top of page

Doorzoek deze website

14609 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • Is Broadcom nu goedkoop te noemen?

    In het kort: Sterke kwartaalcijfers verwacht, ondanks recente koersdaling : Analisten voorspellen een omzetgroei van 22%  jaar-op-jaar naar $14,61 miljard  en een aangepaste nettowinst van $7,39 miljard  (+41% YoY). AI en VMware als groeimotoren : Broadcom profiteert van de aanhoudende investeringen in AI-hardware en de succesvolle integratie van VMware, wat de softwaretak versterkt. Waardering blijft hoog ondanks koerscorrectie : De PEG-ratio  blijft met 1,5x tot 1,8x  boven de ideale 1x -grens, wat wijst op een beperkte veiligheidsmarge voor beleggers. Broadcom (AVGO) publiceert op donderdag 6 maart 2025  na beurs zijn resultaten voor het eerste fiscale kwartaal (FQ1 2025). Analisten blijven overwegend positief, ondanks de recente koersdaling. De aandelenkoers van Broadcom de afgelopen 5 jaar: Bron: Macrotrends Verwachte resultaten FQ1 2025 : Omzet : $14,61 miljard ( +22% YoY ) Aangepaste nettowinst : $7,39 miljard (stijging van $5,25 miljard  vorig jaar) De netto-inkomsten van Broadcom sinds 2010: Bron: Macrotrends De omzetgroei wordt gedreven door: AI-gerelateerde vraag : Cloudproviders en datacenters blijven fors investeren in AI-hardware. Succesvolle integratie VMware : Broadcom’s overname van VMware versterkt het softwaresegment en vergroot de omzetbasis. Toch verkeert Broadcom in woelig beurswater. Vorige beursweek daalden AI- en halfgeleideraandelen fors na de publicatie van Nvidia’s kwartaalcijfers. Nvidia overtrof de verwachtingen, maar beleggers bleken bezorgd over de duurzaamheid van AI-uitgaven en de mogelijke impact van handelsbeperkingen onder een mogelijke herinvoering van Trump’s beleid. Broadcom verloor in één week 9% en is sinds december al 25% gedaald.  De vraag is of de sterke kwartaalcijfers het vertrouwen van beleggers kunnen herstellen. Broadcom blijft profiteren van de wereldwijde groeiende investeringen in datacenters en infrastructuur . Het bedrijf speelt een cruciale rol in AI-netwerken en levert chips die worden gebruikt in geavanceerde cloudcomputing. Daarnaast begint de integratie van VMware  zijn vruchten af te werpen. Dit versterkt Broadcom’s softwareportfolio, waardoor het bedrijf minder afhankelijk wordt van de halfgeleidercyclus en een stabielere omzetbasis  creëert. Volgens analisten blijft de winstgroei sterk, met een geschatte jaarlijkse groei van 17%  (CAGR) tot 2030. Verwachte EPS-groei per jaar (CAGR, 2025-2030) : 17% Bron: Seeking Alpha Broadcom blijft ook acquisities overwegen, waaronder mogelijk Intel’s productenafdeling, wat extra groeikansen biedt. Volgens de Wall Street Journal  overweegt Broadcom nu namelijk ook nog de overname van Intel’s chipontwerp- en marketingactiviteiten. Dit zou: Broadcom’s ontwerpportfolio verbreden en toegang bieden tot nieuwe technologieën. Kostenreducties en efficiëntieverbeteringen opleveren. Een deel van Intel’s 7,9% marktaandeel in de halfgeleiderindustrie  binnenhalen. Toch zijn er ook risico’s als we kijken naar deze overname: Broadcom’s langlopende schuld steeg in 2024 met 73,8% , hoewel de schuld/EBITDA-ratio daalde naar 2,1x  (onder de doelstelling van 2,5x). De overname zou extra schuld toevoegen , wat de balans verder kan verzwaren. De lange termijn schuld van Broadcom: Bron: Macrotrends Broadcom heeft echter een sterke staat van dienst in succesvolle overnames, waaronder CA Technologies en Symantec. Als het management Intel’s divisie efficiënt kan herstructureren, kan dit de winstgevendheid op lange termijn aanzienlijk verhogen. Ondanks de recente daling blijft Broadcom echter niet goedkoop te noemen.. Forward P/E (2025) : 31,41 Verwachte EPS-groei per jaar (CAGR, 2025-2030) : 17% PEG-ratio : 1,8x (ideaal ≤1x) Gecorrigeerd voor groeikapitaaluitgaven (CAPEX) : PEG-ratio 1,5x Hoewel Broadcom stevig groeit, blijft de waardering hoog. De PEG-ratio boven 1,5x  betekent dat het aandeel nog steeds duur is voor growth-at-a-reasonable-price -beleggers. Ondanks het sterke groeipotentieel blijven er dus enkele belangrijke risico’s: Hoge waardering : Zelfs na de koersdaling blijft de veiligheidsmarge klein. Geopolitieke onzekerheid : Tarieven en exportrestricties voor AI-chips kunnen de groeiverwachtingen temperen. Vertraging AI-uitgaven : Als cloudproviders hun investeringen afremmen, kan Broadcom’s groei afzwakken. Broadcom blijft een sterk groeiverhaal, aangedreven door AI en strategische overnames. Toch is de waardering nog steeds hoog, waardoor de opwaartse potentie beperkt blijft. Beleggers met een lange horizon kunnen vertrouwen op Broadcom’s marktpositie, maar voor waarde-investeerders is het aandeel nog niet goedkoop genoeg.

  • Trump zet XRP, ADA en SOL hiermee in de schijnwerpers

    In het kort: Trump bevestigt strategische cryptoreserve : XRP, Solana (SOL) en Cardano (ADA) maken deel uit van de door de VS geplande nationale cryptoreserve. Koersen exploderen : ADA stijgt met 30% , XRP met 18%  en SOL met ruim 16%  in reactie op de aankondiging. Implicaties voor de cryptomarkt : De koerssprongen suggereren dat institutionele adoptie en regulering dichterbij komen. Wat is er gebeurd? De Amerikaanse president Donald Trump heeft opnieuw een schokgolf door de cryptomarkt gestuurd. In een bericht op zijn sociale mediaplatform Truth Social  onthulde hij dat de VS een nationale cryptoreserve zal opzetten, waarin XRP, Solana (SOL) en Cardano (ADA) zijn opgenomen . Het bericht van Trump op Truth Social: Bron: Truth Social Dit is een grote wending, aangezien eerdere geruchten suggereerden dat een nationale cryptoreserve zich uitsluitend op Bitcoin (BTC)  zou richten. De impact op de markt was direct: XRP steeg met 18%  en bereikte op een piek zelfs een koersstijging van 20%, waarbij de prijs opliep van $2,30 naar $2,60 . Solana (SOL) sprong met 14% omhoog  en brak door de $160-grens , een niveau dat sinds de crash van vorige week niet meer was gezien. Cardano (ADA) was de grootste winnaar  met een explosieve 30%-stijging , waarmee het token op een koers van boven de $0,80  kwam. Ook Bitcoin  profiteerde van het nieuws en schoot boven de $88.000 , en gaat momenteel richting de $90.000. Waarom deze enorme koersstijgingen? De cryptowereld reageerde zo heftig omdat deze aankondiging verschillende cruciale implicaties heeft: Institutionele acceptatie van crypto groeit Een nationale cryptoreserve impliceert dat de Amerikaanse overheid zelf digitale activa zal vasthouden . Dit kan een toenemend vertrouwen in crypto’s  bij institutionele beleggers aanwakkeren. Het feit dat XRP, ADA en SOL in de reserve zijn opgenomen, wijst op een bredere acceptatie van altcoins  naast Bitcoin. Regulering wordt concreter De reserve wordt gevormd in lijn met Executive Order 14178 , die de Presidential Working Group on Digital Asset Markets  heeft ingesteld. Dit kan betekenen dat er duidelijkere richtlijnen komen  voor de sector, wat investeerders en bedrijven meer zekerheid geeft. Trump’s pro-crypto standpunt vs. Biden’s reguleringsaanpak Trump positioneert zich met deze zet als een sterke voorstander van de cryptomarkt , in tegenstelling tot zijn voorganger Joe Biden, wiens regering strenge regels probeerde door te voeren. In zijn verklaring noemde Trump expliciet de “corrupt attacks” op crypto door de vorige regering. De enorme koersreactie toont maar weer aan hoe sterk politiek nieuws de cryptomarkt kan beïnvloeden. Met de presidentsverkiezingen van 2024  nog vers in het geheugen, lijkt Trump zich te positioneren als de meest crypto-vriendelijke president tot nu toe. Voor investeerders betekent dit: Kansen in altcoins : De aandacht voor XRP, SOL en ADA kan ervoor zorgen dat deze munten sterk blijven presteren  in de komende maanden. Toenemende volatiliteit : Politieke beslissingen kunnen in deze sector leiden tot plotselinge pieken en dalen . Dat zagen we eerder al bij Trump’s eerdere uitspraken over Bitcoin. Meer institutionele investeringen : Met de VS als mogelijke houder van een cryptoreserve, zouden grote institutionele partijen ook meer exposure aan crypto kunnen nemen . De cryptomarkt is dus opnieuw flink opgeschud door een verrassende aankondiging van Donald Trump. De opname van XRP, SOL en ADA in de eerste Amerikaanse Crypto Strategic Reserve  heeft direct gezorgd voor enorme koersstijgingen. Dit onderstreept niet alleen de invloed van politiek op de sector, maar ook de groeiende institutionele interesse. De vraag is nu: blijft deze rally aanhouden, of volgt er een correctie? Eén ding is zeker: met een Trump-regering  wordt crypto een nog belangrijker geopolitiek thema.

  • Gaan deze tabaksaandelen exploderen door Trump?

    In het kort: Tabaksbedrijven zoals Altria, British American Tobacco en Philip Morris bieden stabiele beleggingskansen met hoge dividenden en recessiebestendigheid, zelfs in onzekere tijden. Trump’s belofte om illegale vapes aan te pakken en deregulatie door te voeren kan Amerikaanse tabaksbedrijven een forse boost geven, met Altria en BTI als grote winnaars. Ondanks controverses en risico’s zoals rechtszaken, combineren deze bedrijven cashflow uit sigaretten met groei in vaping en rookvrije alternatieven, zoals IQOS van Philip Morris. Beleggen is een spel vol kansen en risico’s, sommige sectoren kunnen stabiliteit bieden, zelfs als de markten wankelen. Tabaksbedrijven zijn zo’n parel: controversieel, verslavend maar laten we eerlijk zijn: erg winstgevend. Met de komst van Trump 2.0 en zijn belofte van een harde aanpak van illegale vapes en deregulatie, kunnen Amerikaanse tabaksbedrijven een ongekende boost gaan krijgen. Tabak is niet zomaar een product. Het is een gewoonte, een verslaving die diep geworteld zit in de samenleving. Terwijl Buffett miljarden verdiende met Coca-Cola – een bedrijf dat suikerhoudende drankjes levert waar mensen niet zonder kunnen – biedt tabak een vergelijkbare zekerheid. Mensen stoppen niet met roken of andere vormen van nicotine omdat de economie hapert. Sterker nog, in tijden van stress grijpen ze er vaak nog steviger naar. Dat maakt tabaksbedrijven recessie-proof, zo werd British American Tobacco veel minder hard geraakt dan andere bedrijven tijdens de 2008 recessie: het duurde slechts twee jaar voordat het aandeel was hersteld. Koers van British American Tobacco – bron: Google Finance De cijfers liegen niet. Ondanks jaren van anti-rookcampagnes blijft er veel gerookt worden, en ook vapes maken een opmars. En met de Trump-administratie die belooft de illegale import van Chinese vapes aan te pakken, krijgen Amerikaanse spelers een ongeëvenaard voordeel. Wereldwijde gerookte sigaretten (in miljarden) – bron: Stata Laten we beginnen met Altria Group, een titaan in de Amerikaanse tabaksmarkt. Met een aandeel dat rond de $55 zweeft, biedt dit bedrijf een dividendrendement van maar liefst 7,4%. Dit ligt historisch tussen de 4-10%. Dividend yield Altria – bron: Macrotrends Altria domineert de Amerikaanse markt voor sigaretten met merken als Philips Morris USA en daarmee de Amerikaanse Marlboro, maar ze kijken ook vooruit. Ze investeren fors in vaping en rookvrije alternatieven, zoals hun aandeel in Juul en andere rookvrije nicotinevervangers. Ze verschuiven hun focus naar groeimarkten terwijl ze hun cashflow-machine draaiende houden met traditionele producten. Percentage roken versus vapen in de VS – bron: Altria Daarnaast is het aandeel op dit moment erg goedkoop, met een forward P/E ratio van 10. Valuatie van Altria – bron: Seeking Alpha Wat maakt Altria extra aantrekkelijk? Hun aandeleninkoopprogramma. Ze kopen consequent eigen aandelen terug, wat de waarde per aandeel stuwt. Zelfs als de omzet plat blijft, groeit jouw stukje van de taart. En met een conservatieve groei van 3% per jaar – zoals het bedrijf zelf voorspelt – kan het aandeel blijven stijgen door de buybacks. Dan hebben we British American Tobacco, een reus met een wereldwijde voetafdruk. Met een aandelenkoers van $39 en een dividend van 7,7%. Begin 2025 nam de koers een duik na zwakke guidance en een voorziening van $7 miljard voor een mogelijke rechtszaak. Paniek sloeg toe, beleggers dumpten hun aandelen, en wat bleef was een aandeel dat spotgoedkoop oogt. Aandelenkoers BTI – bron: Google Finance BTI is niet alleen een sigarettenfabrikant. Ze bouwen aan een toekomst met vaping en verwarmde tabaksproducten zoals Glo. De Trump-belofte om illegale Chinese vapes te tackelen, speelt recht in hun kaarten. Minder concurrentie van goedkope namaak betekent meer marktaandeel voor BTI’s eigen merken, zoals Vuse. Daarnaast staat BTI erg laag gewaardeerd op dit moment, terwijl ze mikken op een jaarlijkse groei van 4-6%. Een forward P/E van 9. Valuatie British American Tobacco – bron: Seeking Alpha Philip Morris International is een ander groot tabaksbedrijf. Met een koers van $155 per aandeel en een dividend van 3,5%, lijkt het op het eerste gezicht duurder dan de rest. Maar kijk dieper, en je ziet waarom de markt zo enthousiast is. Dit aandeel steeg 72% in het afgelopen jaar en tikte all-time highs aan. Waarom? Omdat PM de toekomst omarmt zoals geen ander tabaksbedrijf. Aandelenkoers Philips Morris afgelopen jaar – bron: Google Finance PM verdient geen cent in de VS omdat ze Philip Morris USA aan Altria hebben verkocht – hun focus ligt volledig op internationale markten. Hun paradepaardje? IQOS, een verwarmd tabaksproduct dat rokers wereldwijd verovert. In tegenstelling tot Altria en BTI, die nog leunen op traditionele sigaretten, groeit PM’s omzet gestaag. De afgelopen vijf jaar laten een consistente stijging zien, en analisten voorspellen tot 14% groei per jaar. Dit is totaal anders dan de andere genoemde tabaksbedrijven, die een dalende omzet hebben. Omzetgroei Philip Morris – bron: Seeking Alpha Toch is er een caveat. PM’s waardering is hoog, en hun balans toont flink wat schulden. Met $71,6 miljard aan verplichtingen en een negatief eigen vermogen van $11,7 miljard, hangt er een risico boven hun hoofd. Het koers/winst ratio ligt ver boven de sector, wat in principe niet gek is omdat het bedrijf ook harder groeit dan de rest. Valuatie Philip Morris – Bron: Seeking Alpha Laten we het hebben over de olifant in de kamer: Donald Trump. Zijn administratie belooft een harde lijn tegen illegale vapemarkten, vooral die uit China. Dat is muziek in de oren van Amerikaanse tabaksbedrijven. Illegale vapes overspoelen nu de markt met goedkope, ongereguleerde producten. Als Trump die kraan dichtdraait, winnen Altria, BTI en PM extra marktaandeel zonder een vinger uit te steken. En er is meer. British American Tobacco schonk $10 miljoen aan Trump’s campagne, een signaal dat ze vertrouwen hebben in zijn beleid. SpaceX mag dan de grootste donor zijn, maar tabak staat stevig in de top. Dus, welk aandeel kies je? Altria biedt veiligheid en een dik dividend. BTI is een underdog met de lage waardering. PM is de groeikoning, maar je betaalt een premium. Geen belegging is zonder risico. Tabak kampt met rechtszaken – kijk naar BTI’s $7 miljard-voorziening. Regulering kan altijd roet in het eten gooien, hoewel Trump’s aanpak dat risico nu verkleint. En dan is er nog de publieke opinie: tabak blijft controversieel. Tabaksbedrijven zijn geen hard groeiende tech-aandelen of nieuwe cryptomunten. Ze zijn stabiel, betrouwbaar en klaar om te profiteren van een veranderende tabaksindustrie. Altria, BTI en PM bieden elk iets speciaals: dividend, lage waardering of groei. Met Trump’s beleid van deregulatie en aanpak van illegale vapes, zou dit een goed moment kunnen zijn om in te stappen.

  • DeepSeek onthult bizarre cijfers: Breekt het toch Nvidia’s AI-monopolie?

    In het kort: Kosten en winstgevendheid : DeepSeek-V3/R1 heeft een theoretische dagelijkse winstmarge van 545% , met een geschatte dagomzet van $562.027  en operationele kosten van $87.072 . Efficiëntie door parallelisme : Het gebruik van Expert Parallelism (EP)  en Data Parallelism (DP)  verlaagt de latentie en verhoogt de doorvoer door taken over meerdere GPU’s te verdelen. Impact op AI-markt : DeepSeek's kostenstructuur roept vragen op over de enorme investeringen van Amerikaanse AI-bedrijven in high-end chips zoals de H100. De Chinese AI-startup DeepSeek  heeft voor het eerst details vrijgegeven over de kosten en potentiële winstgevendheid van zijn inferentie-infrastructuur voor de populaire V3- en R1-modellen . Uit de gegevens die DeepSeek deelde op Github blijkt dat de theoretische kosten-winstverhouding 545% per dag  bedraagt. Dat betekent dat het bedrijf voor iedere $1 aan operationele kosten theoretisch $5,45 omzet genereert . Toch waarschuwt DeepSeek dat de werkelijke inkomsten lager uitvallen door lagere tarieven voor bepaalde diensten en gratis toegang voor web- en appgebruikers. Kostenstructuur: $87.072 per dag aan GPU-huur DeepSeek’s inferentiesysteem draait op Nvidia H800 GPU’s , een relatief goedkope optie vergeleken met de krachtigere H100 -modellen die door concurrenten zoals OpenAI  en Google DeepMind  worden gebruikt en vele malen minder sterk dan de Blackwell chips die eraan zitten te komen. Uit de cijfers blijkt: Gemiddelde GPU-bezetting per dag : 226,75 nodes , met een piek van 278 nodes  (1 node = 8 GPU’s). Huurprijs per GPU : $2 per uur , resulterend in een totale dagelijkse kostenpost van $87.072 . De kosten/winstmarge van DeepSeek: Bron: Github Jaarlijkse kosten : $31,8 miljoen , uitgaande van een constant gebruik. Theoretische omzet: $562.027 per dag De inkomsten zijn berekend op basis van DeepSeek-R1’s prijzen: Token type Prijs per miljoen tokens Aandeel in totaal Tokens per dag Omzet per dag Input (cache hit) $0,14 56,3% 342 miljard $47.880 Input (cache miss) $0,55 43,7% 266 miljard $146.300 Output tokens $2,19 100% 168 miljard $367.847 Totaal - - - $562.027 Met deze berekening zou DeepSeek ruim $205 miljoen per jaar  aan inferentie-inkomsten kunnen genereren, zonder rekening te houden met eventuele kortingen of gratis services . Werkelijke winst lager door lagere prijzen en gratis diensten Hoewel de theoretische marge indrukwekkend is, geeft DeepSeek zelf aan dat de werkelijke inkomsten fors lager  liggen. Drie redenen: Lager tarief voor V3-gebruikers : DeepSeek-V3 is goedkoper dan R1, wat de omzet drukt. Gratis web- en app-toegang : Alleen API-gebruikers betalen, wat de inkomsten beperkt. Nachttarieven : Tijdens daluren worden GPU’s ingezet voor onderzoek en training, wat de commerciële capaciteit verlaagt. Schaalbaarheid en efficiëntie: DeepSeek’s technische aanpak DeepSeek optimaliseert zijn inferentiesysteem door gebruik te maken van Expert Parallelism (EP)  en Data Parallelism (DP) . Hierdoor wordt de GPU-belasting gelijk verdeeld, wat zorgt voor een hogere doorvoer en lagere latentie . Prefill-fase : EP32 en DP32  om batchgroottes te maximaliseren  en rekenefficiëntie te verhogen. Decode-fase : EP144 en DP144  om zware geheugenbewerkingen beter te spreiden  over meerdere GPU’s. Load balancing : Een Prefill Load Balancer, Decode Load Balancer en Expert-Parallel Load Balancer  zorgen ervoor dat geen enkele GPU overbelast raakt. Samen zorgen deze ervoor dat geen enkele GPU overbelast raakt, waardoor de rekencapaciteit optimaal benut wordt en piekprestaties gegarandeerd zijn. Dit betekent dat DeepSeek met minder dure hardware toch gigantische hoeveelheden AI-berekeningen kan uitvoeren – iets wat Nvidia’s traditionele model van dure high-end chips onder druk zet. Daarnaast wordt communicatie-overlapping  toegepast, waarbij GPU’s parallel rekenen en communiceren, zodat geen rekencyclus verloren gaat aan wachttijden. Wat betekent dit voor Nvidia en AI-concurrenten? De onthulde kostenstructuur zet vraagtekens bij de miljardeninvesteringen van Amerikaanse AI-bedrijven in de nieuwste Nvidia H100 en toekomstige B100 GPU’s. DeepSeek gebruikt ‘goedkopere’ H800-GPU’s , maar behaalt alsnog indrukwekkende efficiëntie en winstmarges. Amerikaanse AI-bedrijven zoals OpenAI en Google DeepMind hebben enorme hardwarekosten , waardoor hun winstmarges mogelijk veel lager  liggen. Investeerders hebben twijfels over de noodzaak van extreem dure AI-infrastructuur . De daling van AI-aandelen in januari 2025 toont aan dat beleggers toch wat bang zijn dat DeepSeek's opkomst een bedreiging kan vormen voor bedrijven die zwaar leunen op high-end hardware. Hoewel DeepSeek's efficiëntie indrukwekkend lijkt, benadrukte Nvidia-CEO Jensen Huang  na de sterke kwartaalcijfers van Nvidia dat de vraag naar AI-compute alleen maar zal toenemen. Huang stelde: "We’re going to have a good quarter next quarter. And we’ve got a fairly good pipeline of demand for Blackwell." Jensen Huang over de toekomstige vraag naar Nvidia´s chips en DeepSeek: Bron: Youtube Hiermee doelde hij op de aanhoudende kapitaalinvesteringen in datacenters en de verwachte adoptie van Nvidia’s Blackwell -architectuur. Hij weerlegde bovendien de indruk dat DeepSeek minder rekencapaciteit nodig zou hebben. Integendeel, hij stelde dat geavanceerde "reasoning AI" , zoals DeepSeek en GPT-4, juist veel meer  rekenkracht vereist. Volgens Huang kan de rekencapaciteit voor inferentieprocessen nu 100 keer hoger  liggen dan voorheen, omdat AI-modellen niet alleen antwoorden genereren, maar ook nadenken, reflecteren en optimaliseren  voordat ze een antwoord presenteren. Dit suggereert dat DeepSeek’s huidige efficiëntie niet per se een bedreiging vormt voor Nvidia, maar eerder de vraag naar gespecialiseerde AI-hardware op lange termijn kan versterken. DeepSeek bewijst met deze cijfers dat efficiënte AI-inferentie niet afhankelijk hoeft te zijn van de duurste hardware. Met een potentieel jaarlijks winstpercentage van ruim 500%  en lagere operationele kosten dan westerse concurrenten, lijkt het bedrijf een serieuze uitdager in de wereldwijde AI-markt. Toch blijft de grote vraag: kunnen ze deze marge vasthouden als ze verder opschalen en meer diensten gaan monetizen, en wat gaat het effect zijn op hardware giganten zoals Nvidia op de langere termijn?

  • Crisis als kans: Deze ETF profiteert volop van marktzwakte

    In het kort: TLT +5% YTD, SPY +2%  → Langlopende staatsobligaties overtreffen aandelenrendementen, ondanks inflatiezorgen en economische onzekerheid. Dalend consumentenvertrouwen (-7 punten)  → Grootste maandelijkse daling sinds 2021; lagere consumentenbestedingen dreigen de economische groei te vertragen. Kans op renteverlaging in juni gestegen naar 80%  → Dalende renteverwachtingen ondersteunen obligatiekoersen, waardoor beleggers naar langlopende staatsobligaties vluchten. De iShares 20+ Year Treasury Bond ETF (TLT) heeft in 2025 met +5%  een sterker rendement behaald dan de SPDR S&P 500 ETF (SPY), die slechts +2%  noteert. Dit is opvallend, gezien de marktdynamiek van het afgelopen jaar, waarin inflatiezorgen, importtarieven en een strakker monetair beleid domineerden. De laatste jaren presteert deze 20 jarige treasury bond zeer ondermaats: De iShares 20+ Year Treasury Bond ETF (TLT) de afgelopen 10 jaar: Bron: iShares Toch wijst de huidige koersbeweging die we nu van TLT zien op een flight-to-safety  onder beleggers, die zich zorgen maken over een afkoelende economie. Dit sentiment werd versterkt door de meest recente economische data: 1️⃣ Consumentenvertrouwen is ingestort.. De Conference Board’s Consumer Confidence Index daalde met 7 punten , de grootste maandelijkse daling sinds augustus 2021. De University of Michigan Sentiment Index noteerde het laagste niveau in 15 maanden: Bron: TradingEconomics Consumentenbestedingen vormen 70% van het Amerikaanse BBP . Een daling in vertrouwen leidt tot minder uitgaven en dus lagere economische groei. 2️⃣ Werkloosheidsrisico’s nemen toe: Het federale bezuinigingsprogramma van de regering-Trump, uitgevoerd door het 'Department of Government Efficiency' (DOGE), dreigt tot 100.000 ontslagen  te leiden binnen twee jaar. De retailsector staat onder druk, met een verwachte 15.000 fysieke winkelafsluitingen  in 2025 (Coresight Research). Stijgende werkloosheid betekent een lager besteedbaar inkomen, wat kan leiden tot disinflatie of zelfs deflatie . 3️⃣ De Fed wordt gedwongen tot renteverlagingen Een week geleden schatte de markt de kans op een 25-bps renteverlaging in juni  op 50% . Inmiddels is het vertrouwen in een renteverlaging hard verder gestegen naar ruim 80% (CME FedWatch Tool): Bron: CME Fedwatch Tools Obligatiekoersen en rentetarieven bewegen omgekeerd : als de markt verwacht dat de Fed de rente zal verlagen, stijgen langlopende obligaties zoals TLT in waarde. De 10-jaars Treasury yield daalde naar het laagste niveau sinds december 2024 , een teken dat beleggers hun kapitaal verplaatsen van aandelen naar obligaties. 🏛️ Impact van beleidsmaatregelen: Tarieven en begrotingsbeleid De Trump-administratie heeft aangekondigd om 25% importtarieven  te heffen op goederen uit Mexico en Canada (effectief vanaf 4 maart), evenals op staal en aluminium  (per 12 maart). Daarnaast dreigt het Witte Huis met tarieven op auto’s, halfgeleiders, farmaceutische producten en hout . ➡️ Gevolgen: Hoger geprijsde importgoederen → Druk op marges van bedrijven → Potentiële winstdalingen. Homebuilder sentiment op 5-maanden dieptepunt  door stijgende materiaalkosten → Negatieve impact op de huizenmarkt. Handelsbeperkingen kunnen leiden tot tragere economische groei en mogelijk een recessie , wat de vraag naar veilige havens zoals staatsobligaties verhoogt. Wat doen beleggers? Risk-off sentiment 📌 Kapitaal stroomt naar defensieve activa: Aandelenmarkten corrigeren : De Dow verloor zijn stijgende trend, terwijl de Russell 2000 nu YTD negatief is (-1,25%). Sectorrotatie : Cyclische aandelen zoals retail en transport presteren zwak, terwijl defensieve sectoren zoals consumentengoederen en nutsbedrijven de week positief afsloten. Obligaties outperformen risicovolle activa : De verhouding tussen TLT en de high-yield bond ETF (HYG) wijst op een risk-off  beweging. 📌 Obligatie-ETF’s stijgen over de hele breedte: PIMCO 25+ Year Zero Coupon U.S. Treasury Index ETF (ZROZ)  +2,8% Vanguard Extended Duration Treasury ETF (EDV)  +2,4% US Treasury 30 Year Bond ETF (UTHY)  +1,7% ➡️ Dit bevestigt dat de markt in een flight-to-safety  modus zit, met een focus op lange duration obligaties. De Personal Consumption Expenditures (PCE) Index, de favoriete inflatiemeter van de Fed, kwam vrijdag uit zoals verwacht. Dit betekent dat de markt geen grote aanpassingen hoeft te maken in de renteverwachtingen, maar het bevestigt ook dat inflatie geen extra tegenwind vormt voor obligaties. De PCE index de afgelopen 10 jaar: Bron: TradingEconomics 📌 Impact op TLT en de obligatiemarkt : Neutrale reactie : Omdat de inflatiecijfers geen verrassing bevatten, blijft de kans op een renteverlaging in juni rond de 80% , zoals eerder ingeprijsd. TLT blijft aantrekkelijk : Beleggers blijven zoeken naar veilige havens, vooral gezien de recente daling in consumentenvertrouwen en groeiende recessiezorgen. Werkgelegenheidsdata : De volgende grote test voor de markt was het banenrapport en werkloosheidscijfers, welke deze week hoger uitvielen dan verwacht, met een opvallende stijging van ontslagen in Washington. Dit komt hoogstwaarschijnlijk door het D.OG.E programma. Voorlopig blijft TLT profiteren van de huidige macro-economische onzekerheid, zonder dat de PCE-cijfers hier grote verandering in brengen. ➡️ Strategische implicaties voor beleggers: Beleggers blijven defensief  zolang economische data verslechtert. Aandelen kunnen verder dalen  als consumentenbestedingen en bedrijfswinsten onder druk blijven staan. Obligaties blijven aantrekkelijk  zolang er renteverlagingen in de pijplijn zitten. De verrassende outperformance van TLT boven de S&P 500 in 2025 wordt aangedreven door: ✅ Dalend consumentenvertrouwen en stijgende werkloosheidszorgen  → Minder bestedingen, lagere groei. ✅ Marktverwachtingen van renteverlagingen in juni (80% kans)  → Beleggers kopen obligaties vooruitlopend op dalende yields. ✅ Flight-to-safety beweging  → Rotatie uit aandelen naar langlopende Treasuries zoals TLT. De komende weken zullen economische data en de retoriek van de Fed cruciaal zijn om te bepalen of deze trend aanhoudt. Als beleggers doen we er hoe dan ook goed aan om zowel rentebewegingen als inflatie-indicatoren nauwlettend in de gaten te houden en te zien hoe deze trends zich ontwikkelen.

  • Waarom dit razendsnel groeiende tech bedrijf 17% kelderde gisteren

    In het kort: Duolingo's omzet groeide met 39% naar $209,6 miljoen , boven de verwachtingen. De winst per aandeel viel echter tegen (28 cent vs. verwachte 48 cent), dit leidde tot een aandelenkoersdaling van 17% . Ondanks de indrukwekkende cijfers blijft de waardering hoog : 13,7x EV/FY25 omzet en 50x EV/FY25 EBITDA. Beleggers zijn sceptisch over toekomstige groeivertraging en margeontwikkeling. De aandelen van Duolingo (NASDAQ: DUOL), het populaire taalplatform, kregen na de publicatie van de Q4-resultaten een flinke klap. Ondanks sterke omzet- en gebruikersgroei daalde de koers met 17% naar $312,07 . De reden? Een gemiste winstverwachting, hoge AI-kosten en een torenhoge waardering  die beleggers toch wat nerveus maakt. De cijfers voor Q4 van Duolingo: Bron: Duolingo IR Duolingo blijft ondertussen indrukwekkend groeien. De omzet steeg in Q4 met 39% naar $209,6 miljoen , mooi boven de analistenverwachting van $205,5 miljoen . Het aantal dagelijkse actieve gebruikers (DAUs) groeide met 51% naar 41 miljoen , terwijl het aantal betalende abonnees met 43% toenam tot 9,5 miljoen . Toch was dit niet genoeg om beleggers tevreden te stellen, omdat de winstgevendheid achterbleef. Het totaal aantal gebruikers op Duolingo: Bron: Duolingo IR De winst per aandeel kwam namelijk uit op $0,28 , fors onder de verwachte $0,48 . Dit werd grotendeels veroorzaakt door hoge investeringen in AI en marketing , die de marges onder druk zetten. Duolingo werkt hard aan nieuwe AI-functionaliteiten, zoals videobellen met virtuele personages in Duolingo Max ($30/maand) , maar deze technologie brengt ook hoge operationele kosten met zich mee. Hoewel het bedrijf op lange termijn hoopt dat AI de efficiëntie verbetert en kosten verlaagt, schrikken beleggers nu van de impact op de winstgevendheid. Uit de cijfers blijkt dat de GAAP R&D-kosten  in 2024 31% van de omzet  bedroegen, een daling ten opzichte van 37% in 2023 , maar nog steeds een aanzienlijk percentage. De G&A (General & Administrative) kosten  daalden van 25% in 2023 naar 21% in 2024 , terwijl de Sales & Marketing (S&M) kosten stabiel bleven rond de 12% . De operationele kosten van Duolingo: Bron: Duolingo IR Wanneer we kijken naar de Non-GAAP cijfers , zien we een nog duidelijkere kostenverlaging. De R&D-uitgaven daalden van 27% in 2023 naar 23% in 2024 , terwijl de G&A-kosten van 15% naar 13% gingen . Dit suggereert dat Duolingo efficiënter wordt in zijn uitgaven buiten directe productontwikkeling, wat positief is voor de winstgevendheid. Een belangrijke zorg is echter de duurzaamheid van Duolingo’s groeimodel . Het platform heeft een indrukwekkend aantal gebruikers, maar het risico bestaat dat veel mensen afhaken zodra ze hun taalcursus hebben afgerond . CEO Luis von Ahn benadrukte dat nieuwe AI-functies en de uitbreiding naar vakken als wiskunde en muziek  gebruikers langer betrokken moeten houden. Momenteel gebruiken dagelijks zo’n 3 miljoen mensen de wiskunde- en muzieklessen , maar deze segmenten leveren nog nauwelijks inkomsten op. Wat de meeste beleggers zorgen baart, is de torenhoge waardering  van het aandeel. Duolingo wordt momenteel verhandeld tegen 13,7x EV/omzet  en 50x EV/EBITDA . Dit zijn extreme multiples, zeker als de groei in 2025 afneemt van 40% naar ongeveer 29% . Veel snelgroeiende techbedrijven met vergelijkbare groeipercentages noteren op een EV/omzet-multiple van 8-10x . Dat zou betekenen dat Duolingo’s aandeel nog flink zou moeten dalen voordat het aantrekkelijk wordt. Vooruitkijkend verwacht Duolingo in 2025 een omzetgroei van 29% naar ongeveer $970 miljoen . In Q1 2025 rekent het bedrijf op $222 miljoen omzet, een stijging van 32,5% . Hoewel dit nog steeds indrukwekkende cijfers zijn, begint de groeivertraging zichtbaar te worden. Analisten blijven verdeeld: zeven verhoogden hun koersdoel na de optimistische vooruitzichten, maar Jefferies verlaagde het van $370 naar $360 , uit zorgen over marges en waardering.. Alles bij elkaar blijft Duolingo een sterk groeibedrijf, maar de markt heeft zeer hoge verwachtingen . Bij een waardering van 13,7x EV/omzet  is er weinig ruimte voor fouten, en elke tegenslag wordt hard afgestraft. Beleggers die willen instappen, doen er waarschijnlijk goed aan te wachten tot de waardering daalt naar een EV/omzet van 9-10x , wat zou neerkomen op een koers tussen $250 en $270 . Tot die tijd lijkt het risico te groot.

  • Waarom blijft het aandeel SMCI dalen?

    In het kort: Na het indienen van vertraagde jaarverslagen op 25 februari 2025 om Nasdaq-compliance te herwinnen, steeg het aandeel aanvankelijk, maar zakte het snel weer door aanhoudende risico’s. Ondanks een relatief lage waardering en partnerships met giganten als Nvidia en AMD, blijven exportbeperkingen, juridische kwesties en een negatief oordeel over interne controles de vooruitzichten verminderen. Super Micro Computer, Inc. (SMCI) liet een sterke omzetgroei zien met een stijging van 143% jaar-op-jaar naar $5,3 miljard in Q4 FY2024, maar kampt nog steeds met boekhoudkundige problemen. Super Micro Computer, Inc. (SMCI) is het afgelopen jaar een achtbaan geweest voor beleggers. SMCI heeft te maken gehad met aanzienlijke uitdagingen, waaronder boekhoudkundige onregelmatigheden en het vertrek van zijn accountant. Door de recente indiening van zijn achterstallige financiële rapporten heeft het bedrijf opnieuw voldaan aan de Nasdaq-noteringsvereisten, wat een tijdelijke stijging van de aandelenkoers veroorzaakte. SMCI’s aandelen stegen hard op 25 februari, na de publicatie van achterstallige kwartaalcijfers, waardoor het bedrijf een Nasdaq-verwijdering vermeed. Het aandeel steeg ongeveer 30%, ondersteund door sterke winstresultaten en een positieve vooruitblik. Deze winsten waren echter van korte duur, aangezien het aandeel de volgende twee dagen weer met bijna 30% kelderden. Deze volatiliteit weerspiegelt het gemengde sentiment van de markt ten opzichte van SMCI, waarbij beleggers de groeipotentie afwegen tegen de aanhoudende uitdagingen. Super Micro presteerde afgelopen jaar significant slechter op de beurs dan vergelijkbare bedrijven in de technologiesector. Super Micro versus SPDR technology ETF, koersverandering – bron: Google Finance De problemen voor SMCI begonnen vorig jaar toen zijn accountant, Ernst & Young (EY), aftrad vanwege zorgen over boekhoudpraktijken. Dit werd gevolgd door een onderzoek van het Department of Justice (DOJ). Deze gebeurtenissen leidden tot een aanzienlijke verkoopgolf, waarbij veel van de eerdere winsten van het aandeel werden weggevaagd. Na maanden van onzekerheid rondom de Nasdaq-notering en liquiditeitszorgen heeft SMCI op het allerlaatste moment zijn uitstaande rapporten ingediend om verwijdering van de beurs te voorkomen. Toch lijkt het erop dat de problemen van SMCI nog niet voorbij zijn. SMCI’s management heeft in een persbericht verklaard dat de "kwestie nu gesloten is" met betrekking tot de eerdere niet-naleving van de Nasdaq-regelgeving. Het indienen van de FY24 10-K en F1H25 10-Q’s om de Nasdaq-notering te behouden, betekent niet dat de boekhoudkundige problemen zijn opgelost. Sterker nog, deze blijven een aandachtspunt. De nieuwe accountant, BDO, heeft zelfs een ongunstig oordeel gegeven over de interne controle van SMCI’s financiële verslaglegging (ICFR). Volgens de PCAOB Auditing Standards 2201 moet een accountant een ongunstig oordeel uitspreken als er zwakheden zijn in de interne controles van een bedrijf. Een materiële zwakte is een tekortkoming die een redelijke kans creëert dat een materiële fout in de financiële overzichten niet op tijd wordt gedetecteerd. In het geval van SMCI heeft BDO meerdere materiële zwakheden geïdentificeerd. De materiële zwakheden die BDO heeft vastgesteld, beperken zich niet tot één geïsoleerd gebied, maar zijn verspreid over het financiële rapportagesysteem van SMCI. Dit vergroot het risico op niet-ontdekte materiële fouten in huidige, eerdere en toekomstige financiële overzichten. Tijdens de laatste twee bedrijfsupdates erkende het management dat de vertragingen in de rapportage en boekhoudkundige onregelmatigheden de bedrijfsactiviteit heeft verstoord, met negatieve gevolgen voor omzetgroei, winstmarges en kasstromen. CEO Charles Liang merkte op dat de marges tijdelijk onder druk stonden door de verstoringen van de 10-K-vertraging, investeringen in R&D en veranderingen in de klanten- en productmix. Het oplossen van materiële zwakheden van de ICFR zal nog ongeveer een jaar kunnen duren. Een vergelijkbaar voorbeeld is Archer-Daniels-Midland Company (ADM), dat ook te maken kreeg met een ongunstig ICFR-oordeel. ADM kampte met herhaalde materiële fouten en retrospectieve aanpassingen van eerdere kwartaalcijfers, wat leidde tot een koersdaling van bijna 30% in 2024. Zelfs na het indienen van vertraagde rapporten bleven de boekhoudkundige problemen de aandelenkoers negatief beïnvloeden. Ondanks deze uitdaging liet SMCI indrukwekkende financiële resultaten zien in zijn recente rapportage. Voor het vierde kwartaal van FY2024 rapporteerde het bedrijf een omzet van $5,3 miljard, een stijging van 143% op jaarbasis. Voor het volledige fiscale jaar 2024 groeide de omzet met 110% op jaarbasis. Het bedrijf voorziet voor fiscaal 2025 een omzet tussen $23,5 miljard en $25 miljard, met een ambitieus doel van $40 miljard tegen 2026. Kwartaalomzet van Super Micro – bron: stockanalysis. De groei van SMCI wordt aangedreven door zijn positie in de AI-servermarkt, waar de vraag naar hoogwaardige computeroplossingen explodeert. Het bedrijf onderhoudt partnerschappen met grote chipfabrikanten zoals Nvidia, AMD en Intel, wat het goed positioneert om te profiteren van de AI-boom. Daarnaast is SMCI een leider in vloeistofkoelingstechnologie, die steeds belangrijker wordt naarmate datacenters efficiëntere koelingsoplossingen vereisen. Omzetverdeling - Bron: Q4 verslag SMCI De winstgevendheid van het bedrijf is echter minder indrukwekkend. SMCI’s brutowinstmarge over de afgelopen twaalf maanden bedraagt 12,44%, aanzienlijk lager dan het sectormediaan van 50,17%. Het bedrijf rapporteerde ook een negatieve vrije kasstroom van $524,98 miljoen voor Q4, wat het management toeschreef aan de vertraging in de winstpublicatie. Brutowinstmarge SMCI versus sector – bron: Seeking Alpha Vanuit een waarderingsperspectief lijkt SMCI aantrekkelijk. Het aandeel wordt op dit moment verhandeld tegen een forward GAAP koers-winstverhouding (P/E) van 19,26, meer dan 27% onder de sectormediaan. Koers/winst verhoudingen – bron: SeekingAlpha De groeivooruitzichten van SMCI zijn nauw verbonden met de explosieve vraag naar AI-infrastructuur. De partnerschappen met toonaangevende chipfabrikanten zoals Nvidia, AMD en Intel geven het bedrijf een concurrentievoordeel in de servermarkt. Nvidia’s recente winstrapport onderstreepte de sterke vraag naar zijn Blackwell-chips, waarvoor SMCI het koelsysteem produceert. Daarnaast wordt natuurlijk verwacht dat de wereldwijde datacentermarkt significant zal groeien komende jaar, gedreven door de toenemende behoefte aan cloud computing, big data-analyse en AI. SMCI’s kracht in koelingstechnologie positioneert het goed om een aandeel van deze groeiende markt te veroveren. SMCI is ook onderhevig aan regelgevingsrisico’s. Nieuwe Amerikaanse exportcontroles op geavanceerde computerproducten kunnen de mogelijkheden van het bedrijf om naar andere landen te verkopen beperken, wat omzetgroei verder kan beïnvloeden: zo komt op dit moment 33% van de omzet vanuit buiten de Verenigde staten.   Omzet per continent in percentages – bron: Finchat   Super Micro Computer is een interessante maar complexe investering. Het bedrijf profiteert van de AI-boom, heeft sterke groeivooruitzichten en een leidende positie in koeltechnologie. Daarnaast lijkt de waardering aantrekkelijk. Toch zijn er ook flinke risico’s, zoals boekhoudkundige problemen, regelgevende druk en matige winstgevendheid. Beleggers moeten deze voor- en nadelen goed afwegen. Als het bedrijf zijn groeiplannen weet te realiseren, is er opwaarts potentieel. Maar de risico’s zijn niet te negeren. Daarom is een voorzichtige aanpak verstandig, met extra aandacht voor hoe het bedrijf zijn interne controle verbetert en zich door de regelgeving beweegt.

  • Een gigantische misser voor Microsoft

    In het kort: Microsoft trekt op 5 mei 2025  definitief de stekker uit Skype. Gebruikers worden overgezet naar Microsoft Teams. De techgigant kocht Skype in 2011 voor $8,5 miljard , maar het platform verloor snel terrein aan concurrenten zoals WhatsApp, FaceTime en Zoom. Terwijl Skype wegkwijnde, groeide Teams naar 320 miljoen gebruikers . Skype wist nooit de 1 miljard gebruikers  te halen die Microsoft ooit voor ogen had. Microsoft stopt definitief met Skype. Wat ooit begon als een revolutionaire manier om gratis te bellen via internet, eindigt als een stille mislukking. Op 5 mei 2025  wordt Skype uitgefaseerd en moeten gebruikers overstappen op Microsoft Teams . Een pijnlijke conclusie voor Microsoft, dat in 2011 maar liefst $8,5 miljard  neertelde voor het platform. De belofte? Skype zou dé standaard worden voor online communicatie. De realiteit? Het platform verloor razendsnel terrein aan concurrenten zoals WhatsApp, FaceTime en Zoom  en werd langzaam irrelevant. Jeff Teper, president van Microsoft 365, probeerde de situatie nog wat te verzachten in een interview met CNBC: "We hebben veel geleerd van Skype en die lessen toegepast in Teams. Dit is het juiste moment om ons volledig te richten op Teams." Wat hij eigenlijk zegt: Skype was een vergissing, en we willen dat iedereen dat zo snel mogelijk vergeet. Skype had alles mee. Het werd in 2003  opgericht door Janus Friis en Niklas Zennström , dezelfde ondernemers achter Kazaa. Dankzij VoIP-technologie  konden gebruikers wereldwijd gratis met elkaar bellen. In een tijd waarin telefoonmaatschappijen nog woekerprijzen vroegen, was dat een revolutie. De groei was explosief: 2004:   11 miljoen  gebruikers 2005:  eBay koopt Skype voor $2,6 miljard  (gebruikersaantal: 54 miljoen ) 2008:   405 miljoen  gebruikers eBay wist echter niet wat het met Skype aan moest en verkocht het in 2009 voor $2,75 miljard  aan investeerders. Twee jaar later stond Microsoft op de stoep met een bod van $8,5 miljard —een prijskaartje dat zelfs toen al vragen opriep.. Steve Ballmer, destijds CEO van Microsoft, zag Skype als hét communicatieplatform van de toekomst. De realiteit? Microsoft had geen idee hoe het Skype moest integreren in zijn productaanbod. Het bleef jarenlang een losstaand product zonder duidelijke strategie. Ondertussen veranderde de markt: Apple's FaceTime  werd standaard op iPhones. Facebook kocht WhatsApp  en voegde gratis (video)bellen toe. Zoom  groeide tijdens de pandemie uit tot de standaard voor videobellen. Microsoft bleef ondertussen worstelen met Skype. Redesigns vielen slecht bij gebruikers, en de introductie van Microsoft Teams in 2016  maakte het er niet beter op. Waarom zou Microsoft twee verschillende videobelplatforms onderhouden? Corona: de definitieve nekslag Toen de coronapandemie in 2020 de wereld op slot zette, werd videobellen plots belangrijker dan ooit. Dit had hét moment kunnen zijn voor Skype om te schitteren. Maar in plaats daarvan groeide Zoom , een relatieve nieuwkomer, razendsnel. De groei van Online meeting-platformen/software: Bron: MarketResearchFuture De cijfers zeggen genoeg: Teams groeide naar 320 miljoen gebruikers in 2023 . Skype zakte van 40 miljoen naar 36 miljoen dagelijkse gebruikers tussen 2020 en 2023 . Microsofts CEO Satya Nadella  noemde Skype sinds 2017  niet meer in een kwartaalcall. Met andere woorden: Microsoft had al jaren geleden de stekker uit Skype getrokken—ze zijn het nu alleen officieel aan het afhandelen. Voor de weinige overgebleven Skype-gebruikers betekent dit het volgende: Je kunt inloggen op Teams met je Skype-gegevens. Je contacten en chats worden overgezet. Eventuele Skype-tegoeden blijven bruikbaar in Teams. Microsoft doet zijn best om dit als een logische stap te verkopen, maar de realiteit is simpel: Skype was een miskoop. Microsoft gaf $8,5 miljard  uit aan een platform dat nooit de dominantie bereikte waar het op hoopte. Ondertussen pompte het miljarden in Teams, dat wél succesvol werd. Jeff Teper probeerde het in positieve woorden te verpakken: "Skype pionierde met online audio- en videogesprekken. Maar de toekomst ligt bij Teams." Ondertussen gaat het goed met Microsoft zelf. Microsofts tweede kwartaalcijfers lieten opnieuw een gezonde groei zien, met een omzet van $69,6 miljard , een stijging van 12% , en een 10% hogere winst per aandeel (EPS) . Maar de echte winnaars waren cloud en AI. De Q2 2025 (geen hele boekjaren!) van Microsoft: Bron: Microsoft IR Microsoft Cloud groeide met 21% naar $40,9 miljard , wat inmiddels bijna 59% van de totale omzet  uitmaakt. Azure en andere cloudservices stegen met 31% , waarbij 13 procentpunten van deze groei afkomstig waren van AI-diensten . Microsofts AI-business draait nu op een jaarlijkse omzet van $13 miljard , een indrukwekkende stijging van 175% ten opzichte van een jaar eerder . De vraag naar AI-tools zoals Microsoft 365 Copilot, GitHub Copilot en Azure AI  blijft explosief groeien. CEO Satya Nadella  benadrukte dat Microsoft optimaal profiteert van de samenwerking met OpenAI: "Onze samenwerking met OpenAI blijft wederzijds voordelig. OpenAI’s API’s draaien exclusief op Azure, en ze hebben nog veel nieuws op komst." Ook grote bedrijven adopteren AI-oplossingen in hoog tempo. Novartis  heeft inmiddels 40.000 Copilot-gebruikers , terwijl Barclays, Carrier Group, Pearson en de University of Miami  elk meer dan 10.000 licenties per kwartaal  afnemen. Microsoft investeert fors in AI-infrastructuur, met een record CapEx-uitgave van $80 miljard in FY2025 , fors meer dan de $44,48 miljard in FY2024 . Dit drukt de vrije kasstroom (FCF)  tijdelijk, met een verwachte daling van $74 miljard in FY2024 naar $68,2 miljard in FY2025 (-7,95%) . In Q2 FY2025 daalde de vrije kasstroom zelfs met 29% jaar-op-jaar . Toch is er geen reden tot paniek. Meer dan 50% van deze investeringen  gaan naar “long-lived assets” , oftewel infrastructuur die de komende 15 jaar waarde blijft creëren . CFO Amy Hood  benadrukte dat deze assets flexibel inzetbaar  zijn voor toekomstige AI- en cloudworkloads, waardoor Microsoft zich eenvoudig kan aanpassen aan de marktvraag. Naast sterke prestaties in AI en cloud blijft Microsoft ook op technologisch vlak vooruitgang boeken. Het bedrijf heeft een grote doorbraak geboekt in quantumcomputing  met de introductie van de Majorana 1-chip deze maand. Dit is het resultaat van 20 jaar onderzoek  en brengt quantumcomputers, die voorheen nog decennia van ons verwijderd leken, binnen enkele jaren binnen handbereik . De Majorana-chip maakt gebruik van Majorana zero modes , een fenomeen dat al in de jaren ’30 werd voorspeld door de Italiaanse natuurkundige Ettore Majorana. Deze quasi-deeltjes fungeren als hun eigen anti-deeltjes en hebben de unieke eigenschap om coherent te blijven , zelfs in omgevingen die normale qubits zouden verstoren. Dit betekent dat quantumcomputers met deze technologie veel stabieler en betrouwbaarder  kunnen worden dan tot nu toe mogelijk was. Als Microsoft erin slaagt om quantumcomputing commercieel haalbaar te maken, kan dit een revolutie betekenen voor verschillende sectoren. De eerste toepassing die voor de hand ligt, is quantumsimulatie , waarbij quantumcomputers in staat zullen zijn om complexe systemen te modelleren op atomair niveau. Dit kan bijvoorbeeld een doorbraak in medicijnontwikkeling  betekenen, doordat moleculaire interacties veel nauwkeuriger kunnen worden voorspeld. Ook kunnen nieuwe materialen worden ontwikkeld , zoals supergeleiders of zelfherstellende bouwmaterialen. Daarnaast kan quantumcomputing een enorme impact hebben op financiële modellen, optimalisatie van supply chains, cryptografie en cybersecurity . Problemen die voor klassieke computers te complex  zijn, kunnen met quantumtechnologie mogelijk wél worden opgelost. Vanaf FY2026 zal de CapEx-groei afnemen , waardoor de vrije kasstroom kan herstellen tot een recordhoogte van $82,4 miljard . Microsoft noteert momenteel een P/E-ratio van 33,4x , wat redelijk is in historisch perspectief. Hoewel dit hoger ligt dan de pre-pandemische niveaus, zien beleggers Microsoft als een van de veiligste AI-investeringen . De FWD P/E ratio van Microsoft: Bron: Finbox Op basis van de verwachte EPS-groei : FY2026 geschatte EPS: $15,04 Bij een P/E van 33,4x → koersdoel eind FY2026: $502,34 Als de waardering iets zou dalen naar een P/E van 30x , zou het aandeel nog $451,20  waard zijn, wat neerkomt op een jaarlijks rendement van 5,8%, uitgaande van de huidige verwachtingen..

  • Het verborgen goudmijntje van Alphabet dat Tesla nachtmerries bezorgt

    In het kort: Waymo bewijst zich als marktleider  in autonoom rijden met 150.000 betaalde ritten per week en een groeiende marktaanwezigheid in de VS en Japan. Veiligheid is aantoonbaar beter dan menselijke bestuurders. Groot marktpotentieel : De autonome taxi-industrie kan groeien naar $175 miljard binnen de ridesharing-markt, met kostenvoordelen tegenover Uber en Lyft. Waymo's waarde voor Alphabet : Analisten schatten dat Waymo in 2030 tussen $350 miljard en $850 miljard waard kan zijn, mogelijk als spin-off. Alphabet-dochter Waymo  heeft in 2024 een enorme stap gezet in de markt voor autonoom rijden. Het bedrijf bood 4 miljoen volledig autonome ritten  aan en verwerkte in totaal 5 miljoen ritten , waarmee het een sterke speler werd naast traditionele ridesharing-diensten als Uber (UBER) en Lyft (LYFT) . Momenteel rijdt Waymo in San Francisco, Los Angeles en Phoenix , met uitbreiding naar Austin, Atlanta en Miami  in 2025. De eerste internationale markt wordt Tokio  via een samenwerking met Nihon Kotsu. Het aantal ritten in San Franscisco: Bron: Earnestanalytics Waymo’s autonome voertuigen presteren op veiligheidsgebied beter dan menselijke bestuurders. Uit een studie van Swiss Re  blijkt: 88% minder schadeclaims  vergeleken met menselijke bestuurders. 92% minder letselclaims  over 25,3 miljoen autonome mijlen. Slechts 9 schadeclaims en 2 letselclaims , terwijl menselijke bestuurders op dezelfde afstand 78 schade- en 26 letselclaims zouden veroorzaken. Het totale kostenplaatje: Autonomous Vehicles: Opportunities, Strategies, and Disruptions Waymo zit in een markt met gigantisch potentieel. ARK Invest  voorspelt: Bij $2 per mijl : marktwaarde van $134 miljard . Bij $1 per mijl : marktwaarde van $1 biljoen . Bij $0,25 per mijl : marktwaarde van $5 biljoen . Een meer conservatieve inschatting: Precedence Research  verwacht dat de wereldwijde ridesharing-markt groeit van $126 miljard in 2024  naar $350 miljard in 2030 . Als Waymo 50% van deze markt verovert , betekent dat een omzet van $175 miljard . Waymo’s businessmodel heeft een kostenvoordeel  tegenover Uber en Lyft. Een autonome taxi kost naar schatting $3 per rit  in operationele kosten, inclusief brandstof, onderhoud en verzekering. Bij 100.000 mijl per jaar per auto  betekent dit jaarlijkse kosten van $50.000 . Deze lage kosten maken het mogelijk om agressieve prijsconcurrentie  te voeren, terwijl traditionele ridesharing-platformen te maken hebben met inflatie en stijgende loonkosten. In San Francisco  nam Waymo sinds januari 2024 al 14% van de ridesharing-uitgaven  over, zoals je hierboven al zag, wat een indicatie is van de disruptie die het kan veroorzaken. Waymo heeft een sterke concurrentiepositie na het vertrek van GM’s Cruise  en Apple  uit de autonome voertuigenmarkt. De resterende concurrenten zijn: Zoox (Amazon) : een paar jaar achter Waymo. Motional & Mobileye : nog in ontwikkelingsfase. Tesla (TSLA) : afhankelijk van een onzekere visie op robotaxi’s. Waymo introduceert in 2025  zijn eerste speciaal gebouwde autonome taxi : de ZEEKR RT , een elektrische minivan die de efficiëntie en capaciteit verhoogt. De ZEEKR RT: Bron: CarsnewsChina Maar wat is Waymo nou waard? Momenteel wordt Waymo op $45 miljard  gewaardeerd na een financieringsronde van $5,6 miljard  in 2024, geleid door Alphabet en investeerders als Andreessen Horowitz, Fidelity en Tiger Global . Maar de echte waarde ligt veel hoger. Mocht Waymo zijn groei versnellen, dan kan Alphabet tientallen miljarden extra investeren zonder financiële druk . Analistenvoorspellingen voor 2030: Deepwater Asset Management : Waymo kan $350 miljard - $850 miljard  waard zijn als spin-off. Trefis : Waymo kan Alphabet’s totale marktwaarde meer dan verdrievoudigen . Vergelijking met Tesla: Tesla wordt voor een groot deel gewaardeerd op zijn autonome rijbelofte en is bijna $1 biljoen waard . ARK Invest denkt dat Tesla’s robotaxi-business $5 biljoen waard kan worden . Als Waymo vergelijkbare vooruitzichten heeft, kan het een vergelijkbare waardering krijgen. Hoewel Tesla’s vloot enorme hoeveelheden data verzamelt, blijkt dat het verschil tussen geavanceerde rijhulpsystemen (Level 2) en volledig autonome voertuigen (Level 4-5) veel groter is dan verwacht . Waymo’s groeiende samenwerking met Uber, Hyundai en andere partners  laat zien dat het bedrijf klaar is om autonoom rijden op schaal te brengen, terwijl Tesla nog geen duidelijke roadmap heeft voor volledig zelfrijdende robotaxi’s. Alphabet blijft een solide investering met een beurswaarde van $2 biljoen  en een redelijk koers-winstverhouding. Ondanks regulatoire risico’s  biedt Waymo enorme onbenutte groei . Als Waymo succesvol blijft groeien, kan het Alphabet’s aandelenkoers flink opstuwen . Tegelijkertijd blijft er een risico bestaan, mocht Waymo falen zoals GM’s Cruise. Ook Uber, Lyft en Tesla moeten de ontwikkelingen bij Waymo zeker blijven volgen, aangezien het hun businessmodel bedreigt. Waymo is een verborgen juweel binnen Alphabet, en kan in de komende jaren een veel grotere impact hebben dan beleggers nu wellicht inschatten...

  • Uitgebreide Analyse: Wat kunnen we van AMD gaan verwachten?

    In de datacenter- en AI-acceleratormarkt is Nvidia op dit moment de dominante speler. Nvidia’s GPU’s (zoals de A100 en H100) zijn de de facto standaard voor AI-training, dankzij zowel krachtige hardware als een rijk software-ecosysteem (CUDA-platform). AMD probeert een deel van deze markt te veroveren met zijn Instinct GPU’s (MI-serie, waaronder de nieuwe MI300 accelerator) en EPYC-serverprocessors. Hardwarematig heeft AMD vooruitgang geboekt – de MI300X accelerator overtreft Nvidia’s H100 op papier qua rekenkracht en geheugenbandbreedte. Bovendien biedt AMD unieke oplossingen zoals het combineren van CPU en GPU in één pakket (APU-concept) voor snellere gegevensuitwisseling, en beschikt het via overnames (Xilinx, Pensando) over FPGAs en DPU’s die complementair zijn aan GPU’s. Deze bredere portfolio kan in theorie aantrekkelijke geïntegreerde datacenteroplossingen opleveren die CPU, GPU, FPGA en netwerkversnelling samenbrengen. Softwarematig loopt AMD echter nog duidelijk achter op Nvidia. De programmatuur en ontwikkelaarsomgeving rond AMD’s ROCm (Radeon Open Compute) platform is minder matuur dan Nvidia’s CUDA. In de praktijk betekent dit dat het potentieel van AMD’s hardware niet volledig wordt benut door software-beperkingen. Een recent onderzoek (SemiAnalysis) toonde aan dat zelfs met sterke hardware de prestaties van AMD’s MI300X in AI-training achterbleven vanwege bugs en inefficiënties in AMD’s softwarestack. AMD’s open-source benadering met ROCm heeft voortgang geboekt, maar CUDA geniet een enorm marktoverwicht qua adoptie, documentatie en geoptimaliseerde libraries. Nvidia vergroot deze voorsprong continu – terwijl AMD ROCm verbetert, blijft Nvidia nieuwe CUDA-features en optimalisaties toevoegen en zo de “CUDA-slotgracht” verdiepen. Maar wat is er nodig voor AMD om echt te concurreren? Ten eerste zal AMD fors moeten investeren in zijn software-ecosysteem: stabiele drivers, uitgebreide bibliotheken voor AI-frameworks, en nauwe samenwerking met ontwikkelaarsgemeenschappen (bijv. PyTorch, TensorFlow) om ROCm en andere tools op niveau te brengen. Het aantrekken van softwaretalent en eventueel gerichte overnames op het gebied van AI-software zouden hierbij kunnen helpen. Ten tweede moet AMD blijven innoveren in hardware – bijvoorbeeld door verder te bouwen op het MI300-concept met geïntegreerde CPU/GPU en door te zorgen dat de volgende generatie GPU’s qua architectuur en efficiënte gebruik van geheugen en interconnecties voorop lopen. Een derde vereiste is het winnen van strategische klanten en partners: grote cloudproviders en hyperscalers moeten overtuigd worden om AMD Instinct GPU’s op brede schaal in te zetten. Hier boekt AMD vooruitgang – zo rapporteerde AMD recordverkopen van Instinct GPU’s in Q4 2023 en 2024, met >$5 miljard omzet uit Instinct accelerators in 2024. Dit duidt op toenemende interesse van datacenterklanten. Daarnaast positioneert AMD zich als open alternatief voor klanten die niet afhankelijk willen zijn van één leverancier; dit kan sommige cloudbedrijven aanspreken om een deel van hun AI-workloads op AMD-hardware te draaien. Ten slotte heeft AMD dankzij de overname van Xilinx extra troeven in handen: programmeerbare chips (FPGA’s) die ingezet kunnen worden voor AI-inferencing en speciale taken, en DPU’s (netwerkversnellers) via Pensando. Deze componenten vullen het portfolio aan waarmee AMD completere datacenteroplossingen kan bieden, mits zij goed geïntegreerd worden. Kortom, AMD heeft op hardwarefront een competitief productaanbod voor datacenters (EPYC CPU’s, Instinct GPU’s, FPGA’s/DPU’s), maar om Nvidia serieus te beconcurreren in AI moet vooral de software-ondersteuning en gebruikservaring aanzienlijk verbeteren. Dit vergt een cultuurverandering richting softwarekwaliteit bij AMD en waarschijnlijk hogere R&D-uitgaven specifiek gericht op softwareontwikkeling. Gezien Nvidia’s voorsprong is dit een meerjarige inspanning. Desondanks heeft AMD door zijn open benadering en bundeling van CPU/GPU-technologie een kans om op termijn een groter aandeel van de groeiende AI-markt te veroveren, zeker nu de totale vraag zo snel groeit dat ruimte voor meerdere spelers ontstaat. Marktaandeel in datacenter-CPU’s en AI-accelerators AMD heeft in de server- en datacenter-CPU markt (traditioneel gedomineerd door Intel) een indrukwekkende opmars gemaakt. Met de EPYC-processors (Zen-architectuur) is AMD’s aandeel in x86-server CPU’s gestegen van verwaarloosbaar enkele jaren geleden tot ruim 23–24% eind 2023. Volgens Mercury Research bereikte AMD in Q1 2024 zelfs ~23,6% van de server CPU-markt, een forse stijging ten opzichte van ~18% een jaar eerder. Intel behoudt nog ~75% van dit segment, maar AMD wint gestaag terrein met elke nieuwe EPYC-generatie. Deze groei in datacenter-CPU’s vormt een sterke basis voor AMD: het vergroot de omzet in deze lucratieve markt en opent deuren bij dezelfde klanten (cloudproviders, ondernemingen) om ook GPU’s aan te bieden. In datacenter GPU’s voor AI is het marktaandeel van AMD tot nu toe bescheiden. Nvidia domineert de acceleratormarkt met naar schatting >80–90% aandeel in AI-training workloads. AMD’s Instinct MI250/MI300 GPU’s werden aanvankelijk vooral ingezet in high-performance computing (bijvoorbeeld als GPU’s in het Frontier-supercomputer-systeem), maar minder in commerciële AI-trainingclusters. Wel zijn er tekenen van verandering: AMD noteerde recordverkopen van Instinct GPU’s in 2024 (zoals genoemd ~$5 mld omzet) door eerste grote deployments. Toch blijft Nvidia qua volume ver voor; ter illustratie: in de TOP500 supercomputerlijst heeft Nvidia-GPU gebaseerde systemen een groot overwicht, en bij cloudproviders (zoals AWS, Azure) zijn Nvidia A100/H100 instances standaard, met AMD GPU instances nog in opkomst. Een belangrijk concurrentie-aspect is dat er andere AI-chips opkomen buiten GPU’s: bijvoorbeeld gespecialiseerde AI-ASICs van startups en interne oplossingen bij cloudbedrijven (Google’s TPU, Amazon’s Trainium/Inferentia, etc.). ARM zelf levert IP die in sommige AI-accelerators wordt gebruikt (zoals Nvidia’s eigen ARM-based Grace CPU en diverse NPUs). Deze trends vormen zowel een uitdaging als kans voor AMD: de diversificatie van AI-hardware opent de markt, maar AMD moet vechten om relevantie naast deze nieuwe alternatieven. Nvidia’s voorsprong blijft voorlopig groot, maar AMD’s strategie is duidelijk gericht op een inhaalslag in datacenter/AI door combinatie van CPU+GPU (samen met hoogwaardige HBM-geheugenarchitectuur) en het benadrukken van een open ecosysteem. Analisten verwachten dat de TAM (Total Addressable Market) voor datacenter AI-versnellers richting 2028 explosief groeit (geschat tot ~$500 miljard in 2028). Zelfs een relatief klein aandeel daarvan kan voor AMD al zeer substantieel zijn. Zo stelt AMD-CEO Lisa Su dat zij de datacenterbusiness in de tientallen miljarden omzet ziet groeien in de komende jaren. AMD’s uitdaging is om een significant deel van deze groei te pakken voordat de voorsprong van Nvidia onoverbrugbaar groot blijft. Maar laten we nu eens bekijken hoe AMD financieel presteert ten opzichte van belangrijke concurrenten als Nvidia, Broadcom, ARM, Qualcomm (en Intel waar relevant). De focus ligt op omzetgroei, winstmarges, R&D-uitgaven en marktaandelen. Omzetgroei en marktaandeel AMD heeft de afgelopen jaren een sterke omzetgroei laten zien, hoewel 2023 een stagnatie kende door een afkoeling in de pc-markt. Tabel 1 toont de jaaromzet van 2024 en de groei ten opzichte van het voorgaande jaar voor AMD en enkele sectorgenoten: We zien dat AMD’s omzet in 2024 groeide met ~22% tot $27,7 miljard, na een moeizaam 2023. In 2020-2021 noteerde AMD nog groeipercentages boven de 40% per jaar en zelfs +68% in 2021, gedreven door succes van Ryzen CPU’s, EPYC en semi-custom chips. 2022 groeide AMD ~44% door de overname van Xilinx en verdere organische groei. 2023 was echter moeilijker: de vraag naar pc’s en gaming GPU’s zakte na de pandemieboom, wat de Client- en Gaming-segmenten van AMD trof. Daarentegen bleven de Data Center- en Embedded-segmenten groeien. In 2024 veerde AMD’s groei terug, vooral door een sterke vraag naar datacenterchips en AI-gerelateerde producten. Nvidia kende het omgekeerde patroon: na een vlak fiscaal 2023 (kalender 2022) schoot Nvidia’s omzet in 2023 omhoog tot ~$61 miljard (+125%) dankzij de AI-boom die de vraag naar Nvidia GPU’s deed exploderen. In 2024 bleef de omzet echter stabiel op $60,9 miljard. Dit suggereert een verzadiging van de markt en verhoogde concurrentie. Nvidia’s jaaromzet is nu nog steeds ruim 2× die van AMD, terwijl beide in 2022 nog redelijk dicht bij elkaar lagen (AMD $23,6 mld vs Nvidia $27,0 mld). AMD’s omzet was in 2022 dus ~87% van Nvidia’s, maar in 2024 nog maar ~46%. Andere concurrenten lieten een gemengd beeld zien in 2024. Broadcom (AVGO), dat zowel halfgeleiders (bijv. netwerkchips, Wi-Fi, storage) als infrastructuursoftware verkoopt, behaalde $51,6 mld omzet (+44% YoY) – een record dankzij investeringen in AI-gerelateerde netwerktechnologie en de overname van VMware. Qualcomm daarentegen zag de omzet stabiel blijven op $35,8 mld, voornamelijk door zwakke smartphoneverkopen en voorraadafbouw bij klanten. Intel rapporteerde $54,2 mld omzet in 2024, gelijk aan 2023, na twee jaar van krimp. Intel blijft echter marktaandeel verliezen aan AMD en ARM-gebaseerde CPU’s. Winstmarges en winstgevendheid Qua winstgevendheid zijn de verschillen tussen AMD en met name Nvidia zeer groot. Nvidia realiseert aanzienlijk hogere marges door zijn sterke marktpositie en premium producten, terwijl AMD’s marges gematigder zijn en in 2022–2023 onder druk stonden. Tabel 2 vergelijkt enkele marge-indicatoren voor 2024: Uit deze cijfers blijkt dat Nvidia extreem winstgevend blijft. In 2024 haalde Nvidia ~$30,45 miljard nettowinst – een netto marge van 50%, wat betekent dat de helft van elke dollar omzet als winst overbleef. AMD’s netto marge was 10%, met $2,77 miljard winst op $27,7 mld omzet. Nvidia’s brutomarge (74%) bleef ook veel hoger dan AMD’s 50%. AMD’s winstgevendheid verbeterde echter in 2024 dankzij de groei in datacenterchips en AI-producten. De brutomarge steeg naar 50%, mede door een verschuiving in productmix naar hoogwaardiger segmenten zoals EPYC en Instinct AI-processors. Voor Q1 2025 verwacht AMD een verdere stijging naar 54% brutomarge (non-GAAP). AMD’s lage winst in 2023 had overigens speciale oorzaken. Het bedrijf investeerde zwaar en had hogere kosten (inclusief integratie van Xilinx en hoge R&D), waardoor de operationele marge terugviel naar ~1,8%. Ter vergelijking: in 2021 behaalde AMD nog een operationele marge van 22% en netto marge ~19%, toen de verkopen piekten en kosten relatief lager waren. In 2022–2023 stegen AMD’s vaste lasten (vooral R&D, afschrijving immateriële activa) sneller dan de omzet, waardoor de winstgevendheid tijdelijk onder druk kwam. AMD rapporteert dan ook veel hogere non-GAAP resultaten: gecorrigeerd voor o.a. Xilinx-amortisatie was AMD’s netto in 2023 ~$4,3 mld (EPS $2,65), wat neerkomt op ~19% genormaliseerde marge. Dat is gezonder, maar nog steeds lager dan peers. Ter illustratie, Broadcom kende ~38% netto marge in 2023 en Qualcomm ~22%, beide duidelijk boven AMD. Broadcom profiteert van schaal en hoge marges in software/licenties, terwijl Qualcomm dankzij lucratieve patentlicenties (QTL-segment) traditioneel ~25–30% netto marge haalt – al zakte dit in 2023 door de omzetdaling. Intel leed in 2022 zelfs verlies en had in 2023 een minieme winst, dus marges ~3%. AMD presteerde in 2023 qua nettowinst dus beter dan Intel, maar blijft ver achter bij Nvidia. De oorzaken van deze margeverschillen zijn terug te voeren op marktpositie en productmix. Nvidia opereert feitelijk als monopolist in high-end GPU’s en AI-versnellers, waardoor het prijszettingsmacht heeft en enorme schaalvoordelen. Nvidia kan premiumprijzen vragen – bijvoorbeeld kosten de nieuwste H100 GPU-kaarten tienduizenden dollars – wat de brutomarge stuwt. Bovendien verkoopt Nvidia ook software (CUDA-licenties, AI-enterprise oplossingen) gebundeld, die nagenoeg pure winst is. AMD daarentegen concurreert in CPU’s direct met Intel, vaak via scherpe prijs/prestatie-verhouding. Ook verkoopt AMD semi-custom chips (console-APU’s) met lagere marges, en focust het op volume in de clientmarkt tegen relatief agressieve prijzen (bijv. Ryzen CPU’s). Dit drukt de gemiddelde marge. Dat gezegd hebbende, AMD’s marges zullen waarschijnlijk verbeteren naarmate het datacenter- en AI-segment een groter deel van de omzet wordt – dit segment had in Q4 2024 al 54% brutomarge (non-GAAP), beduidend hoger dan de client- en gamingsegmenten. AMD verwacht voor Q1 2025 een verdere stijging naar 54% brutomarge gemiddeld (non-GAAP), wat aangeeft dat de productmix verschuift naar hogeremarge producten (EPYC, Instinct). Tot slot is het belangrijk op te merken dat ARM’s businessmodel (royalties) zorgt voor een hoge brutomarge (licentie-inkomsten kennen lage directe kosten), maar ARM’s operationele winstgevendheid wordt beperkt door zware R&D-investeringen. ARM was in 2022 wel winstgevend (netto enkele honderden miljoenen USD), maar de marges liggen lager dan bij Nvidia/Broadcom omdat de absolute schaal klein is. R&D-uitgaven en innovatiekracht Onderzoek & ontwikkeling is van cruciaal belang in de halfgeleidersector. AMD heeft zijn R&D-uitgaven de laatste jaren flink opgevoerd om concurrerend te blijven in CPU- en GPU-design. In 2023 spendeerde AMD circa $5,87 miljard aan R&D, een stijging van ~17% tov 2022. Dit bedrag is ongeveer 26% van AMD’s omzet (2023), wat aangeeft dat meer dan een kwart van de inkomsten direct wordt herinvesteerd in productontwikkeling. Nvidia gaf in vergelijkbare periode nog méér uit: ongeveer $7,34 miljard aan R&D in 2023. Hoewel Nvidia qua absolute dollars voorloopt, ligt het als percentage van de omzet lager (zo’n 12% van de sterke 2023-omzet; ter vergelijking, in het fiscaal jaar ervoor toen Nvidia ~$27 mld omzet had, was R&D ~20% van omzet). Beide bedrijven hebben hun R&D-budget de afgelopen tien jaar ongeveer vier- à vijfvoudigd, wat de intense innovatiewedloop illustreert. AMD’s overname van Xilinx droeg bij aan de R&D-sprong in 2022 (Xilinx had veel ingenieurs, met focus op FPGAs). Het is opmerkelijk dat AMD met minder R&D-uitgaven toch competitieve producten heeft kunnen leveren. Intel besteedde bijvoorbeeld traditioneel veel meer – in 2022 ~$15–20 mld – maar dat vertaalde zich niet automatisch in betere producten, gezien AMD marktaandeel wist af te snoepen. Effectiviteit van R&D is dus net zo belangrijk als de omvang. AMD’s designteams (onder leiding van CTO Mark Papermaster) hebben efficiënt gepresteerd, bijvoorbeeld met de modulaire “chiplet” architectuur van Ryzen/EPYC. Nvidia daarentegen heeft hoge R&D-kosten maar deze renderen uitzonderlijk goed in topproducten en een dominantie in AI die moeilijk te evenaren is. Bij Broadcom liggen de R&D-uitgaven wat lager; Broadcom gaf in FY2022 ongeveer $5,0 mld uit aan R&D (rond 14% van omzet) en in 2023 iets meer. Broadcom’s CEO staat erom bekend scherp op kosten te letten en alleen R&D te doen met directe rendementen (vandaar de hoge marges). Qualcomm investeert jaarlijks ook fors in R&D (met name in mobiele modems, 5G, en nu ook automotive en AR/VR); in 2023 lag dat rond $7+ mld, ~20% van omzet. ARM investeert relatief gezien het meest: het bedrijf steekt 40–50% van zijn omzet direct in R&D (architectuurontwikkeling), al betreft dit in dollars een kleiner bedrag ($1,5 mld). Voor AMD is R&D-investering in de komende jaren vooral van belang om de eerdergenoemde software-achterstand in AI in te halen. We zien AMD dit al doen: het R&D-budget nam in 2023 opnieuw ~17% toe en AMD gaf aan extra middelen te alloceren aan AI-softwareontwikkeling en ecosysteem. In de earnings call begin 2025 benadrukte CEO Lisa Su vertrouwen in de “enorme groeikansen in AI” en de noodzaak om in dat tempo mee te investeren. Andere segmenten waarin AMD actief is Naast datacenter-CPU’s en -GPU’s is AMD actief in diverse andere chipsegmenten. Hieronder een beknopte analyse per segment en AMD’s positie daarin: Desktop- en laptopprocessors (Client CPUs)  – Concurrenten: Intel (x86), Apple/Qualcomm (ARM in laptops). AMD’s Ryzen-serie voor desktops en laptops heeft sinds 2017 het duopolie met Intel nieuw leven ingeblazen. AMD wist in de desktopmarkt daarmee ~20% marktaandeel te veroveren, dankzij goede prestaties per dollar en een snelle overgang naar nieuwe procesnodes (met hulp van TSMC). In laptops is het marktaandeel lager, deels door de sterke OEM-relaties van Intel, maar AMD heeft hier ook groei laten zien (veel ultrabooks bieden Ryzen-opties). In 2023 zakte de totale PC-markt, wat AMD’s client-segment trof – de omzet halveerde bijna YoY in Q4 2022 – maar dit lijkt te stabiliseren. Met de nieuwe Ryzen 7000-serie (Zen4) en efficiënte mobiele chips hoopt AMD verder terrein te winnen, terwijl Intel worstelt met vertragingen. Toch blijft Intel hier de grootste speler (~70–80% share). Een nieuwe potentiële concurrent is Apple, dat met eigen ARM-gebaseerde M1/M2-chips hoge prestaties neerzet (al spelen die in een ander ecosysteem). Ook Qualcomm werkt aan ARM-gebaseerde laptopchips (via Nuvia-overname) om op termijn x86 in notebooks uit te dagen. AMD zal zowel tegen Intel als deze ARM-uitdagers moeten opboksen in client computing, maar heeft vooralsnog een sterke roadmap (Zen4, Zen5) en het voordeel van een gevestigde x86-ecosysteem. Serverprocessors (Datacenter CPUs)  – Concurrent: Intel Xeon; daarnaast ARM-gebaseerde serverchips (Ampere, AWS Graviton). Hier heeft AMD met EPYC een opmerkelijke transformatie doorgemaakt: van ~0% naar ~24% marktaandeel in vijf jaar. AMD’s strategie van meer cores, betere energie-efficiëntie en snelle innovatie (jaarlijkse updates: Rome, Milan, Genoa, etc.) heeft geloond, zeker terwijl Intel kampte met productvertragingen. Vandaag de dag is AMD de uitdager maar stevig gevestigd in servers – praktisch elke cloudprovider (AWS, Azure, Google) biedt nu AMD-instances aan, vaak met prijs/prestatie-voordelen t.o.v. Intel. Ook in high-performance computing (HPC) zijn EPYC CPU’s populair (ze drijven o.a. de Frontier supercomputer, ’s werelds snelste systeem in 2022). Voor AMD ligt de uitdaging erin dit momentum vast te houden; Intel brengt nieuwe Xeon-generaties uit en investeert om verloren marktaandeel terug te winnen. Daarnaast komen ARM-serverchips op – bijvoorbeeld Ampere’s Altra CPU’s draaien in Oracle Cloud en Azure, en Amazon bouwt eigen Graviton CPU’s voor AWS. Hoewel deze ARM-chips nog een fractie van de markt zijn, groeien ze in specifieke toepassingen (met name cloud en edge). AMD zal dus zowel Intel als ARM-concurrenten in de gaten moeten houden. Vooralsnog blijft EPYC’s roadmap (bijv. 5nm “Genoa” en 4nm “Bergamo” voor cloud) competitief, en AMD profiteert van het vertrouwen dat het inmiddels heeft gewonnen op deze markt. Grafische kaarten (GPU’s) voor gaming en werkstations  – Concurrent: Nvidia (hoofdzakelijk), plus Intel op kleine schaal. AMD’s Radeon-GPU’s waren lange tijd de #2 in de markt. Architecturen als RDNA2/3 leverden goede producten (bv. RX 6000 en 7000-serie), maar Nvidia heeft een zeer sterke greep op deze markt met zijn GeForce-serie. Zoals eerder vermeld heeft Nvidia ~80–90% marktaandeel in discrete GPU’s, met AMD rond 10–20%. AMD’s GPU-divisie heeft traditioneel lagere marges en kleiner R&D-budget dan Nvidia’s, wat resulteert in minder frequent high-end launches en soms achterstand in features (ray tracing, DLSS AI-upscaling). Toch blijft AMD concurrerend in het middensegment en biedt het prijsbewuste gamers veel waarde. Bovendien integreert AMD GPU’s in zijn APU’s (CPU met sterke geïntegreerde graphics), wat in laptops en mini-pc’s aantrekkelijk is – een gebied waar Nvidia geen CPU’s heeft (Intel’s geïntegreerde GPU’s vormen hier de concurrent). Een nieuwe wending is Intel’s intrede met Arc discrete GPU’s (3% marktaandeel Q2 2023); vooralsnog is Intel geen grote bedreiging, maar het toont dat de GPU-markt in beweging is. AMD zal zijn Radeon-divisie moeten blijven innoveren (bijv. RDNA4-architectuur) om relevant te blijven in gaming en om te profiteren als cryptomining/videorendering of andere GPU-toepassingen vragen verschuiven. Semi-custom en gameconsoles  – Concurrenten: nauwelijks direct; Nvidia had Tegra voor de Switch, maar een nieuwe Switch is onzeker. AMD heeft hier een unieke positie: het ontwerpt maatwerkchips voor klanten zoals Sony en Microsoft. Dit leverde de SoC’s voor PS5 en Xbox Series X/S – feitelijk 8-core Zen2 CPU’s gecombineerd met RDNA2 GPU’s op één chip. Deze deals zorgen voor miljardenomzet per consolecyclus en versterken AMD’s productievolume (wat schaalvoordelen geeft). In 2023 bleven de verkopen van deze consoles sterk, aangezien leveringsproblemen wegebden en de install base groeide. AMD concurreert in dit segment vooral indirect (tegen gaming-PC’s, die Nvidia GPU’s bevatten, of tegen Nintendo die andere chiptechnologie kiest). Voor de volgende generaties consoles lijkt AMD goed gepositioneerd om wederom partner te zijn, gezien de tevredenheid van huidige klanten en het voordeel van AMD’s CPU+GPU-expertise. Dit semi-custom model wordt ook breder ingezet – AMD maakte bijvoorbeeld een speciale chip voor de Valve Steam Deck handheld. Zo’n maatwerksegment is lucratief als AMD zijn IP één-op-één kan verkopen aan grote afnemers. Embedded, FPGA’s en adaptieve chips  – Concurrenten: Intel (Programmable Solutions Group), kleinere FPGA-makers (Lattice), en diverse MCU/SoC leveranciers. Via de acquisitie van Xilinx (afgerond begin 2022) is AMD actief in een reeks embedded markten: van 5G-telecomapparatuur, industriële elektronica, automotivesystemen tot avionica. Xilinx bracht een portfolio van FPGA’s (Field Programmable Gate Arrays), adaptieve SoC’s (Zynq-serie) en ACAP’s mee, plus een gevestigde softwaretool (Vitis) voor hardwareprogrammeerbaarheid. Deze producten zijn vaak hoogmarig en hebben een lange levenscyclus – een ander profiel dan consumentenchips. AMD concurreert hier voornamelijk met Intel’s FPGA-divisie (voorheen Altera) en behaalt sterke marges dankzij de Xilinx-technologie (Embedded-segment gross margin was ~>50%). In 2023 zag AMD groei in Embedded, aangedreven door vraag in automotive en mil/aero. FPGA’s spelen ook een rol in AI-inferencing op de edge (waar latentie en flexibiliteit belangrijk zijn); AMD kan via Xilinx die niche benutten. Daarnaast had AMD Pensando overgenomen, een startup die DPU’s (datacenter networking accelerators) maakt – dit positioneert AMD tegenover Nvidia’s Mellanox (BlueField DPU’s) en Broadcom’s NICs in de strijd om slimme netwerkkaarten voor cloud en enterprise. Hoewel deze embedded segmenten minder zichtbaar zijn, dragen ze aanzienlijk bij aan AMD’s diversificatie en winstgevendheid. Samengevat is AMD uitgegroeid van een cpu- en gpu-maker tot een breed platform actief in client computing, datacenters, gaming, console en embedded/FPGA-markten. Deze diversificatie spreidt risico’s: zwakte in de ene markt (bv. PC’s in 2023) kan deels gecompenseerd worden door sterkte in een andere (datacenter, embedded). Het vergt echter ook dat AMD concurreert met uiteenlopende spelers – van Intel en Nvidia tot niche-leveranciers – en continu op meerdere fronten innoveert. Waardering en groeipotentieel van AMD De kernvraag is hoeveel AMD kan groeien in de komende vijf jaar (bijv. 2025–2030) en of de huidige waardering gerechtvaardigd is door dat groeipotentieel. Veel analisten zijn optimistisch dat AMD, dankzij zijn positie in datacenter, CPU’s en een inhaalslag in AI, een hoog groeipad kan vasthouden. Zo voorziet Morningstar een jaarlijkse omzetgroei van rond de 20% (CAGR) voor AMD van 2024 tot 2028. Wanneer we dit doortrekken, zou AMD’s omzet in ongeveer vijf jaar meer dan verdubbelen. Startend vanaf ~$23 mld in 2023, zou 20% CAGR betekenen dat AMD in 2028 richting $55–60 miljard omzet gaat bereiken. Ter context: dat is vergelijkbaar met Nvidia’s omzetniveau in 2023, en zou impliceren dat AMD werkelijk doorbreekt als een top-3 semiconductorbedrijf qua omzet. Morningstar modellert specifiek ~13% groei in 2024 (herstel na PC-dip) en versnelling daarna door AI-adoptie. Ook AMD zelf hint op sterke groei: voor 2024 werd al een dubbelcijferige omzetstijging verwacht, en het datacentersegment groeit disproportioneel hard (bijv. +69% YoY in Q4 2024). Stel dat AMD inderdaad ~$55 mld omzet haalt in 2028 en erin slaagt de winstmarges te verbeteren (wat aannemelijk is door hogere gross margins in datacenter/AI en schaalvoordelen). Als we conservatief aannemen dat tegen die tijd een netto winstmarge van 25% haalbaar is (nog steeds onder Nvidia’s huidige 50%, maar ruim boven de 19% non-GAAP van 2023), dan zou AMD $13–14 miljard nettowinst kunnen maken in 2028. Afhankelijk van de marktomstandigheden zou zo’n bedrijf wellicht gewaardeerd worden op een P/E van 20–25× (voor een nog groeiend maar wel volwassener bedrijf). Dat zou neerkomen op een marktwaarde van $260–350 miljard in 2028. Ter vergelijking, AMD’s marktkapitalisatie in begin 2025 ligt rond $170 mld. Dit ruwe scenario suggereert dat AMD’s aandelenkoers in vijf jaar nog ongeveer kan verdubbelen als het bedrijf zijn groeiverwachtingen waarmaakt – dat is een aanzienlijk opwaarts potentieel (15% jaarlijks rendement). Uiteraard berust dit op de aannames van blijvend sterke marktgroei en AMD’s succesvolle executie. Belangrijk is dat AMD’s toekomstige waardering gevoelig is voor succes in de AI-markt. Mocht AMD er niet in slagen om Nvidia substantieel marktaandeel af te snoepen in datacenter-GPU’s, dan blijft de omzetgroei mogelijk achter bij de 20% CAGR assumptie. In een pessimistisch scenario (stel groei gemiddeld 10% per jaar), zou AMD in 2028 rond $37 mld omzet zitten – aanzienlijk lager – en zou de huidige waardering rijkelijk blijken. Echter, AMD’s eigen strategische planning en de sectorverwachtingen (TAM toename) maken het 20%+ groeiscenario niet onrealistisch. Is AMD een interessante belegging? AMD staat op een kruispunt: het bedrijf heeft zich succesvol getransformeerd van underdog tot een veelzijdige chipgigant die Intel marktaandeel afsnoept in CPUs en nu de strijd aangaat met Nvidia in AI-versnellers. Om serieus te concurreren met Nvidia in de datacenter- en AI-markt zal AMD met name zijn software-ecosysteem en support naar een hoger niveau moeten tillen, zodat klanten het potentieel van AMD-hardware volledig kunnen benutten. Hardwarematig heeft AMD veel in huis – krachtige EPYC-serverprocessors, veelbelovende Instinct-GPU’s, en aanvullende technologie van Xilinx/Pensando – maar zonder een robuuste software stack en ontwikkelaarscommunity blijft de drempel hoog voor AI-klanten die gewend zijn aan Nvidia’s CUDA. Nvidia’s voorsprong is groot, maar niet onoverkomelijk: de AI-markt groeit zo hard en is zo omvangrijk dat er ruimte is voor meerdere grote spelers als zij hun executie op orde hebben. Financieel gezien heeft AMD laten zien dat het kan groeien en marge kan maken, maar 2023 was een wake-up call dat het geen rechte lijn omhoog is. Nvidia heeft AMD op winstgebied overschaduwd met ongekende marges en winstgroei. Toch beschikt AMD over een gezonde balans (AMD heeft relatief weinig schulden en een goede cashpositie) en investeert het agressief in R&D om toekomstige groei veilig te stellen. Het marktaandeel van AMD in kernmarkten (zowel CPU als GPU) is gestaag toegenomen, wat een sterke uitgangspositie biedt voor de volgende fase: het veroveren van AI-acceleratie marktaandeel en verder doorgroeien in datacenters. Concurrenten als Broadcom en Qualcomm opereren in deels andere segmenten, maar in de vergelijking zien we dat AMD qua waardering de lat hoog heeft liggen – beleggers verwachten veel van AMD’s toekomst. Onze extrapolatie wijst erop dat AMD’s huidige waardering verdedigbaar is als het bedrijf de komende jaren inderdaad significant weet te groeien – met name gedreven door AI- en datacenterproducten. Zo niet, dan zou de hoge multiple kunnen leiden tot teleurstelling. Het groeipotentieel is er zeker: analisten voorzien ~20% jaarlijkse groei voor AMD, wat hoger is dan voor bijna alle grote halfgeleiderbedrijven. Nvidia blijft uiteraard de te kloppen partij in AI; hun middelen en marktmacht zijn enorm. Maar AMD heeft al bewezen (tegen Intel) dat het met technische innovatie en slimme strategische zetten een marktleider van de troon kan stoten of minstens diens hegemonie kan doorbreken. Als AMD in 2025–2030 zijn productportfolio verder uitbouwt (denk aan Zen5/Zen6 CPUs, RDNA4/5 GPUs, AI-specific ASICs wellicht) en tegelijkertijd de developer support en partnerships in AI uitbreidt, dan kan het een veel grotere rol spelen in de datacenters van de toekomst. In dat scenario zou AMD’s omzet, winst én beurswaarde aanzienlijk hoger komen te liggen dan vandaag, wat de forse huidige waarderingen uiteindelijk legitimeert. Kortom, AMD’s groeipad blijft aantrekkelijk, zij het niet zonder uitdagingen. Het bedrijf moet op meerdere fronten blijven presteren: concurreren met Intel in CPUs, met Nvidia in AI, en tegelijkertijd nieuwe kansen in embedded, FPGA en semi-custom benutten. Gezien de trends in de industrie – van de opkomst van AI tot de diversificatie van chipgebruik – bevindt AMD zich in een gunstige positie om mee te surfen op deze groei. De komende jaren zullen uitwijzen in hoeverre AMD zijn potentieel kan verzilveren, maar de fundamenten (technologie, talent, track record) en marktdynamiek geven reden tot optimisme over AMD’s verdere groei. Alle prognoses in dit rapport gaan vergezeld van onzekerheid, maar ze zijn goed onderbouwd met de huidige data en marktanalyses die laten zien dat AMD op koers ligt om een steeds grotere speler te worden in de halfgeleiderindustrie.

  • Dit cijfer voorspelt vaak een marktcrash en slaat nu alarm

    In het kort: De rente op 10-jaars Amerikaanse staatsobligaties is gedaald tot onder die van 3-maands obligaties—een zogenoemde inverted yield curve , historisch een sterke voorspeller van recessies. De New York Fed schatte de kans op een recessie in januari nog op 23%, maar die zal waarschijnlijk stijgen door de recente rentebewegingen. Ondanks de recessiewaarschuwing blijft de arbeidsmarkt sterk en rekenen markten op renteverlagingen van de Federal Reserve om de economie te ondersteunen. Een belangrijke economische indicator die door de Federal Reserve wordt gebruikt om recessies te voorspellen, knippert opnieuw rood. De rente op 10-jaars Amerikaanse staatsobligaties is woensdag onder de rente op 3-maands obligaties gezakt, wat betekent dat de yield curve  is omgekeerd ( inverted yield curve ). Dit fenomeen heeft historisch gezien een sterke, maar zeker niet zekere, correlatie met economische neergangen binnen 12 tot 18 maanden. De 10 jaar/3 maanden obligatie spread: Bron: CNBC Op basis van dit model schatte de New York Fed de kans op een recessie in januari op 23%. Destijds lag het renteverschil tussen 10-jaars en 3-maands obligaties nog op +0,31 procentpunt. Nu deze verhouding is omgeslagen, zal die kans in de komende waarschijnlijk fors stijgen. 📉 Actuele rentestanden: 10-jaars rente:  4,249% (-0,049%) 3-maands rente:  4,299% (+0,01%) Spread (10 jaar - 3 maanden):  -0,05 procentpunt Waarom is een omgekeerde rentecurve zorgwekkend? Normaal gesproken is de rente op lange termijn hoger dan op korte termijn, omdat beleggers een premie eisen voor het langere looptijdrisico. Wanneer de korte termijn rente hoger wordt dan de langere termijn, wijst dit erop dat beleggers verwachten dat de Federal Reserve binnenkort de rente zal verlagen—meestal een teken dat de economie zal afkoelen of zelfs krimpen. De FED-rente de afgelopen 10 jaar: Bron: TradingEconomics "Dit is wat je zou verwachten als beleggers een meer risicomijdende houding aannemen vanwege een groeivertraging," zegt Joseph Brusuelas, hoofdeconoom bij RSM. "Het is nog onduidelijk of dit alleen ruis is of een signaal van een grotere economische vertraging." Een recessie volgt niet altijd direct na een inversie. De vorige keer dat de rentecurve omkeerde, in oktober 2022, is een recessie uitgebleven. Toch blijft het een indicator die in het verleden behoorlijk betrouwbaar bleek. 📊 Enkele voorbeelden van recessies na een inversie: 2000:  Rentecurve keerde in 1998 om, recessie begon in 2001 2008:  Inversie in 2006, recessie startte eind 2007 2022:  Inversie eind 2022, nog geen recessie (2,5 jaar later) Economische tegenwind onder Trump Sinds Donald Trump op 20 januari 2025 opnieuw werd geïnaugureerd als president, zijn de rentetarieven fors gedaald. De 10-jaars rente is met 32 basispunten gedaald, ondanks eerdere stijgingen na zijn verkiezingsoverwinning op 5 november 2024. Analisten zien verschillende factoren die onzekerheid veroorzaken: Handelsbeleid:  Trumps tariefmaatregelen kunnen de inflatie opstuwen en economische groei drukken. Overheidsuitgaven:  De Amerikaanse staatsschuld blijft stijgen, wat zorgen oproept over de houdbaarheid van de begroting. Consumentenvertrouwen:  De University of Michigan-index meet de langetermijninflatieverwachtingen nu op het hoogste niveau sinds 1995. 📉 Dalende economische verwachtingen: Conference Board verwachtingenindex:  Gedaald tot een niveau dat historisch geassocieerd wordt met recessies. Sentiment onder beleggers:  Steeds meer partijen prijzen renteverlagingen in, wat duidt op een verwachte groeivertraging. "Er zijn verschillende hobbels op de weg die we goed moeten navigeren," zegt Tom Porcelli, hoofdeconoom bij PGIM Fixed Income. "De onzekerheid rond tarieven legt extra nadruk op economische zwakke plekken." Wat betekent dit voor de Fed en beleggers? Ondanks de rentecurve-inversie blijft de Amerikaanse arbeidsmarkt robuust. Dit maakt een directe recessie minder waarschijnlijk, maar beleggers houden rekening met een groeivertraging. 🔻 Marktverwachtingen: Minimaal 0,50% renteverlagingen in 2025  door de Fed (bron: CME FedWatch). Obligatiemarkten  suggereren dat de kans op een economische neergang toeneemt. Chris Rupkey, hoofdeconoom bij FWDBONDS, stelt: "De obligatiemarkt ruikt een recessie, maar de arbeidsmarkt bevestigt dat beeld nog niet." Hoewel de harde economische data zoals werkloosheid en consumentenbestedingen nog niet wezenlijk verslechterd zijn, nemen de risico’s toe. De Federal Reserve zal dus een cruciale rol spelen in het komende jaar, waarbij de vraag is of renteverlagingen een groeivertraging kunnen afwenden. De yield curve  heeft opnieuw een recessiewaarschuwing afgegeven, een signaal dat de afgelopen decennia betrouwbaar bleek. Hoewel een recessie niet gegarandeerd is, stapelen de economische risico’s zich op. Beleggers anticiperen nu op renteverlagingen door de Federal Reserve in 2025 om een groeivertraging te compenseren. De komende maanden zullen cruciaal zijn om te bepalen of de Amerikaanse economie een zachte landing maakt, of dat de markt zich toch schrap moet zetten voor een grotere correctie.

  • Dit belangrijke detail missen beleggers in de sterke cijfers van Nvidia

    In het kort: De datacenteromzet steeg met 93% naar $35,6 miljard, aangedreven door de ongekende vraag naar AI-rekenkracht van bedrijven zoals Amazon, Microsoft en Google. Hoewel de groei indrukwekkend blijft, neemt het tempo af en dalen de brutowinstmarges licht door hogere productiekosten van geavanceerde AI-chips. Grote techbedrijven ontwikkelen hun eigen AI-chips om minder afhankelijk te zijn van Nvidia, terwijl de gamingdivisie een omzetdaling van 11% zag door een verzadigde markt. De AI-revolutie heeft Nvidia geen windeieren gelegd. Waar het bedrijf ooit vooral bekend stond om grafische kaarten voor gamers, is het nu uitgegroeid tot de onbetwiste marktleider in AI-hardware. De cijfers spreken voor zich: in het vierde kwartaal van 2025 genereerde Nvidia $35,6 miljard aan omzet uit zijn datacenterdivisie, een stijging van maar liefst 93% ten opzichte van een jaar eerder. Het totale bedrijfsresultaat kwam uit op $39,3 miljard, waarmee Nvidia opnieuw alle verwachtingen overtrof. Wat drijft deze ongekende groei? Simpel: de honger naar rekenkracht voor AI. Bedrijven als Amazon, Microsoft en Google pompen miljarden in AI-datacenters en hebben Nvidia’s krachtige Hopper- en Blackwell-chips nodig om hun AI-modellen te trainen en te draaien. Nvidia is uitgegroeid tot de ruggengraat van deze infrastructuur. Volgens CEO Jensen Huang is de vraag naar de nieuwste Blackwell-GPU’s simpelweg ongelooflijk, waarbij grote cloudbedrijven als AWS, Microsoft Azure en Google Cloud goed waren voor ongeveer 50% van de omzet uit de datacenterdivisie. Toch wordt duidelijk dat Nvidia’s groeitempo begint af te nemen. Waar de omzet in hetzelfde kwartaal een jaar geleden nog met 262% steeg, verwacht het bedrijf voor het komende kwartaal een groei van 65% op jaarbasis. Nog steeds spectaculair, maar het laat zien dat zelfs de AI-boom enige verzadiging begint te vertonen. Toch word de dominantie van Nvidia in de AI-chipmarkt niet alleen gevoeld, maar ook keihard bevestigd door de cijfers. Waar concurrenten zoals AMD en Intel proberen in te halen, blijft Nvidia ongestoord verder uitbouwen aan zijn voorsprong. De groeistatistieken van Nvidia’s datacenterdivisie laten een ontwikkeling zien die zijn gelijke niet kent in de halfgeleiderindustrie. Sinds 2020 is de omzet uit Nvidia’s datacenterdivisie met een ongekende 1.637% gestegen. Dat komt neer op een samengestelde jaarlijkse groei (CAGR) van 113,8%. Daarmee laat het bedrijf concurrent AMD, dat in dezelfde periode een groei van 532% (CAGR van 63,4%) noteerde, ver achter zich. Intel daarentegen ziet zijn marktpositie steeds verder afbrokkelen. Terwijl de vraag naar AI-chips explodeerde, wist Intel geen aansluiting te vinden bij de AI-revolutie. Het bedrijf zag zijn datacenter- en AI-omzet in de afgelopen vier jaar met 31% dalen. De snelheid waarmee Nvidia’s datacenterdivisie is gegroeid, is bijna surrealistisch. In het eerste kwartaal van 2020 bedroeg de omzet uit datacenters nog slechts $1 miljard per kwartaal – een respectabel bedrag, maar niets vergeleken met waar het bedrijf nu staat. In het meest recente kwartaal was die omzet opgelopen tot $35,6 miljard, een vertienvoudiging in slechts vier jaar tijd. De cijfers laten zien dat Nvidia niet alleen de leiding heeft genomen in deze markt, maar die voorsprong ook nog eens agressief blijft uitbreiden. Terwijl de omzet van concurrenten schommelt of slechts gestaag groeit, heeft Nvidia juist een exponentiële groeicurve te pakken die zich in recordtempo voortzet. Beleggers zijn blij met de groei, maar missen misschien wel een belangrijk detail als het gaat om de marges. Want hoewel Nvidia’s omzet en winstgevendheid blijven groeien, laten de recente kwartaalcijfers zien dat de brutowinstmarge juist een lichte daling doormaakt. In het vierde kwartaal van 2025 kwam de marge uit op 73%, een daling van drie procentpunten ten opzichte van het jaar ervoor. En voor het aankomende jaar verwacht het management zelfs 71%. Dit roept de vraag op: waarom wordt het bedrijf steeds minder winstgevend? De belangrijkste reden voor de daling in brutomarges is de complexiteit van Nvidia’s nieuwste generatie AI-processors, met name de Hopper- en Blackwell-chips. Deze chips bevatten steeds meer transistors en zijn ontworpen om grotere en complexere AI-modellen aan te sturen. Dit betekent dat de productie ervan technischer en kostbaarder wordt. Het fabricageproces van deze geavanceerde AI-chips vereist extreem geavanceerde lithografie – de techniek waarmee minuscule schakelingen op halfgeleiderwafers worden geëtst. Nvidia maakt gebruik van extreme ultraviolet (EUV)-lithografie, een dure technologie die alleen toegankelijk is via ASML. De nieuwste chips bevatten meer lagen en fijnere details, wat leidt tot een langere productietijd en hogere faalpercentages, wat de kosten opdrijft. Daarnaast zijn de gebruikte materialen duurder. Voor AI-chips zoals Blackwell is een combinatie van geavanceerde siliciumstructuren en high-bandwidth memory (HBM) nodig, een type geavanceerd geheugen dat cruciaal is voor de prestaties van AI-werkzaamheden. HBM is echter schaars en duur, vooral omdat er maar een paar leveranciers zijn, zoals SK Hynix, Micron en Samsung, die de vraag nauwelijks kunnen bijhouden. Naarmate chips krachtiger worden, neemt ook de complexiteit van het testen en valideren toe. AI-chips moeten extreem betrouwbare prestaties leveren en mogen nauwelijks fouten bevatten, aangezien ze worden ingezet in kritieke AI-modellen en datacenters. Dit betekent dat Nvidia aanzienlijk meer tijd en geld moet investeren in het testen en optimaliseren van elke nieuwe generatie chips voordat ze worden uitgerold. Naast de pure productiekosten spelen ook supply chain-uitdagingen een rol. De wereldwijde vraag naar AI-hardware blijft explosief groeien, wat de beschikbaarheid van essentiële componenten beperkt. Nvidia heeft te maken met stijgende kosten voor halfgeleiderproductie, maar ook met hogere logistieke en distributiekosten. Daarnaast zijn sommige productielocaties beperkt in capaciteit, wat betekent dat Nvidia moet concurreren om fabrieksruimte bij grote chipfabrikanten zoals TSMC. Maar wat ons betreft zijn de margedalingen voorlopig nog geen groot probleem. Nvidia’s nettoresultaat steeg in het afgelopen kwartaal namelijk gewoon weer met maar liefst 79% naar $22,09 miljard, oftewel $0,89 per aandeel – wederom boven de verwachtingen van analisten. De vraag naar AI-chips blijft immers zo hoog dat klanten bereid zijn premiumprijzen te betalen. En na een ongekende groei in 2023 en 2024 begint de markt bovendien te beseffen dat de extreme groeispurten van Nvidia niet eindeloos door kunnen gaan. Voor het eerste kwartaal van 2025 verwacht het bedrijf een omzet van ongeveer $43 miljard, wat nog steeds een stijging van 65% betekent ten opzichte van een jaar eerder. Hoewel dit een indrukwekkend groeicijfer blijft, ligt het tempo lager dan de 262% jaar-op-jaar groei die Nvidia in dezelfde periode vorig jaar rapporteerde. Dit wijst erop dat de AI-hardwaremarkt langzaam volwassen begint te worden. De explosieve vraag naar Nvidia’s AI-chips blijft aanhouden, maar de fase waarin bedrijven haastig datacenters volbouwen met Nvidia’s hardware lijkt te vertragen. Toch blijft het bedrijf in een dominante positie dankzij zijn technologische voorsprong en de diepgewortelde afhankelijkheid van zijn ecosysteem. Maar goed nieuws: Een van de belangrijkste redenen waarom Nvidia voorlopig zijn leidende positie behoudt, is CUDA (Compute Unified Device Architecture). Dit is het softwareplatform waarmee ontwikkelaars AI-modellen optimaliseren en trainen op Nvidia’s GPU’s. Waar andere chipfabrikanten concurrerende hardware ontwikkelen, loopt niemand in de markt zo ver voor op het softwarevlak als Nvidia. Het belang van CUDA kan niet worden onderschat. Duizenden AI-bedrijven en onderzoekers wereldwijd hebben hun machine learning-modellen en infrastructuur gebouwd rond CUDA, wat betekent dat overstappen naar concurrerende hardware zoals AMD’s ROCm of Google’s TPU’s niet eenvoudig is. Dit creëert een hoge mate van lock-in, vergelijkbaar met hoe Microsoft jarenlang zijn dominante positie in de pc-markt wist te behouden met Windows. Hoewel bedrijven zoals Google, Amazon en Meta hun eigen AI-chips ontwikkelen om minder afhankelijk te zijn van Nvidia, blijft CUDA een enorme barrière. Zelfs als deze bedrijven hun eigen hardware op de markt brengen, zal de software-ecosysteemvoorsprong van Nvidia ervoor zorgen dat ontwikkelaars en bedrijven Nvidia’s chips blijven verkiezen voor de meest geavanceerde AI-modellen. Terwijl Nvidia’s datacenterdivisie blijft floreren, kent de gamingsector een minder succesvol kwartaal. De omzet uit gamingchips daalde met 11% op jaarbasis tot $2,5 miljard, wat lager uitviel dan de analistenverwachtingen van $3,04 miljard. Deze daling is deels te verklaren door een verzadiging van de gamingmarkt. De pandemiejaren zorgden voor een enorme vraag naar gaming-hardware, maar dat effect is inmiddels weggeëbd. Daarnaast zijn veel gamers afwachtend, in de hoop op goedkopere GPU’s of wachten ze op nieuwe releases. Een andere factor is dat Nvidia’s nieuwste generatie gaming-GPU’s, gebaseerd op de Blackwell-architectuur, pas recent is aangekondigd. Dit betekent dat de vraag naar gamingproducten mogelijk pas later in 2025 weer aantrekt. Voor Nvidia lijkt de gamingmarkt echter steeds meer een bijzaak te worden – de ware winstmachine is en blijft de datacenterbusiness. Een van de weinige andere segmenten binnen Nvidia dat wél een sterke groei laat zien, is automotive. De omzet uit deze divisie steeg in het vierde kwartaal met maar liefst 103% op jaarbasis naar $570 miljoen. Hoewel dit nog steeds slechts een fractie is van de omzet uit AI-datacenters, wordt duidelijk dat Nvidia ook in deze markt zijn stempel wil drukken. De groei in automotive wordt vooral gedreven door de toenemende integratie van AI in zelfrijdende auto’s en geavanceerde rijhulpsystemen. Autofabrikanten zoals Tesla, Mercedes-Benz en BMW gebruiken Nvidia’s chips om zelfrijdende technologie te ontwikkelen en rijhulpfuncties te verbeteren. De vraag naar AI in de automotive-industrie zal naar verwachting de komende jaren blijven toenemen. Nvidia is in een sterke positie om hierop in te spelen, aangezien zijn AI-chips niet alleen in datacenters worden gebruikt, maar ook direct kunnen worden toegepast in auto’s en robotica. Nvidia blijft zonder twijfel de dominante speler in de AI-hardwaremarkt. De vraag naar AI blijft ongekend hoog, en het bedrijf profiteert maximaal van deze trend. Toch moeten beleggers rekening houden met enkele uitdagingen en risico’s: Toenemende concurrentie – Grote techbedrijven zoals Google, Amazon en Meta ontwikkelen hun eigen AI-chips om minder afhankelijk te zijn van Nvidia. Hoewel dit voorlopig nog geen grote impact heeft op Nvidia’s verkoopcijfers, kan dit op lange termijn marktaandeel kosten. Dalende marges – De nieuwste AI-chips zijn steeds complexer en duurder om te produceren. Dit zet de brutowinstmarges onder druk, zoals te zien was in de lichte daling naar 73% in Q4 2025. Verzadiging in gaming – Nvidia’s gamingdivisie heeft moeite om te groeien. Hoewel AI momenteel alle aandacht trekt, blijft het gamingsegment een belangrijk onderdeel van de omzet. Toch lijkt Nvidia voorlopig nog onaantastbaar. De dominantie van CUDA, de sterke positie in AI-datacenters en de ongekende groei van de sector maken het bedrijf nog steeds een van de meest interessante groeiaandelen op dit moment. Het bedrijf heeft dit kwartaal zeker weer sterk gepresteerd en we leven nu op naar de volgende cijfers.

bottom of page