Doorzoek deze website
14515 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht
- Wat houdt de nieuwe box 3-belasting in voor je vermogen?
In het kort: Uitstel van het nieuwe box 3-stelsel: De belastingheffing op werkelijk rendement in box 3 wordt naar verwachting pas in 2029 ingevoerd. Het uitstel komt door verouderde IT-systemen en een tekort aan IT-specialisten. Tijdelijke overbruggingswetgeving: Tot 2029 wordt de spaarvariant gebruikt. Hierin wordt gerekend met forfaitaire rendementen, wat veel kritiek heeft gekregen. Spaarders betalen weinig belasting zolang de rente laag blijft. Belastingvoordelen benutten: Via box 1 kunnen mensen fiscaal voordelig sparen of beleggen, bijvoorbeeld door een verhoogde jaarruimte (van 13,3% naar 30%) en een langere reserveringsruimte (van 7 naar 10 jaar). Dit biedt mogelijkheden om belastingdruk in box 3 te verlagen. Wat houdt de nieuwe box 3-belasting in? Vanaf 2029 wil de overheid in box 3 belasting gaan heffen op basis van het werkelijk behaalde rendement. Dit betekent dat niet meer wordt gerekend met forfaitaire rendementen, maar dat bijvoorbeeld de werkelijke rente op spaargeld, dividendinkomsten, en waardestijgingen van beleggingen belast worden. Het nieuwe stelsel is opgesplitst in twee componenten: Behaald rendement: Zoals rente, dividend en verhuurwinsten. Ongerealiseerd rendement: Bijvoorbeeld waardestijging van aandelen en onroerend goed, zelfs als deze niet verkocht zijn. Deze hervorming moet het belastingstelsel eerlijker maken en beter aansluiten bij de werkelijke inkomsten uit vermogen. Echter, de invoering wordt bemoeilijkt door de verouderde ICT-systemen van de Belastingdienst en complexe samenwerking met banken en andere ketenpartners. Waarom wordt het uitgesteld? Het kabinet wilde dit nieuwe systeem oorspronkelijk in 2025 invoeren, later verschoven naar 2026 en nu naar 2029. Dit uitstel is vooral te wijten aan: Verouderde ICT-systemen: De systemen van de Belastingdienst zijn niet klaar voor de complexe gegevensverwerking die nodig is. Gebrek aan IT-specialisten: Het tekort aan deskundigen maakt een snelle implementatie onmogelijk. Complexiteit bij ketenpartners: Banken en verzekeraars kunnen niet op tijd voldoen aan de eisen om data over werkelijk rendement te delen. Uit een onderzoek van Capgemini blijkt dat de risico’s voor een vroege invoering alleen maar zijn toegenomen. Daarom blijft de spaarvariant langer van kracht. De spaarvariant: een tussenoplossing De spaarvariant blijft tot 2029 gelden als tijdelijke wetgeving. Dit betekent: Belastingen worden berekend op basis van forfaitaire rendementen, ongeacht het werkelijke rendement. Spaarders profiteren, zolang de rente laag blijft. Met stijgende rentetarieven kan dit voordeel echter verdwijnen. De huidige percentages voor forfaitaire rendementen worden regelmatig aangepast. Een stijging van de spaarrente kan de belastingdruk voor spaarders verhogen. Hoe kun je minder belasting betalen in box 3? Er zijn mogelijkheden om de belastingdruk in box 3 te verlagen, vooral door gebruik te maken van de voordelen in box 1. Dit wordt mogelijk door veranderingen die voortkomen uit het wetsvoorstel Toekomst Pensioenen: Hogere jaarruimte: Het percentage van het bruto inkomen dat mag worden ingelegd op een lijfrenterekening stijgt van 13,3% naar 30%. Dit verlaagt de belastingdruk in box 1 en vermindert vermogen in box 3. Langere reserveringsruimte: Niet-gebruikte jaarruimte mag nu tot 10 jaar (voorheen 7) worden ingehaald. Hoger maximaal bedrag: Het maximum bedrag voor reserveringsruimte wordt verhoogd naar €38.000. Wat betekent dit voor jou? De veranderingen bieden mogelijkheden om fiscaal voordelig vermogen op te bouwen, bijvoorbeeld door: Pensioensparen via een lijfrenterekening. Beleggen in box 1, wat zorgt voor belastingaftrek en een lagere belastingdruk in box 3. Met het uitstel van de nieuwe wetgeving blijft er tijd om te profiteren van de huidige voordelen. Het is slim om na te gaan of je vermogen optimaal verdeeld is over box 1 en box 3 om belasting te minimaliseren. De hervorming van box 3 naar belastingheffing op werkelijk rendement is uitgesteld tot 2029. Tot die tijd blijft de spaarvariant bestaan. Hoewel dit vertraging oplevert, zijn er kansen om belastingdruk te verminderen door fiscaal voordelig te sparen of beleggen in box 1. Het gebruik maken van de verhoogde jaarruimte en reserveringsruimte kan een groot verschil maken in jouw belastingafdracht.
- IWDA ETF tegenover VWRL en VWCE
In het kort: Wat is de IWDA ETF?De IWDA ETF (iShares Core MSCI World ETF) biedt wereldwijde spreiding in ontwikkelde markten, met een focus op lage kosten (0,20%) en automatische herbelegging van dividenden. Dit maakt het een populaire keuze voor beleggers die een stabiele, kostenefficiënte en brede beleggingsoptie zoeken. Rendement en volatiliteit:De IWDA ETF heeft in 2024 een indrukwekkend YTD-rendement van 25,07% behaald, ondanks volatiliteit in eerdere jaren. Het lange termijn jaarlijks gemiddelde rendement is 12,01%, iets lager dan meer gefocuste indexen zoals de S&P 500 (14,90%). Vergelijking met andere ETF’s:IWDA richt zich op ontwikkelde markten, terwijl alternatieven zoals VWRL en VWCE ook opkomende markten omvatten. IWDA presteert historisch gezien stabieler en heeft lagere kosten, wat het aantrekkelijk maakt voor risicomijdende beleggers. Wat is de IWDA ETF? De IWDA ETF, beheerd door BlackRock, volgt de MSCI World Index, een benchmark voor aandelen in ontwikkelde markten wereldwijd. Het fonds omvat bedrijven uit Noord-Amerika, Europa en Azië-Pacific en biedt diversificatie over verschillende sectoren en landen. Kenmerken: Beursnoteringen: Euronext Amsterdam, Londen, Frankfurt. Kostenratio: 0,20% per jaar. Dividenden: Automatisch herbelegd (accumulerend). Aantal posities: Meer dan 1.500 bedrijven. Sectorverdeling: Informatietechnologie, gezondheidszorg en financiële diensten domineren. De automatische herbelegging van dividenden maakt IWDA populair bij Europese beleggers, vooral in België, vanwege gunstige belastingvoordelen. Historisch rendement 2024 YTD-rendement: +25,07%. 2023: +19,89%. 2022: -13,54% (dalingen door wereldwijde macro-economische onzekerheden). Gemiddeld jaarlijks rendement (10 jaar): 12,01%. Hoewel de IWDA ETF volatiele jaren kent, toont het een consistente opwaartse trend op de lange termijn. Koersontwikkeling Op 13 november 2024 noteerde de ETF op €102,83, een stijging van 32,43% in één jaar. Dit onderstreept het herstellende vertrouwen in mondiale aandelenmarkten. Vergelijking: IWDA vs. VWRL en VWCE VWRL (Vanguard FTSE All-World ETF) Marktdekking: Zowel ontwikkelde als opkomende markten. Kostenratio: 0,22% (iets hoger dan IWDA). Dividend: Uitkerend. Voordeel: Brede blootstelling, inclusief groeimarkten. VWCE (Vanguard FTSE All-World ETF Accumulating) Marktdekking: Vergelijkbaar met VWRL. Kostenratio: 0,22%. Dividend: Accumulerend. Voordeel: Automatische dividendherbelegging voor bredere dekking. Voordelen van IWDA: Lagere kosten dan VWRL en VWCE. Stabiliteit dankzij focus op ontwikkelde markten. Handig voor risicomijdende beleggers door minder volatiliteit. Nadeel IWDA: Geen blootstelling aan opkomende markten, wat groei op lange termijn kan beperken. Kostenstructuur De kostenratio van 0,20% maakt IWDA een van de meest kostenefficiënte wereldwijde ETF’s. Voor beleggers via DEGIRO is IWDA opgenomen in de kernselectie, wat betekent dat het maandelijks kosteloos verhandeld kan worden. Dividendbeleid IWDA herbelegt dividenden automatisch. Het dividendrendement bedraagt 2,16%, wat bijdraagt aan het compounding-effect en helpt om rendement op lange termijn te maximaliseren. Risico’s en dividendlek Hoewel de IWDA ETF wereldwijd spreidt, zijn er enkele aandachtspunten: Dividendlek: Door buitenlandse bronbelastingen kan een klein deel van het rendement verloren gaan. Dit is een inherent nadeel van wereldwijde ETF’s. Geen opkomende markten: Beleggers missen mogelijk groeimogelijkheden in opkomende economieën zoals China en India. De IWDA ETF is een uitstekende keuze voor beleggers die: Wereldwijde diversificatie zoeken met focus op ontwikkelde markten. Lagere kosten en automatische herbelegging van dividenden waarderen. Een stabiele, minder volatiele investering prefereren. Voor wie ook opkomende markten wil betrekken, kunnen VWRL of VWCE betere alternatieven zijn. Uiteindelijk hangt de keuze af van je risicoprofiel en beleggingsdoelen.
- Vanguard S&P 500 ETF VUSA - Alles wat je moet weten
In het kort: Wat is de Vanguard S&P 500 ETF?De Vanguard S&P 500 ETF (VUSA) is een tracker die de prestaties van de S&P 500 index volgt. Beleggers verkrijgen met één transactie een breed gespreide portefeuille van 500 Amerikaanse bedrijven tegen lage kosten. Rendement en kosten:Het historisch rendement van de S&P 500 bedraagt 8.067% over 40 jaar, terwijl VUSA sinds 2012 een gemiddeld jaarlijks rendement van 14,95% heeft. De jaarlijkse lopende kosten zijn slechts 0,07%. Spreiding en risico:VUSA biedt spreiding over 505 aandelen, maar de focus ligt volledig op Amerikaanse bedrijven. De top 10 bedrijven nemen circa 34% van het fonds in beslag, met een sterke nadruk op de informatietechnologiesector. Wat is VUSA en hoe werkt het? De Vanguard S&P 500 ETF, opgericht in 2012, is een populaire ETF van aanbieder Vanguard. Het fonds volgt de prestaties van de S&P 500 index, waarin de 500 grootste Amerikaanse beursgenoteerde bedrijven vertegenwoordigd zijn. Het is beschikbaar op meerdere beurzen, waaronder Euronext Amsterdam, en is een kernselectie-ETF bij DEGIRO. Met VUSA beleg je in bedrijven als Apple, Microsoft, Amazon, en Tesla zonder direct individuele aandelen te bezitten. Door de brede spreiding en lage kosten is deze ETF aantrekkelijk voor zowel beginnende als ervaren beleggers. Historisch rendement van de S&P 500 De S&P 500 heeft een indrukwekkend langetermijnrendement van 8.067% sinds 1984. Dit komt neer op gemiddeld circa 8% per jaar na inflatie. Rendement van de Vanguard S&P 500 ETF Sinds de oprichting in 2012 heeft VUSA een totaalrendement van 566% behaald. Dit komt neer op een gemiddeld jaarlijks rendement van 14,95% in de laatste 10 jaar, mede dankzij sterke jaren voor technologiebedrijven en een groeiende Amerikaanse economie. Echter, het is verstandig om voor de lange termijn rekening te houden met een lager gemiddeld rendement van ongeveer 8%. Belangrijke kanttekening: Het rendement varieert per economische cyclus. Zo was het rendement van 2002-2012 slechts 8,5% per jaar. Kostenstructuur De lopende kosten van VUSA bedragen slechts 0,07% per jaar, een van de laagste percentages in de markt. Ter vergelijking: Vanguard All World ETF (VWRL): 0,22%. iShares S&P 500 ETF: 0,07%, maar duurder in aanschaf. VUSA is via DEGIRO een keer per maand gratis te verhandelen, waardoor het voor kostenbewuste beleggers extra aantrekkelijk is. Dividend VUSA keert een dividend uit met een gemiddeld rendement van 1,50%. Het dividend wordt per kwartaal uitgekeerd en beleggers kunnen kiezen voor een accumulerende variant (VUAA) waarin dividend automatisch wordt herbelegd. Dit biedt voordelen voor het compounding-effect. Samenstelling van de ETF VUSA bevat 505 aandelen die genoteerd staan in de Verenigde Staten. Hoewel dit een goede spreiding biedt, ligt de geografische focus volledig op Amerikaanse bedrijven. De top 10 posities (inclusief Apple, Microsoft en NVIDIA) maken samen 34% van de ETF uit, wat wijst op een concentratierisico. Sectorverdeling De sectoren binnen VUSA zijn als volgt verdeeld: Informatietechnologie: ongeveer 27%. Gezondheidszorg, financiële diensten en consumptiegoederen vullen de overige posities aan. De sterke nadruk op informatietechnologie maakt de ETF gevoelig voor sectorale schommelingen, hoewel de periodieke herweging dit enigszins balanceert. Voordelen: Lage kosten: 0,07% lopende kosten en gratis maandelijks verhandelbaar bij DEGIRO. Breed gespreid: Toegang tot 505 grote Amerikaanse bedrijven. Rendement: Sterke historische prestaties met een gemiddeld rendement van 14,95% in de laatste 10 jaar. Nadelen: Geografische concentratie: Volledig gericht op Amerikaanse bedrijven. Sectorale bias: Zware nadruk op technologie (27%). De Vanguard S&P 500 ETF is een uitstekende keuze voor beleggers die eenvoudig willen profiteren van de groei van de Amerikaanse economie. Met lage kosten, sterke historische prestaties en brede toegang tot grote bedrijven is het een solide bouwsteen voor elke portefeuille. Toch moeten beleggers rekening houden met de beperkte geografische spreiding en sectorale concentratie. Voor wie extra diversificatie zoekt, kan de Vanguard All World ETF (VWRL) een goed alternatief zijn.
- Warren Buffett kocht zojuist deze 2 nieuwe aandelen
In het kort: Nieuwe investeringen : Berkshire Hathaway heeft in Q3 nieuwe posities ingenomen in Domino's Pizza (1,28 miljoen aandelen, ter waarde van $549 miljoen) en Pool Corp (404.000 aandelen, $152 miljoen). Afbouw van posities : Buffett heeft belangen in Apple (van 400K naar 300K), Bank of America, Floor & Decor (helemaal verkocht) en nog meer andere aandelen afgebouwd. Cashpositie : Berkshire heeft haar cashpositie verdubbeld naar $325,2 miljard en heeft in 2024 meer verkocht ($133,2 miljard) dan gekocht ($5,8 miljard). Berkshire Hathaway maakte bekend dat het in het derde kwartaal nieuwe posities heeft ingenomen in 2 nieuwe aandelen. Beide stegen meteen fors in de nabeurs na deze bekendmaking (zoals we gewend zijn). Beide aandelen stegen na de bekendmaking van deze investeringen: Domino's met 6,9% en Pool met 5,7%. Terwijl Buffett de tech en bankensectoren lijkt de vermijden richt hij zich nu dus steeds meer op andere sectoren in de aankopen die hij nog doet, hoewel de focus op cash uitbreiding blijft: Domino's Pizza : 1,28 miljoen aandelen, met een totale waarde van $549 miljoen per 30 september. Dit vertegenwoordigt een stevige inzet in de quick-service restaurantsector, waar Domino’s profiteert van een focus op promoties en prijsbewuste consumenten. De aandelenkoers van Domino´s sind de afgelopen 5 dagen: Bron: CNBC Omzetgroei: In het derde kwartaal van 2024 rapporteerde Domino's een omzetstijging van 5,1% naar $1,08 miljard, vergeleken met $1,03 miljard in dezelfde periode vorig jaar. Winstgevendheid: Het bedrijfsresultaat steeg met 5,0% tot $198,8 miljoen. De nettowinst daalde echter licht met 0,5% tot $146,9 miljoen. De verwaterde winst per aandeel (EPS) nam marginaal toe tot $4,19, vergeleken met $4,18 in het voorgaande jaar. Winkeluitbreiding: Domino's realiseerde een wereldwijde netto groei van 72 winkels tijdens het kwartaal, wat het totale aantal winkels wereldwijd op 21.002 bracht. Vooruitzichten: Ondanks de omzetgroei heeft Domino's zijn wereldwijde retailomzetgroeiverwachting voor het volledige jaar 2024 verlaagd van 7% naar ongeveer 6%, vanwege uitdagende macro-economische omstandigheden. Pool Corp : 404.000 aandelen, ter waarde van $152 miljoen. Pool Corp levert zwembadbenodigdheden en heeft ondanks lage vraag naar nieuwe zwembaden kunnen profiteren van stabiele vraag naar onderhouds- en reparatiediensten. De aandelenkoers van Pool Corp de afgelopen 5 dagen: Bron: CNBC Omzet en winst: In het derde kwartaal van 2024 rapporteerde Pool Corp een omzet van $1,43 miljard, iets boven de verwachtingen van analisten. De aangepaste winst per aandeel bedroeg $3,26, wat de schattingen van $3,14 overtrof. Vraag naar diensten: Het bedrijf profiteerde van aanhoudende vraag naar zwembadonderhouds- en reparatiediensten, wat hielp om de zwakkere vraag naar discretionaire producten, zoals irrigatie- en landschapsartikelen, te compenseren. Vooruitzichten: Pool Corp handhaafde zijn winstverwachting voor het volledige jaar 2024, met een prognose van $11,06 tot $11,46 per aandeel. Berkshire heeft tijdens Q3 echter nog meer (aanzienlijke) reducties doorgevoerd in een aantal van haar grootste posities: Apple : Van 400.000 naar 300.000 aandelen. Apple blijft echter een van Berkshire’s belangrijkste investeringen. Bank of America : Afbouw van 1,03 miljoen naar ~798.000 aandelen. Floor & Decor : De volledige positie is verkocht, wat aangeeft dat Berkshire minder vertrouwen heeft in de groei van de vloerenmarkt. Nu Holdings : Van 107 miljoen naar 86,4 miljoen aandelen. Charter Communications : Van 3,83 miljoen naar 2,82 miljoen aandelen. Ulta Beauty : Meer dan 96% van de aandelen verkocht, ondanks de relatief recente aankoop in augustus. Berkshire heeft haar cashpositie bijna verdubbeld naar $325,2 miljard per 30 september. In hetzelfde kwartaal heeft het bedrijf slechts $1,5 miljard geïnvesteerd, terwijl het voor $36,1 miljard aan aandelen heeft verkocht . Voor heel 2024 staan de verkopen op $133,2 miljard tegenover slechts $5,8 miljard aan aankopen. Mogelijke redenen voor deze strategie: Hoge waarderingen : De huidige waarderingen van veel aandelen kunnen als overgewaardeerd worden beschouwd, wat het moeilijk maakt om waardevolle deals te vinden. Fiscale overwegingen : De timing van verkopen kan belastingvoordelen opleveren. Toekomstige acquisities : De forse cashpositie geeft Berkshire de flexibiliteit om grote overnames te doen, waarbij genoeg speculaties rondgaan rondom de verzekeringsinvesteringen die het bedrijf doet. Echter is het nog steeds niet duidelijk waar deze enorme stapel cash heen zal bewegen. Gemakkelijk aandelen kopen en verkopen? Dat kan bij DeGiro #A D De afbouw in Apple en Bank of America suggereert dat Berkshire minder positied is over technologie en banken, mogelijk vanwege waarderingen of sector-specifieke risico's. De verhoogde cashpositie suggereert dat Buffett en zijn team op zoek zijn naar een grote overname of wachten op betere kansen in de markt. Met een marktwaarde van $1,01 biljoen blijft Berkshire een van de meest invloedrijke spelers op Wall Street, en haar bewegingen bieden waardevolle inzichten voor beleggers.
- Meta krijgt een bizarre boete: Dit betekent het voor beleggers
In het kort: Meta krijgt een boete van bijna 800 miljoen euro in Europa voor machtsmisbruik op Facebook Marketplace, vanwege oneerlijke concurrentievoordelen. De Europese Commissie wil met deze straf een sterk signaal afgeven aan techbedrijven om marktdominantie niet te misbruiken. Meta gaat in beroep tegen de boete, maar blijft onder druk staan door de strenge regelgeving in Europa, wat zijn bedrijfsmodel en winstgevendheid kan beïnvloeden. Het blijft maar komen voor Meta: opnieuw een megaboete in Europa, dit keer een straf van bijna 800 miljoen euro vanwege machtsmisbruik op Facebook Marketplace. Het moederbedrijf van Facebook, Instagram en WhatsApp wordt beschuldigd van het onterecht bevoordelen van zijn eigen advertentieplatform, Marketplace, door het strikt te integreren met Facebook. Dit heeft geleid tot een flinke verstoring van de concurrentie, met eBay, Marktplaats en andere platforms die buitenspel worden gezet. De boete is een signaal naar andere techreuzen dat de Europese Commissie niet mild is bij misbruik van marktmacht, en zeker niet voor bedrijven die de regels in hun voordeel proberen te buigen. Meta heeft zich al langere tijd in de gevarenzone begeven, maar het machtsmisbruik rondom Marketplace was al langer bekend. Marketplace, oorspronkelijk een apart platform voor de verkoop van tweedehands goederen, werd door Meta gekoppeld aan Facebook en Instagram. Het gevolg? Miljarden gebruikers van Facebook krijgen toegang tot Marketplace, vaak zonder het te willen. Door deze integratie krijgt Meta een aanzienlijke voordeel, wat het voor concurrenten als eBay en Marktplaats vrijwel onmogelijk maakt om op hetzelfde niveau mee te spelen. Zelfs al is er geen expliciete gebruikersinteractie, het platform is in de meeste gevallen automatisch zichtbaar, wat Marketplace een marktdominantie oplevert die zijn gelijke niet kent. Niet zo gek dus dat de marketplace zo succesvol is. Daarnaast werd Meta beschuldigd van het misbruiken van gebruikersdata van concurrenten. Wanneer bedrijven zoals eBay of Marktplaats advertenties plaatsten op Facebook en Instagram, verzamelde Meta deze waardevolle gegevens die vervolgens gebruikt werden om Marketplace verder te versterken. Dit was precies de beschuldiging van de Europese naar Meta: het gebruiken van die data om het eigen platform te bevoordelen en tegelijkertijd de concurrentie te benadelen. De hoogte van de boete is ook geen toeval: 797,7 miljoen euro is geen kleinigheid, zelfs voor een bedrijf als Meta. Het markeert een keerpunt in hoe Europa techbedrijven aanpakt die hun marktmacht misbruiken. De Europese Commissie heeft bij het vaststellen van de boete niet alleen gekeken naar de ernst van de overtredingen, maar ook naar de schaal van Meta’s invloed op de markt. Meta is een wereldwijd bedrijf met miljarden gebruikers en een jaarlijkse omzet die in de honderden miljarden loopt, en de Commissie wilde met deze boete een duidelijk afschrikwekkend signaal afgeven aan zowel Meta als andere techgiganten. Het is een waarschuwing dat marktdominantie niet hetzelfde is als marktmacht misbruiken. Met deze boete volgt de EU haar koers van strenge regulering van technologiebedrijven die de markt domineren. Marktdominantie op zich is niet illegaal, maar volgens de EU-regels hebben bedrijven met een dominante positie de verantwoordelijkheid om hun macht niet te misbruiken. Het doel is concurrentie te bevorderen, zodat kleinere bedrijven de kans krijgen om te bloeien en de consument niet wordt benadeeld door onterechte belemmeringen van de vrije markt. Het is geen geheim dat de EU grote moeite heeft met techbedrijven die hun dominante positie gebruiken om zich ten koste van anderen te versterken. Dit komt in een tijd waarin bedrijven zoals Google, Apple, en Amazon al vaker onder het vergrootglas liggen van Europese toezichthouders. Meta, met zijn miljarden gebruikers en onmiskenbare invloed op de digitale markt, is een van de grootste doelwitten van deze nieuwe regelgeving. De boete van 800 miljoen euro voor Marketplace is slechts een van de vele juridische en administratieve hobbels die het bedrijf nog te wachten staan. Maar tegelijkertijd is het opvallend hoe succesvol Amerikaanse techreuzen zijn in vergelijking met hun Europese tegenhangers. Zoals je hieronder kunt zien, heeft de Amerikaanse techsector een marktkapitalisatie die de grootste Europese bedrijven bij lange na overtreft. Het contrast is enorm en toont aan hoe de VS erin geslaagd zijn om techbedrijven te creëren die de wereldmarkt beheersen, terwijl Europa achterblijft in de race. Dit wijst op een breder probleem: terwijl Europa zich richt op regulering, blijven de VS verder groeien en hun dominantie uitbreiden. Zoals te verwachten was, reageerde Meta niet al te enthousiast op de boete. Het bedrijf heeft de beschuldigingen van de Europese Commissie altijd ontkend, en het heeft opnieuw aangegeven in beroep te gaan tegen de straf. Meta betwist dat er enig bewijs is van schade aan concurrenten of consumenten door de werking van Marketplace. Het bedrijf heeft geprobeerd zijn praktijken te versoepelen, onder andere door het gebruik van reclamegegevens van concurrenten te beperken, maar dat bleek uiteindelijk niet genoeg om de boete te vermijden. De juridische strijd zal ongetwijfeld voortduren, maar het is duidelijk dat Meta in een moeilijke positie zit. Hoeveel invloed het beroep zal hebben op de boete is nog onbekend, maar wat wel duidelijk is, is dat de Europese Commissie vastbesloten is om bedrijven met marktmacht strikt te reguleren. De aandelen van Meta hebben door de jaren heen behoorlijk wat schommelingen doorgemaakt, en een boete van 800 miljoen euro kan op korte termijn een negatieve impact hebben. Toch lijkt de grotere uitdaging voor Meta te liggen in de voortdurende juridische en regelgevende obstakels die het bedrijf in Europa tegenkomt. De voortdurende druk van de Europese Commissie kan ervoor zorgen dat Meta zijn bedrijfsmodellen opnieuw moet aanpassen, wat mogelijk de winstgevendheid in de nabije toekomst beïnvloedt. Langetermijnbeleggers zullen moeten afwachten hoe de juridische strijd zich ontvouwt. Meta blijft een technologisch krachtpatser, maar de toenemende regelgeving zou wel eens een rem kunnen zetten op zijn groei. Dit maakt het extra belangrijk voor beleggers om te kijken naar Meta’s reactie op deze boetes en hoe het bedrijf zich aanpast aan de nieuwe normen.
- AMD ontslaat massaal werknemers: Is dit een slimme zet?
In het kort: AMD ontslaat 4% van zijn werknemers en richt zich meer op de snelgroeiende AI-chipmarkt om te concurreren met Nvidia. Ondanks een sterke omzetgroei van 18% in Q3, kampt AMD met dalende inkomsten in de gaming- en embedded-chipsegmenten. Beleggers reageren positief op de herstructurering, in de hoop dat de focus op AI en datacenters toekomstige groei zal stimuleren. Het is natuurlijk normaal dat de tech-sector zich in een snel tempo ontwikkeld, met bedrijven die continu hun strategieën moeten aanpassen om mee te blijven doen in de razendsnelle concurrentiestrijd. AMD, de op één na grootste producent van grafische processors (GPU's), heeft een ingrijpende stap gezet door 4% van zijn wereldwijde personeelsbestand, ongeveer 1.000 medewerkers, te ontslaan. Deze beslissing komt niet uit de lucht vallen: het bedrijf probeert zich te herpositioneren in de snelgroeiende AI-markt, die momenteel gedomineerd wordt door Nvidia. De vraag is: is dit een strategisch meesterzet of een teken van het falen van AMD om zijn ambities waar te maken? De aankondiging van de ontslagen volgt op een periode van gemengde financiële resultaten voor AMD. Het bedrijf heeft aangekondigd dat het, in een poging om zijn middelen beter af te stemmen op de grootste groeikansen, zich zal concentreren op de AI-chipmarkt – een sector waar de concurrentie hevig is, vooral van Nvidia. In een verklaring zei AMD: “We nemen een aantal gerichte stappen die helaas zullen leiden tot een daling van ons wereldwijde personeelsbestand met ongeveer 4%.” De nadruk ligt op ‘gerichte stappen’ waarbij de focus komt te liggen op de snellere groei van de AI-chipmarkt. AMD heeft op het moment 26.000 medewerkers wereldwijd, maar in de tech-sector gaat het niet alleen om mensen: het draait om technologie, marktaandeel en, steeds meer, kunstmatige intelligentie. AMD’s ambitie is duidelijk: zich sterker positioneren in een markt die naar verwachting de komende jaren exponentieel zal groeien, maar waarin Nvidia momenteel de overhand heeft. AI is zonder twijfel de belangrijkste groeimotor voor veel techbedrijven, en AMD wil zijn steentje bijdragen met krachtige AI-versnellers zoals de MI300X-chip, die bedrijven als Meta en Microsoft al gebruiken. Toch heeft Nvidia het leeuwendeel van de markt in handen, met een marktaandeel van meer dan 80%. Dit komt deels doordat Nvidia het de belangrijkste software heeft ontwikkeld dat AI-ontwikkelaars gebruiken om programma’s zoals ChatGPT te bouwen. In vergelijking met Nvidia’s fenomenale 200% koerswinst in 2024, zijn de aandelen van AMD met 5% gedaald, wat aangeeft hoe groot het verschil is in de marktreacties op de prestaties van de twee bedrijven. AMD hoopt in 2024 $5 miljard aan AI-chip omzet te realiseren, ongeveer een vijfde van de $25,7 miljard die het bedrijf verwacht in totaal te behalen. Deze cijfers tonen de enorme kloof die AMD nog moet overbruggen om Nvidia in te halen in deze lucratieve sector. Maar het is niet allemaal somber voor AMD. Het bedrijf heeft in het derde kwartaal van 2024 een sterke groei geboekt, met een stijging van 18% in de totale omzet ten opzichte van het vorige jaar, tot $6,8 miljard. Dit werd voornamelijk aangedreven door een verdubbeling van het datacenter-segment en een stijging van 29% in de verkoop van processorchips voor klanten. Ook de brutomarge steeg met 3 procentpunten naar 50%, en de brutowinst nam met 24% toe. Toch zijn er ook grote zorgen. De omzet van AMD’s gamingchips daalde met maar liefst 69%, terwijl de omzet uit embedded chips met 25% daalde. Dit heeft de algehele financiële resultaten getemperd en heeft het bedrijf gedwongen zijn strategie aan te passen. Ondanks de positieve cijfers voor de datacentermarkt, blijft het een uitdaging voor AMD om zijn marktaandeel in de gamingmarkt te behouden, vooral nu Nvidia ook in deze sector de leiding heeft. Hoewel de ontslagen en de herstructurering geen klein obstakel zijn voor AMD, reageerden beleggers positief op het nieuws. Het aandeel steeg met 5% na de aankondiging van de reorganisatie. Dit komt doordat beleggers begrijpen dat de koerswijziging bedoeld is om AMD opnieuw in een strategisch gunstige positie te brengen. De focus op AI en datacenters wordt gezien als een verstandige keuze om toekomstige groei te stimuleren, zelfs als de gamingsector momenteel minder presteert. De vraag is echter: zal deze herstructurering uiteindelijk genoeg zijn om AMD zijn verloren marktaandeel terug te winnen? De concurrentie in de AI-chipruimte is enorm, en Nvidia lijkt voorlopig niet van zijn troon te worden gestoten. AMD’s strategische zet om zich te concentreren op datacenters en de AI-chipmarkt is wellicht noodzakelijk, maar het zal een zware strijd worden om Nvidia in te halen. Dus is het ontslaan van 1.000 medewerkers dan een strategisch meesterwerk, of een signaal dat ze achterlopen? De waarheid ligt waarschijnlijk ergens in het midden. AMD heeft de laatste jaren enorme stappen gezet om zijn positie te verbeteren, maar de onmiskenbare dominantie van Nvidia op de AI-chipmarkt heeft het bedrijf in een lastige positie gebracht. De beslissing om personeel te ontslaan kan gezien worden als een noodzakelijke stap om het kapitaal te concentreren op de snelstgroeiende markten, maar het blijft een moeilijk proces voor zowel de betrokken medewerkers als het imago van het bedrijf. We denken echter wel dat er voor beleggers reden tot voorzichtig optimisme is. De koersstijging na de aankondiging van de herstructurering laat zien dat de markt vertrouwen heeft in de strategische koers van AMD. Het bedrijf lijkt zich in te zetten voor een toekomst waarin AI en datacenters de belangrijkste groeimotoren zijn. Als AMD zijn plaats in deze markten kan veroveren, zou het zijn verliezen in andere sectoren kunnen goedmaken. De komende maanden zullen cruciaal zijn voor het bedrijf, maar voor nu lijkt het erop dat deze pijnlijke beslissing het bedrijf op lange termijn wel degelijk sterker kan maken.
- ASML koers stijgt met 5%: Dit moet je weten
In het kort: ASML handhaaft zijn omzetprognose voor 2030 tussen €44 miljard en €60 miljard, gesteund door AI-gedreven vraag naar halfgeleiders ondanks recente orderdaling. ASML verwacht dat de wereldwijde chipmarkt jaarlijks met ongeveer 9% zal groeien, met name door vraag naar geavanceerde EUV-machines voor AI-chips. De geopolitieke spanningen, met name exportbeperkingen naar China, blijven een risicofactor voor ASML’s groeiverwachtingen. ASML Holding NV, Nederlands grootste halfgeleiderapparatuurfabrikant, bevestigde deze week zijn langetermijnprognose voor de omzet, die in 2030 naar verwachting tussen de €44 miljard en €60 miljard zal liggen. Deze bevestiging komt ondanks recente tegenvallers in de orderportefeuille en geopolitieke beperkingen op de Chinese markt. De optimistische outlook weerspiegelt ASML's vertrouwen in de structurele groei van de halfgeleidersector, voornamelijk gedreven door de toenemende vraag naar AI-toepassingen. Vandaag presenteerd ASML haar volledige plannen voor de komende jaren, de livestream en verde informatie rondom deze Investors Day (14 november 2024) vind je hier. Het belang van China voor ASML: Bron: ASML/Bloomberg ASML ziet AI als een cruciale factor voor de groei in de halfgeleidermarkt. Verwacht wordt dat de wereldwijde chipverkoop tegen 2030 de grens van $1 biljoen zal overschrijden, wat neerkomt op een gemiddelde jaarlijkse groei van 9%. Deze voorspellingen zijn gebaseerd op de aanhoudende vraag naar chips die AI-toepassingen ondersteunen, zoals de grafische chips van Nvidia, die cruciaal zijn voor data-intensieve AI-processen. ASML speelt hierop in door zijn meest geavanceerde EUV (extreme ultraviolet) lithografiemachines in te zetten. Deze machines zijn essentieel voor de productie van geavanceerde logische chips en DRAM, die beiden cruciaal zijn voor AI-processen. ASML voorziet een jaarlijkse dubbelcijferige groei in EUV-investeringen tot 2030, wat aangeeft dat chipfabrikanten (verwacht ASML) stevig blijven investeren in deze technologie. Naast de omzetprognoses verwacht ASML tegen 2030 een brutomarge tussen de 56% en 60%. Dit is een belangrijke indicator van de winstgevendheid en benadrukt ASML’s positie als marktleider in geavanceerde lithografietechnologie. ASML’s aandelen stegen met 4,4% in Amsterdam na de aankondiging, maar het aandeel blijft 5,9% lager in vergelijking met het begin van het jaar. De brutomarge van ASML (2010-2024): Bron: Macrotrends ASML handhaaft ook zijn huidige kapitaalallocatiestrategie, inclusief een terugkoopprogramma van €12 miljard dat tot 2025 loopt. Tot nu toe is slechts 14% van het programma uitgevoerd. Volgens CFO Roger Dassen wil ASML aanzienlijke kasstromen blijven teruggeven aan zijn aandeelhouders via zowel dividenden als aandeleninkopen. De Amerikaanse druk op ASML om verkoop naar China te beperken vormt een significante uitdaging. Vanwege de voortdurende exportcontroles mag ASML zijn meest geavanceerde EUV-machines niet aan China verkopen. Sinds dit jaar zijn zelfs restricties opgelegd op de export van minder geavanceerde machines, wat China aanzienlijk beperkt in zijn toegang tot geavanceerde chiptechnologie. Dit heeft de koers van ASML hard geraakt het afgelopen jaar: Bron: Macrotrends Volgens een recente analyse van Bernstein lopen grote halfgeleiderbedrijven zoals ASML, Applied Materials (AMAT), Lam Research (LRCX), en KLA (KLAC) het risico aanzienlijke verliezen te lijden indien de Verenigde Staten nieuwe exportbeperkingen op wafer fabricatieapparatuur (WFE) naar China doorvoeren. Deze maatregelen, gericht op het beperken van China's technologische groei en het voorkomen van strategische voorsprong van het land, dreigen tot 50% van de WFE-markt in China te raken. China’s uitgaven aan WFE, die in 2024 naar verwachting $43 miljard zullen bedragen en $41 miljard in 2025, vertegenwoordigen een belangrijk aandeel van 36% in de wereldwijde WFE-markt. Bernstein's analist David Dai benadrukt dat van deze uitgaven ongeveer 15% bestemd is voor DRAM-productie en 36% voor geavanceerde logica. Deze gebieden zijn zeer gevoelig voor eventuele beperkingen, wat zou kunnen leiden tot een flinke klap voor bedrijven die in deze technologieën actief zijn. Lees ook: Funda-parel: Prive-eiland met huis voor €200.000 in Zweden Eerdere beperkingen in 2022 en 2023 leidden weliswaar tot enige impact, maar China wist zijn WFE-uitgaven in 2024 nog steeds met 60% te verhogen ten opzichte van 2022. Dit wijst op een zekere veerkracht in de Chinese markt, hoewel strengere beperkingen het toekomstige groeipotentieel zouden kunnen afremmen. ASML gaf eerder dit jaar natuurlijk al aan dat het aandeel van China in de totale omzet zal dalen tot 20% in 2025, als gevolg van eerdere beperkingen en huidige geopolitieke spanningen. Voor bedrijven zoals Applied Materials en Lam Research schat Bernstein een inkomstenrisico tussen de 5% en 17% voor 2025, afhankelijk van de mate van beperkingen. Dit weerspiegelt de kwetsbaarheid van deze bedrijven ten aanzien van hun afhankelijkheid van de Chinese markt. Bernstein waarschuwt echter dat, afhankelijk van de exacte maatregelen, de impact op de totale WFE-uitgaven in China beperkt kan blijven. Dit komt deels doordat China strategisch investeert in binnenlandse productiecapaciteit om de impact van Amerikaanse beperkingen op te vangen. In het derde kwartaal van dit jaar vertegenwoordigde de Chinese markt nog €2,79 miljard aan verkopen, bijna de helft van ASML’s totale omzet in die periode. Voor 2025 wordt echter verwacht dat de Chinese verkopen slechts 20% van de totale omzet zullen uitmaken. Dit komt door de toenemende Amerikaanse druk en de voorspellingen van CEO Christophe Fouquet dat de chipmarkt slechts langzaam zal herstellen, mogelijk tot ver in 2025. ASML blijft voor nu dus optimistisch over de toekomst, vooral door de sterke AI-gedreven vraag naar halfgeleiders. Hoewel geopolitieke spanningen een onzekere factor zijn, lijkt het bedrijf goed gepositioneerd om te profiteren van de groeiende behoefte aan geavanceerde chiptechnologieën. Het succes van ASML’s EUV-technologie zal naar verwachting een sleutelrol spelen in de toekomstige groei van de halfgeleiderindustrie, ondanks uitdagingen in China.
- Deze AI-koning mist de huidige aandelenrally
In het kort: Microsoft blijft achter op software-ETF IGV : De iShares Expanded Tech-Software Sector ETF (IGV) bereikte een groei van 23% sinds mei 2024, terwijl Microsoft slechts 3% steeg. Concurrenten presteren beter : Bedrijven zoals Salesforce (+35,96%) en Oracle (+43,31%) ondersteunen de stijging van de ETF, terwijl Microsoft zijn prestaties niet kan evenaren. Waarderingsuitdaging : Ondanks een omzetgroei van 16% jaar-op-jaar vinden beleggers het aandeel schijnbaar nog niet meer waard op dit moment. De softwaresector heeft een sterke opleving gezien in 2024, met de iShares Expanded Tech-Software Sector ETF (IGV) als toonaangevende ETF die recordhoogtes bereikt. Sinds mei 2024 groeide IGV met 23%, aangedreven door solide prestaties van enkele grote spelers binnen de softwaremarkt. Microsoft (MSFT), een zwaargewicht in de sector, heeft deze groei echter niet kunnen bijhouden, met een bescheiden stijging van slechts 3% in dezelfde periode. De aandelenkoers van Microsoft de afgelopen 2 jaar: Bron: Macrotrends Dit roept vragen op over de fundamentele en waarderingsaspecten van Microsoft, vooral in vergelijking met de prestaties van zijn concurrenten. Bedrijven zoals Salesforce en Oracle noteren aanzienlijke koersstijgingen, wat suggereert dat Microsoft’s groeipad en waardering mogelijk minder aantrekkelijk zijn geworden voor investeerders die op zoek zijn naar hogere rendementen. De sterke prestaties van IGV sinds mei zijn te danken aan een aantal uitblinkers in de softwaresector. Salesforce en Oracle boekten stijgingen van respectievelijk 35,96% en 43,31%. Andere, relatief kleinere spelers zoals Palantir en AppLovin noteerden spectaculaire winsten van respectievelijk 103,71% en 286,61%. Deze bedrijven trekken daarmee de aandacht van beleggers die op zoek zijn naar snelle koerswinsten in de technologie en softwaresector. De koers van IGV het afgelopen jaar: Bron: Nasdaq Microsoft’s beperkte koersstijging van 3% over dezelfde periode steekt echter bleek af bij deze indrukwekkende cijfers. Hoewel Microsoft een belangrijke positie heeft in zowel de S&P 500 als de Nasdaq 100, slagen andere bedrijven erin om IGV naar nieuwe recordniveaus te tillen. Dit benadrukt Microsoft’s rol als achterblijver, wat beleggers doet afvragen of het bedrijf wel in staat is om mee te profiteren van het momentum in de softwaresector. In zijn meest recente kwartaalrapport meldde Microsoft een omzet van $65,6 miljard, een toename van 16% op jaarbasis. De groei werd voornamelijk gedreven door sterke resultaten in de segmenten Intelligent Cloud, dat met 20% groeide, en Productivity and Business Processes, dat een stijging van 12% liet zien. Desondanks was de winstgroei bescheiden, met een toename van 10% in de winst per aandeel (EPS) tot $3,30. De omzetgroei van Microsoft (2010-2024): Bron: Macrotrends Deze groei is indrukwekkend maar valt op binnen een sector waar concurrenten sneller groeien en hogere rendementen tonen. Hoewel Microsoft erin slaagde om zijn omzet te laten stijgen, was de koersreactie beperkt, vooral gezien het hoge niveau van concurrentie en de snelgroeiende prestaties van andere softwarebedrijven. Een van de grootste uitdagingen voor Microsoft ligt in zijn waardering. Met een P/E-ratio van 35 is het aandeel relatief duur, vooral in vergelijking met de gematigde EPS-groei van 10% en een bedrijf als Meta dat op 27,6 zit. Terwijl de omzetgroei op 16% ligt en daarmee iets beter scoort, is dit volgens veel beleggers onvoldoende om de hoge P/E-ratio volledig te rechtvaardigen, zeker in een sector die meerdere alternatieven biedt met snellere koersstijgingen. De prijs-omzetverhouding (P/S) van 12,5 toont een gematigder beeld en kan als redelijker worden beschouwd gezien de omzetgroei. Echter, de combinatie van een hoge P/E en beperkte winstgroei maakt het aandeel minder aantrekkelijk, vooral voor investeerders die gericht zijn op groeiaandelen en die eerder kiezen voor bedrijven met zowel hoge omzet- als winstgroei. De P/E en P/S ratio van Microsoft: Bron: Ycharts Het huidige beeld van Microsoft’s prestaties suggereert dat het aandeel moeite heeft om te concurreren met andere softwarebedrijven in termen van koersstijging. Dit komt deels door de relatief hoge waardering, die niet volledig in lijn is met de winstgroei. De iShares Expanded Tech-Software Sector ETF wordt mede aangedreven door de opvallende prestaties van bedrijven als Salesforce en Oracle, die Microsoft’s koersgroei ruim overstijgen. Microsoft’s solide positie in de markt biedt stabiliteit, maar voor investeerders die groei zoeken, is het aandeel minder aantrekkelijk geworden. Er zijn zeker beleggers die nu, kijkend naar bedrijven met vergelijkbare bedrijfsmodellen en sterkere groeicijfers, hun aandelen Microsoft met een andere blik zullen bekijken. Met name kleinere en middelgrote softwarebedrijven bieden in de huidige markt aanzienlijke opwaartse potentie en behalen vaak hogere rendementen dan Microsoft. Microsoft heeft de afgelopen jaren duidelijk zijn ambitie voor kunstmatige intelligentie (AI) getoond door forse investeringen, waaronder een $13 miljard partnership met OpenAI. Ondanks deze aanzienlijke inzet en positieve financiële resultaten, loopt Microsoft achter op de bredere markt en AI-georiënteerde concurrenten. Hieronder een diepgaande analyse van de kansen, uitdagingen en financiële vooruitzichten voor Microsoft als potentiële AI-leider. De investering in AI-infrastructuur blijft toenemen, en hoewel Microsoft zich steeds sterker positioneert voor toekomstige AI-leiderschap, blijft het bedrijf afhankelijk van OpenAI-technologie. De cloudbusiness deed het goed in Q3, met Azure aan het roer, en was verantwoordelijk voor een aanzienlijke omzetgroei van 24% op jaarbasis. Het aandeel van AI in deze groei is inmiddels goed voor 12% van Azure’s jaarlijkse groei van 33%, wat neerkomt op $2,4 miljard aan AI-inkomsten van Azure-klanten, voornamelijk OpenAI. Het potentieel voor verdere AI-monetarisatie is enorm: enkel al met Office Copilot kan Microsoft naar schatting $122 miljard per jaar genereren als het volledige marktaandeel wordt benut. Realistisch gezien, met een marktpenetratie van 60%, zou dit Microsoft een extra vrije kasstroom van $34 miljard kunnen opleveren. Met een kapitaalinvestering (CAPEX) van $15 miljard in het afgelopen kwartaal, een toename van 50% jaar-op-jaar, onderstreept Microsoft zijn toewijding aan het versterken van zijn AI-infrastructuur. Microsoft heeft aangegeven deze investeringen tot 2030 te blijven opvoeren, wat een duurzame strategie weerspiegelt om de afhankelijkheid van OpenAI te verminderen en eigen AI-modellen te ontwikkelen. Dit is een belangrijke stap, gezien de concurrentie met Amazon, dat nog steeds vooroploopt in AI-investeringen ondanks een verschuiving van logistieke infrastructuur naar AI-georiënteerde projecten. Het potentieel van Microsoft’s AI-diensten is dus fors, met name binnen Azure en producten zoals Office Copilot. Hoewel AI-monetisatie en CAPEX-investeringen vaak als één economisch geheel worden gezien, maken ze in werkelijkheid deel uit van afzonderlijke bedrijfssegmenten met verschillende doelen. Microsoft’s CAPEX-inzet voor Azure is gericht op het ondersteunen van infrastructuur voor andere bedrijven om hun AI-diensten te ontwikkelen. In het geval van producten als Office Copilot koopt Microsoft AI-diensten in van OpenAI, waarbij het huidige winstmargevoordeel van Microsoft lager is door de royalties die betaald worden aan OpenAI. De zoekmarkt, een zeer lucratieve sector van $168 miljard, blijft een uitdaging voor Microsoft. Ondanks de toevoeging van generatieve AI aan Bing blijft Google de markt domineren met 98 miljard maandelijkse bezoeken tegenover de bescheiden 1,8 miljard van Bing. Amazon heeft de afgelopen jaren ook marktaandeel gewonnen, terwijl Microsoft beperkt blijft tot een aandeel van minder dan 5%. De dominante positie van Google en de beperkte impact van Microsoft’s AI-initiatieven in zoekopdrachten benadrukken de moeilijkheid van het veroveren van een significant marktaandeel in deze sector. Microsoft’s AI-strategie is sterk afhankelijk van zijn samenwerking met OpenAI, wat een significant nadeel vormt in vergelijking met concurrenten zoals Google, die hun AI-capaciteiten intern ontwikkelen. Hoewel Microsoft de exclusieve cloudprovider voor OpenAI is en toegang heeft tot OpenAI-technologie voor producten zoals Copilot, brengt deze afhankelijkheid risico’s met zich mee. De relatie met OpenAI omvat een complexe financiële en technologische samenwerking waarbij Microsoft investeert in een organisatie met een non-profitstructuur, wat potentiële winstbeperkingen oplegt. De overgang van OpenAI naar een for-profit structuur kan juridische en regelgevende uitdagingen opleveren, wat de rendementen voor Microsoft zou kunnen beïnvloeden. Een extra beperking is de 50%-winstplafondstructuur van OpenAI, wat een plafond plaatst op Microsoft’s potentiële opbrengsten uit deze samenwerking. Als OpenAI significant groeit, kunnen deze beperkingen een groter effect hebben op Microsoft’s winstgevendheid en concurrentiepositie. Microsoft bevindt zich dus in een uitdagende positie binnen de snelgroeiende softwaresector, met zowel enorme kansen als de druk de huidige waardering te verantwoorden. Hoewel het bedrijf stabiele omzetgroei laat zien en profiteert van zijn gevestigde positie, blijft de koersstijging beperkt in vergelijking met andere softwarebedrijven binnen IGV. De combinatie van een hoge waardering en gematigde winstgroei maakt Microsoft minder aantrekkelijk voor beleggers die zich richten op sterke groeiaandelen. Beleggers kunnen overwegen om te diversifiëren en te kijken naar bedrijven met snellere groei en een aantrekkelijker risicorendement, waarbij Microsoft mogelijk minder aantrekkelijk is totdat het bedrijf erin slaagt om hogere winsten en een betere koersprestaties te laten zien.
- Funda-parel: Prive-eiland met huis voor €200.000 in Zweden
Oké, oké, om eerlijk te zijn is dit geen Funda-parel, want dit vastgoed staat niet op Funda. Maar laten we eerlijk zijn: we kunnen gerust spreken van een parel. We leven in een tijdperk waarin we continu worden geacht mee te draaien in de hectiek van de samenleving. Van de dagelijkse file tot het betalen van torenhoge huurprijzen en het maandelijks aflossen van een hypotheek, de moderne maatschappij lijkt een eindeloze race tegen de klok. Maar wat als er een ontsnapping is? Wat als je het drukke leven achter je kunt laten en een nieuw hoofdstuk begint op een afgelegen, zelfvoorzienend eiland in Zweden? Voor €200.000 is deze droom nu ineens binnen handbereik. Dit privé-eiland in de buurt van Hällefors, in het hart van Zweden, biedt alles wat je nodig hebt om volledig los te komen van de maatschappij. Dit is geen typisch vakantiehuisje, maar een écht off the grid toevluchtsoord. Met maar liefst 2.400 vierkante meter grond en drie gebouwen, waaronder een gezellige hoofdwoning met een kitchenette en houtkachel, een gastenhut, een badhuis met een houtgestookte sauna, en zelfs een timmerschuur en kas, biedt dit eiland alles voor de ultieme zelfvoorzienende levensstijl. Elektriciteit? Check. Drinkwater? Ook dat. Douche, sauna en een verbrandingstoilet? Alles is geregeld. En voor degenen die hun natuurlijke behoeftes op een ‘eerlijke’ manier willen afhandelen, is er zelfs een verbrandingstoilet, zodat je je drollen tot as kunt verwerken. Het klinkt als een levensstijl die je alleen in de meest verregaande fantasieën zou bedenken, maar het is nu beschikbaar voor de iedere vrijheidszoeker. Wie het eiland betreedt, betreedt in feite een stukje puur escapisme. De nabijheid van de natuur is voelbaar in elk hoekje van dit eiland. De isolatie is totaal – in de buurt zijn enkel de overblijfselen van een zilvermijn en een oud vliegveld, waar een scheefgezakte vliegtuigskelet herinnert aan een vervlogen tijdperk. De enige menselijke tekenen zijn de 4.000 bewoners van het dorpje Hällefors, 10 kilometer verderop, waar je in alle rust naar toe kunt wandelen voor een zak rijst. Als je geluk hebt, brengen ze het zelfs tot aan de aanlegsteiger van je privé-eiland. Dit is dus niet zomaar een huis, dit is een levenswijze. Het type woning dat je niet koopt voor de luxe van de stad, maar voor de rust van je ziel. De woning wordt gemeubileerd opgeleverd, zodat je niet hoeft te wachten om je nieuwe levensstijl meteen te omarmen. Het enige dat je nodig hebt is een goede planning en een flinke dosis avontuurlijke geest, en je kunt beginnen aan je nieuwe leven, ver weg van de hectiek van de moderne samenleving. Het eiland biedt een uitstekende basis voor wie een stap verder wil gaan in het leven van zelfvoorzienendheid. De timmerschuur is de perfecte plek om je eigen meubels te bouwen, een kast te timmeren of zelfs je eigen huis verder te personaliseren. De kas biedt een kans om je eigen groenten en fruit te verbouwen – een ervaring die de meeste mensen zich alleen in hun dromen voorstellen. Je kunt hier letterlijk en figuurlijk je eigen handelingen bepalen, terwijl je elke dag wakker wordt met een prachtig uitzicht over het meer. En als je behoefte hebt aan contact met de buitenwereld, kun je gebruik maken van de roeiboot die klaar ligt op het vasteland. Drie aanlegsteigers worden bij de verkoop inbegrepen, zodat je de keuze hebt om zelf te bepalen waar je het beste kunt aanleggen voor je dagelijkse uitstapjes of voor het ontvangen van gasten. Er is geen politie die langs komt voor een controle (als je niet de bank hebt beroofd), geen belastingambtenaren die je in de gaten houden, en geen buurman die de heg hoger op gooit. Je kunt in alle rust leven en werken op je eigen voorwaarden. Als je ervoor kiest om dit avontuur alleen te beginnen, kun je de wereld van Hällefors eens in de paar maanden aandoen voor de noodzakelijke voorraden, of je huurt gewoon iemand in om het werk voor je te doen – want de vrijheid die je hebt, biedt zoveel meer mogelijkheden dan de standaard grind. Voor €200.000 kun je een ticket kopen naar de ultieme vrijheid. De kans om in je eigen huis op een privé-eiland te wonen in Zweden ligt nu binnen handbereik. Wie weet wordt dit je nieuwe thuis. Interesse? Check de Hemnet-pagina en pak je ticket naar de ultieme vrijheid! Rendabel Beleggen in Vastgoed (Zonder dat je de hele bank nodig hebt) Vastgoedbeleggingen lijken vaak alleen weggelegd voor de rijken of degenen die toegang hebben tot enorme leningen. Maar gelukkig is dit absoluut niet het geval. Sterker nog, je kunt tegenwoordig op een slimme en toegankelijke manier beleggen in vastgoed, ook zonder enorme bedragen. Een van de manieren om dit te doen is via vastgoedfondsen – een oplossing voor wie in vastgoed wil investeren, maar niet de tijd of het kapitaal heeft om zijn eigen vastgoedimperium op te bouwen. Stel je voor: je wilt profiteren van de waarde van vastgoed, maar je hebt niet het budget om een heel appartement of een pand aan te schaffen. Geen probleem! Vastgoedfondsen bieden je de kans om met een relatief klein bedrag te investeren in vastgoed, zonder dat je zelf een volledig vastgoedportfolio hoeft op te bouwen of duizenden euro’s hoeft te lenen. Dit maakt vastgoedbeleggingen toegankelijker voor de gemiddelde belegger, of je nu in Nederland, België, Zweden of elders wilt beleggen. Wat vastgoedfondsen zo aantrekkelijk maakt, is het potentieel voor stabiele rendementen. Vastgoedfondsen combineren vaak de voordelen van vaste huurinkomsten en de kans op waardestijging van het vastgoed zelf. Dit biedt een mooie balans voor beleggers die op zoek zijn naar een passief inkomen, maar geen zin hebben in het beheer van onroerend goed. Je hoeft je geen zorgen te maken over het onderhoud van panden of het innen van huur: vastgoedexperts doen al het zware werk voor je. Of je nu wilt investeren in vastgoed in Nederland, België, Zweden of andere landen, vastgoedfondsen geven je de mogelijkheid om te profiteren van verschillende markten, zonder dat je zelf op zoek hoeft te gaan naar de juiste panden. Het fonds wordt beheerd door professionals die vastgoed in de juiste regio’s en sectoren aankopen. Benieuwd naar welke vastgoedfondsen het beste presteren? Dan kun je ons uitgebreide artikel over de top vastgoedfondsen zeker niet missen! Lees ook: De beste vastgoedfondsen in 2024
- Dit is waarom Just Eat Takeaway keihard stijgt vandaag
In het kort: Just Eat Takeaway heeft Grubhub verkocht voor $650 miljoen, een groot verlies ten opzichte van de $7,3 miljard die het betaalde in 2021. Door deze verkoop kan Just Eat zich herpositioneren en focussen op Europese markten waar het sterk staat, zoals het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Duitsland. Beleggers reageerden positief met een koersstijging van 15%, wat vertrouwen toont in de strategische koerswijziging van het bedrijf. In een verrassende wending heeft Just Eat Takeaway gedaan waar beleggers al een hele lange tijd op hoopten. Het moederbedrijf van Thuisbezorgd heeft nu eindelijk zijn Amerikaanse dochterbedrijf Grubhub weten te verkopen. Het bedrijf dat in 2021 voor een gigantisch bedrag van $7,3 miljard werd overgenomen, heeft nu afscheid genomen van Just Eat voor slechts $650 miljoen. De verkoop markeert een pijnlijke draai in de strategische plannen van Just Eat Takeaway, maar beleggers lijken positief te reageren. Het aandeel van het bedrijf steeg met maar liefst 15% op de beurs na de aankondiging. Wat zegt deze verkoop over de toekomst van het bedrijf, en wat kunnen we verwachten van Just Eat Takeaway in de komende jaren? Toen Jitse Groen, de oprichter en CEO van Just Eat Takeaway, Grubhub in 2021 overnam, leek het een slimme zet. Het Amerikaanse bedrijf bood Just Eat de kans om zijn marktpositie in de Verenigde Staten uit te breiden, een land waar de markt veel potentieel bood. De coronapandemie leek bovendien een gouden kans, aangezien de vraag naar bezorging in 2020 piekte door de lockdowns. Maar na de heropening van de economie begon de situatie snel te veranderen, en het werd duidelijk dat de expansie in de VS geen gemakkelijke opgave was. De concurrentie in de Amerikaanse markt is enorm, met bedrijven als Uber Eats en DoorDash die de markt domineren. Bovendien kreeg Grubhub in New York te maken met een wettelijk plafond voor de commissies die het platform in rekening mag brengen bij restauranteigenaren, wat het bedrijf jaarlijks honderden miljoenen dollars kostte. Deze problemen, samen met de afname van de bezorgbestellingen na de pandemie, zorgden ervoor dat Just Eat Takeaway in 2022 al een miljardenverlies moest nemen op Grubhub. Activistische aandeelhouders drongen aan op de verkoop van Grubhub, omdat het bedrijf steeds meer in waarde daalde en de beurswaarde van Just Eat Takeaway onder druk stond. Lees ook: Rendabel beleggen in vastgoed met weinig geld Het verlies op de verkoop van Grubhub is helaas ook enorm. In plaats van de $7,3 miljard die Just Eat Takeaway in 2021 neertelde, ontvangt het nu slechts $650 miljoen van de maaltijdbezorger Wonder, die Grubhub overneemt. Na aftrek van schulden blijft Just Eat Takeaway met slechts $50 miljoen netto-opbrengst achter. Dit is een forse afschrijving, die de lange zoektocht naar een koper weerspiegelt. Maar volgens Jitse Groen biedt de verkoop van Grubhub juist ruimte om meer te investeren in markten waar Just Eat Takeaway wel succesvol is en waar het een sterk concurrentievoordeel heeft, zoals in Europa. De CEO benadrukt dat de verkoop geen invloed heeft op de eerder afgegeven vooruitzichten voor het bedrijf in 2024, wat de beleggers geruststelt. De verkoop zal de kapitaalstructuur van Just Eat Takeaway daarnaast verbeteren en de liquiditeitspositie versterken, wat het bedrijf in staat stelt om verder te investeren in (hopelijk dit keer wel winstgevende) andere strategische markten. Beleggers reageerden enthousiast op de aankondiging van de verkoop, met een koersstijging van 15% op de beurs. Hoewel de verliezen op Grubhub enorm zijn, lijkt de markt positief gestemd over de strategische koerswijziging van het bedrijf. Just Eat Takeaway heeft nu meer ruimte om zich te concentreren op markten waar het al sterke posities heeft, zoals het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Duitsland. De Europese markt voor maaltijdbezorging is nog steeds groeiende, en met een aantal sterke merken zoals Thuisbezorgd, kan Just Eat Takeaway mogelijk betere rendementen behalen zonder de druk van de Amerikaanse markt. De komende jaren zullen cruciaal zijn voor Just Eat Takeaway. Terwijl de verkoop van Grubhub het bedrijf de ruimte geeft om zijn focus te herzien, blijft het belangrijk om te zien hoe het zich in de concurrentiële maaltijdbezorgingsector blijft positioneren. Zal het de groei in Europa kunnen voortzetten? Of zal het bedrijf uiteindelijk verdere strategische verschuivingen moeten maken om relevant te blijven in de steeds veranderende markt? De verkoop van Grubhub is een pijnlijke realiteit voor Just Eat Takeaway, maar het kan uiteindelijk de juiste keuze zijn voor de toekomst van het bedrijf. Terwijl de verliezen op Grubhub aanzienlijk zijn, biedt de verkoop Just Eat Takeaway meer liquiditeit en de ruimte om te investeren in markten waar het een stevigere positie heeft. De positieve reactie van beleggers en de stijging van het aandeel tonen aan dat de markt vertrouwen heeft in deze strategische verschuiving. Voor Just Eat Takeaway is het nu zaak om zijn focus te herpositioneren en de kracht van zijn Europese merken te benutten om verder te groeien en rendabel te blijven in de steeds competitievere industrie.
- Dit moet je weten over StoneCo´s kwartaalcijfers
In het kort: StoneCo rapporteerde een aangepaste winst per aandeel van R$1,97 (US$0,34) voor Q3, wat hoger was dan de verwachting van R$1,78 en een stijging laat zien ten opzichte van eerdere kwartalen. Het bedrijf realiseerde een totale omzet van R$3,36 miljard, wat een stijging van 6,9% op jaarbasis betekent. Het betalingsvolume steeg met 15,3% op jaarbasis tot R$128,9 miljard. StoneCo bevestigde de verwachtingen voor 2024 en overweegt strategische opties, waaronder het mogelijk verkopen van software-assets om meer aandeelhouderswaarde te creëren. StoneCo rapporteerde sterkere cijfers dan verwacht voor het derde kwartaal van 2024, met name door de stijging in het betalingsvolume en verbeterde operationele marges. De Braziliaanse fintech zag de aangepaste winst per aandeel (EPS) oplopen tot R$1,97, hoger dan de consensus van R$1,78 en aanzienlijk hoger dan de R$1,38 die vorig jaar werd behaald. Dit weerspiegelt een stijging van de winstgevendheid, deels aangedreven door efficiëntere kostenbeheersing en lagere kredietprovisies. De belangrijkste kerncijfers van Q3 2024: Bron: StoneCo IR StoneCo's omzet in Q3 bedroeg R$3,36 miljard, een lichte verbetering ten opzichte van de consensus van R$3,34 miljard. Dit vertegenwoordigt een groei van 4,7% op kwartaalbasis en 6,9% op jaarbasis, wat een positieve ontwikkeling laat zien binnen de competitieve Braziliaanse fintech-markt. StoneCo's verbeterde EBIT-marge, die met 4,5 procentpunt steeg tot 21,8%, is een reflectie van de verbeterde kostenstructuur en lagere financiële uitgaven. Het aangepaste netto-inkomen steeg met 35% op jaarbasis, wat wijst op een focus op winstgevendheid boven pure volumegroei. De aangepaste EPS steeg met 43% op jaarbasis, wat verder werd gestimuleerd door het terugkopen van aandelen ter waarde van R$1 miljard. StoneCo bleef de operationele kosten efficiënt beheersen. De kosten van dienstverlening stegen weliswaar met 11,1%, maar waren deels gecompenseerd door een reductie in voorzieningen voor kredietverliezen. De administratiekosten namen met 13,1% toe door hogere personeelskosten, maar het bedrijf wist de verkoopkosten in Q3 te verlagen met 4,4% ten opzichte van Q2, dankzij lagere marketinguitgaven. Dit zijn cijfers waar veel beleggers op focusten, gezien het moeilijek klimaat waar de Braziliaanse economie nu in verkeerd, dit was dus positief. De totale betaalvolume (TPV) steeg naar R$128,9 miljard, een toename van 15,3% vergeleken met hetzelfde kwartaal vorig jaar. Dit TPV werd voornamelijk gedreven door de toename in het MSMB-segment (micro, kleine en middelgrote bedrijven), dat groeide met 19,9% op jaarbasis tot R$114 miljard. De belangrijkste TPV kerncijfers van Q3: Bron: StoneCo IR StoneCo bereikte een kredietportefeuille van R$923 miljoen in Q3, waarmee de verwachting voor het hele jaar al overtroffen werd. De kredietprovisies zijn verlaagd naar 14% van de portefeuille, terwijl de totale kredietprovisiekosten in Q3 vrijwel nihil waren. Dit was te danken aan de betere prestaties van de kredietportefeuille, met name in de Merchant Solutions-segmenten. De 90-dagen NPL (non-performing loans) voor dit segment steeg wel tot 3,7%, maar dit werd verwacht door de groei van het portfolio en de daaropvolgende kredietmaturatie. Kerncijfers van het credit segment: Bron: StoneCo IR Het gebruik van PIX, een realtime betaalsysteem, nam sterk toe. Dit systeem lijkt contant geld en debittransacties te vervangen, wat StoneCo's ecosysteem verder versterkt. Hoewel PIX-transacties over het algemeen een lagere take-rate (netto marge) hebben dan creditcardtransacties, blijft het systeem accretief vanwege de lagere kosten en verhoogde deposito's binnen het platform. De concurrentiedruk op de PIX-prijzen bleef volgens StoneCo stabiel, wat gunstig is voor hun take-rates. Met een stijging in de SELIC-rente en hogere verwachte financieringskosten blijft StoneCo gefocust op het doorberekenen van deze kosten in hun tarieven om hun marges op peil te houden. StoneCo werkt ook aan een kader voor kapitaalallocatie en onderzoekt de mogelijkheid om hun softwarebedrijf te verkopen om hun kapitaalpositie te optimaliseren.
- Maximale hypotheek 2025: Zo veel kun je lenen volgend jaar
In het kort: Door de verwachte loonstijging van 4,3% kunnen veel huishoudens, vooral met lagere inkomens, in 2025 meer lenen dan in 2024. Stijgende rente en inflatie beperken de leencapaciteit voor hogere inkomens zonder salarisverhoging, met mogelijk een lichte afname in leenbedrag. Woningen met een beter energielabel bieden nog steeds extra leenmogelijkheden, maar studieleningen blijven de leencapaciteit van ex-studenten verlagen. De woningmarkt blijft in Nederland een belangrijk onderwerp van gesprek, en voor veel mensen is het afsluiten van een hypotheek een grote, maar ook noodzakelijke stap. Maar wat kun je in 2025 eigenlijk lenen met een inkomen tussen de €50.000 en €120.000? Dit is de vraag die veel huizenkopers de komende tijd zal bezighouden. De hypotheeknormen worden namelijk jaarlijks aangepast, en met de verwachte loonstijgingen en de invloed van inflatie, zullen de mogelijkheden voor het verkrijgen van een hypotheek ook in 2025 veranderen. Laten we eens kijken naar de cijfers en wat dit precies betekent voor woningzoekers. Voordat we duiken in de cijfers, is het goed om te weten hoe hypotheekverstrekkers de maximale lening berekenen. Dit doen ze aan de hand van strikte normen die jaarlijks worden vastgesteld. Het Budgetvoorlichtingsinstituut Nibud speelt hierbij een belangrijke rol, omdat het de leennormen opstelt en adviseert over de maximale leencapaciteit voor huishoudens. De norm die hierbij wordt gehanteerd is de financieringslastquote, oftewel het percentage van je inkomen dat je mag uitgeven aan je woonlasten zonder dat je in betalingsproblemen komt. Daarnaast speelt de rente ook een belangrijke rol. Hogere rentes leiden tot lagere leenbedragen, omdat de maandlasten stijgen. Wat we nu zien, is dat de rente op hypotheken weer wat stijgt, maar dat wordt gedeeltelijk gecompenseerd door de verwachte loonstijging van 4,3% in 2025. Ondanks de inflatie, die zorgt voor hogere kosten van levensonderhoud, zullen de meeste huishoudens in staat zijn om meer te lenen dan in 2024, vooral als hun salaris meegroeit. De grote vraag in 2025 is hoe de inkomensstijgingen van 4,3% de maximale hypotheek beïnvloeden. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft voorspeld dat de cao-lonen in Nederland gemiddeld met 4,3% zullen stijgen. Dit zorgt ervoor dat huishoudens met een salarisstijging meer kunnen lenen dan vorig jaar, zelfs met de toenemende inflatie. Maar hoe zit dat precies? Voor huishoudens met een lager inkomen zal de stijging in 2025 het grootste effect hebben. Ze kunnen relatief meer lenen omdat hun maandlasten in verhouding tot hun inkomen lager blijven. Aan de andere kant kunnen huishoudens met een hoger inkomen (boven de €65.000) in sommige gevallen minder lenen als hun salaris niet stijgt. Dit heeft alles te maken met de hogere inflatie en de stijgende rente, die samen de financieringslasten drukker maken. Lees ook: Rendabel beleggen in vastgoed met weinig geld Als alleenstaande met een inkomen van €50.000 in 2025 kun je rekenen op een verhoging van ongeveer €5.600 in het bedrag dat je kunt lenen in vergelijking met 2024. Dit komt vooral door de verwachte loonstijgingen, die ervoor zorgen dat je meer kunt lenen, ondanks de inflatie. Dit is een prettig vooruitzicht voor wie een woning wil kopen in een markt waar de prijzen maar blijven stijgen. Als je inkomen €85.000 is, kun je in 2025 echter iets minder lenen dan in 2024 als je geen loonstijging krijgt. Het verlies is relatief klein, zo'n €400, maar voor hogere inkomens kan de impact groter zijn. Hoe meer je verdient, hoe kleiner de stijging in verhouding tot de hogere woonlasten die je door inflatie en renteverhogingen zult hebben. Maar stel je voor dat je in 2025 een loonstijging van 4,3% krijgt. In dat geval kan een alleenstaande met €50.000 aan inkomen in 2025 maar liefst €15.000 meer lenen dan in 2024. Dit is een aanzienlijke verhoging die zeker kan helpen om een duurder huis aan te schaffen of om een betere locatie te kiezen. Als stel met een gezamenlijk inkomen van €50.000 kun je in 2025 ongeveer €4.610 meer lenen dan in 2024. Dit betekent dat je, net als de alleenstaande, de voordelen van een loonstijging kunt benutten. Maar als je geen loonstijging krijgt, blijft de verhoging voor een stel met dit inkomen beperkt. Dit verschilt overigens wel met hogere inkomens, waar de daling bij gebrek aan salarisverhoging veel groter kan zijn. Voor stellen met een gezamenlijk inkomen van €85.000 is het verlies in 2025 zonder loonstijging behoorlijk fors: ze moeten rekening houden met een afname van bijna €8.000 in hun maximale hypotheek. Het lijkt erop dat hogere inkomens meer last hebben van de inflatie en stijgende rentetarieven, die de financieringslasten verhogen. Net als de alleenstaanden, gaan stellen er met een loonstijging van 4,3% wel weer flink op vooruit. In het geval van een stel met een gezamenlijk inkomen van €50.000 betekent dit een verhoging van zo'n €14.000 in het leenbedrag. Het effect van de loonsverhoging is dus relatief groter voor stellen met een lager inkomen, omdat het een groter percentage van hun totale lening betreft. De belangrijkste wijziging in de hypotheeknormen van 2024 was de invoering van de regeling waarbij huishoudens met een beter energielabel meer kunnen lenen. Dit komt omdat huizen met een beter energielabel lagere maandlasten hebben, waardoor er meer ruimte is om een grotere lening aan te gaan. In 2025 blijven de regels over energielabels hetzelfde, hoewel er geen grote aanpassingen worden verwacht. Ook de manier waarop studieleningen worden meegenomen in de berekeningen blijft in 2025 hetzelfde. Er wordt nog steeds gekeken naar de aflossingen in plaats van de oorspronkelijke schuld, waardoor ex-studenten mogelijk minder kunnen lenen dan ze aanvankelijk hadden gehoopt. Geen goed nieuws voor deze groep dus. Maar als je in 2025 een hypotheek wilt afsluiten, kun je in veel gevallen meer lenen dan in 2024, mits je inkomen stijgt. Voor lagere inkomens zal de loonsverhoging van 4,3% vooral een groot verschil maken, terwijl hogere inkomens vaak iets minder kunnen lenen, vooral als hun salaris gelijk blijft. De veranderingen in de hypotheeknormen zijn relatief beperkt, maar de voordelen van een hogere inkomenstoeslag en de impact van inflatie zullen voor veel huizenkopers het verschil maken.











