professionals en executives. Deze bijeenkomsten, waaronder het vlaggenschip “IT Symposium/Xpo” , trekken zowel technologie-aanbieders als -afnemers en dienen als belangrijke netwerk- en leadgeneratieplatforms. Ze zijn ook lucratief: Gartner verdient per deelnemer aan zo’n conferentie gemiddeld rond de $6.000 en de marge op dit segment kan oplopen tot circa 50%. Hoewel dit deel van de omzet niet abonnement-gedreven is, spelen de evenementen een strategische rol bij het binnenhalen van nieuwe klanten en het versterken van Gartner’s reputatie als kennisautoriteit. Omzetverdeling Gartner: Bron: Gartner Cruciaal is dat ongeveer 90% van Gartner’s totale omzet terugkerend is (recurring revenue). Klanten vernieuwen hun abonnementen doorgaans jaarlijks, en meer dan twee derde van de contracten is meerjarig. Dit geeft Gartner een zeer voorspelbare inkomstenstroom en zorgt bovendien voor een negatieve werkkapitaal-dynamiek: klanten betalen vooraf voor dienstverlening die in de toekomst wordt geleverd, waardoor het bedrijf het geld al in kas heeft nog voordat het alle prestaties hoeft te leveren. Hierover later meer, maar dit fenomeen komt Gartner’s kaspositie en investeringsmogelijkheden ten goede. Geschiedenis en management Om Gartner’s unieke positie goed te begrijpen, loont het de moeite kort naar de oorsprong te kijken. Gideon Gartner, die het bedrijf in 1979 oprichtte, stond bekend om zijn vernieuwende aanpak. In plaats van de destijds gebruikelijke lijvige onderzoeken van honderden pagina’s, kregen Gartner-klanten compacte rapporten (meestal niet langer dan twee pagina’s) boordevol scherpe analyses. Deze to-the-point werkwijze, vergelijkbaar met de gestroomlijnde researchrapporten uit de financiële wereld, maar dan voor de IT-sector sloeg aan bij IT-managers die behoefte hadden aan snelle en hoogstaande adviezen. Gartner groeide gestaag en maakte in 1987 zijn beursgang. Het bedrijf kende vervolgens een bewogen periode: een jaar na de IPO werd Gartner overgenomen door het Britse reclameconcern Saatchi & Saatchi voor circa $90 miljoen, om in 1990 via een managementbuy-out (met steun van Bain Capital en Dun & Bradstreet) weer in onafhankelijke handen te komen. In 1993 volgde een hernieuwde beursnotering als zelfstandig bedrijf. In de decennia erna is Gartner verder geëvolueerd. In 2004 trad Eugene Hall aan als CEO, en hij zag nog volop mogelijkheden om Gartner te laten groeien buiten de traditionele IT-niche. Gartner bleef uiteraard sterk in IT-onderzoek, maar breidde zijn scope geleidelijk uit naar andere domeinen binnen organisaties. Zo werd in 2009 het bedrijf AMR Research overgenomen om expertise in supply-chaintechnologie toe te voegen. In 2012 lanceerde Gartner nieuwe onderzoekslijnen gericht op marketing­technologie. De grootste sprong kwam in 2017 met de acquisitie van CEB Inc., waarmee Gartner ineens ook advies- en onderzoeksmateriaal in huis haalde voor allerlei niet-IT-functies; van HR en sales tot finance en juridische zaken. Hierdoor strekt Gartner’s invloed zich inmiddels uit over vrijwel alle afdelingen van de moderne onderneming, zij het steeds vanuit die kernformule: onafhankelijk onderzoek en advies bieden aan de top van organisaties. De rol van het managementteam mag niet onvermeld blijven in Gartner’s succes. CEO Eugene Hall leidt het bedrijf inmiddels al ruim twintig jaar (sinds 2004) en heeft in die periode een consistente koers aangehouden. Hall kwam zelf uit de advieswereld, hij was 16 jaar consultant bij McKinsey & Company alvorens bij Gartner aan de slag te gaan, en begreep goed hoe belangrijk klanttevredenheid en betrouwbare dienstverlening zijn. Onder zijn bewind is Gartner’s focus op het leveren van waarde aan de klant, en op effectieve bedrijfsvoering, nooit verslapt. Integendeel, de onderneming bereikte “nieuwe hoogtes” , zoals branche-insiders het omschrijven, dankzij Hall’s nadruk op continu verbeteren, zijn gerichte acquisitiestrategie en operationele efficiëntie. Belangrijk voor beleggers: de belangen van het management zijn redelijk goed verweven met die van de aandeelhouders. Topbestuurders bezitten samen ongeveer 4% van de aandelen van het bedrijf (waarvan Hall circa 1,7% zelf in handen heeft). Hoewel Hall in de loop der jaren af en toe heeft verkocht, begrijpelijk, aangezien een groot deel van zijn persoonlijke vermogen in Gartner zit, heeft hij nog steeds een substantieel belang, een teken dat hij vertrouwen heeft in de toekomst van de onderneming. Bovendien is het beloningsbeleid voor de top grotendeels prestatiegericht. Bonussen zijn afhankelijk van jaarlijkse groei in omzet en EBITDA (typisch moet Gartner ongeveer 10% groei behalen voor maximale bonusuitkering), terwijl langetermijn­incentives zoals prestatieaandelen grotendeels gekoppeld zijn aan het bereiken van ambitieuze meerjarige doelen (zo ligt de lat voor variabele aandelenbeloning vaak bij 10–15% groei in contractwaarde per jaar). Dergelijke prikkels zorgen ervoor dat het management expliciet stuurt op duurzame groei en waardecreatie, in lijn met wat aandeelhouders graag zien. Overigens wordt verwacht dat Eugene Hall mogelijk in 2026 met pensioen gaat wanneer zijn huidige contract afloopt (dit is nog niet bevestigd). Een eventuele CEO-wissel zal een belangrijk moment zijn voor Gartner, al wijst de diepe ervaring in het managementteam en de board erop dat de opvolging intern goed voorbereid kan worden. Concurrentie Gartner opereert in een marktsegment dat het grotendeels zelf domineert. Wereldwijd is het veruit de grootste speler in technologie-onderzoek en zakelijke analyse. De omzet van Gartner is ruwweg tien keer zo groot als die van de dichtstbijzijnde traditionele concurrent, Forrester Research. Andere namen in de sector zijn bijvoorbeeld IDC en Frost & Sullivan, maar geen van allen benadert Gartner’s schaal of invloed. Sommige concurrenten hebben geprobeerd vergelijkbare producten te lanceren, zo publiceert Forrester zijn eigen “Wave”-rapporten als tegenhanger van Gartner’s Magic Quadrant – maar Gartner blijft in de praktijk de gold standard  waar de industrie naar kijkt. Het restant van de markt bestaat uit talloze kleinere niche-onderzoeksbureaus en adviesfirma’s. Het gevolg is een gefragmenteerde industrie waarin Gartner de rol van leider inneemt. Ter illustratie: Forrester behaalt operationele winstmarges van slechts circa 6%, terwijl Gartner daar met ~20% ruim drieënhalf keer overheen gaat, een teken dat schaalgrootte en een gevestigde naam in deze business grote voordelen opleveren. Hoewel in theorie de markt voor onderzoeksrapporten vrij toegankelijk lijkt: informatie kan worden gekopieerd en concurrerende analyses zijn relatief makkelijk te produceren. Heeft Gartner enkele unieke troeven die ervoor zorgen dat het moeilijk is aan te haken. Ten eerste werkt de versnippering van concurrentie in hun voordeel: doordat veel rivalen klein en gespecialiseerd zijn, kan Gartner door gerichte overnames en zijn sterke merk aandeel blijven winnen. We hebben in het verleden gezien dat Gartner concurrenten opslokte of hun expertise inlijfde (zoals bij de eerdergenoemde acquisities van AMR en CEB). Het ligt in de lijn der verwachting dat verdere consolidatie plaatsvindt, waarbij de sterkste partijen gaandeweg meer marktaandeel bijeenbrengen. Gartner heeft ook indirecte concurrentie van een heel andere orde: grote managementconsultants als McKinsey, Bain of Deloitte. Deze adviesbureaus adviseren eveneens bestuurders over technologie en strategie, maar doen dat doorgaans in de vorm van dure, op maat gemaakte projecten. Voor algemene IT-strategievraagstukken of marktvergelijkingen is Gartner voor veel bedrijven een kostenefficiënter alternatief. Een Gartner-abonnement (inclusief de rechtstreekse toegang tot analisten) kost weliswaar tienduizenden dollars per jaar, maar dat is vaak nog altijd goedkoper dan het inhuren van een topconsultant voor een paar maanden. Bovendien biedt Gartner continue toegang tot kennis en data, in plaats van een eenmalig rapport of project. Desondanks zijn er situaties waarin een bedrijf voor zeer specifieke problemen of voor grootschalige implementatietrajecten alsnog consultants inschakelt, in die zin concurreert Gartner beperkt met zulke adviesreuzen, voornamelijk op het gebied van brede informatievoorziening versus diepgaande implementatie-ondersteuning. Verder concurreert Gartner tot op zekere hoogte met gespecialiseerde onderzoeksfirma’s in deelmarkten. Denk aan kleine analistenbureaus die zich exclusief richten op één technologiegebied (bijvoorbeeld pure cybersecurity-onderzoeksbedrijven). Zulke niche-spelers kunnen inhoudelijk zeer diep gaan en in een bepaald subdomein soms net zo goed of beter geïnformeerd zijn dan Gartner. Echter, geen van deze kleintjes kan de breedte én de wereldwijde footprint van Gartner evenaren. Grote multinationals hebben vaak behoefte aan een totaaloverzicht en één vertrouwde partij die hen op allerlei terreinen van inzicht voorziet, daar komt Gartner’s schaalvoordeel en reputatie weer naar voren. Het klantenprofiel van Gartner speelt ook een rol in de concurrentiedynamiek. De typische klant is een grote organisatie met een fors technologiebudget en een behoefte aan hoogwaardige, brede informatie. De kosten van een Gartner-abonnement (die vaak in de orde van $25.000 tot $85.000 per gebruiker per jaar liggen) zijn voor zo’n klant te rechtvaardigen door de beslissingswaarde die het oplevert. Middelgrote en kleinere bedrijven vinden dat prijskaartje eerder te hoog en vallen soms terug op goedkopere (maar beperktere) bronnen of vrij beschikbare informatie. Gartner laat bewust een deel van de onderkant van de markt links liggen; het richt zich op de toplaag waar men bereid is te betalen voor kwaliteit. Deze positionering versterkt Gartner’s aura van exclusiviteit en autoriteit, maar betekent ook dat er aan de onderkant ruimte is voor eenvoudigere informatieleveranciers. Echter, zodra een bedrijf groeit en complexer wordt, komt men al gauw alsnog bij Gartner terecht voor een holistisch en betrouwbaar beeld van de technologische opties. De kracht van Gartner schuilt in een combinatie van moeilijk te imiteren concurrentievoordelen, feitelijk een zeer brede economische moat rondom de business. Onafhankelijke analisten (zoals die van Morningstar) beoordelen Gartner dan ook als een bedrijf met een duurzaam concurrentievoordeel  dat waarschijnlijk nog vele jaren standhoudt. Waaruit bestaat het concurrentievoordeel? Allereerst heeft Gartner een ijzersterk merk en geniet het een grote autoriteit in de markt. In de bestuurskamers van grote ondernemingen geldt een uitspraak “volgens Gartner…” als een stempel van geloofwaardigheid. Een manager voelt zich ingedekt als hij een beslissing baseert op een door Gartner aanbevolen oplossing. Gartner is de de-facto standaard geworden voor objectieve informatie over technologie. Dit share-of-mind -voordeel betekent dat concurrenten extreem veel moeten investeren om überhaupt in de buurt te komen van Gartner’s naamsbekendheid en reputatie. Het gevolg is dat Gartner relatief gezien minder hoeft uit te geven aan marketing of sales om klanten te werven, wat bijdraagt aan de hoge winstmarges. Daarnaast plukt Gartner de vruchten van zijn enorme schaal en sterke netwerkeffecten. Het bedrijf heeft meer dan 2.500 analisten in dienst, verspreid over de hele wereld, die expert zijn in talloze vakgebieden en regio’s. Jaarlijks produceert Gartner zo’n 4.500 onderzoeksrapporten, verspreid over meer dan 500 verschillende topics en technologische domeinen. Die breedte én diepte van kennis is iets wat geen kleinere rivaal eenvoudig kan nabootsen. Bovendien opereert Gartner wereldwijd, met kantoren en klanten in vrijwel elke belangrijke economische regio. Die internationale voetafdruk betekent dat een CEO in Europa en een CTO in Azië beiden op dezelfde Gartner-data vertrouwen; concurrenten die slechts regionaal actief zijn, hebben veel minder impact. Er is hier een sterk schaalvoordeel in werking: hoe meer klanten Gartner bedient en hoe meer data en feedback die klanten moeten leveren, hoe beter de vergelijkingen en analyses worden. Dit trekt op zijn beurt weer méér nieuwe klanten aan: een klassiek zichzelf versterkend netwerk­effect. Bijzonder is ook dat technologieverkopers eigenlijk niet om Gartner heen kunnen als ze maximale exposure willen: een vermelding of goede beoordeling door Gartner geeft toegang tot duizenden potentiële klanten in Gartner’s klantenkring. Veel leveranciers investeren daarom aanzienlijk in de relatie met Gartner (bijvoorbeeld door hun nieuwste producten en roadmaps proactief met Gartner-analisten te delen). Zo ontstaat een zichzelf versterkend ecosysteem waar Gartner centraal in staat. Bij voorbeeld, het domein cybersecurity kent duizenden ‘me-too’ aanbieders verdeeld over een alfabetsoep aan categorieën en afkortingen; zonder een gids als Gartner zou een organisatie nauwelijks overzicht houden. Gartner fungeert hier als ultieme filter en standaard: een hoge notering in hun analyses (bijvoorbeeld als Leader  in een Magic Quadrant) geeft gebruikers vertrouwen en biedt leveranciers een kwaliteitsstempel. Ook Gartner’s jaarlijkse conferenties, zoals het Symposium, faciliteren direct contact tussen C-level klanten en technologieaanbieders onder de paraplu van Gartner. Een derde pijler onder de moat betreft de overstapdrempels voor klanten. Wanneer een grote organisatie Gartner diep in haar besluitvormingsprocessen heeft geïntegreerd, men leest routinematig de Gartner-rapporten, consulteert Gartner-analisten bij strategische plannen en gebruikt Gartner’s benchmarks om prestaties te meten, wordt het heel lastig om die dienstverlening te missen of te vervangen. Zonder Gartner zou een bedrijf waarschijnlijk meerdere verschillende (en minder betrouwbare) bronnen moeten raadplegen om dezelfde kennis te verzamelen, een moeizaam proces. Als de Gartner-informatie ineens wegvalt, ontstaat er een kennislacune in de organisatie. Natuurlijk zijn er alternatieven op de markt, maar overstappen zou betekenen dat men een nieuw, ongetest informatieplatform moet vinden, dat interne gebruikers overtuigd moeten raken van de betrouwbaarheid daarvan, en dat men de historische database en inzichten van Gartner kwijtraakt. Gartner heeft decennialange datareeksen en trendanalyses die voor klanten van grote waarde zijn. Bovendien went men aan de stijl en het format: Gartner’s adviezen worden op een consistente, vertrouwde manier gepresenteerd. Dit weerhoudt bestaande klanten ervan om op te zeggen, zelfs als de tarieven jaarlijks wat stijgen. Ten vierde beschikt Gartner over aanzienlijke prijszettingskracht, omdat de geboden waarde de kosten ruim overtreft. Gartner weet vrijwel elk jaar prijsverhogingen door te voeren (typisch rond 3–5% per jaar) zonder noemenswaardige klantverliezen, simpelweg omdat de dienstverlening zijn geld waard is. Klanten halen doorgaans veel meer rendement uit Gartner’s inzichten dan dat het abonnement kost. Een abonnement kan bijvoorbeeld $50.000 per jaar kosten voor een heel team, maar als die informatie ertoe bijdraagt dat een bedrijf een dure miskoop vermijdt of een strategisch betere keuze maakt, is dat bedrag in feite een peulenschil. Veel Gartner-klanten beschouwen het abonnement dan ook als een noodzakelijke investering, vergelijkbaar met een verzekeringspolis, om geen cruciale marktontwikkelingen of innovaties te missen. Slechts weinig bedrijven hebben zo’n product waarbij de prijs zo ondergeschikt is aan de geleverde waarde. Naast Gartner ziet men dit bijvoorbeeld bij kredietbeoordelaars als Moody’s of datareuzen als S&P Global: dit zijn bedrijven met een zó unieke dataset of positie dat klanten bereid zijn praktisch “elke prijs” te betalen, binnen redelijke grenzen. Deze eigenschap geeft Gartner een zeldzame pricing power: het kan de opbrengst per klant gestaag verhogen zonder dat concurrenten makkelijk kunnen onderbieden op waarde. Tot slot is er nog een financieel voordeel dat voortvloeit uit het businessmodel: de eerdergenoemde negatieve cash-conversiecyclus . Omdat Gartner klanten vooraf laat betalen (voor een jaar of meerdere jaren dienstverlening), ontvangt het geld voordat het de volledige dienst heeft geleverd. In wezen financiert de klant daarmee de groei van Gartner. Dat geld kan meteen worden ingezet om bijvoorbeeld meer analisten aan te nemen of nieuwe productgebieden te ontwikkelen, nog voordat Gartner de kosten heeft hoeven maken om de dienst te verlenen. Dit fenomeen zie je ook bij veel SaaS-bedrijven: ze innen abonnementsgelden vooruit, waardoor ze een kasbuffer hebben die als vliegwiel voor groei fungeert. Bij Gartner werkt het net zo. De honderden miljoenen aan meerjarige contracten die jaarlijks vooruit worden gefactureerd, zorgen voor een constante instroom van kapitaal. Kwetsbaarheid Toch is geen enkel bedrijf onkwetsbaar. Een punt van zorg dat wel eens wordt aangehaald, is de onafhankelijkheid van Gartner’s oordeel. Critici vragen zich af of er sprake kan zijn van een “pay-to-play” -model: zouden leveranciers die veel geld uitgeven aan Gartner’s diensten een voorkeursbehandeling krijgen in de rapporten? En omgekeerd, worden bedrijven die geen klant zijn misschien minder gunstig beoordeeld? In 2017 spande bijvoorbeeld een netwerkbedrijf (NetScout) een rechtszaak aan met de claim dat Gartner zijn rankings liet beïnvloeden door commercieel gewin. Gartner heeft die beschuldigingen fel van de hand gewezen en benadrukt dat zijn analyses onafhankelijk en objectief zijn. De rechter heeft de zaak uiteindelijk geseponeerd, bij gebrek aan bewijs. Gezien het feit dat Gartner’s hele waardepropositie draait om geloofwaardigheid, is het ook logisch dat het bedrijf zich geen flagrante partijdigheid kan permitteren: een schandaal op dat vlak zou immers het vertrouwen van klanten direct ondermijnen en de “moat” aantasten. Desondanks blijft dit onderwerp periodiek terugkomen in discussies. Het vormt een reputatierisico waar Gartner continu attent op moet blijven: het moet niet alleen onafhankelijk zijn , maar ook zichtbaar  onafhankelijk blijven in zijn oordeel. Financiële prestaties en waardering Kijken we naar de financiële prestaties, dan zien we een indrukwekkend groeiprofiel op lange termijn. Gartner weet al decennialang gestage groei te realiseren. Sinds de beursgang in 1987 is de beurswaarde, mede dankzij winstgroei en gerichte overnames, ongeveer 110 keer over de kop gegaan. Aandelenkoers Gartner: Bron: Google Finance De omzet en vrije kasstroom zijn in het algemeen met dubbele cijfers gegroeid. Zo heeft Gartner over de afgelopen 10 jaar rond de 12% per jaar aan gemiddelde omzetgroei neergezet, een tempo waarmee het de brede markt ruim heeft verslagen. De bedrijfsmarges zijn hoog (operationele winstmarges doorgaans rond de 20% of hoger) en de business is kapitaallicht, wat betekent dat een groot deel van de omzet uiteindelijk als vrije kasstroom beschikbaar komt. Die vrije kasstromen gebruikt het management voor een combinatie van groeiprojecten en het belonen van aandeelhouders. Het bedrijf heeft geen hoge kapitaaluitgaven nodig voor bijvoorbeeld fabrieken of voorraden, kennis en data zijn de belangrijkste “assets”, waardoor veel cash kan worden teruggegeven. Gartner voert al jaren een agressief aandeleninkoopprogramma: sinds 2006 is het aantal uitstaande aandelen met circa 30% verminderd door buybacks. Aandelen in omloop: Bron: Seeking Alpha Dit ondersteunt de winst per aandeel (want de taart wordt over minder aandelen verdeeld) en geeft overtollige kasmiddelen effectief terug aan de aandeelhouders. Dividend keert Gartner overigens niet uit; het management kiest ervoor overtollig kapitaal te laten terugvloeien via inkoop van eigen aandelen, naast strategische overnames waar daar kansen voor zijn. Wat betreft acquisities is Gartner over het algemeen selectief en gedisciplineerd. In de loop van zijn bestaan heeft het tientallen (circa 36) bedrijven overgenomen, meestal kleine specialistische firma’s om bepaalde expertise of producten toe te voegen. Vrijwel al die deals waren relatief bescheiden van omvang (veelal minder dan $100 miljoen). De grote uitzondering was de koop van het onderzoeks- en adviesbureau CEB Inc. in 2017. Gartner betaalde toen ongeveer $3,2 miljard (netto) voor CEB, een forse investering om voet aan de grond te krijgen in nieuwe domeinen buiten IT en bij middelgrote klanten. Deze overname is inmiddels geïntegreerd en lijkt succesvol: CEB’s activiteiten groeien onder Gartner’s vleugels naar verluidt met dubbele cijfers per jaar, geholpen door Gartner’s schaal en merk om meer klanten te bereiken en te behouden. Het is een voorbeeld van hoe Gartner gericht grotere stappen zet als de kans zich voordoet, maar verder toch voorzichtig omgaat met kapitaal. Het merendeel van de vrije kasstroom vloeit terug naar de aandeelhouders via inkoop van eigen aandelen, zoals genoemd. In de meest recente periode is de groei echter wat tot rust gekomen. Na jaren van ~10% of hoger omzetstijging kampte Gartner rond 2023–2024 met tegenwind door een afkoelende macro-economie. Tijdens economische mindere tijden (denk aan de dotcom-crisis begin jaren 2000 of de financiële crisis van 2008) worden projecten uitgesteld en conferenties minder bezocht; veel bedrijven zijn dan voorzichtiger met uitgaven aan advies en onderzoek. Dit resulteerde nu in een bescheiden mid-single-digit (ongeveer 5–7%) groei van Gartner’s inkomsten. Ook de winstgroei vlakte af; de operationele winst nam slechts met een paar procent toe. Dit is deels cyclisch van aard: Gartner’s business gedijt het beste wanneer organisaties volop investeren in nieuwe technologie en strategische projecten. In economisch mindere tijden stellen klanten soms de aanschaf van nieuwe diensten of de uitbreiding van bestaande abonnementen uit. Tijdens de COVID-pandemie van 2020 bijvoorbeeld zag Gartner zich genoodzaakt vrijwel al zijn fysieke events te schrappen, wat een flinke tijdelijke deuk in de conference-omzet gaf. Toch verloor Gartner in absolute zin nauwelijks klanten, de retentiegraad bleef rond of boven de 100%, wat wil zeggen dat bestaande klanten in totaal evenveel of zelfs iets méér bleven uitgeven dan voorheen, maar de aanwas van nieuwe klanten verliep trager. Het management van Gartner heeft aangegeven dat de huidige groeidip hoofdzakelijk te maken heeft met de “zwakke macro-omgeving” . Ze verwachten dat, zodra de economie weer aantrekt en IT-budgetten normaliseren, Gartner terug kan keren naar een hoger groeitempo. Men heeft een middellangetermijndoel uitgesproken van een omzetgroei van ten minste 10%  per jaar. In het kernsegment Research mikt Gartner zelfs op hernieuwde jaarlijkse groei van circa 12–16% (in contractwaarde) wanneer de omstandigheden verbeteren. Die prognoses zijn ambitieus maar niet onrealistisch: Gartner heeft in het verleden vaker cyclische acceleraties gekend. Enkele jaren geleden groeide de omzet nog met dubbele cijfers toen digitale transformatie hoog op de agenda stond bij bedrijven. Bovendien is de markt die Gartner bedient bepaald nog niet verzadigd. De totale addressable markt (TAM) voor alle expertisegebieden waarin Gartner nu actief is, wordt geschat op rond de $200 miljard per jaar. Ter vergelijking: Gartner’s eigen jaaromzet bedraagt circa $5 miljard, nog maar een paar procent van dat potentieel. Er zijn naar schatting honderdduizenden potentiële klantorganisaties wereldwijd die nog geen Gartner-afnemer zijn. Zelfs binnen de bestaande klanten liggen groeikansen: Gartner breidt immers continu zijn onderzoeksonderwerpen uit naar nieuwe trends, waardoor het telkens meer diensten aan dezelfde klant kan verkopen (het land-and-expand -principe). Het feit dat Gartner nu ook buiten IT (richting HR, finance, etc.) adviseert, verbreedt die runway verder. Over de langere termijn gezien heeft Gartner bovendien de wind in de rug van een niet te stuiten trend: digitalisering en technologische innovatie. Naarmate elke organisatie, van multinationals tot MKB, meer afhankelijk wordt van technologie, neemt de vraag naar objectief inzicht en strategisch advies toe. Denk aan opkomende gebieden als kunstmatige intelligentie, cloud computing, cyberbeveiliging, Internet of Things, enzovoort. Bij elk nieuw buzzword of elke hype-technologie zitten leidinggevenden met vragen: moeten we hier iets mee, welke leveranciers zijn toonaangevend, wat is écht en wat is marketingpraat? Gartner speelt in op die informatiebehoefte. Je zou kunnen stellen dat hoe complexer en overweldigender het technologische landschap wordt, des te waardevoller een gids als Gartner wordt. Deze seculiere rugwind betekent dat, los van economische cycli, de potentiële markt voor Gartner op lange termijn blijft groeien. Wat betekent dit alles voor een belegger? Gartner staat te boek als een kwaliteitsonderneming met een brede moat en voorspelbare kasstromen, maar wel met een gematigd groeitempo. Die combinatie maakt dat de waardering van het aandeel doorgaans stevig is, zij het dat de recente dip in groei de multiples wat heeft doen dalen. P/E GAAP Gartner: Bron: Seeking Alpha Momenteel (begin 2025) handelt het aandeel rond een koers-winstverhouding in de lage twintig (23x de winst van de afgelopen 12 maanden). Dat is in historisch perspectief aan de onderkant van Gartner’s eigen range: beleggers zijn duidelijk voorzichtiger geworden nu de groei (tijdelijk) hapert. Mocht Gartner erin slagen zijn groei weer op te krikken naar 10%+ per jaar, dan zou zo’n ~22x multiple achteraf weleens aantrekkelijk kunnen blijken voor een bedrijf van deze kwaliteit. Aan de andere kant, als de groei blijvend slechts mid-single-digit blijft, is het aandeel met boven de 20 keer de winst niet goedkoop te noemen. Veel zal afhangen van hoe de komende paar jaar verlopen en of Gartner zijn cyclische opleving kan waarmaken. Uiteindelijk komt het neer op het juiste prijskaartje: zelfs een geweldig bedrijf is alleen een geweldige investering als de prijs redelijk is.

  • ASML kwartaalcijfers op 16 juli: na 15 verrassingen nu een koersklap?

    In het kort: ASML verwacht voor Q2 een omzet van €7,2 tot €7,7 miljard en een brutomarge tussen 50 en 53 procent , gedragen door sterke AI-gerelateerde vraag naar EUV-systemen. Met 15 opeenvolgende kwartalen waarin ASML beter presteerde dan analistenverwachtingen , lijkt het bedrijf klaar voor opnieuw een 'beat-and-raise'-kwartaal. Ondanks een ogenschijnlijk hoge waardering biedt het aandeel nog altijd een reëel opwaarts potentieel van circa 12 procent , richting een koers van $890, ondersteund door structurele groeifactoren en technologische dominantie. ASML bevindt zich in een unieke positie binnen de halfgeleiderindustrie als enige producent ter wereld van extreme ultraviolet (EUV) lithografiesystemen , die essentieel zijn voor de productie van de meest geavanceerde chips, waaronder die voor AI, high-performance computing en next-gen smartphones. De strategische relevantie van deze machines maakt ASML onmisbaar in de mondiale waardeketen voor chips. ASML kreeg een flinke koers-klap door met name Chinese exportbeperkingen: Bron: ASML In het eerste kwartaal van 2025 leverde ASML vijf High‑NA EUV‑machines , de nieuwste generatie lithografie-apparatuur die chips onder de 2 nanometer mogelijk maakt. Deze leveringen droegen bij aan een brutomarge van 54 procent, waarmee de onderneming haar eigen guidance overtrof. De brutomarge is een belangrijk signaal van operationele kracht en pricing power, zeker nu importtarieven en geopolitieke verstoringen druk zetten op de kostenstructuur. Volgens analisten zal ASML in 2025 een EUV‑omzet realiseren van €11,1 miljard , een groei van ruim 41 procent ten opzichte van vorig jaar. Ook de High‑NA-divisie groeit explosief , met een verwachte verdrievoudiging van de omzet tot €1,7 miljard . De totale omzet van ASML wordt voor 2025 geraamd op ongeveer €30 tot €35 miljard . Dit bevestigt dat de structurele AI‑vraag zich vertaalt in keiharde orderboeken en langdurige klantbinding. ASML outlook 2025: Bron: ASML Voorzichtige Q2-guidance ASML is strategisch slim Voor het tweede kwartaal van 2025 hanteert ASML een omzetbandbreedte van €7,2 tot €7,7 miljard en een brutomarge van 50 tot 53 procent.  Daarmee positioneert het bedrijf zich bewust iets onder de analistenconsensus van gemiddeld €7,77 miljard omzet en circa 52,5 procent marge. Die voorzichtigheid is niet ongegrond: wisselkoersfluctuaties, verhoogde Amerikaanse importtarieven en geopolitieke spanningen maken het zinvol om met bredere marges te plannen. CEO Christophe Fouquet benadrukte eerder dat ASML 2025 als een ‘transitiejaar’ beschouwt , waarin het bedrijf zich voorbereidt op een structurele groeiversnelling in 2026. Die verklaring werd breed geaccepteerd door de markt, mede omdat de strategische onderbouwing robuust is: de hele halfgeleidersector investeert massaal in AI-gerelateerde infrastructuur, en ASML blijft daarin een onmisbare schakel. ASML Q2 2025: omzetverwachting en marges Bron: ASML ASML verrast al 15 kwartalen op rij: volgt Q2? ASML heeft een indrukwekkende reputatie opgebouwd als het gaat om winstverrassingen. In elk van de afgelopen 15 kwartalen wist het bedrijf beter te presteren dan de gemiddelde analistenverwachtingen.  In Q1 2025 boekte ASML een nettowinst van €2,4 miljard, goed voor een winst per aandeel van ongeveer € 6,00. Daarmee werd de EPS-consensus met ruim 3 procent overtroffen, ondanks dalende bookings. Wat extra opvalt is dat analisten de afgelopen drie maanden overwegend negatieve bijstellingen hebben gedaan: het aantal neerwaartse Q2-winstherzieningen (10) overtrof het aantal opwaartse (4) ruimschoots.  In feite wordt de lat voor ASML daarmee bewust lager gelegd, waardoor de kans op een nieuwe positieve verrassing toeneemt. Gezien het patroon uit het verleden en de robuuste onderliggende vraag, lijkt een nieuwe beat aannemelijk. ASML zet opnieuw in op sterke earnings surprise: Bron: Seeking Alpha ASML kwetsbaar voor cycli en wereldpolitiek Hoewel ASML technisch en commercieel dominant is, is het bedrijf niet immuun voor geopolitieke druk. De Amerikaanse overheid heeft de export van geavanceerde EUV-systemen naar China aan banden gelegd , en hoewel ASML hier proactief op inspeelt, blijft dit een risico. In Q1 2025 daalde het aandeel van China in de omzet tot 27 procent, tegenover 47 procent in Q3 2024.  ASML verwacht dat dit aandeel in de loop van 2025 verder zal dalen naar ongeveer 20 procent. Voor beleggers die naast de meer volatiele (tech)investeringen op zoek zijn naar meer stabielere lange-termijn beleggingen, kunnen vastgoedfondsen een aantrekkelijke aanvulling zijn. Een actueel overzicht van de beste vastgoedfondsen in Nederland vind je hier! Bovendien neemt de interne concurrentie binnen China toe. Peking zet zwaar in op technologische zelfvoorziening en probeert via staatsgesteunde bedrijven alternatieven voor westerse machines te ontwikkelen.  Tegelijkertijd blijft de vraag naar DUV-systemen uit China relatief stabiel, wat de totale impact enigszins dempt. Daarnaast is de sector als geheel cyclisch van aard. Bij een plotselinge macro-economische afkoeling kunnen grote klanten als TSMC, Intel of Samsung hun investeringen in nieuwe productielijnen tijdelijk pauzeren.  ASML’s orderboek van €38 miljard biedt dan wel buffer, maar een langdurige terugval in CAPEX-uitgaven zou alsnog pijn kunnen doen. Marktdominantie ASML rechtvaardigt hogere waardering ASML noteert momenteel tegen een koers-winstverhouding van ongeveer 33 keer de verwachte winst voor 2025 . Hoewel dit op het eerste gezicht hoog lijkt, ligt het slechts enkele procenten boven het sectorgemiddelde . Belangrijker is dat ASML op vlak van winstgevendheid, technologische voorsprong en marktmacht  aanzienlijk beter scoort dan zijn sectorgenoten, wat een structurele premie rechtvaardigt. Lees ook: Verliest ASML zijn technologische voorsprong in de chipsector? In historisch perspectief is de huidige waardering zelfs aan de lage kant. Het aandeel handelt momenteel met een korting van zo’n 7 à 8 procent ten opzichte van het 15‑jarig gemiddelde . Die onderwaardering valt moeilijk te rijmen met de sterke fundamenten en lange termijnvooruitzichten. Analisten zien in de combinatie van structurele groei, hoge marges en deze tijdelijke korting  ruimte voor een herwaardering richting ongeveer $890 per aandeel , wat neerkomt op een potentiële stijging van zo'n 12 procent  ten opzichte van het huidige niveau. Sommige scenario’s gaan nog verder en hanteren een hogere waarderingsmultiple op de winstverwachting voor 2026, waarmee de structurele groeikracht en prijszettingsmacht  van het bedrijf volledig tot uiting komen. ASML koers-winstverhouding: ontwikkeling laatste 5 jaar Bron: Stock Analysis Cruciale earningscall ASML op 16 juli Op woensdag 16 juli 2025 om 07:00 publiceert ASML haar Q2-cijfers, met om 15:00 de gebruikelijke earningscall.  Tijdens deze bijeenkomst zullen analisten en beleggers vooral letten op de volgende elementen: Wordt de omzet gehaald of overtroffen binnen de guidance van €7,2–7,7 miljard? Ligt de brutomarge dichter bij 50 of bij 53 procent? Hoeveel EUV- en High‑NA-systemen zijn er daadwerkelijk geleverd? Herstellen de net bookings zich na het matige eerste kwartaal (€3,9 miljard)? Geeft het management een indicatie van verdere groei in H2 2025 en FY 2026? Een combinatie van sterke leveringen, een stevige marge en een bevestiging van AI-gedreven orderintake zou het aandeel richting $890 kunnen duwen.  Tegelijkertijd kan een teleurstellende guidance of tegenvallende bookings tot hernieuwde koersdruk leiden. ASML: sterke fundamentals, maar weinig foutenmarge ASML combineert een ongeëvenaarde technologische voorsprong met hoge marges, diepe klantrelaties en een structurele vraag vanuit AI en HPC.  Voor beleggers die op zoek zijn naar langdurige groei in de halfgeleidersector blijft het aandeel een solide strategische positie. De kern van het beleggingsverhaal ligt in het feit dat ASML niet alleen levert aan de AI-boom, maar deze in technische zin ook mogelijk maakt. Tegelijk geldt: een hoge waardering betekent een lage foutenmarge.  Als geopolitieke risico’s zich materialiseren, bookings tegenvallen of marges onder druk komen, dan zal de markt snel reageren.

  • Bitcoin naar $167.000? Dit is wat de koers echt omhoog drijft

    In het kort Bitcoin brak vrijdag de grens van $118.000, een stijging van ruim 26% sinds het begin van 2025. De rally wordt gedreven door institutionele aankopen, gunstige wetgeving en nieuwe crypto-ETF’s. De Amerikaanse overheid zet vol in op digitalisering van de financiële markt met pro-crypto beleid. Bitcoin heeft gisteren een historisch hoogtepunt bereikt, met een piek van $118.755.  Dat betekent een stijging van meer dan 26 procent sinds het begin van het jaar . Deze stijging is niet het gevolg van kortstondige speculatie, maar wordt gedragen door een groeiende interesse van institutionele beleggers en bedrijven  die bitcoin toevoegen aan hun balans. Bitcoin naar $118K: nieuwe recordhoogte Bron: TradingView Bedrijven volgen in toenemende mate het voorbeeld van Strategy (MSTR) , dat eerder dit jaar zijn reserves fors uitbreidde met bitcoin. Deze ontwikkeling weerspiegelt een breder vertrouwen in crypto als strategisch bezit. Waar eerdere bullruns werden aangedreven door retailinvesteerders, zijn het nu vooral grote partijen die de drijvende kracht vormen achter de stijging van de koers. Enkele opvallende bedrijven die recent bitcoin aan hun balans hebben toegevoegd zijn onder andere: GameStop , dat in het tweede kwartaal van 2025 voor $500 miljoen aan bitcoin  aanschafte. Figma , dat in zijn beursaanvraag aangaf bitcoin, een bitcoin-ETF en USDC (een stablecoin) te bezitten, met plannen voor verdere uitbreiding. Sequans Communications , dat 370 bitcoins heeft gekocht  en mikt op een totale bezit van meer dan 3.000 bitcoins , gefinancierd met $384 miljoen aan kapitaal. Metaplanet , oorspronkelijk een Japans hotelbedrijf, dat zich transformeerde tot bitcoin-investeringsfirma met plannen om tegen 2027 210.000 bitcoins te bezitten . Trump Media & Technology Group , dat van plan is $2,5 miljard op te halen  om een eigen bitcoin-reserve op te bouwen. Deze bedrijven komen uit uiteenlopende sectoren van technologie tot retail en tonen aan dat bitcoin steeds vaker wordt gezien als een strategische reserve  in plaats van een speculatief instrument. Deze trend speelt een belangrijke rol in het structurele karakter van de huidige bullrun. Voor beleggers die naast de meer volatiele (tech)investeringen op zoek zijn naar meer stabielere lange-termijn beleggingen, kunnen vastgoedfondsen een aantrekkelijke aanvulling zijn. Een actueel overzicht van de beste vastgoedfondsen in Nederland vind je hier! Nieuwe wetgeving boost crypto-markt De politieke wind is in 2025 duidelijk gedraaid in het voordeel van de cryptomarkt. President Donald Trump heeft een strategische bitcoinreserve opgezet , een ongekende erkenning van crypto als officieel financieel instrument. Daarnaast heeft het Amerikaanse Congres de GENIUS Act aangenomen , wetgeving die de uitgifte van stablecoins reguleert. Stablecoins , digitale valuta gekoppeld aan de dollar, worden hiermee onderworpen aan nieuwe regelgeving die consumenten moet beschermen . Dit versterkt de legitimiteit van crypto-activa  in de ogen van institutionele beleggers. De cryptosector was een van de grootste politieke donoren in 2024 , wat het groeiende gewicht van de industrie in Washington onderstreept. Meer wetsvoorstellen worden verwacht , die het investeringsklimaat voor digitale activa verder kunnen verbeteren. GENIUS Act markeert keerpunt voor stablecoins: Bron: CryptoNinjas Bitcoin-ETF’s maken instap eenvoudiger Een andere cruciale katalysator voor deze bullrun is de instroom van kapitaal in spot bitcoin ETF’s . Deze exchange-traded funds maken het voor een breed publiek, van particulieren tot pensioenfondsen , eenvoudig om in bitcoin te beleggen zonder daadwerkelijk de munt aan te hoeven houden. ETF’s maken bitcoin toegankelijk voor beleggers die gewend zijn aan traditionele beurzen , wat geleid heeft tot een structurele toename van de vraag. Deze ontwikkeling herinnert aan de goud-ETF’s van begin jaren 2000 , die een vergelijkbaar effect hadden op de goudprijs. Sterke instroom in Bitcoin Spot ETF’s: Bron: Farside Optimisme voedt bitcoinrally De wereldwijde markten tonen sinds het voorjaar een verschuiving richting risicovollere beleggingen . Die 'risk-on'-mentaliteit komt voort uit factoren als een zwakke dollar , optimisme over kwartaalcijfers  en oplopende beurskoersen . Bitcoin profiteert van deze sfeer , als risicovol maar potentieel lucratief bezit. Bitcoin herstelde zich ondanks geopolitieke spanningen en tariefdreigingen , zoals de Liberation Day-tarieven  in april. Sindsdien zijn de cryptoprijzen juist gestegen, mede dankzij het herstel van vertrouwen in tech-aandelen zoals Nvidia . Analisten verwachten dat het momentum kan aanhouden. Gerry O'Shea van Hashdex Asset Management acht een koers van $140.000 mogelijk , gezien de toenemende institutionele toegang tot bitcoin via gereguleerde platforms. Waakzaamheid bij bullish crypto-markt Toch is deze bullrun niet zonder risico’s. De koersstijging van bitcoin is gestaag maar blijft gevoelig voor macro-economische schokken . Een wijziging in het Amerikaanse monetaire beleid of een onverwachte marktcorrectie kan het sentiment snel doen keren. Daarnaast brengt de institutionele betrokkenheid nieuwe risico’s , zoals grootschalige verkopen door bedrijven of fondsen. Ook kunnen politieke wijzigingen  in het Witte Huis of Congres de huidige crypto-vriendelijke koers bijstellen. Hoewel de regulering van stablecoins nu positief wordt ontvangen, kan te strenge wetgeving  in de praktijk negatieve gevolgen hebben. De balans tussen innovatie en bescherming  zal daarbij cruciaal zijn. Strategisch voordeel in bitcoin-markt De huidige bitcoin bullrun onderscheidt zich fundamenteel van voorgaande rally’s. Niet speculatie , maar structurele adoptie  lijkt nu de kern van het koersverloop te vormen. Instellingen, overheden en beleggers zien bitcoin steeds vaker als strategisch financieel instrument . Met nieuwe wetgeving, ETF’s en gunstige macro-omstandigheden zijn de condities rijp voor verdere groei. Tegelijkertijd vraagt dit om een meer strategische benadering van crypto-exposure. Nu bitcoin zich op een all time high  bevindt en er dus geen historisch prijsniveau is voor verdere koersactie , kijken technische analisten naar het Fibonacci retracementmodel  om mogelijke prijsdoelen te bepalen. Op basis van deze methode, die gebruikmaakt van wiskundige verhoudingen uit de natuurkunde en marktpsychologie , liggen de volgende mogelijke haltes rond de $132.000 en $167.000 . Het is belangrijk te benadrukken dat dit geen exacte wetenschap  is. Fibonacci-analyse gaat uit van het idee dat markten zich vaak in voorspelbare verhoudingen bewegen, maar biedt geen garanties . Toch biedt het houvast in afwezigheid van eerdere prijspatronen en doordat veel handelaren op deze modellen vertrouwen, kunnen verwachtingen zichzelf versterken . Fibonacci wijst $167K als doel: Bron: TradingView

  • Robotica-spin-out haalt $50 miljoen op voor wereldwijde expansie

    In het kort Intel zet een niet-kernonderdeel met focus op AI en robotica op eigen benen  en behoudt een minderheidsbelang. De nieuwe entiteit haalt $50 miljoen op  in een Series A-ronde, met steun van Intel Capital en MediaTek Innovation Fund. Dieptecamera’s en AI-visietechnologie worden steeds belangrijker  in autonome robots, beveiliging en industriële toepassingen. Na meer dan tien jaar als interne innovatie-eenheid binnen Intel, gaat RealSense nu zelfstandig verder . De afsplitsing van het bedrijf valt samen met een Series A-investeringsronde van $50 miljoen , geleid door het MediaTek Innovation Fund  en Intel Capital . Deze zet markeert niet alleen een strategische koerswijziging van Intel , dat zijn focus verlegt naar kernactiviteiten, maar luidt ook een nieuw hoofdstuk in voor RealSense . CEO Nadav Orbach , die eerder leiding gaf aan de disruptieve innovaties binnen Intel, stelt: “De markt voor fysieke AI is rijp”  en benadrukt dat de onafhankelijkheid van het bedrijf nodig is om sneller en gedurfder te kunnen innoveren. RealSense wordt zelfstandig robotica- en AI-bedrijf na Intel-spin-out: Bron: The Readable AI-robotica klaar voor schaalvergroting RealSense staat al stevig in het veld.  De visiesystemen van het bedrijf worden gebruikt in 60% van de autonome mobiele robots (AMR’s)  en humanoïde robots wereldwijd . Klanten zijn onder andere Unitree Robotics  en ANYbotics . De technologie stelt deze machines in staat om in 3D te navigeren en hun omgeving veilig te interpreteren. De recent gelanceerde D555-camera , met Power over Ethernet (PoE)  en AI-capaciteit aan de rand (edge AI) , wordt gezien als technologische mijlpaal . Deze speelt in op de groeiende behoefte aan embedded visiesystemen  die robuust en schaalbaar zijn. Voor beleggers die naast de meer volatiele (tech)investeringen op zoek zijn naar meer stabielere lange-termijn beleggingen, kunnen vastgoedfondsen een aantrekkelijke aanvulling zijn. Een actueel overzicht van de beste vastgoedfondsen in Nederland vind je hier! Ook buiten robotica breidt RealSense uit, bijvoorbeeld naar gezichtsherkenningstechnologie  in beveiligingssystemen. De combinatie van eigen hardware en software biedt klanten een complete, gebruiksklare oplossing. Robotica groeit razendsnel en lokt kapitaal Volgens Morgan Stanley  kan de markt voor humanoïde robots $5 biljoen waard worden in 2050 . Nvidia’s CEO  Jensen Huang noemde robotica al “de grootste kans na AI”. Grote technologiebedrijven als Tesla  en Amazon  investeren miljarden in deze richting. Tegen deze achtergrond is RealSense goed gepositioneerd . Met een klantenbestand van meer dan 3.000 bedrijven  en meer dan 80 patenten , biedt het bedrijf schaalbare technologie in een groeimarkt. Het opgehaalde kapitaal wordt ingezet voor uitbreiding van productiecapaciteit , versterking van het go-to-marketteam  en R&D van nieuwe generatie producten . Humanoïde robotica versnelt wereldwijd: Bron: The Daily Upside Intel laat RealSense los voor gefocuste groei De spin-out van RealSense past binnen Intel’s bredere herstructureringsstrategie  onder de nieuwe CEO Lip-Bu Tan . Na een moeilijk beursjaar en toenemende druk vanuit de AI-markt probeert Intel zijn focus te verleggen naar kernactiviteiten zoals datacenterchips en AI-processors . Door meerderheidsbelangen in niet-kernonderdelen zoals Altera en nu RealSense  van de hand te doen, maakt het bedrijf kapitaal vrij en verlaagt het structurele kosten. Voor Intel betekent het behouden van een minderheidsbelang in RealSense  dat het kan blijven meeliften op het groeipotentieel van AI-robotica, zonder zelf de operationele lasten te dragen. Beleggers zien dit als een tactische zet om middelen efficiënter in te zetten, al blijft er twijfel over het tempo waarin deze herstructurering vruchten zal afwerpen. De marktreactie was gematigd negatief: het aandeel Intel daalde 1,79%  op de dag van de aankondiging, mogelijk in afwachting van meer duidelijkheid bij de kwartaalcijfers op 24 juli . De spin-out toont vooral dat Intel kiest voor focus en kapitaalefficiëntie, in een markt die steeds sneller draait om specialisatie. Zware jaren voor Intel op de beurs: Bron: TradingView Robotica bereikt consumentenmarkt Wat RealSense onderscheidt is de combinatie van hardware en AI-software , met toepassingen in sectoren als gezondheidszorg , beveiliging , industriële automatisering  en maatschappelijke technologieprojecten  zoals samenwerking met Eyesynth . CEO Orbach benadrukt: “Onze missie is niet om mensen te vervangen, maar om gevaar en eentonigheid uit hun werk te halen.”  De technologie wordt al toegepast in medische assistenten, fabrieken en luchthavens. De strategische keuze voor toepassingen die maatschappelijke waarde toevoegen, kan RealSense helpen een breder draagvlak te verkrijgen in publieke en private sectoren. Met een combinatie van bewezen technologie , kapitaal , marktkennis  en een wereldwijd ecosysteem , lijkt RealSense klaar om een dominante rol te gaan spelen in het AI-roboticalandschap van morgen op eigen kracht en onafhankelijk van zijn voormalige moederbedrijf .

  • Deze AI-aandelen blijven beleggers verrassen

    In het kort: Google’s AI-zoekmachine krijgt concurrentie van ChatGPT, en dat maakt het juist interessanter dan ooit. TSMC’s fabrieken zijn tot 2027 volgeboekt door de AI-boom, een onmisbare speler voor chipproductie Adobe’s zet AI in om stand te houden tegen generatieve AI tools die ook afbeeldingen en video's kunnen bewerken. Kunstmatige intelligentie is een van de belangrijkste technologische groeigebieden van dit moment. Maar terwijl grote namen als Nvidia en OpenAI veel aandacht krijgen, zijn er ook andere beursgenoteerde bedrijven die hun positie in het AI-ecosysteem versterken, elk op een eigen manier. Van cloudinfrastructuur tot creatieve software en van chipproductie tot zoekmachine-innovatie: AI sijpelt overal door. In dit overzicht belichten we vier ondernemingen die strategisch inzetten op AI én hun verdienmodellen daarop weten af te stemmen: Alphabet, TSMC, Adobe en Marvell Technology. Elk van hen is actief op een ander punt in de AI-keten, maar wat ze gemeen hebben, is hun schaal, technische voorsprong en zichtbare vooruitgang in de commercialisering van AI. 1. Alphabet (GOOGL) Alphabet is niet alleen de moeder van Google, maar ook één van de duidelijkste AI-spelers wereldwijd. Het bedrijf ziet AI als strategisch verlengstuk van zijn positie in zoekmachines, advertenties, cloud en video. Wat AI betreft, is Alphabet op meerdere fronten tegelijk actief. Enerzijds blijft het bedrijf fors investeren in generatieve AI om zijn zoekmachine te verbeteren. Denk aan AI-overviews in zoekresultaten en slimmere advertenties. Dat is geen luxe. De opkomst van alternatieve zoekmethodes zoals ChatGPT, Claude en Perplexity zet de klassieke Google Search immers onder druk. Alphabet wil voorkomen dat het links en rechts wordt ingehaald. Tegelijk betekent deze dreiging ook dat de noodzaak om te innoveren reëel is en dat het bedrijf met zijn technische expertise en budget ($95 miljard cash/kortetermijninvesteringen) die uitdaging aan moet gaan. Alphabet is bovendien sterk gepositioneerd in cloud via Google Cloud Platform (GCP), dat almaar belangrijker wordt voor het train- en draaien van AI-modellen. De uitrol van Gemini (eigen large language model) en lanceringen zoals Veo 3 binnen het abonnement "AI Pro" ($19,99/maand) tonen hoe het bedrijf nieuwe verdienmodellen opbouwt op basis van AI. Daarin verschilt het van concurrenten die vooral nog investeren zonder zicht op monetisatie. Qua financiële kracht blinkt Alphabet uit. De return on invested capital (ROIC) ligt rond 34% en is in vijf jaar bijna verdubbeld. Dat betekent dat investeringen doorgaans renderen. Bovendien verwacht Wall Street dit kwartaal een winstgroei van 15,4% bij een omzetgroei van 10,7%. Die winstversnelling duidt op stijgende efficiëntie. ROIC Google afgelopen 10 jaar: Bron: Financecharts Toch zijn er risico’s. Google heeft geen first-mover advantage in generatieve AI. Bedrijven als OpenAI, Anthropic en Meta trekken talent aan en bouwen hun eigen ecosystemen. De dominantie van Google Search wordt op lange termijn uitgedaagd door AI-gedreven alternatieven. Voor beleggers die naast de meer volatiele (tech)investeringen op zoek zijn naar meer stabielere lange-termijn beleggingen, kunnen vastgoedfondsen een aantrekkelijke aanvulling zijn. Een actueel overzicht van de beste vastgoedfondsen in Nederland vind je hier! 2. Taiwan Semiconductor Manufacturing Company (TSMC) TSMC is het fundament van de wereldwijde chipsector. Het bedrijf produceert geavanceerde halfgeleiders voor nagenoeg elke grote techspeler: Nvidia, AMD, Apple, Qualcomm, Google. Daarmee is TSMC de stille kracht achter de hele AI-revolutie. AI vereist gigantische rekenkracht, en die rekenkracht draait op chips. Niet zomaar chips, maar op geavanceerde nodes van 3 nm en kleiner. Slechts twee bedrijven wereldwijd kunnen dat leveren, en TSMC is de leider van die twee. Het marktaandeel in cutting-edge productieprocessen ligt ver boven 60%. De vraag naar AI-hardware (voor cloudtraining, inference en edge computing) is explosief gegroeid. In H1 2025 steeg de winst van TSMC met 40%, en analisten verwachten dat deze trend zich komende jaren voort zal zetten met 35% in 2025, 14% in 2026 en 18% in 2027. Belangrijker: TSMC blijft investeren om de vraag te volgen. De fabrieken in Arizona (VS), Japan en binnenkort Duitsland verlagen het geopolitieke risico door de afhankelijkheid van Taiwan te verminderen. Apple-chips worden al in de VS geproduceerd. Nieuwe fabrieken zijn volgeboekt tot minstens eind 2027. Bron: Seeking Alpha TSMC beschikt over structurele schaalvoordelen en een technologisch voorsprong op concurrenten. Samsung en Intel zijn achteropgeraakt. De kostprijs en knowhow om te concurreren met TSMC zijn astronomisch. Toch zijn er risico’s. De afhankelijkheid van een klein aantal klanten is reëel: Nvidia, Apple en AMD maken samen een groot deel van de omzet uit. Ook is de toeleveringsketen kwetsbaar bij geopolitieke spanningen of bij een schok in de halfgeleidercyclus. Maar met sterk stijgende winsten, een toegenomen internationale voetafdruk en een rol als onmisbare AI-infrastructuurspeler blijft TSMC een spil in het AI-ecosysteem. 3. Adobe (ADBE) Adobe is misschien niet het eerste bedrijf dat in je opkomt bij AI, maar speelt een verrassend sterke rol in deze technologiegolf. Het bedrijf heeft AI geïntegreerd in zowat al zijn producten, en doet dat zonder zijn premium branding te verliezen en de concurrentiestrijd met AI afbeelding/video generatieplatform aan te gaan. Het vlaggenschip is Firefly, Adobe’s eigen generatieve AI-platform, waarmee gebruikers beeld en video kunnen creëren met tekstprompts. Firefly is geïntegreerd in Creative Cloud (Photoshop, Illustrator, Premiere), Document Cloud (Acrobat) én Experience Cloud (marketingtools). Zo wordt AI niet als extraatje verkocht, maar als kern van het product. Dat lijkt te werken. De digitale media-omzet groeit met dubbele cijfers, het aantal gebruikers van Acrobat AI steeg 25% jaar-op-jaar, en Adobe rapporteerde een verdubbeling van betalende Firefly-abonnementen in Q2. Het recurrente omzetmodel via Creative Cloud en Experience Cloud zorgt voor stabiliteit en voorspelbaarheid. Op het vlak van waardering is Adobe lager gewaardeerd dan gemiddeld. De koers is bijna 40% gedaald ten opzichte van de piek in januari 2024. De P/E staat op 23x, ver onder het 5-jaarsgemiddelde van 35. De forward PEG-ratio is 1,19x (gemiddelde IT-sector: 1,9x), wat mogelijk duidt op gunstige verhouding tussen groei en waardering. P/E GAAP afgelopen 5 jaar Adobe: Bron: Seeking Alpha Toch zijn er zorgen. De markt lijkt nog niet helemaal overtuigd van de schaalbaarheid van Adobe’s AI-modellen. De concurrentie in AI-designtools is hevig, en start-ups kunnen innoveren zonder legacy-structuren. Bovendien blijft de balans zwakker na jaren van intensieve overnames. Maar de strategische integratie van AI in zowel creatieve als zakelijke workflows maakt Adobe uniek gepositioneerd voor multi-verticale groei. 4. Marvell Technology (MRVL) Marvell is minder bekend dan Nvidia of AMD, maar speelt een cruciale rol in de onderliggende infrastructuur van AI. Het bedrijf levert netwerkchips, optische modules, custom ASICs en compute fabrics voor hyperscalers als Amazon, Microsoft en Google. Wat Marvell onderscheidt, is de volledige stack die het aanbiedt: van optische signaalverwerking (DSP) tot op maat gemaakte AI-siliciumoplossingen. Het bedrijf is een sleutelpartner in de bouw van volgende-generatie datacenters die de AI-boom aandrijven. De R&D-uitgaven zijn stevig: $1,95 miljard in FY2025, goed voor 33% van de omzet. Die investeringen renderen via strategische samenwerkingen. Zo sloot Marvell een akkoord met AWS voor levering van custom AI-chips en netwerkoplossingen. De groei in optische connectiviteit (800G en 1.6T) speelt ook perfect in op de nood aan hogere bandbreedte voor AI-verkeer. Financieel staat Marvell er degelijk voor. De omzetgroei is gekoppeld aan een TAM die kan oplopen tot $90 miljard in 2028. De forward PEG-ratio van Marvell is slechts 0,57x (sector: 1,9x), wat suggereert dat de markt mogelijk het groeipotentieel onvoldoende inprijst. Er zijn echter risico’s. De capex van hyperscalers zoals Microsoft lijkt trager te groeien dan verwacht. Als datacenters minder snel worden uitgebouwd, kan dat Marvell raken. Bovendien concurreert het bedrijf in een veld vol giganten zoals Nvidia, Broadcom en Intel. Maar door zijn nichefocus op netwerkoptimalisatie en custom AI-oplossingen blijft Marvell goed gepositioneerd in een markt die explosief groeit. Conclusie Deze vier aandelen vertegenwoordigen verschillende segmenten van de AI-keten: Alphabet als software- en cloudgigant, TSMC als chipfabrikant, Adobe als creatieve AI-integrator, en Marvell als infrastructuuraanbieder. Wat ze gemeen hebben, is strategische positionering, schaal en zichtbare AI-monetisatie. Elk van hen heeft echter ook specifieke risico’s: concurrentiedruk, geopolitieke risico’s of onzekerheid rond kapitaaluitgaven.

  • Kan dit aandeel jou miljonair maken? Al +102.000% sinds 2002

    In het kort: Dit bedrijf heeft meer dan 300 miljoen abonnees en een aandelenrendement van +102.000% sinds 2002. Met een brutomarge van 46% en zo'n $8 miljard vrije kasstroom in 2025 is het bedrijf niet alleen groot, maar ook extreem winstgevend. Van “Squid Game” tot live sport: het bedrijf blijft zichzelf heruitvinden, en verovert nu zelfs de klassieke tv-momenten. Netflix is wereldwijd uitgegroeid tot hét toonbeeld van disruptieve innovatie. Wat begon als een DVD-verhuurservice is inmiddels getransformeerd in een streamingreus met meer dan 300 miljoen abonnees wereldwijd. De gebruikersgroei is een stijging van 81% ten opzichte van eind 2019. Die indrukwekkende groei kwam tot stand ondanks een pandemie, inflatie, stijgende rente, geopolitieke spanningen en toenemende concurrentie. Dit alles zorgde voor een aandelenstijging van maar liefst 102.000% sinds 2002. Aandelenkoers Netflix sinds 2002: Bron: Google Finance Tegelijkertijd wist Netflix in Q1 2025 een omzetgroei van 12,5% te boeken, met een recordmarge van 31,7%. De verwachting is dat de operationele marge over heel 2025 uitkomt op 29%. Daarmee overstijgt Netflix ruimschoots de marges van concurrenten als Disney, waarvan de entertainmentdivisie pas in 2026 een marge van 10% verwacht. Netflix blijft wereldwijd uitbreiden, vooral in opkomende markten zoals Azië en Afrika, terwijl in volwassen markten als de VS en Canada groei vooral wordt bereikt via prijsverhogingen. Daarnaast schuwt het bedrijf geen koerswijzigingen. Zo werd jarenlange weerstand tegen advertenties opgegeven met de introductie van een goedkoper abonnementsmodel met reclame, dat inmiddels meer dan de helft van de nieuwe abonnees aantrekt. Ook het delen van wachtwoorden werd stevig aangepakt. Voor beleggers die naast de meer volatiele (tech)investeringen op zoek zijn naar meer stabielere lange-termijn beleggingen, kunnen vastgoedfondsen een aantrekkelijke aanvulling zijn. Een actueel overzicht van de beste vastgoedfondsen in Nederland vind je hier! Bovendien breidt Netflix zijn aanbod verder uit. Het bedrijf stapte recent in live-evenementen, waaronder sport. Live-uitzendingen van onder andere bokswedstrijden en NFL-wedstrijden tijdens Kerst zijn hier voorbeelden van. Internationaal heeft Netflix een deal gesloten met de Franse zender TF1 om lineaire livekanalen te introduceren. Met dergelijke stappen probeert Netflix ook kijkmomenten te veroveren waarop gebruikers eerder passief content consumeren, zoals bij live-tv of achtergrondmuziek. Netflix beschikt over een robuuste balans. In Q1 2025 bedroeg de vrije kasstroom 2,6 miljard dollar. Voor het hele jaar verwacht men 8 miljard dollar aan vrije kasstroom. Deze cijfers onderstrepen de sterke schaalvoordelen van het businessmodel: naarmate de omzet stijgt, groeien de kosten minder snel mee. Tegelijkertijd investeert Netflix dit jaar 18 miljard dollar in content, een stabiel bedrag ten opzichte van voorgaande jaren. Omzet en brutowinstmarge Netflix: Bron: Seeking Alpha Argumenten vóór het aandeel Netflix Schaalvoordelen Netflix is de dominante speler in streaming, zowel qua abonnees als qua winstgevendheid. Waar veel concurrenten nog altijd verlies draaien of pas recentelijk zwarte cijfers schrijven, heeft Netflix zijn positie al lang geconsolideerd. Disney's streamingdivisie bijvoorbeeld leed tot voor kort miljardenverlies en rapporteerde pas in 2024 een eerste kwartaalwinst van 336 miljoen dollar. Peacock (Comcast) draaide in Q1 nog een verlies van 215 miljoen dollar. In contrast boekte Netflix in datzelfde kwartaal een operationele winstgroei van 27%. Door zijn schaalvoordelen kan Netflix content produceren en distribueren tegen relatief lage kosten per gebruiker. Dit zorgt voor EBIT-marges van rond de 30%, terwijl de industrie als geheel nog ver verwijderd is van dergelijke winstgevendheid. De combinatie van een groot gebruikersbestand en efficiënte uitgaven aan content geeft Netflix concurrentievoordelen die moeilijk zijn te kopiëren. EBIT Marge Netflix: Bron: Seeking Alpha Strategische flexibiliteit Netflix heeft in de afgelopen jaren aangetoond bereid te zijn strategieën aan te passen wanneer de markt daarom vraagt. Eerst verzette het zich tegen advertenties, maar na de introductie van een goedkoper advertentie-abonnement bleek dat een succes. Meer dan de helft van nieuwe abonnees kiest nu voor dat model. Ook werd wachtwoorddelen aangepakt, met als gevolg een nieuwe impuls in het abonneebestand en de omzetgroei. Deze wendbaarheid blijkt ook uit de stappen richting live content. De livebokswedstrijd Tyson-Paul en de NFL-wedstrijden zijn voorbeelden van de testcapaciteit van Netflix. En via de deal met TF1 wordt geëxperimenteerd met klassieke lineaire zenders, iets wat voorheen haaks stond op het on-demand model van Netflix. Financiële prestaties De financiële resultaten zijn opvallend. De omzet groeide in Q1 met 12,5%, of zelfs 15,5% als men valuta-effecten buiten beschouwing laat. De vrije kasstroom steeg met 25%, net als de winst per aandeel. De marges bereikten een nieuw record van 31,7%. In Q2 verwacht het bedrijf 11 miljard dollar omzet (+15,4%) en een winst per aandeel van $7,03 (+44% jaar-op-jaar). De outlook voor heel 2025 ligt tussen de $43,5–44,5 miljard omzet met een marge van 29%. Daarnaast rekent het bedrijf op een sterke stijging in advertentie-inkomsten. Die worden naar verwachting in 2025 verdubbeld, mede dankzij de overstap naar een eigen advertentieplatform, waarmee targeting en meting verfijnd kunnen worden. Volgens het bedrijf bereikt Netflix via alle accounts wereldwijd een publiek van 700 miljoen mensen, waarvan tweederde buiten de VS. Groei in internationale markten De groeikansen liggen vooral in opkomende markten. In regio’s als Azië, Latijns-Amerika en Afrika is de penetratiegraad van streamingdiensten nog relatief laag. Tegelijkertijd groeit de internetdekking en de beschikbaarheid van goedkope smartphones. Netflix weet deze gebieden te betreden met zowel lokaal geproduceerde content als aantrekkelijke abonnementsmodellen, waaronder het reclame-ondersteunde abonnement. Met deze internationale uitbreiding is Netflix in staat om zijn gebruikersbestand verder te laten groeien, zonder volledig afhankelijk te zijn van prijsverhogingen in verzadigde markten. Bovendien betekent een breder geografisch bereik meer spreiding in inkomstenstromen, wat bijdraagt aan de stabiliteit. Contentmachine Netflix is een van de weinige bedrijven die erin is geslaagd een succesvolle contentmachine te bouwen met wereldwijde aantrekkingskracht. Series als “Squid Game”, “Stranger Things” en “Wednesday” domineren regelmatig wereldwijde top-10-lijsten. Daarnaast investeert het bedrijf in documentaires, realityshows, sport en kinderprogramma’s. De merkherkenning van Netflix is gigantisch. Het merk wordt wereldwijd herkend, zelfs in markten waar de dienst officieel nog niet actief is. Bovendien slaagt het bedrijf erin zowel prestige als toegankelijkheid uit te stralen. De combinatie van kwaliteit en kwantiteit in het aanbod versterkt de klantbinding. Argumenten tégen het aandeel Netflix Hoog gewaardeerd aandeel Op de beurs is Netflix allesbehalve goedkoop. Met een koers-winstverhouding van ruim 60 ligt de waardering meer dan dubbel zo hoog als die van de brede S&P 500. Zelfs op basis van forward earnings handelt het aandeel rond 49 keer de winst. Verwacht wordt dat de winst per aandeel jaarlijks met circa 20-30% groeit tot 2027, maar zelfs bij die groei is het moeilijk om de huidige waardering als erg aantrekkelijk te bestempelen. TTM P/E GAAP: Bron: Seeking Alpha Voor beleggers die nu instappen, betekent dit dat een aanzienlijk deel van de toekomstige groei al is ingeprijsd. Afnemende betrokkenheid en concurrentiedruk Ondanks de groei in abonnees zijn er signalen dat de betrokkenheid (engagement) van kijkers afneemt. Uit Nielsen-data blijkt dat Netflix’ aandeel in Amerikaanse kijktijd in 2025 daalde tot het laagste niveau in drie jaar. Die daling vond plaats in een periode waarin streaming als geheel recordhoogtes bereikte. Tegelijkertijd winnen YouTube, Tubi, Amazon en Roku marktaandeel. Ook interne data wijzen op zwakkere engagement. Zo werd “Squid Game” seizoen 3 in week 1 60 miljoen keer bekeken, een daling van 12% ten opzichte van seizoen 2. In week 2 liep dit verder terug met 21% daling. Hetzelfde geldt voor andere producties, wat erop kan wijzen dat het aanbod verzadigd raakt of dat het moeilijker wordt om kijkers langdurig te boeien. Beperkt onderscheidend vermogen Hoewel Netflix marktleider is, is de differentiatie ten opzichte van andere platforms niet altijd evident. YouTube heeft een veel breder aanbod door user-generated content, podcasts en muziekvideo’s. Prime Video bundelt content met een e-commerce-abonnement en Disney heeft krachtige IP's zoals Marvel, Star Wars en ESPN. Netflix heeft geprobeerd zijn content te verbreden met reality-tv en sportevenementen, maar in sommige categorieën blijft het achter. In ambient content (achtergrondmuziek, podcasts), korte clips, kinderprogramma’s en gebruikersgegenereerde content is de voorsprong van YouTube aanzienlijk. Ook in muziek en live-concerten ontbreekt Netflix vrijwel volledig. Verzadiging en groeigrens in volwassen markten In markten als de VS, Canada en Europa is de groeiruimte beperkt. Vrijwel ieder huishouden dat Netflix zou willen hebben, heeft inmiddels een account. Groei komt daar vooral nog uit prijsverhogingen of upgrades naar duurdere abonnementen. Beide strategieën stuiten op limieten: consumenten worden prijsgevoeliger en hebben steeds meer alternatieven. Daarnaast worden veel streamingdiensten geconfronteerd met churn: klanten die tijdelijk opzeggen of wisselen van dienst. Dit maakt het moeilijker om stabiele groei te realiseren, zeker nu concurrenten zoals Disney, Amazon en Apple agressief investeren in content. Structurele afhankelijkheid van hits Netflix is in hoge mate afhankelijk van het continue succes van toptitels. Een tegenvallende release leidt vrijwel direct tot lagere engagementcijfers. In Q2 2025 bijvoorbeeld viel de kijktijd relatief tegen door een relatief zwak aanbod. Hoewel het tweede halfjaar sterker wordt met onder andere de finales van “Stranger Things” en “Wednesday” , blijft het risico bestaan dat titels minder aanslaan dan verwacht. De noodzaak om steeds opnieuw wereldwijde hits te produceren brengt risico’s met zich mee. Productiekosten zijn hoog, terwijl succes nooit gegarandeerd is. Misstappen in contentstrategie kunnen snel effect hebben op aandeelhouderswaarde en gebruikersgroei. Advertentie-ambities blijven onzeker Hoewel de advertentie-inkomsten snel groeien, zijn de exacte cijfers onbekend. Netflix meldt dat de omzet uit advertenties verdubbelt, maar geeft geen concrete guidance. De marges zijn afhankelijk van factoren als CPM (kosten per duizend weergaven), targetingkwaliteit, concurrentie en macro-economische omstandigheden. Daar komt bij dat de concurrentie hevig is. Prime Video verdubbelde recentelijk zijn advertentielast per uur. Disney breidt agressief zijn bundels uit. En YouTube blijft dominant door zijn schaal, targetingmogelijkheden en lage productiekosten. Netflix kan dus niet rekenen op een probleemloze groei van de advertentietak. Of Netflix vandaag nog een aandeel is dat beleggers miljonair kan maken, hangt in hoge mate af van toekomstige winstgroei, de houdbaarheid van de marges en de mate waarin de huidige waardering gerechtvaardigd blijft. In het verleden heeft het bedrijf uitzonderlijke rendementen opgeleverd voor wie er vroeg bij was: sinds 2002 steeg het aandeel met meer dan 100.000%. Vandaag is Netflix een volwassen onderneming met een beurswaarde van ruim 500 miljard dollar, sterke financiële fundamenten, een duidelijke strategie en substantiële kasstromen. Tegelijkertijd zijn de verwachtingen hoog, de concurrentie hevig en lijkt de ruimte voor een veelvoudig rendement zoals in het verleden aanzienlijk beperkter geworden.

bottom of page